De gegevens die moeten worden ingediend voor de productie van Europese statistieken over de informatiemaatschappij zoals bedoeld in artikel 3, lid 2, en artikel 4 van Verordening (EG) nr. 808/2004 in module 1: „Het bedrijfsleven en de informatiemaatschappij” en module 2: „Particulieren, huishoudens en de informatiemaatschappij”, zijn zoals omschreven in de bijlagen I en II bij deze verordening.
Verordening (EU) 2018/1798 van de Commissie van 21 november 2018 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 808/2004 van het Europees Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken over de informatiemaatschappij voor referentiejaar 2019 (Voor de EER relevante tekst.)
Verordening (EU) 2018/1798 van de Commissie van 21 november 2018 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 808/2004 van het Europees Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken over de informatiemaatschappij voor referentiejaar 2019 (Voor de EER relevante tekst.)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 808/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende communautaire statistieken over de informatiemaatschappij(1), en met name artikel 8, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
Bij Verordening (EG) nr. 808/2004 is een gemeenschappelijk kader vastgesteld voor de systematische productie van Europese statistieken over de informatiemaatschappij.
Er zijn uitvoeringsbepalingen nodig om te bepalen welke gegevens moeten worden verstrekt voor het opstellen van de statistieken in module 1: „Het bedrijfsleven en de informatiemaatschappij” en module 2: „Particulieren, huishoudens en de informatiemaatschappij”, en om de termijnen voor de indiening ervan vast te stellen.
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor het Europees statistisch systeem,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 november 2018.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude Juncker
BIJLAGE I
Module 1: Het bedrijfsleven en de informatiemaatschappij
A. Onderwerpen en kenmerken daarvan
1. De voor het referentiejaar 2019 te behandelen onderwerpen uit de lijst in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 808/2004 zijn:
-
ICT-systemen en het gebruik ervan in bedrijven;
-
gebruik van internet en andere elektronische netwerken door bedrijven;
-
elektronische handel (e-handel);
-
elektronisch zakendoen en organisatorische aspecten;
-
ICT-vaardigheid in de bedrijfseenheid en de behoefte aan ICT-vaardigheden;
-
belemmeringen voor het gebruik van ICT, internet en andere elektronische netwerken, e-handel en elektronisch zakendoen;
-
ICT-veiligheid.
2. De volgende bedrijfskenmerken moeten worden verzameld:
a) ICT-systemen en het gebruik ervan in bedrijven voor alle bedrijven: computergebruik;
voor bedrijven die computers gebruiken:
-
(facultatief) aantal werknemers of percentage van het totale aantal werknemers die een computer gebruiken voor zakelijke doeleinden.
b) Gebruik van internet en andere elektronische netwerken door bedrijven
-
voor bedrijven die computers gebruiken:
-
toegang tot internet;
-
-
voor bedrijven met toegang tot internet:
-
aantal werknemers of percentage van het totale aantal werknemers die een computer met toegang tot internet gebruiken voor zakelijke doeleinden;
-
(facultatief) gebruik van toepassingen voor spraak- of video-oproepen via internet voor zakelijke doeleinden;
-
internetverbinding: een vorm van vaste verbinding;
-
internetverbinding: verstrekking van draagbare apparaten die een mobiele verbinding via mobieletelefoonnetwerken mogelijk maken, voor zakelijke doeleinden;
-
(facultatief) beschikken over een website;
-
gebruik van sociale netwerken die niet uitsluitend worden gebruikt voor betaalde advertenties;
-
gebruik van blogs of microblogs van het bedrijf die niet uitsluitend worden gebruikt voor betaalde advertenties;
-
gebruik van websites voor het delen van multimedia-inhoud die niet uitsluitend worden gebruikt voor betaalde advertenties;
-
gebruik van op wiki gebaseerde instrumenten voor kennisuitwisseling die niet uitsluitend worden gebruikt voor betaalde advertenties;
-
-
voor bedrijven die een vorm van vaste verbinding met internet hebben:
-
maximale downloadsnelheid van snelste vaste internetverbinding volgens contract in Mbit/s binnen de volgende bandbreedtes: [0,< 2], [2,< 10], [10,< 30], [30,< 100], [≥100];
-
-
voor bedrijven die hun werknemers voor zakelijke doeleinden draagbare apparaten verschaffen die een mobiele internetverbinding via mobieletelefoonnetwerken mogelijk maken:
-
aantal werknemers of percentage van het totale aantal werknemers die voor zakelijke doeleinden beschikken over een door het bedrijf verstrekt draagbaar apparaat dat met internet kan worden verbonden via mobieletelefoonnetwerken;
-
-
voor bedrijven met een website, informatie over de verlening van de volgende faciliteiten:
-
(facultatief) beschrijving van goederen of diensten, prijslijsten;
-
(facultatief) bestellingen, reserveringen of boekingen via internet;
-
(facultatief) mogelijkheid voor bezoekers om via internet goederen of diensten te personaliseren of te ontwerpen;
-
(facultatief) geplaatste bestellingen volgen of hun status nagaan;
-
(facultatief) gepersonaliseerde inhoud op de website voor regelmatige/terugkerende bezoekers;
-
(facultatief) links of verwijzingen naar de socialemediaprofielen van het bedrijf;
-
(facultatief) gebruik van informatie over het gedrag van bezoekers op de website van het bedrijf zoals aantal klikken, bekeken items, bijvoorbeeld met het oog op reclamevoering of ter verbetering van de klantentevredenheid;
-
-
voor bedrijven die gebruikmaken van sociale media (niet uitsluitend voor betaalde advertenties), waarmee specifiek wordt verwezen naar sociale netwerken, de blogs of microblogs van het bedrijf, websites voor het delen van multimedia-inhoud of op wiki gebaseerde instrumenten voor kennisuitwisseling:
-
gebruik van sociale media voor de ontwikkeling van het bedrijfsimago of de marketing van producten zoals het adverteren voor en lanceren van producten;
-
gebruik van sociale media voor het verkrijgen van of reageren op meningen, beoordelingen of vragen van de klant;
-
gebruik van sociale media om klanten te betrekken bij de ontwikkeling of innovatie van goederen of diensten;
-
gebruik van sociale media voor samenwerking met zakenpartners (zoals leveranciers) of andere organisaties (zoals overheidsdiensten of niet-gouvernementele organisaties);
-
gebruik van sociale media voor de aanwerving van werknemers;
-
gebruik van sociale media voor de uitwisseling van standpunten, meningen of kennis binnen het bedrijf.
-
c) Elektronische handel (e-handel)
-
voor bedrijven die computers gebruiken:
-
ontvangst van orders voor goederen of diensten via een website of apps (internetverkoop) in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders voor goederen of diensten via EDI-berichten (EDI-verkoop) in het voorafgaande kalenderjaar;
-
-
voor bedrijven die orders voor goederen of diensten hebben ontvangen die zijn geplaatst via een website of apps in het voorafgaande kalenderjaar:
-
waarde van de omzet, uitgedrukt in absolute cijfers of in procenten van de totale omzet, van de e-verkoop die resulteerde uit via een website of apps ontvangen orders in het voorafgaande kalenderjaar;
-
percentage van de omzet uit orders ontvangen via een website of apps, uitgesplitst naar verkopen aan particuliere klanten (Business to Consumers: B2C), verkopen aan andere bedrijven (Business to Business: B2B) en aan overheidsinstanties (Business to Government: B2G) in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders voor goederen of diensten via de eigen website of apps (met inbegrip van die van moederondernemingen of filialen, extranetten) in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders voor goederen of diensten via een website van een elektronische beurs of apps die door verscheidene bedrijven voor het verhandelen van goederen zijn gebruikt in het voorafgaande kalenderjaar;
-
percentage van de omzet uit orders ontvangen via een website of apps, uitgesplitst naar orders ontvangen via de eigen website of apps (met inbegrip van die van moederondernemingen of filialen, extranetten) en naar orders ontvangen via een website van een elektronische beurs of apps die door verscheidene bedrijven voor het verhandelen van goederen zijn gebruikt in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders van klanten via een website of apps naar herkomst: eigen land in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders van klanten via een website of apps naar herkomst: andere lidstaten in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders van klanten via een website of apps naar herkomst: rest van de wereld in het voorafgaande kalenderjaar;
-
(facultatief) percentage van de omzet uit orders ontvangen via een website of apps in het voorafgaande kalenderjaar, uitgesplitst naar herkomst; eigen land, andere lidstaten en de rest van de wereld;
-
-
voor bedrijven die via EDI-berichten orders voor goederen of diensten hebben ontvangen in het voorafgaande kalenderjaar:
-
waarde van de omzet, uitgedrukt in absolute cijfers of in procenten van de totale omzet, van de e-verkoop die resulteerde uit via EDI-berichten ontvangen orders in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders van klanten via EDI-berichten, naar herkomst: eigen land in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders van klanten via EDI-berichten, naar herkomst: andere lidstaten in het voorafgaande kalenderjaar;
-
ontvangst van orders van klanten via EDI-berichten, naar herkomst: rest van de wereld in het voorafgaande kalenderjaar.
-
d) Elektronisch zakendoen en organisatorische aspecten
-
voor bedrijven die computers gebruiken:
-
gebruik van een ERP-softwarepakket (enterprise resource planning) voor het intern delen van informatie tussen verschillende afdelingen;
-
gebruik van een softwaretoepassing voor het beheer van klantgegevens (customer relationship management — CRM-software) die het mogelijk maakt deze gegevens te verzamelen, op te slaan en ter beschikking te stellen van andere bedrijfsafdelingen;
-
gebruik van een softwaretoepassing voor het beheer van klantgegevens (customer relationship management — CRM-software) die de analyse van klantgegevens voor marketingdoeleinden mogelijk maakt;
-
e) ICT-vaardigheid in de bedrijfseenheid en de behoefte aan ICT-vaardigheden
-
voor bedrijven die computers gebruiken:
-
(facultatief) ICT-specialisten in dienst hebben;
-
(facultatief) in het voorafgaande kalenderjaar een vorm van opleiding hebben aangeboden die gericht is op de ontwikkeling van ICT-vaardigheden voor ICT-specialisten;
-
(facultatief) in het voorafgaande kalenderjaar een vorm van opleiding hebben aangeboden die gericht is op de ontwikkeling van ICT-vaardigheden voor andere werknemers;
-
(facultatief) aanwerving of poging tot aanwerving van ICT-specialisten in het voorafgaande kalenderjaar;
-
(facultatief) uitvoering van ICT-taken (zoals onderhoud van ICT-infrastructuur, ondersteuning voor kantoorsoftware, ontwikkeling of ondersteuning van bedrijfsbeheersoftware/-systemen en/of weboplossingen, beveiliging en gegevensbescherming) door eigen werknemers (met inbegrip van die van moederondernemingen of filialen) in het voorafgaande kalenderjaar;
-
(facultatief) uitvoering van ICT-taken (zoals onderhoud van ICT-infrastructuur, ondersteuning voor kantoorsoftware, ontwikkeling of ondersteuning van bedrijfsbeheersoftware/-systemen en/of weboplossingen, beveiliging en gegevensbescherming) door externe leveranciers in het voorafgaande kalenderjaar;
-
-
voor bedrijven die computers gebruiken en die in het voorafgaande kalenderjaar ICT-specialisten hebben aangeworven of hebben getracht aan te werven:
-
(facultatief) vacatures voor ICT-specialisten die moeilijk konden worden ingevuld.
-
f) Belemmeringen voor het gebruik van ICT, internet en andere elektronische netwerken, e-handel en elektronisch zakendoen
-
voor bedrijven die orders van klanten in andere lidstaten hebben ontvangen die zijn geplaatst via een website of een app in het voorafgaande kalenderjaar: informatie over de volgende problemen bij verkoop aan andere lidstaten:
-
hoge kosten van levering of terugzending van producten;
-
problemen in verband met het oplossen van klachten en geschillen;
-
aanpassing van etikettering van producten voor verkoop aan andere lidstaten;
-
gebrek aan kennis van vreemde talen om te communiceren met klanten in andere lidstaten;
-
beperkingen opgelegd door de handelspartners van het bedrijf bij de verkoop aan bepaalde lidstaten.
-
g) ICT-veiligheid
-
voor bedrijven die computers gebruiken:
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: authenticatie met „sterk” wachtwoord;
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: bijwerking van de software (met inbegrip van besturingssystemen);
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: identificatie en authenticatie van gebruikers via door het bedrijf ingevoerde biometrische methoden;
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: versleutelingstechnieken voor gegevens, documenten of e-mails;
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: back-up van gegevens op een andere locatie (met inbegrip van back-up in de cloud);
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: controle op toegang tot netwerk (beheer van toegang tot het bedrijfsnetwerk door toestellen en gebruikers);
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: VPN (virtueel particulier netwerk, dat het particulier netwerk met een openbaar netwerk uitbreidt om een beveiligde uitwisseling van gegevens via openbare netwerken mogelijk te maken);
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: bijhouden van logbestanden met het oog op analyse na veiligheidsincidenten;
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: beoordeling van ICT-risico's, m.a.w. periodieke beoordeling van waarschijnlijkheid en gevolgen van incidenten met betrekking tot ICT-veiligheid;
-
gebruikte ICT-veiligheidsmaatregel: ICT-veiligheidstests zoals uitvoering van penetratietests, testen van veiligheidsalarmsystemen, herziening van veiligheidsmaatregelen, testen van back-upsystemen;
-
werknemers bewust maken van hun verplichtingen bij problemen met ICT-veiligheid via vrijwillige opleiding of intern beschikbare informatie (zoals informatie op het intranet);
-
werknemers bewust maken van hun verplichtingen bij problemen met ICT-veiligheid via verplichte opleidingen of het bekijken van verplicht materiaal;
-
werknemers bewust maken van hun verplichtingen bij problemen met ICT-veiligheid via een contract (zoals een arbeidsovereenkomst);
-
activiteiten die te maken hebben met ICT-veiligheid zoals veiligheidstests, ICT-opleiding over veiligheid, het oplossen van ICT-veiligheidsincidenten (met uitzondering van upgrades van vooraf gecreëerde softwarepakketten) uitgevoerd door de eigen werknemers (met inbegrip van die van moederondernemingen of filialen);
-
activiteiten die te maken hebben met ICT-veiligheid zoals veiligheidstests, ICT-opleiding over veiligheid, het oplossen van ICT-veiligheidsincidenten (met uitzondering van upgrades van vooraf gecreëerde softwarepakketten) uitgevoerd door externe leveranciers;
-
beschikbaarheid van document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid;
-
problemen die zich ten minste eenmaal in het voorafgaande kalenderjaar hebben voorgedaan ten gevolge van ICT-gerelateerde incidenten: onbeschikbaarheid van ICT-diensten, bijvoorbeeld „denial of service”-aanvallen, aanvallen door ransomware, hardwarestoringen of softwarefouten met uitzondering van mechanische storingen, diefstal;
-
problemen die zich ten minste eenmaal in het voorafgaande kalenderjaar hebben voorgedaan ten gevolge van ICT-gerelateerde incidenten: vernietiging of corruptie van gegevens, bijvoorbeeld door besmetting met kwaadaardige software of ongeoorloofde inbreuk, hardwarestoringen of softwarefouten;
-
problemen die zich ten minste eenmaal in het voorafgaande kalenderjaar hebben voorgedaan ten gevolge van ICT-gerelateerde incidenten: bekendmaking van vertrouwelijke gegevens, bijvoorbeeld ten gevolge van inbreuken, pharming, phishing-aanvallen, handelingen door de eigen werknemers (bewust of onbewust);
-
beschikbaarheid van een verzekering tegen ICT-veiligheidsincidenten;
-
-
voor bedrijven met (een) document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid:
-
(facultatief) document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid in het bedrijf waarin het gaat over: beheer van toegangsrechten voor het gebruik van ICT zoals computers, netwerk;
-
(facultatief) document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid in het bedrijf waarin het gaat over: opslag, bescherming, verwerking van of toegang tot gegevens;
-
(facultatief) document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid in het bedrijf waarin het gaat over: procedures of regels voor het voorkomen of oplossen van veiligheidsincidenten zoals pharming, phishing-aanvallen, ransomware;
-
(facultatief) document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid in het bedrijf waarin het gaat over: verantwoordelijkheid, rechten en plichten van werknemers op het vlak van ICT zoals gebruik van e-mails, mobiele toestellen, sociale media;
-
(facultatief) document(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid in het bedrijf waarin het gaat over: opleiding van werknemers met het oog op het veilig gebruik van ICT;
-
meest recente opmaak of herziening van bedrijfsdocument(en) over maatregelen, praktijken of procedures inzake ICT-veiligheid (zoals risicobeoordeling, evaluatie van ICT-veiligheidsincidenten): niet langer dan twaalf maanden geleden; langer dan twaalf maanden en maximaal vierentwintig maanden geleden; langer dan vierentwintig maanden geleden.
-
3. De volgende achtergrondinformatie moet worden verzameld bij alle ondernemingen, of verkregen uit alternatieve bronnen:
-
de belangrijkste economische activiteit van het bedrijf in het voorafgaande kalenderjaar;
-
het gemiddelde aantal werknemers in het voorafgaande kalenderjaar;
-
de totale waarde van de omzet, met uitzondering van btw, in het voorafgaande kalenderjaar.
B. Dekking
De in deel A, punten 2 en 3, vermelde kenmerken worden verzameld voor de volgende bedrijfscategoriëen:
-
Economische activiteit: bedrijven ingedeeld in de volgende categorieën van de NACE Rev. 2:
NACE Rev. 2-categorie
Beschrijving
Sectie C
Industrie
Sectie D, E
Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht, distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering
Sectie F
Bouwnijverheid
Sectie G
Groot- en detailhandel; reparatie van auto's en motorfietsen
Sectie H
Vervoer en opslag
Sectie I
Verschaffen van accommodatie en maaltijden
Sectie J
Informatie en communicatie
Sectie L
Exploitatie van en handel in onroerend goed
Afdelingen 69-74
Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten
Sectie N
Administratieve en ondersteunende diensten
Groep 95.1
Reparatie van computers en communicatieapparatuur
-
Bedrijfsgrootte: bedrijven met tien of meer werknemers. Bedrijven met minder dan tien werknemers kunnen facultatief worden opgenomen;
-
Geografisch toepassingsgebied: bedrijven gevestigd op het grondgebied van de lidstaat.
C. Referentieperioden
De referentieperiode is 2018 voor de kenmerken die betrekking hebben op het voorafgaande kalenderjaar. De referentieperiode is 2019 voor de overige kenmerken.
D. Uitsplitsingen van de gegevens
Voor de in deel A, punt 2, vermelde onderwerpen en de bijbehorende kenmerken worden de volgende achtergrondkenmerken verstrekt:
-
Onderverdeling naar economische activiteit: overeenkomstig de volgende aggregaten van de NACE Rev. 2:
NACE Rev. 2-aggregatievoor de mogelijke berekening van nationale aggregaten
10 + 11 + 12 + 13 + 14 + 15 + 16 + 17 + 18
19 + 20 + 21 + 22 + 23
24 + 25
26 + 27 + 28 + 29 + 30 + 31 + 32 + 33
35 + 36 + 37 + 38 + 39
41 + 42 + 43
45 + 46 + 47
47
49 + 50 + 51 + 52 + 53
55
58 + 59 + 60 + 61 + 62 + 63
68
69 + 70 + 71 + 72 + 73 + 74
77 + 78 + 79 + 80 + 81 + 82
26.1 + 26.2 + 26.3 + 26.4 + 26.8 + 46.5 + 58.2 + 61 + 62 + 63.1 + 95.1
NACE Rev. 2-aggregatievoor de mogelijke berekening van Europese aggregaten
10 + 11 + 12
13 + 14 + 15
16 + 17 + 18
26
27 + 28
29 + 30
31 + 32 + 33
45
46
55 + 56
58 + 59 + 60
61
62 + 63
77 + 78 + 80 + 81 + 82
79
95,1
-
Onderverdeling naar grootteklasse: de gegevens worden onderverdeeld naar de volgende grootteklassen van het aantal werknemers:
Grootteklasse
10 of meer werknemers
10 t/m 49 werknemers
50 t/m 249 werknemers
250 of meer werknemers
Wanneer beschikbaar, zal er een uitsplitsing van de gegevens worden verstrekt overeenkomstig de volgende tabel:
Grootteklasse
0 t/m 9 werknemers (facultatief)
2 t/m 9 werknemers (facultatief)
0 t/m 1 werknemers (facultatief)
E. Frequentie
De in deze bijlage voorgeschreven gegevens worden eenmaal verstrekt voor 2019.
F. Termijnen voor de indiening van de resultaten
1. De geaggregeerde gegevens, zoals bedoeld in artikel 6 en bijlage I, punt 6, van Verordening (EG) nr. 808/2004, waar nodig gemarkeerd als vertrouwelijk of onbetrouwbaar, moeten uiterlijk op 5 oktober 2019 bij Eurostat worden ingediend. Uiterlijk op die datum moet de gegevensreeks zijn voltooid, gevalideerd en goedgekeurd.
2. De metagegevens, zoals bedoeld in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 808/2004, worden uiterlijk op 31 mei 2019 aan Eurostat gezonden.
3. Het verslag over de kwaliteit, zoals bedoeld in artikel 7, lid 3, van Verordening (EG) nr. 808/2004, wordt uiterlijk op 5 november 2019 aan Eurostat gestuurd.
4. De gegevens en metagegevens worden bij Eurostat ingediend met gebruikmaking van de diensten van het centrale toegangspunt, overeenkomstig de door Eurostat gespecificeerde uitwisselingsnorm. Voor de metagegevens en het verslag over de kwaliteit wordt gebruikgemaakt van de door Eurostat bepaalde standaard-metagegevensstructuur.