Home

Besluit (EU) 2022/1108 van de Commissie van 1 juli 2022 waarbij vrijstelling van rechten bij invoer en van btw op invoer wordt verleend voor goederen die gratis worden verstrekt of ter beschikking worden gesteld aan personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten en aan personen in nood in Oekraïne (Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 4469) (Slechts de teksten in de Duitse, Engelse, Estse, Finse, Franse, Griekse, Hongaarse, Ierse, Italiaanse, Kroatische, Litouwse, Maltese, Nederlandse, Poolse, Roemeense, Sloveense, Slowaakse, Tsjechische en Zweedse taal zijn authentiek)

Besluit (EU) 2022/1108 van de Commissie van 1 juli 2022 waarbij vrijstelling van rechten bij invoer en van btw op invoer wordt verleend voor goederen die gratis worden verstrekt of ter beschikking worden gesteld aan personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten en aan personen in nood in Oekraïne (Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 4469) (Slechts de teksten in de Duitse, Engelse, Estse, Finse, Franse, Griekse, Hongaarse, Ierse, Italiaanse, Kroatische, Litouwse, Maltese, Nederlandse, Poolse, Roemeense, Sloveense, Slowaakse, Tsjechische en Zweedse taal zijn authentiek)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2009/132/EG van de Raad van 19 oktober 2009 houdende bepaling van de werkingssfeer van artikel 143, onder b) en c), van Richtlijn 2006/112/EG met betrekking tot de vrijstelling van de belasting over de toegevoegde waarde voor de definitieve invoer van bepaalde goederen(1), en met name artikel 53, eerste alinea,

Gezien Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad van 16 november 2009 betreffende de instelling van een communautaire regeling inzake douanevrijstellingen(2), en met name artikel 76, eerste alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Op 24 februari 2022 is Rusland een niet-uitgelokte en ongerechtvaardigde militaire agressie begonnen tegen Oekraïne. Na de Russische invasie in Oekraïne zijn tot 24 mei 2022 ongeveer 6,2 miljoen mensen in de Unie aangekomen. De toestroom van personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten, vormt een uitdaging voor de betrokken lidstaten als het gaat om het waarborgen van voldoende humanitaire hulp en het voorzien in de primaire behoeften van deze personen. Slowakije, Polen en Tsjechië hebben respectievelijk op 27 februari 2022, 28 februari 2022 en 11 maart 2022 om bijstand verzocht overeenkomstig artikel 15, lid 1, van Besluit nr. 1313/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad(3) wat betreft tijdelijke noodopvang, artikelen voor huisvesting, geneesmiddelen en medische artikelen, en uitrusting voor het beheren en verstrekken van voedsel voor personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten.

(2) Op 24 februari 2022 heeft Oekraïne overeenkomstig artikel 16, lid 1, van Besluit nr. 1313/2013/EU om bijstand verzocht voor het leveren van civiele beschermingsmiddelen.

(3) Als blijk van solidariteit en steun hebben de lidstaten en de internationale gemeenschap in reactie daarop humanitaire hulpgoederen geleverd voor personen die de oorlog ontvluchten en in de Unie aankomen, en personen die door de oorlog in Oekraïne zijn getroffen.

(4) Op 14 maart 2022 heeft de Commissie de lidstaten geraadpleegd over de noodzaak van een besluit van de Commissie dat voorziet in vrijstelling van rechten bij invoer en vrijstelling van belasting over de toegevoegde waarde (“btw”) op goederen die worden ingevoerd om in het vrije verkeer te worden gebracht teneinde gratis te worden verstrekt of ter beschikking te worden gesteld aan personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten. Naar aanleiding van dat onderzoek hebben Estland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Kroatië, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Tsjechië, Roemenië, Slowakije en Slovenië op 18 maart 2022, Ierland en Litouwen op 21 maart 2022 en Finland en Italië op 23 maart 2022 (hierna “de verzoekende lidstaten”) een dergelijk verzoek ingediend.

(5) Aangezien de humanitaire crisis als gevolg van de Russische invasie in Oekraïne niet alleen grote gevolgen heeft voor Oekraïne, maar ook voor een aantal lidstaten, vormt zij een ramp die het grondgebied van een aantal lidstaten treft in de zin van hoofdstuk XVII, punt C, van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en titel VIII, hoofdstuk 4, van Richtlijn 2009/132/EG.

(6) Het is derhalve passend de verzoekende lidstaten te machtigen vrijstelling van rechten bij invoer te verlenen voor goederen die worden ingevoerd voor de in artikel 74 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 omschreven doeleinden, en vrijstelling te verlenen van de btw die verschuldigd is voor goederen die worden ingevoerd voor de in artikel 51 van Richtlijn 2009/132/EG omschreven doeleinden door of namens overheidsorganisaties of filantropische of liefdadigheidsorganisaties die door de bevoegde autoriteiten van de verzoekende lidstaten zijn erkend. Gezien de ongekende situatie en de noodzaak om snel te reageren, is het passend de verzoekende lidstaten toe te staan vrijstelling van rechten en btw te verlenen voor goederen voor humanitaire hulp die tevens worden ingevoerd door overheidsorganisaties of andere filantropische of liefdadigheidsorganisaties die zijn erkend en soortgelijke activiteiten verrichten in een andere verzoekende lidstaat waar de goederen bestemd zijn om te worden gebruikt. Om tegemoet te komen aan verzoeken van de lidstaten om bijstand te verlenen aan personen die in Oekraïne zijn gebleven en ernstig getroffen zijn door de oorlog, moet ook toestemming worden gegeven voor de verdere overdracht van die goederen aan Oekraïense overheidsorganisaties of filantropische of liefdadigheidsorganisaties die door de Oekraïense bevoegde autoriteiten zijn erkend om de goederen gratis te verstrekken aan personen in nood in Oekraïne. Daarnaast is het passend de verzoekende lidstaten te machtigen vrijstelling van rechten bij invoer te verlenen voor goederen die worden ingevoerd voor de in artikel 74 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 omschreven doeleinden, en vrijstelling te verlenen van de btw die verschuldigd is voor goederen die worden ingevoerd voor de in artikel 51 van Richtlijn 2009/132/EG omschreven doeleinden wanneer de goederen worden ingevoerd voor het vrije verkeer door of namens hulporganisaties om in hun eigen behoeften te voorzien tijdens het verstrekken van noodhulp aan de personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten.

(7) Om toezicht te houden op de invoer waarvoor vrijstelling van rechten of btw wordt verleend, moeten de verzoekende lidstaten de Commissie in kennis stellen van het soort en de hoeveelheden van de verschillende goederen die met vrijstelling van invoerrechten en btw worden ingevoerd om gratis te worden verstrekt of ter beschikking te worden gesteld aan personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten, van de organisaties die zij hebben erkend voor de verstrekking of terbeschikkingstelling van die goederen en van de maatregelen die zijn genomen om te voorkomen dat de goederen worden gebruikt voor andere doeleinden dan het voorzien in de behoeften van de personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten.

(8) Om de naleving van de voorwaarden in dit besluit te waarborgen, onregelmatigheden te voorkomen en de financiële belangen van de Unie en de lidstaten te beschermen, moeten de verzoekende lidstaten zorgen voor de toepassing van risicobeheer en relevante douanecontrolemaatregelen met betrekking tot het in het vrije verkeer brengen en het gebruik en de daaropvolgende overbrenging naar Oekraïne van goederen waarvoor vrijstelling van douanerechten of btw is verleend. De genomen maatregelen moeten binnen de bij dit besluit vastgestelde termijn aan de Commissie worden gemeld.

(9) Rekening houdend met de extreme uitdagingen waarvoor de verzoekende lidstaten zich gesteld zien, moet de vrijstelling van invoerrechten en van btw worden verleend voor goederen die met ingang van 24 februari 2022 worden ingevoerd. De vrijstelling moet tot en met 31 december 2022 van kracht blijven.

(10) Op 19 april 2022 werden de lidstaten overeenkomstig artikel 76, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en artikel 53, eerste alinea, van Richtlijn 2009/132/EG geraadpleegd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

1.

Er wordt vrijstelling van rechten bij invoer in de zin van artikel 2, lid 1, punt a), van Verordening (EG) nr. 1186/2009 verleend en van de belasting over de toegevoegde waarde (btw) voor de invoer in de zin van artikel 2, lid 1, punt a), van Richtlijn 2009/132/EG, wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  1. de goederen zijn bestemd om op een van de volgende wijzen te worden gebruikt:

    1. ze worden gratis vertrekt door de in punt c) bedoelde organen en organisaties ten gunste van de personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten;

    2. ze worden gratis ter beschikking gesteld ten gunste van de personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten, waarbij de goederen eigendom blijven van de in punt c) bedoelde organen en organisaties;

  2. de goederen voldoen aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in de artikelen 75, 78, 79 en 80 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en de artikelen 52, 55, 56 en 57 van Richtlijn 2009/132/EG;

  3. de goederen worden ingevoerd voor het vrije verkeer door of namens overheidsorganisaties, zoals overheidsorganen, overheidsinstanties en andere publiekrechtelijke organen, of door of namens filantropische of liefdadigheidsorganisaties die door de bevoegde autoriteiten van de verzoekende lidstaten waar de goederen bestemd zijn om te worden gebruikt, zijn erkend.

2.

De in lid 1 bedoelde goederen kunnen ook worden vrijgesteld van rechten bij invoer in de zin van artikel 2, lid 1, punt a), van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en van btw bij invoer in de zin van artikel 2, lid 1, punt a), van Richtlijn 2009/132/EG in een andere verzoekende lidstaat dan de verzoekende lidstaat waar de goederen bestemd zijn om te worden gebruikt, op voorwaarde dat de goederen worden ingevoerd voor het vrije verkeer door een overheidsorganisatie of een andere filantropische of liefdadigheidsorganisatie die door de bevoegde autoriteiten is erkend en soortgelijke activiteiten verricht in de lidstaat waar de goederen bestemd zijn om te worden gebruikt.

3.

De overbrenging van de goederen tussen de twee lidstaten is onderworpen aan een voorafgaande kennisgeving door een erkende filantropische of liefdadigheidsorganisatie aan de bevoegde autoriteiten van de verzoekende lidstaat die de vrijstelling van rechten en btw verleent.

4.

Onder voorbehoud van de voorafgaande kennisgeving aan de bevoegde autoriteiten van de verzoekende lidstaat die de vrijstelling van rechten verlenen, mogen organisaties die overeenkomstig de leden 1 en 2 voor vrijstelling van rechten en van btw in aanmerking komen, de in lid 1 bedoelde goederen waarvoor vrijstelling van rechten en van btw is verleend, overdragen aan Oekraïense overheidsorganisaties of andere filantropische of liefdadigheidsorganisaties die door de Oekraïense bevoegde autoriteiten zijn erkend om de goederen gratis te verstrekken aan personen in nood in Oekraïne.

5.

Met inachtneming van de artikelen 75 tot en met 80 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en de artikelen 52 tot en met 57 van Richtlijn 2009/132/EG wordt ook vrijstelling van rechten bij invoer in de zin van artikel 2, lid 1, punt a), van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en van btw voor de invoer in de zin van artikel 2, lid 1, punt a), van Richtlijn 2009/132/EG van de Raad verleend wanneer de goederen worden ingevoerd voor het vrije verkeer door of namens hulporganisaties om in hun eigen behoeften te voorzien tijdens het verstrekken van noodhulp aan de personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten.

Artikel 2

De lidstaten delen de Commissie maandelijks, op de vijftiende dag van de maand volgende op de rapportagemaand, gegevens mee over het soort en de hoeveelheid goederen die krachtens artikel 1 met vrijstelling van invoerrechten en btw zijn ingevoerd.

Uiterlijk op 31 maart 2023 delen de lidstaten de Commissie de volgende informatie mee:

  1. een lijst van door de bevoegde autoriteiten in de lidstaten erkende organisaties, als bedoeld in artikel 1, lid 1, punt c);

  2. de geconsolideerde informatie over het soort en de hoeveelheid goederen die krachtens artikel 1 met vrijstelling van invoerrechten en btw zijn ingevoerd;

  3. de maatregelen die zijn genomen om de naleving te garanderen van de artikelen 78, 79 en 80 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 en van de artikelen 55, 56 en 57 van Richtlijn 2009/132/EG, alsook, in voorkomend geval, de op grond van artikel 46 van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad(4) genomen maatregelen inzake risicobeheer en douanecontroles met betrekking tot de onder het toepassingsgebied van dit besluit vallende goederen.

Artikel 3

Artikel 1 is van toepassing op goederen die van 24 februari 2022 tot en met 31 december 2022 in Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Kroatië, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Roemenië, Slovenië, Slowakije en Tsjechië worden ingevoerd.

Artikel 4

Dit besluit is gericht tot de Republiek Estland, de Republiek Finland, de Franse Republiek, de Helleense Republiek, Hongarije, Ierland, de Italiaanse Republiek, de Republiek Kroatië, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg, de Republiek Malta, het Koninkrijk der Nederlanden, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Polen, Roemenië, de Republiek Slovenië, de Slowaakse Republiek en de Tsjechische Republiek.

Het is van toepassing met ingang van 24 februari 2022.