Wanneer de ESMA het in artikel 25, lid 2 bis, onder a), van Verordening (EU) nr. 648/2012 beschreven criterium in aanmerking neemt, beoordeelt zij de volgende elementen:
-
de landen waar de CTP diensten verricht of voornemens is te verrichten;
-
de mate waarin de CTP naast clearingdiensten andere diensten verricht;
-
het soort financiële instrumenten dat door de CTP wordt gecleard of zal worden gecleard;
-
de vraag of voor de door de CTP geclearde of te clearen financiële instrumenten een clearingverplichting op grond van artikel 4 van Verordening (EU) nr. 648/2012 geldt;
-
de gemiddelde door de CTP gedurende één jaar geclearde waarden, op de volgende niveaus:
-
het niveau van de CTP;
-
het niveau van elk clearinglid dat een in de Unie gevestigde entiteit is of een entiteit die deel uitmaakt van een in de Unie aan geconsolideerd toezicht onderworpen groep;
-
het niveau van clearingleden die buiten de Unie zijn gevestigd of geen deel uitmaken van een in de Unie aan geconsolideerd toezicht onderworpen groep, wanneer deze namens hun in de Unie gevestigde cliënten en indirecte cliënten clearen, in geaggregeerde termen;
-
-
de vraag of de CTP een beoordeling van haar risicoprofiel aan de hand van internationaal overeengekomen normen of anderszins heeft doorlopen, de daarbij gebruikte methodiek en de uitkomst van die beoordeling.