De herstructureringssteun aan Complexul Energetic Oltenia S.A. (“CE Oltenia”), die Roemenië ten dele heeft uitgevoerd, namelijk in de vorm van subsidies, een staatsgarantie voor een lening, een kapitaalinjectie en de omzetting van een lening in een subsidie ten bedrage van 2,6581 miljard EUR, is verenigbaar met de interne markt in de zin van artikel 107, lid 3, punt c), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, onder de voorwaarden als bedoeld in artikel 2.
Besluit (EU) 2022/1920 van de Commissie van 26 januari 2022 betreffende steunmaatregel SA.59974 — 2021/C (ex 2020/N, ex 2020/PN) die Roemenië gedeeltelijk heeft uitgevoerd ten gunste van Complexul Energetic Oltenia SA (Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 553) (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek) (Voor de EER relevante tekst)
Besluit (EU) 2022/1920 van de Commissie van 26 januari 2022 betreffende steunmaatregel SA.59974 — 2021/C (ex 2020/N, ex 2020/PN) die Roemenië gedeeltelijk heeft uitgevoerd ten gunste van Complexul Energetic Oltenia SA (Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 553) (Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek) (Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 108, lid 2, eerste alinea,
Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 62, lid 1, punt a),
Na de belanghebbenden overeenkomstig de genoemde artikelen te hebben uitgenodigd hun opmerkingen te maken(1), en gezien de in de loop van de procedure ontvangen opmerkingen van derden,
Overwegende hetgeen volgt:
1. PROCEDURE
(1) Na contacten voorafgaand aan de kennisgeving(2) heeft Roemenië op 4 december 2020 gemeld voornemens te zijn herstructureringssteun te verlenen aan Complexul Energetic Oltenia S.A. (“CE Oltenia”).
(2) Bij brief van 5 februari 2021 heeft de Commissie Roemenië in kennis gesteld van haar besluit om ten aanzien van de herstructureringssteun de procedure van artikel 108, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (“VWEU”) in te leiden. Roemenië heeft op 8 maart 2021 gereageerd op de opmerkingen in die brief.
(3) Het besluit van de Commissie betreffende de inleiding van de procedure (“het inleidingsbesluit”) is op 19 maart 2021 in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt(3). De Commissie heeft de belanghebbenden verzocht hun opmerkingen kenbaar te maken.
(4) De Commissie heeft binnen de gestelde termijn opmerkingen over dit onderwerp ontvangen van de volgende derde partijen: het Europees Milieubureau (EEB), Bankwatch Romania/ClientEarth en Greenpeace. De Commissie heeft die opmerkingen voor een reactie aan Roemenië doorgezonden en heeft bij brief van 1 juni 2021 diens opmerkingen ontvangen.
(5) Roemenië heeft de Commissie aanvullende informatie verstrekt op 10 mei, 1 en 24 juni, 14 september, 21 oktober en 9, 14, 15, 20, 21, 22 en 29 december 2021, en op 20 en 21 januari 2022.
(6) Roemenië stemt er bij wijze van uitzondering mee in om afstand te doen van de rechten uit hoofde van artikel 342 VWEU in samenhang met artikel 3 van Verordening nr. 1/1958 van de Raad(4), en dit besluit in het Engels te laten vaststellen en bekendmaken op grond van artikel 297 VWEU(5).
2. GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE MAATREGELEN
2.1. De begunstigde onderneming
(7) CE Oltenia is een overheidsbedrijf dat actief is in de mijnbouw, de opwekking van elektriciteit met fossiele brandstoffen en de lokale warmtevoorziening. De onderneming werd op 12 oktober 2011 opgericht en op 31 mei 2012 ingeschreven, na de fusie van vier ondernemingen: Complexul Energetic Craiova SA, Complexul Energetic Turceni SA, Complexul Energetic Rovinari SA en Societatea Nationala a Lignitului Oltenia SA. CE Oltenia maakt geen deel uit van een grotere ondernemingsgroep en wordt niet samen met andere openbare bedrijven beheerd. Zij is een onafhankelijk besluitvormingsorgaan binnen de overheid. Volgens de Roemeense autoriteiten heeft de Roemeense staat, vertegenwoordigd door het Ministerie van Energie, een belang van 77,15 % in CE Oltenia. De overige aandeelhouders zijn het beleggingsfonds Fondul Proprietatea SA (met een belang van 21,56 %)(6), Electrocentrale Grup SA (0,84 %) en Inchidere si conservare Mine (0,44 %). De raad van toezicht van CE Oltenia telt zeven leden, waarvan Fondul Proprietatea er slechts twee kan benoemen, en de onderneming wordt bestuurd door een vijfkoppige directie (onder wie een algemeen directeur die door de raad van toezicht wordt benoemd). Besluiten over belangrijke aspecten van de bedrijfsvoering van CE Oltenia, zoals de begroting, het bedrijfsplan en de overige financiële en commerciële beslissingen, worden genomen bij gewone meerderheid van de aandeelhouders. Fondul Proprietatea heeft geen blokkerings- of vetorechten. De rechten van Fondul Proprietatea zijn typisch voor minderheidsaandeelhouders. Voor bepaalde besluiten, zoals wijzigingen in het geplaatste aandelenkapitaal, is 90 % van de stemmen in de algemene of buitengewone aandeelhoudersvergadering vereist, zodat de instemming van Fondul Proprietatea nodig is. Door zijn meerderheidsbelang en vertegenwoordiging in de raad van toezicht kan de Roemeense staat echter daadwerkelijke en uitsluitende zeggenschap uitoefenen over CE Oltenia.
(8) CE Oltenia heeft haar hoofdkantoor in Zuidwest-Oltenië (Sud-Vest Oltenia) (NUTS 2-code RO41), heeft 12 268 mensen in dienst die werken in haar mijnen (Rovinari, Motru, Jilț en Mehedinți) en beschikt over elektriciteitscentrales in de districten Dolj en Gorj. De werkloosheid in de regio bedraagt 5,5 % — boven het nationale gemiddelde van 3,4 % en het hoogste van het land(7). Tabel 1 laat zien dat het werkloosheidspercentage in Zuidwest-Oltenië tussen 2015 en 2020 daalde van 8,2 % tot 5,5 % en daarmee de afgelopen jaren hoger was dan het nationale percentage (dat in dezelfde periode daalde van 5 % tot 3,4 %). Hoewel er een klein verschil is tussen de gegevens van Eurostat(8) en die van het nationaal instituut voor de statistiek, wijst de trend uit dat de werkloosheid in de regio constant boven het nationale cijfer ligt.
Tabel 1 Werkloosheid (macroregio’s, ontwikkelingsregio’s en nationaal)
Jaar 2015 2016 2017 2018 2019 2020 Werkloosheid: % % % % % % % Nationaal
5
4,8
4
3,3
2,9
3,4
Regio Zuidwest-Oltenië
8,2
8,3
7,3
5,9
5,2
5,5
(9) Volgens Roemenië gaat de hoge werkloosheid gepaard met moeilijkheden om nieuwe werkgelegenheid te creëren in de regio. Uit het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie van het district Gorj(9) blijkt dat onder voormalige werknemers in de mijnbouwsector tussen 45 en 65 jaar die met vervroegd pensioen zijn gegaan en/of compensatiebedragen ontvangen, een zekere terughoudendheid bestaat om zich om te scholen en actief op zoek te gaan naar werk. Het negatieve effect wordt nog versterkt door het onderwijsprogramma, dat niet aansluit bij de huidige of toekomstige behoeften van de lokale arbeidsmarkt, waarbij werkgevers wijzen op de behoefte aan aanvullend onderwijs op het gebied van digitalisering, de automatisering van roboticaprocessen, artificiële intelligentie enz.
(10) CE Oltenia wekt stroom op in vier elektriciteitscentrales: Rovinari (vier installaties met een totaal vermogen van 1 320 MW, meer dan 40 jaar oud), Turceni (vier installaties, 1 320 MW, 33 jaar oud), Ișalnița (twee installaties, 630 MW, 50 jaar oud) en Craiova II (twee installaties, 300 MW aan warmtekrachtkoppeling, 30 jaar oud). Chișcani, een vijfde centrale met een capaciteit van 415 MW, is niet in bedrijf. CE Oltenia is actief op de groothandels- en detailhandelsmarkten voor elektriciteit en verkoopt ook warmte aan de stad Craiova. Tot 99,5 % van de elektriciteit in haar centrales wordt opgewekt met behulp van bruinkool. Zij haalt bruinkool uit haar eigen open putten voor eigen verbruik of om te verkopen aan andere elektriciteitsproducenten(10). De onderneming levert ook warmte en warm tapwater aan ongeveer 300 000 inwoners van Craiova.
(11) Volgens de nationale energieregulator ANRE (Autoritatea Națională de Reglementare in Domeniul Energiei) zijn de grootste Roemeense energieproducenten achtereenvolgens Hidroelectrica (met een marktaandeel van 31,3 %), Nuclearelectrica (18,09 %) en, op de derde plaats, CE Oltenia (14,08 %)(11). De drie ondernemingen staan onder zeggenschap van de Roemeense staat.
(12) Roemenië voert aan dat CE Oltenia een belangrijke rol speelt op de Roemeense elektriciteitsmarkt. De exploitatie van CE Oltenia is ook belangrijk voor de veiligheid en toereikendheid van het nationale energiesysteem. Het Roemeense energiesysteem bevindt zich aan het oostelijke uiteinde van het Europese continentale systeem, aan de grens met zowel Bulgarije, Servië en Hongarije als het zuidwesten van Oekraïne. De invoer van elektriciteit wordt belemmerd doordat het Hongaarse elektriciteitssysteem te weinig vermogen levert bij piekbelasting en doordat schriftelijke toestemming van de Oekraïense transmissiesysteembeheerder vereist is om de aanbestede capaciteit aan de Oekraïense grens te kunnen gebruiken. Bovendien voert ingevoerde elektriciteit de boventoon op de jaarlijkse balans in de landen van de regio — zowel de EU-lidstaten als de derde landen. Wanneer er een elektriciteitstekort is in het nationale energiesysteem, is derhalve ook de voorziening in naburige systemen beperkt.
(13) Roemenië voert aan dat een eventuele sluiting van de installaties van CE Oltenia zou leiden tot een onmiddellijk en realistisch risico op onderbrekingen van de essentiële elektriciteitsvoorziening, met mogelijk een economische ontwrichting tot gevolg die schadelijke gevolgen zou hebben voor Roemenië. In dit verband blijkt uit een analyse(12) van Opcom(13) — de Roemeense elektriciteits- en gasmarktbeheerder — dat de sluiting van CE Oltenia zou leiden tot een verdubbeling van de jaarlijkse gemiddelde elektriciteitsprijs op de day-aheadmarkt en tot een prijsstijging van 70 % op de gecentraliseerde markt voor bilaterale contracten.
(14) Daarnaast heeft de Roemeense transmissiesysteembeheerder, CNTEE Transelectrica S.A. (“Transelectrica”), in mei 2021 de toereikendheid van het nationale energiesysteem geanalyseerd volgens het scenario dat CE Oltenia in 2022 de totale energiecapaciteit zou stilleggen en in 2021 drie installaties in Rovinari in bedrijf zou laten. De conclusie luidde dat de toereikendheid van het nationale energiesysteem ernstig in gevaar zou komen, aangezien het systeem niet langer over de nodige hulpbronnen zou beschikken om het nationale elektriciteitsverbruik te dekken, zelfs niet bij maximale benutting van de grensoverschrijdende invoercapaciteit.
(15) Volgens Roemenië zou het faillissement van CE Oltenia leiden tot het directe verlies van meer dan 12 000 banen en tot een aanzienlijk indirect banenverlies gezien het grote aantal partners in de waardeketen.
(16) Roemenië stelt voorts dat CE Oltenia een belangrijke aanbieder van technologische ondersteunende diensten voor Transelectrica is en in dat verband deelneemt aan door de transmissiesysteembeheerder georganiseerde veilingen. De onderneming speelt zo een belangrijke rol in de verlening van ondersteunende diensten, via welke een transmissiesysteembeheerder reserves van stroomproducenten kan kopen ter dekking van netwerkverliezen teneinde de leveringszekerheid te waarborgen.
(17) Roemenië heeft elektriciteitsverbindingen met Bulgarije en Hongarije en met derde landen, waaronder Oekraïne, dat verbonden is met Polen en Servië, terwijl Servië op zijn beurt is verbonden met Kroatië. Roemenië voert regelmatig elektriciteit uit/in. Er worden verscheidene projecten van gemeenschappelijk belang voor de Unie gepland of uitgevoerd teneinde Roemenië, Bulgarije en Servië beter op elkaar aan te sluiten.
(18) Roemenië merkt voorts op dat CE Oltenia volgens de gegevens voor 2019 zakelijke betrekkingen had met ongeveer 120 ondernemingen uit het district Gorj. Hun totale omzet bedraagt — volgens de bij het Ministerie van Financiën ingediende balansen voor 2019 — ongeveer 1,082 miljard RON (circa 218 miljoen EUR). Volgens dezelfde bron had CE Oltenia in 2019 een omzet van 3,116 miljard RON (ongeveer 630 miljoen EUR). Volgens de informatie van het nationaal instituut voor de statistiek bedroeg de omzet van alle ondernemingen in het district Gorj in 2019 ongeveer 9,1 miljard RON (ongeveer 1,84 miljard EUR). CE Oltenia en de 120 belangrijkste toeleveranciers zijn derhalve goed voor ongeveer 50 % van de economie van het district. Bovendien is bijna de helft van de zakenpartners van CE Oltenia (zoals beveiligingsbedrijven, dienstverleners op het gebied van mijnbouwmaterieel, vervoer of verhuur van werkuitrusting) voor ongeveer 70 % tot 90 % afhankelijk van de onderneming. […](**************).
(19) Volgens Roemenië is CE Oltenia getroffen door de COVID-19-crisis. Roemenië voert aan dat zijn bruto binnenlands product in 2020 met ongeveer 4 % is gedaald ten opzichte van het jaar ervoor. De zwaarst getroffen sectoren waren de dienstensector, de bouw en de industrie. Volgens het Internationaal Energieagentschap (IEA)(15) heeft de COVID-19-pandemie in het algemeen geleid tot een daling van de elektriciteitsvraag, met name als gevolg van sterke dalingen in de dienstensector en de industrie, in het bijzonder tijdens de lockdowns.
(20) Roemenië voert aan dat de elektriciteitsproductie van CE Oltenia is gedaald van 12,4 TWh tot 8,2 TWh als gevolg van de gedaalde energievraag, de technische beschikbaarheid van productiemiddelen en de tijdelijke werkloosheid van het personeel. De daling van de elektriciteitsvraag leidde tot lagere prijzen, met name op de day-aheadmarkt, die soms het laagste niveau van de afgelopen tien jaar bereikten (minder dan 20 EUR/MWh). Bovendien werd de waardeketen van CE Oltenia door de pandemie verstoord, bijvoorbeeld door vertraagde of geannuleerde leveringen van reserveonderdelen en materialen door leveranciers, waardoor de productie daalde of soms zelfs volledig stilviel. Toen de productie van reserveonderdelen werd hervat, stegen de prijzen sterk, zodat contracten werden beëindigd. Zo steeg de prijs van metalen reserveonderdelen met 100 % tot 300 % en die van methaangas met meer dan 700 %. De crisis noopte de begunstigde ertoe veiligheidsmaatregelen te nemen, zodat werknemers met een essentiële functie hun werk konden voortzetten zonder verdere onderbrekingen van het productieproces. Hierbij werden de arbeidsovereenkomsten van ongeveer 10 % van de werknemers opgeschort, wat neerkomt op een werkonderbreking van ongeveer 192 500 dagen.
2.2. Voorgeschiedenis van de maatregel
2.2.1. Reddingssteun
(21) In februari 2020 heeft Roemenië de Commissie in kennis gesteld van zijn voornemen om reddingssteun te verlenen aan CE Oltenia. Ten tijde van de kennisgeving bedroegen de geschatte verliezen voor 2019 ongeveer 1,1 miljard RON (232 miljoen EUR)(16). Volgens Roemenië waren die verliezen voornamelijk veroorzaakt door: i) het niet innen van schulden bij insolvente staatsbedrijven; ii) wisselkoersschommelingen op leningen, en iii) de aanzienlijke stijging van de prijs van broeikasgasemissierechten (“CO2-emissierechten”)(17). Bij besluit van 24 februari 2020(18) heeft de Commissie de reddingslening van 251 miljoen EUR ten gunste van CE Oltenia goedgekeurd op grond van artikel 107, lid 3, punt c), VWEU, zoals uitgelegd in de richtsnoeren voor reddings- en herstructureringssteun aan niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden (“de R&H-richtsnoeren”)(19).
2.2.2. Financiële problemen van CE Oltenia en gedeeltelijke uitvoering van de herstructureringssteun
(22) Roemenië voert aan dat CE Oltenia een onderneming in moeilijkheden is, aangezien zij naar intern recht voldoet aan de criteria om op verzoek van haar schuldeisers te worden onderworpen aan een collectieve insolventieprocedure. Bijgevolg voldeed CE Oltenia sinds eind 2019 aan die criteria en hadden haar 46 leveranciers bij de vaststelling van het besluit inzake de reddingssteun kunnen verzoeken om de inleiding van de insolventieprocedure. CE Oltenia is niet in staat de toegekende reddingslening, vermeerderd met rente, terug te betalen en is bijgevolg verplicht een herstructureringsplan aan te melden; indien zij dat niet doet, wordt zij automatisch geliquideerd uit hoofde van het interne recht.
(23) Roemenië voert verschillende redenen aan voor de financiële moeilijkheden van CE Oltenia. Ten eerste exploiteert CE Oltenia vier verouderde elektriciteitscentrales die werken op bruinkool die wordt gewonnen in negen bruinkoolmijnen. De centrales vergen kostbaar periodiek onderhoud alsook investeringen in de naleving van milieuvoorschriften. De tweede reden is het gebrek aan investeringskapitaal als gevolg van de hoge kosten van naleving van de milieuvoorschriften (inzake de afzetting van as en slakken en de emissiegrenswaarden voor SO2, NOx en PM10). Sinds 2008 heeft CE Oltenia ongeveer 880 miljoen EUR geïnvesteerd om te voldoen aan de Europese en de nationale milieuvoorschriften. Door deze investeringen was het onmogelijk om investeringsprogramma’s te financieren om de energie-efficiëntie te verhogen en zodoende de CO2-emissiekosten te verlagen.
(24) De derde reden voor de moeilijkheden houdt verband met het feit dat energieproducerende staatsbedrijven in Roemenië zijn georganiseerd op basis van het type energieproductie, afhankelijk van de gebruikte brandstof, en dus bedrijven op basis van één brandstof zijn: waterkracht (Hidroelectrica SA), kernenergie (Nuclearelectrica SA) en fossiele brandstoffen (CE Oltenia). In combinatie met de invoering van het systeem van CO2-emissierechten heeft dit model geleid tot een onevenwichtige mededinging ten nadele van CE Oltenia. In het huidige model, waarin bruinkool de enige energiebron van CE Oltenia is, kan de begunstigde niet dezelfde winstgevendheid behalen als haar concurrenten, die lagere marginale productiekosten hebben en minder vervuilende energiebronnen gebruiken en dus geen of lagere CO2-emissiekosten hoeven te betalen.
(25) CE Oltenia is verplicht jaarlijks uiterlijk op 30 april het aantal CO2-emissierechten in te leveren dat overeenkomt met de totale hoeveelheid broeikasgassen die in het voorgaande kalenderjaar zijn uitgestoten. Niet-naleving van de verplichting resulteert in een boete van 100 EUR per ton CO2-equivalent die is uitgestoten en niet is ingeleverd(20). De prijzen van de CO2-emissierechten zijn de afgelopen jaren en maanden gestaag gestegen, tot meer dan 60 EUR per ton CO2 in september 2021 en tot 80 EUR per ton CO2 in december 2021(21).
(26) Daarnaast noemt Roemenië de kostenstructuur van CE Oltenia als nog een reden voor de financiële problemen van de onderneming. De personeelskosten vertegenwoordigden 39 % van de totale bedrijfskosten in 2020, terwijl de uitgaven voor milieubescherming, die voornamelijk verband houden met de inkoop van CO2-emissierechten, 35 % van de totale kosten uitmaakten. Als gevolg van deze kostenstructuur boekte de onderneming tussen 2014 en 2019 ieder jaar een exploitatieverlies (met uitzondering van 2017).
2.3. De maatregelen
(27) Dit besluit heeft betrekking op de herstructureringssteun aan CE Oltenia, bestaande uit een overheidssubsidie van 1,09 miljard EUR, een staatsgarantie voor een lening van 195,8 miljoen EUR, een kapitaalinjectie in RON ter waarde van omgerekend maximaal 226 miljoen EUR in de onderneming, de omzetting van de reddingslening — die een herstructureringssteun is geworden — ten belope van ongeveer 251 miljoen EUR in een subsidie, en een subsidie van 895,3 miljoen EUR uit het moderniseringsfonds(22), die afhankelijk is van de indiening van de desbetreffende voorstellen door Roemenië en de bekrachtiging ervan door de Europese Investeringsbank of de goedkeuring ervan door het investeringscomité van het moderniseringsfonds (samen “de maatregelen”). De totale steun bedraagt 2,6581 miljard EUR(23).
(28) De subsidie van 1,09 miljard EUR is bedoeld om de aankoop van de nodige CO2-emissierechten in de periode 2021-2025 te financieren; de middelen zullen jaarlijks worden verdeeld naargelang van de financieringsbehoeften, maar zullen niet naadloos aansluiten op de jaarlijkse uitgaven aan CO2-emissierechten. In maart 2021 heeft de Roemeense regering een noodverordening aangenomen tot goedkeuring van een subsidie van ongeveer 1,18 miljard RON (ongeveer 241 miljoen EUR) aan CE Oltenia om de aankoop van CO2-emissierechten te financieren. Bijgevolg betoogt Roemenië dat CE Oltenia op 26 april 2021 aan de verplichting inzake CO2-emissierechten heeft voldaan na de aankoop van CO2-emissierechten voor de in 2020 geproduceerde energie voor in totaal 315 miljoen EUR. Het verschil van 74 miljoen EUR tussen de totale aankoopprijs en de subsidie werd volgens Roemenië voldaan uit de eigen middelen van de onderneming. De subsidie van 241 miljoen EUR maakt deel uit van de aangemelde subsidie van 1,09 miljard EUR en werd via het Ministerie van Energie uit de overheidsbegroting gefinancierd.
(29) Het is de bedoeling dat in 2022 een door de staat gegarandeerde lening van 195,8 miljoen EUR wordt aangegaan om het werkkapitaal van CE Oltenia voor hetzelfde bedrag te financieren. De Roemeense autoriteiten merken op dat de lening zal worden afgesloten tegen een marktconforme rente. De totale rente […] zal naar verwachting ongeveer […] % bedragen.
(30) De kapitaalinjectie van maximaal 226 miljoen EUR in CE Oltenia zal bestaan uit een bijdrage van het Ministerie van Energie in contanten (180 miljoen EUR) en in natura (grond met een geschatte waarde van 46 miljoen EUR).
(31) De Roemeense autoriteiten merken op dat de reddingslening van 251 miljoen EUR (zie overweging 21), die herstructureringssteun is geworden omdat de middelen nog niet zijn terugbetaald, zal worden omgezet in een subsidie zodra het herstructureringsplan door de Commissie is goedgekeurd.
2.4. Oorspronkelijk herstructureringsplan voor CE Oltenia
(32) Op 4 december 2020 heeft Roemenië de Commissie in kennis gesteld van een herstructureringsplan (“het oorspronkelijke herstructureringsplan”), waarvoor 1,33 miljard EUR aan herstructureringssteun wordt uitgetrokken bestaande uit reeds toegekende reddingssteun ten bedrage van 0,25 miljard EUR, een door de staat gegarandeerde lening ten belope van 0,31 miljard EUR en een overheidssubsidie van 0,77 miljard EUR. Voorts bestond het voornemen om 711 miljoen EUR extra staatssteun aan te trekken uit het moderniseringsfonds om de energiemix te diversifiëren door bruinkool te vervangen door (voornamelijk) gas en hernieuwbare energiebronnen.
(33) Het oorspronkelijke herstructureringsplan bestreek de periode 2021-2030, hoewel de herstructureringssteun slechts betrekking had op 2021 tot en met 2025. In dat plan werd aangenomen dat CE Oltenia in 2022 winst zou boeken, zodat tegen 2025 een rendement van […] % zou worden behaald en in 2030, met een rendement van […] %, concurrentievermogen op lange termijn zou worden bereikt.
(34) Het oorspronkelijke herstructureringsplan omvatte de volgende maatregelen:
-
technische en technologische maatregelen ter uitvoering van een investeringsplan om de energiemix te diversifiëren. Het plan voorzag in de vervanging van 1 460 MW in zes bruinkoolcentrales door i) 1 325 MW in twee gasgestookte installaties; ii) 109 MW in acht zonneparken, en iii) 9,9 MW in een waterkrachtcentrale. Voorts werd overwogen om vijf mijnen te sluiten, wat de productie tegen 2025 zou halveren;
-
organisatorische en beheersmaatregelen ter verbetering van processen of IT-ondersteuning, om overlap en ondoelmatigheid te voorkomen, met inbegrip van een personeelsinkrimping en -herschikking met 41 %;
-
milieubeschermingsmaatregelen, die investeringen of tijdelijke steun voor de bedrijfskosten van mijnen en elektriciteitscentrales omvatten, met inbegrip van de naleving van milieuvoorschriften (zoals CO2-emissierechten en nalevingskosten voor as, NOx en SO2);
-
financiële maatregelen, waaronder optimalisering van de kosten van bankleningen, afstoting of verkoop van bestaande secundaire activa, waarbij een omvangrijke afstoting van activa die als zelfstandige onderneming kunnen worden geëxploiteerd en verkoopopbrengsten kunnen opleveren ter ondersteuning van het plan, evenwel is uitgesloten.
(35) CE Oltenia verwachtte in 2022 en 2023 geleidelijk zonne-energie en waterkracht toe te voegen als energiebronnen. Verder werd vanaf 2026 een reële daling van de verkoop van energie op basis van bruinkool verwacht, na de aanleg van twee aardgasgestookte installaties bij SE Turceni en SE Işalniţa, waardoor de energiemix zou uitkomen op 41 % bruinkool, 53 % gas en de rest uit zonne-energie en waterkracht.
(36) Naar verwachting is […] EUR nodig om de herstructureringskosten tot eind 2025 te dekken, waarvan CE Oltenia naar verluidt […] EUR zou bijdragen uit de eigen middelen. De eigen bijdrage van CE Oltenia zou 42 % van de totale herstructureringskosten bedragen als de mogelijke financiering uit het moderniseringsfonds wordt meegerekend, en 53 % zonder die financiering. De eigen bijdrage van CE Oltenia zou voornamelijk worden betrokken uit i) opbrengsten uit de elektriciteitsverkoop op de gecentraliseerde Opcom-markten ter waarde van […] EUR in 2020-2025; ii) opbrengsten uit langlopende bilaterale elektriciteitscontracten (met een looptijd van meer dan twee jaar) ten bedrage van […] EUR, en iii) een verkoop van activa ten belope van […] EUR.
(37) Van alle aandeelhouders van CE Oltenia moest alleen de staat bijdragen aan de herstructurering van CE Oltenia (met middelen of door verliezen te absorberen), en geen van de schuldeisers van CE Oltenia zou in de lasten delen.
(38) De volgende maatregelen werden overwogen om verstoringen van de mededinging te beperken: i) de uitbesteding van de warmtekrachtkoppelingsgroep S.E. Craiova II (die voornamelijk warmte voor Craiova produceert) door die over te dragen aan de gemeente, en ii) de sluiting van energiegroepen of mijnen volgens een bepaald tijdschema met als resultaat dat de geïnstalleerde bruinkoolgestookte capaciteit tussen 2020 en 2025 zal dalen met 1 605 MW (45 % van de bruinkoolgestookte capaciteit tegen eind 2025). De totale productiecapaciteit van CE Oltenia zou evenwel niet wezenlijk veranderen, aangezien het verlies aan bruinkoolgestookte productiecapaciteit zou worden gecompenseerd door de aanleg van nieuwe zonneparken en waterkrachtcentrales. In het oorspronkelijke herstructureringsplan werd voorts voorzien in de sluiting van bepaalde mijnen, of het aanhouden ervan als reserve, voornamelijk vanwege de ondoelmatigheid ervan, de dalende vraag of de uitputting van de bruinkoolreserves. In het plan voor de vermindering van de mijncapaciteit werd uitgegaan van een vermindering van de bruinkoolproductie met ongeveer 3 700 000 ton (–26 % tegen eind 2026).
2.5. Gronden voor het inleiden van de formele onderzoeksprocedure
(39) Aangezien de Commissie betwijfelde of de aangemelde herstructureringssteun verenigbaar zou worden verklaard met de interne markt ingevolge artikel 107, lid 3, punt c), VWEU, zoals uitgelegd in de R&H-richtsnoeren, heeft zij besloten een formele onderzoeksprocedure in te leiden, voornamelijk om de volgende redenen:
2.5.1. Twijfels over de geschiktheid van de steun
(40) Volgens het inleidingsbesluit(24) kan de staat als steunverlener, door herstructureringssteun te verlenen in de vorm van een grote (renteloze) subsidie van 768 miljoen EUR, niet profiteren van een succesvolle herstructurering, zodat een subsidie geen geschikt financieel instrument is. Bovendien zouden de minderheidsaandeelhouders van CE Oltenia (die geen vergelijkbare niet-terugbetaalbare financiering hebben verstrekt) ook indirect profiteren van de overheidssubsidie, omdat hun deelneming mogelijk in waarde stijgt zonder dat zij bijdragen aan de herstructureringskosten. De voorgenomen subsidie levert de staat geen passende vergoeding op, zoals vereist op grond van de R&H-richtsnoeren, noch zou de staat exclusief de vruchten van de subsidie voor de financiering van het plan kunnen plukken.
2.5.2. Twijfels over de aanwezigheid van een reële en actuele eigen bijdrage van de begunstigde zonder steun, en over de daadwerkelijke lastenverdeling en de doeltreffendheid daarvan
(41) Uit de voorlopige beoordeling van het oorspronkelijke herstructureringsplan bleek dat van een vermeende eigen bijdrage van […] EUR, ten hoogste […] EUR als reële en actuele bijdrage kon worden aangemerkt. Voor het resterende bedrag ging Roemenië enkel uit van de verwachte opbrengsten uit de verkoop van elektriciteit op de gecentraliseerde Opcom-markten in 2021-2025, die noch reëel, noch actueel waren aangezien er geen harde toezeggingen waren gedaan voor de jaren 2022-2025. De op de gecentraliseerde Opcom-markten gesloten verkoopcontracten hadden een maximale looptijd van slechts 1,5 jaar. Hoewel Roemenië aangaf te werken aan wetswijzigingen om de spelers op de gecentraliseerde Opcom-markten in staat te stellen langer lopende contracten te sluiten, moest de verenigbaarheid van die wijzigingen met de Uniewetgeving inzake de elektriciteitsvoorziening nog worden beoordeeld. Bovendien baseerde Roemenië zich op de mogelijke sluiting van bilaterale elektriciteitscontracten waarover werd onderhandeld met grote energieverbruikers en die tijdens de herstructureringsperiode naar verwachting […] EUR aan opbrengsten zouden opleveren. Roemenië kon echter geen enkel bewijs van deze contracten overleggen ter garantie van de daadwerkelijke financiering van het oorspronkelijke herstructureringsplan(25).
(42) De eigen bijdrage van CE Oltenia zou hooguit 42 % van de herstructureringskosten bedragen, zelfs indien, in strijd met punt 63 van de R&H-richtsnoeren, wordt aangenomen dat de verwachte toekomstige winst uit de reguliere verkoop en de verwachte winst vallen binnen het kader van een reële en actuele eigen bijdrage, omdat, zoals de Commissie heeft uitgelegd, de potentiële middelen uit het budget van het moderniseringsfonds als staatssteun worden beschouwd en derhalve niet kunnen worden aangemerkt als steunvrij eigen vermogen van CE Oltenia(26).
(43) Het oorspronkelijke herstructureringsplan werd door geen enkele marktinvesteerder of kredietverstrekker gesteund. Ten eerste heeft geen enkele bank een intentieverklaring afgegeven met betrekking tot voorfinanciering in verband met toekomstige elektriciteitsleveringen van CE Oltenia, waarvan de verwachte opbrengsten bijna de gehele eigen bijdrage van CE Oltenia uitmaken. Ten tweede heeft geen enkele bank of marktinvesteerder belangstelling getoond om een deel van de investeringen in de omschakeling van bruinkool naar aardgas of hernieuwbare energiebronnen te steunen of te financieren. Ten derde is geen bewijs overgelegd waaruit blijkt dat potentiële externe investeerders of banken het plan steunden, of dat daarover binnen een redelijk tijdsbestek zou worden onderhandeld. Hoewel Roemenië ook de verkoop van de activa van CE Oltenia opvoerde als financieringsbron en de opbrengst daarvan raamde op 2 miljoen EUR, was de verkoopprocedure niet in gang gezet(27).
(44) Daarnaast erkende Roemenië dat noch de minderheidsaandeelhouders van CE Oltenia (met name Fondul Proprietatea SA), noch haar schuldeisers in enige vorm op passende wijze zouden delen in de lasten(28).
2.5.3. Twijfels over het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn en over herstructurering binnen een redelijk tijdsbestek
(45) Hoewel het oorspronkelijke herstructureringsplan formeel liep van 2021 tot en met 2025, werden pas na de herstructureringsperiode, in 2026-2030, de eerste aanzienlijk positieve nettoresultaten ten belope van ongeveer […] EUR verwacht. Volgens het oorspronkelijke herstructureringsplan kon CE Oltenia tegen 2025 een rendement van 4,3 % behalen, ruim onder de marktconforme vergoeding of alternatieve kosten van kapitaalinjecties in Roemeense ondernemingen in het algemeen. Bovendien werd de reeds lage winstgevendheid van CE Oltenia kunstmatig opgedreven door de met staatssteun gefinancierde exploitatiesubsidies. Ten slotte waren de verwachte resultaten van CE Oltenia gebaseerd op optimistische veronderstellingen over externe factoren zoals de prijzen van de CO2-emissierechten, die tijdens de herstructureringsperiode relatief stabiel zouden blijven, ondanks de sterke stijging ervan in 2018-2019. Terwijl de prijzen van de CO2-emissierechten volgens de prognoses van CE Oltenia zouden uiteenlopen van […] in 2020 tot […] in 2030, bedroeg de prijs op 24 januari 2021 reeds […]. De Commissie betwijfelde derhalve of het oorspronkelijke herstructureringsplan de juiste looptijd had en ertoe zou leiden dat CE Oltenia aan het einde van de herstructureringsperiode weer levensvatbaar zou zijn, omdat niet duidelijk bleek dat CE Oltenia voldoende rendement zou behalen en zonder verdere steun op de markt zou kunnen blijven(29).
2.5.4. Twijfels over het bestaan en de doeltreffendheid van zinvolle maatregelen om verstoringen van de mededinging te beperken
(46) Er bestond onduidelijkheid over wijze waarop de warmtekrachtinstallaties van S.E. Craiova II zouden worden uitbesteed door ze over te dragen aan de gemeente Craiova, en over de reikwijdte van die overdracht. Zelfs indien die uitbesteding, bij wijze van kapitaalinbreng in de joint venture tussen CE Oltenia en de onderneming die eigendom is van de gemeenteraad van Craiova, zou plaatsvinden, zouden CE Oltenia en de staat de zeggenschap over de joint venture kunnen behouden. Dat zou afbreuk doen aan de betekenis van afstoting als maatregel ter beperking van verstoringen van de mededinging, aangezien noch de mededinging zou worden versterkt, noch de toetreding van nieuwe concurrenten, de uitbreiding van bestaande kleine concurrenten en grensoverschrijdende activiteiten zouden worden bevorderd(30).
(47) Het totale verlies aan productiecapaciteit van CE Oltenia als gevolg van de vermindering van haar productiecapaciteit (door bruinkoolgestookte installaties te sluiten) en van de sluiting van bruinkoolmijnen zou bovendien grotendeels worden gecompenseerd door de installatie van de nieuwe productiecapaciteit. Daarom zou de totale productiecapaciteit van CE Oltenia niet wezenlijk veranderen(31). De bruinkoolwinning zou tot eind 2024 toenemen en pas in 2026 onder het niveau van 2020 uitkomen. De gasgestookte installaties zouden tegen 2026 in bedrijf worden genomen, waardoor de afname van de bruinkoolwinning geen wezenlijke capaciteitsvermindering oplevert(32).
(48) Ten slotte heeft Roemenië geen aanvullende gedragsmaatregelen voorgesteld, afgezien van de beperking dat CE Oltenia tijdens de herstructureringsperiode geen deelnemingen in andere ondernemingen mag verwerven, tenzij dat van onmisbaar belang is om haar levensvatbaarheid op lange termijn te verzekeren, en dat zij niet met de steun mag uitpakken bij de verkoop van haar producten(33).
3. OPMERKINGEN VAN ANDERE PARTIJEN
(49) Gedurende de formele onderzoeksprocedure heeft de Commissie opmerkingen ontvangen van de volgende derden: het EEB(34), Bankwatch Roemenië/ClientEarth(35) en Greenpeace(36). De Commissie behandelt deze opmerkingen als marktinformatie, aangezien geen van deze derden kon aantonen een belanghebbende te zijn in de zin van artikel 1, punt h), van Verordening (EU) 2015/1589 van de Raad(37).
3.1. Europees Milieubureau (EEB)
(50) Het EEB maakte bezwaar tegen het feit dat het gebruik van staatssteun werd toegestaan voor de naleving van de Uniewetgeving inzake de uitstoot van CO2, as, NOx en SO2. Volgens het EEB is dit strijdig met het beginsel dat geen steun mag worden verleend voor de naleving van Unienormen, met name de verplichtingen uit hoofde van Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad(38) betreffende emissieniveaus en het gebruik van de beste beschikbare technieken (BBT). Het beginsel dat geen staatssteun mag worden verleend voor de naleving van het milieuacquis van de Unie, is ook in overeenstemming met de richtsnoeren staatssteun ten behoeve van milieubescherming en energie(39). In het geval van CE Oltenia werd dit beginsel met voeten getreden, aangezien de naleving van de emissiegrenswaarden voor luchtverontreiniging volgens het EEB deel uitmaakte van het oorspronkelijke herstructureringsplan.
(51) Het EEB heeft ook zijn bezorgdheid geuit over het feit dat CE Oltenia de laatste jaren de emissienormen (voor NOx, SO2, fijnstof enz.) niet heeft nageleefd. Het EEB merkte op dat de bruinkoolinstallaties van CE Oltenia de emissielimieten van Richtlijn 2010/75/EU overschreden(40).
(52) Het EEB voerde verder aan dat CE Oltenia altijd bilaterale contracten kan sluiten tegen vaste prijzen, maar dat geen enkele particuliere onderneming zou instemmen met een dergelijk contract met een te hoge prijs voor energie die wordt opgewekt met dure fossiele brandstoffen. Aangezien marktinvesteerders geen belangstelling hebben getoond, zouden bilaterale contracten met andere overheidsbedrijven niet voldoen aan het beginsel van de particuliere investeerder in een markteconomie en hoogstwaarschijnlijk staatssteun vormen.
(53) Het EEB merkte voorts op dat CE Oltenia tot ver na 2026 afhankelijk zou blijven van fossiele brandstoffen, waardoor de levensvatbaarheid van het herstructureringsplan op middellange termijn uiterst twijfelachtig is gelet op de stijgende CO2-prijzen.
3.2. Bankwatch Roemenië/ClientEarth
(54) Bankwatch en ClientEarth voerden aan dat exploitatiesteun voor kosten in verband met de naleving van de milieuvoorschriften in strijd is met het EU-milieurecht en niet bevorderlijk is voor de ontwikkeling van economische bedrijvigheid, zoals vereist door de rechtspraak inzake artikel 107, lid 3, punt c), VWEU (Oostenrijk/Commissie(41)).
(55) Bankwatch merkte ook op dat het oorspronkelijke herstructureringsplan van CE Oltenia niet in overeenstemming was met het decarbonisatietraject van Roemenië, geen termijn omvatte voor de schrapping van bruinkool uit de energieproductie van CE Oltenia en bijgevolg onvoldoende tegemoetkwam aan de oorzaken van de verliezen van de onderneming, doordat de verliesgevende activiteiten niet werden stopgezet.
(56) Ten slotte voerde Bankwatch aan dat het herstructureringsplan stoelt op onrealistische veronderstellingen over de toekomstige prijzen van CO2-emissierechten, namelijk dat deze prijzen tijdens de herstructureringsperiode relatief stabiel blijven. Volgens de emissieprognoses van Bankwatch zou CE Oltenia tussen 2021 en 2030 in totaal 4,76 miljard EUR aan CO2-emissierechten moeten betalen, veel meer dan CE Oltenia raamt.
3.3. Greenpeace
(57) Greenpeace stelde vast dat CE Oltenia voor de opwekking van elektriciteit afhankelijk zou blijven van bruinkool, hetgeen in strijd is met het beleid en de doelstellingen van de Unie zoals uiteengezet in de Europese Green Deal. Volgens Greenpeace was staatssteun voor de aankoop van CO2-emissierechten in strijd met het Unierecht, met name het beginsel dat de vervuiler betaalt, zoals vastgelegd in artikel 191, lid 2, VWEU en in Richtlijn 2003/87/EG, op grond waarvan exploitanten moeten betalen voor de CO2 die zij uitstoten.
(58) Volgens de analyse die Greenpeace heeft verricht van de openbaar beschikbare informatie over het oorspronkelijke herstructureringsplan zouden de totale jaarlijkse emissies van CE Oltenia stijgen van 7 Mt CO2/jaar in 2020 tot ongeveer 9 Mt CO2/jaar in 2030. Dit zou indruisen tegen het huidige klimaat- en energiebeleid van de Unie en zou ook directe negatieve gevolgen hebben voor de bedrijfskosten van CE Oltenia (waarvan de kosten van CO2-emissierechten een groot deel uitmaken).
4. OPMERKINGEN VAN ROEMENIË
(59) Roemenië heeft het oorspronkelijke herstructureringsplan en de geplande steun daarvoor ingrijpend gewijzigd om de twijfels van de Commissie weg te nemen. Voor het gemak zijn de opmerkingen van Roemenië in drie categorieën opgedeeld: opmerkingen over de belangrijkste twijfels die de Commissie in het inleidingsbesluit aan de orde stelt, opmerkingen over de opmerkingen van derden en opmerkingen over de beschrijving van het herziene herstructureringsplan en van de herstructureringssteun.
4.1. Opmerkingen over de in inleidingsbesluit geuite twijfels
(60) Roemenië heeft opmerkingen ingediend over het inleidingsbesluit(42); het land betwist de daarin geuite twijfels niet en heeft een herzien herstructureringsplan ingediend. De belangrijkste elementen van het herziene plan zijn: i) eerdere sluiting van de bruinkoolgestookte productiecapaciteit dan voorzien in het oorspronkelijke herstructureringsplan, waardoor de jaarlijkse CO2-emissies verminderen en vanaf 2026 winst zal worden behaald; ii) nieuwe investeringen in gas- en zonne-installaties op basis van het “special purpose vehicles”-model (SPV), waaraan CE Oltenia voor 70 % deelneemt terwijl 30 % wordt opengesteld voor andere strategische of financiële investeerders; iii) het maken van harde afspraken over de eigen bijdrage in de vorm van verkoopcontracten, bankfinanciering en kapitaal van particuliere investeerders, en iv) overleggen met Fondul Proprietatea over een bijdrage van het fonds in de kosten van de herstructurering van de onderneming of om de mogelijkheid te onderzoeken de deelneming van het fonds via een kapitaalverhoging van de staat te verminderen.
(61) Roemenië benadrukte dat CE Oltenia van strategisch belang was voor de continuïteit van de nationale energievoorziening. Roemenië beweerde dat het zich — met het oog op de veiligheid en de toereikendheid van het nationale energiesysteem — niet kon veroorloven om eerder dan in het herziene herstructureringsplan was voorzien meer bruinkoolcapaciteit te sluiten, hetgeen werd gestaafd door een analyse van Transelectrica (zie overweging 14). Het land benadrukte hoe moeilijk en complex de herstructurering is voor een producent die alle elektriciteit met een enkele brandstof opwekt en die de bruinkoolcentrales versneld moet uitfaseren, daarbij aanzienlijke herstructureringskosten maakt en zwaar wordt getroffen door de snel stijgende CO2-kosten en eraan gebonden is de productiecapaciteit op peil te houden om de leveringszekerheid van het nationale net te waarborgen. Roemenië voegde daaraan toe dat de vervanging van de capaciteit van CE Oltenia door ingevoerde energie Roemenië aan een hoog risico zou blootstellen, aangezien de naburige lidstaten voornamelijk energie-invoerende landen zijn (overweging 17).
(62) Roemenië heeft in juni 2021 nog een analyse ingediend, naast de eerder ingediende analyse die in mei 2021 door Transelectrica werd verricht, waarin het de volgende zaken benadrukte:
-
gelet op de onzekerheid over de investeringen in de nieuwe elektriciteitscentrales in Roemenië, de extreem lage correlatie tussen de stroomproductie van windturbines en het verbruik in Roemenië en de regionale situatie waarin sprake is van elektriciteitsinvoer, was het, om de nationale maar ook regionale energiezekerheid op een aanvaardbaar niveau te houden, nodig om in 2021-2025 en met het oog op de periode tot 2030 ten minste 1 500 MW in de bestaande bruinkoolcentrales van CE Oltenia in bedrijf te houden. De buitengebruikstelling van deze bruinkoolcentrales zou een gelijktijdige toename van het geïnstalleerde vermogen van de aardgascentrales vereisen;
-
door de inbedrijfstelling van twee gecombineerde stoom- en gasturbines (STEG’s), een in Ișalnița (850 MW) en een in Turceni (475 MW), zou de beschikbaarheid van elektriciteit in het gehele energiesysteem stijgen met ongeveer 4,4 TWh/jaar, waardoor het energietekort kleiner en makkelijke beheersbaar zou worden, met inbegrip van het tijdpad voor de geplande sluiting van reactor 1 van de Cernavoda-kerncentrale.
4.2. Reactie op de opmerkingen van derden
(63) In reactie op de opmerkingen van het EEB dat de bilaterale contracten van CE Oltenia met andere overheidsbedrijven niet voldeden aan het beginsel van de particuliere investeerder in een markteconomie, merkte Roemenië op dat de contracten van CE Oltenia worden gesloten op platforms van Opcom en bijgevolg marktconform zijn.
(64) Roemenië heeft verduidelijkt dat in het herziene herstructureringsplan een betere raming van de totale kosten van de CO2-emissierechten zou worden opgenomen, waarin rekening wordt gehouden met de meest recente marktwaarden. Met betrekking tot de opmerking van Greenpeace dat de totale emissie zou toenemen, merkte Roemenië bovendien op dat de jaarlijkse CO2-emissies in het herziene herstructureringsplan, dat het later zou indienen, zouden dalen van 8,6 Mt in 2021 tot 2,6 Mt in 2027.
(65) In reactie op de opmerkingen van Bankwatch en ClientEarth over de afschaffing van de bruinkoolproductie merkte Roemenië op dat CE Oltenia energie-efficiëntiemaatregelen ten uitvoer zou leggen door bruinkoolinstallaties te vervangen door nieuwe installaties die werken op gas en hernieuwbare energie.
4.3. Herzien herstructureringsplan van 24 juni 2021
(66) Op 24 juni 2021 heeft Roemenië bij de Commissie een herzien herstructureringsplan ingediend; vervolgens heeft Roemenië dat plan bijgewerkt en aanvullende informatie verstrekt.
(67) Het herziene herstructureringsplan is gebaseerd op het decarbonisatieplan, waarbij Roemenië ernaar streeft bruinkool voor de elektriciteitsproductie te vervangen door aardgas en hernieuwbare energiebronnen (zonne-energie en waterkracht), die goedkoper zijn in termen van CO2-emissierechten. De herstructureringsperiode van het herziene herstructureringsplan loopt van begin 2021 tot eind 2026. Het plan omvat verschillende operationele maatregelen die tijdens de herstructureringsperiode moeten worden uitgevoerd; CE Oltenia is daar in januari 2021 mee begonnen.
4.3.1. Beschrijving van de operationele herstructureringsmaatregelen
(68) Het herziene herstructureringsplan omvat technische en technologische maatregelen, organisatorische en beheersmaatregelen, milieubeschermings- en financiële maatregelen.
(69) De eerste pijler behelst technische en technologische maatregelen met als doel de energiemix van Roemenië te diversifiëren door bruinkoolcentrales te vervangen door zonneparken en gascentrales.
(70) Een van de maatregelen in het kader van de eerste pijler is het sluiten of als reserve aanhouden van de huidige energie-installaties en mijnen. Het plan voorziet in de uitfasering van de elektriciteitsopwekking met bruinkool in drie fasen tegen […]. In de eerste uitfaseringsperiode, […] wordt de capaciteit teruggebracht van […] MW tot […] MW. In de tweede fase vanaf […] zou de capaciteit verder worden verminderd tot […]. In de periode […].
(71) Het geraamde tijdschema voor de inbedrijfstelling van de nieuwe productiecapaciteit voorziet in de inbedrijfstelling van acht zonneparken tegen 2024, van een kleine waterkrachtcentrale tegen 2023 en van de twee aardgasgestookte centrales met gecombineerde cyclus tegen medio 2026. In 2023 zou de geïnstalleerde capaciteit van de geplande, minder vervuilende nieuwe productie-installaties slechts 0,6 % uitmaken van de totale geïnstalleerde capaciteit van CE Oltenia, en geheel voor rekening komen van de waterkrachtcentrale. In 2026 zou de totale productie van de nieuwe installaties uitkomen op 56 %, waarvan 36 % afkomstig van de gasinstallaties, 20 % van de zonneparken en 0,4 % van de waterkrachtcentrale.
(72) De totale geïnstalleerde nieuwe productiecapaciteit zou ongeveer 2 060 MW bedragen, waarvan 1 325 MW gas, 735 MW zonne-energie en 9,9 MW waterkracht. De netto beschikbare capaciteit zou, uitgaande van een gemiddelde benuttingsgraad van de zonneparken van […] %, […] MW bedragen, waarvan […] MW op basis van gas en […] MW zonne-energie. In het SPV-scenario (zie overweging 110 e.v.), met een deelname van CE Oltenia in de orde van grootte van […] %, zal een netto beschikbare capaciteit van ongeveer […] MW openstaan voor marktdeelnemers. De netto beschikbare capaciteit van CE Oltenia zal dus afnemen van […] MW tot ongeveer […] MW. Tabel 2 toont het tijdpad voor de sluiting van de bestaande installaties en de inbedrijfstelling van de nieuwe centrales.
Tabel 2
Tijdpad voor de sluiting/aanhouding als reserve van de bestaande capaciteit en voor de inbedrijfstelling van de nieuwe capaciteit
Bron: Herstructureringsplan van 24 juni 2021.
NB: Bestaande capaciteit in MW in overweging 9; de grijze kleur geeft de gereserveerde capaciteit aan overeenkomstig overweging 70.
(73) Tegen […] zullen alle bruinkoolgestookte centrales van CE Oltenia ofwel definitief worden gesloten, ofwel in stand-bystand worden aangehouden waarbij de reguliere levering wordt stopgezet. Dit tijdpad is versneld ten opzichte van het oorspronkelijke herstructureringsplan, volgens hetwelk […] energie-installaties naar verwachting tot […] in bedrijf zouden blijven. Wat de mijnen betreft, […]. Dit betekent een versneld tijdpad ten opzichte van het oorspronkelijke herstructureringsplan, uit hoofde waarvan pas tegen […] […] mijnen zouden worden gesloten.
(74) Daarnaast zal het herstructureringsplan gedeeltelijk bijdragen tot het bereiken van de mijlpalen van het Roemeense herstel- en veerkrachtplan inzake buitengebruikstelling(43). De buitengebruikstelling van capaciteiten voor 2023-2025 dient ter illustratie en laat de mate van gedetailleerdheid of inhoud die het herstel- en veerkrachtplan vereist, onverlet, en mag niet worden uitgelegd als een wijziging van de in dat plan vastgestelde mijlpalen en streefdoelen, noch worden opgevat als een bevestiging dat de mijlpalen worden gewijzigd of bereikt(44).
(75) De tweede pijler van het plan heeft betrekking op organisatorische en beheersmaatregelen, waaronder de inkrimping en herschikking van het personeelsbestand. De sluiting van productiefaciliteiten in de periode 2021-2026 zou gepaard gaan met zowel ontslagen als herverdeling van werknemers. CE Oltenia had eind 2020 […] werknemers in dienst; dat aantal zal naar verwachting geleidelijk afnemen met […] % (tegen […] % in het oorspronkelijke herstructureringsplan), tot […] in 2026. De twee belangrijkste maatregelen om het personeelsbestand in te krimpen, zijn ontslagen als gevolg van sluitingen van locaties (het aantal ontslagen werknemers tussen 2021 en 2026 zou […] bedragen) en vervroegde pensionering. Voor de exploitatie van de nieuwe zonne- en gasinstallaties zijn naar schatting […] werknemers nodig, die zullen worden geworven uit het huidige personeel van CE Oltenia. Daarom, […].
(76) De derde pijler van het plan omvat milieubeschermingsmaatregelen. Die zijn met name bedoeld om te voldoen aan de jaarlijkse verplichtingen inzake CO2-emissies(45). Bovendien zou de diversificatie van de energiemix een positief effect hebben op de hoogte van de CO2-emissies van de elektriciteitsproductie, aangezien aardgascentrales (en zeker zonne-installaties) minder uitstoot genereren dan bruinkoolcentrales, zodat de CO2-emissies vanaf 2026 onder het niveau van aan het begin van de herstructureringsperiode zullen uitkomen.
(77) Bovendien is CE Oltenia voornemens tijdens de herstructureringsperiode de volgende investeringen te doen in milieubescherming: i) werkzaamheden om de neerslag van slakken en as te verhogen, en ii) werkzaamheden om de uitstoot van NOx, SO2 en stof uit rookgassen te verminderen tot de in het interne recht vastgestelde grenswaarden.
(78) De vierde pijler van het plan omvat financiële maatregelen, waaronder met name de kosten van bankleningen en de kosten in verband met de oprichting van SPV’s. De financieringskosten (provisies en rente) van de bestaande leningen voor de periode 2021-2026 zouden […] EUR bedragen. In 2022-2025 zouden de uitgaven aan rente en provisies in verband met de aangegane leningen toenemen ten opzichte van het oorspronkelijke herstructureringsplan, en wel als gevolg van hogere rentetarieven op leningen uit het verleden. De herstructureringskosten omvatten ook ongeveer […] EUR aan rente in verband met de nieuwe leningen die tijdens de herstructureringsperiode zouden worden afgelost. Een andere kostencategorie in het kader van de financiële maatregelen betreft de oprichting van SPV’s en omvat kosten voor het uitvoeren van haalbaarheidsstudies, het verkrijgen van stedenbouwkundige certificaten, milieuvergunningen en goedkeuringen voor technische aansluitingen.
4.3.2. Financiering van het herstructureringsplan
4.3.2.1. Herstructureringskosten
(79) Roemenië merkt op dat de herstructureringskosten in verband met de uitvoering van de herstructureringsmaatregelen en de geraamde kosten voor de herstructureringsperiode 2021-2026 zouden uitkomen op 3,94 miljard UR, inclusief de bijdrage van de investeerder. Hiervan houdt ongeveer 1,52 miljard EUR verband met de aanleg van zonneparken, aardgasgestookte centrales met gecombineerde cyclus en het herstel en de modernisering van de kleine waterkrachtcentrale; ongeveer 48 miljoen EUR met de sluiting/het behoud van bruinkoolgestookte productiecapaciteit; ongeveer 210 miljoen EUR met investeringen in vlottende activa (bijvoorbeeld in de renovatie van oude apparatuur); nog eens ongeveer 67 miljoen EUR met organisatorische en beheersmaatregelen (waarvan het grootste deel bestemd is voor de reorganisatie van het personeelsbestand); ongeveer 1,77 miljard EUR voor de aankoop van CO2-emissierechten; ongeveer 60 miljoen EUR voor financiële maatregelen (voornamelijk leningen), en ongeveer 259 miljoen EUR aan liquiditeit die nodig is om de minimale lopende uitgaven te dekken ter ondersteuning van de activiteiten van de onderneming.
4.3.2.2. Financieringsbronnen van de herstructureringsmaatregelen
a) Overheidsfinanciering
(80) De Roemeense staat zou de herstructurering van CE Oltenia ondersteunen met maximaal circa 1,76 miljard EUR in de vorm van een subsidie van 1,09 miljard EUR, een staatsgarantie voor een lening van 195,8 miljoen EUR, een kapitaalinjectie in RON van omgerekend 226 miljoen EUR en de omzetting van de reddingslening in een subsidie ten belope van ongeveer 251 miljoen EUR (zie overweging 27). Volgens de planning zal nog eens 895,3 miljoen EUR aan steun uit het moderniseringsfonds worden uitbetaald(46), op voorwaarde dat Roemenië de desbetreffende investeringsvoorstellen indient en de Europese Investeringsbank of het investeringscomité van het moderniseringsfonds, naargelang van het geval, die voorstellen bekrachtigt. Het totale geplande bedrag aan herstructureringssteun voor CE Oltenia zou aldus uitkomen op 2,6581 miljard EUR, waarvan 492 miljoen EUR reeds is toegekend (namelijk 251 miljoen EUR aan reddingssteun en een subsidie van 241 miljoen EUR die deel uitmaakt van de subsidie van 1,09 miljard EUR, zie overweging 28).
(81) In het moderniseringsfonds wordt een onderscheid gemaakt tussen prioritaire en niet-prioritaire investeringen. In het geval van prioritaire investeringen kan tot 100 % van de waarde van de betrokken kosten worden gefinancierd uit het moderniseringsfonds, met inachtneming van de toepasselijke staatssteunregels; voor niet-prioritaire investeringen geldt een percentage van maximaal 70 %, met inachtneming van de toepasselijke staatssteunregels en op voorwaarde dat de resterende kosten worden gefinancierd met particuliere middelen. Onder voorbehoud van bevestiging van de status van de investeringen (als prioritair dan wel niet-prioritair) door de Europese Investeringsbank op basis van officiële verklaringen, worden de investeringen in de twee aardgasgestookte centrales met gecombineerde cyclus, van 850 MW in Ișalnița en van 475 MW in Turceni, beschouwd als niet-prioritaire investeringen en worden de investeringen in de acht zonneparken mogelijk als prioritaire investeringen beschouwd.
(82) Om tot een passende vergoeding van de herstructureringssteun te komen en de vergoeding voor de staatssteun te verhogen, hebben de Roemeense autoriteiten zich ertoe verbonden tegen het einde van de herstructureringsperiode in 2026 voldoende aandelen van de Roemeense staat in CE Oltenia af te stoten. De aandelen zullen worden afgestoten via een openbare aanbieding van aandelen, volgens een opzet die de staat een zo hoog mogelijke vergoeding moet opleveren. Het uiteindelijke aantal te verkopen aandelen wordt bepaald bij de aanvang van het verkoopproces, rekening houdend met de structuur van de toekomstige SPV’s en de verlaging en de verhoging van het aandelenkapitaal. De staat moet voldoende aandelen afstoten om ervoor te zorgen dat zijn bijdrage aan het herstructureringsplan wordt vergoed, wat inhoudt dat hij niet minder dan 20 % van de eigendomsrechten van de hand moet doen.
(83) Wat betreft de toezegging om de deelneming van de Roemeense staat in CE Oltenia te verminderen (overweging 82), heeft Roemenië nader toegelicht dat een overheidsbesluit tot goedkeuring van de privatiseringsstrategie voor de verkoop van aandelen van de Roemeense staat in CE Oltenia de rechtsgrondslag zou vormen voor het verkoopproces. Zodra dat besluit is vastgesteld wordt er een consultant geselecteerd om de specifieke stappen van dit proces — dat in 2024 van start gaat en uiterlijk eind 2026 moet zijn afgerond — uit te voeren.
(84) Roemenië heeft een door PricewaterhouseCoopers (PwC) opgestelde waarderingsanalyse verstrekt voor de raming van de marktwaarde van het belang van 20 % in het aandelenkapitaal van CE Oltenia dat de staat tegen eind 2026 moet afstoten. De waardering is gebaseerd op de inkomstenbenadering (de methode van de contante waarde), aangezien daarin rekening wordt gehouden met de specifieke verwachte operationele kenmerken van de activiteiten van CE Oltenia na de uitvoering van het herstructureringsplan. Op basis van de waarderingsanalyse werd de indicatieve marktwaarde van de deelneming van 20 % in het aandelenkapitaal van CE Oltenia per 31 december 2026 geraamd op […] EUR in het basisscenario […], of op […] EUR in het alternatieve scenario (het niet-eeuwigdurende scenario waarin de kasstromen voor de gehele exploitatieperiode van 30 jaar werden geraamd). De waarde van deze deelneming zou, eenmaal afgestoten, een vergoeding achteraf van de staat vormen ter ondersteuning van CE Oltenia.
b) Eigen bijdrage
(85) Roemenië heeft toegelicht uit welke bronnen de eigen bijdrage van CE Oltenia aan de herstructureringskosten, ten belope van maximaal 1,98 miljard EUR, afkomstig zal zijn: 1,275 miljard EUR uit de verkoop van elektriciteit op de Opcom-markt en via andere bestaande kanalen (waarvan 315 miljoen EUR op basis van contracten met een looptijd van meer dan een jaar), maximaal 350 miljoen EUR uit bankleningen, 250 miljoen EUR aan deelnemingen van investeerders in de SPV’s en 104 miljoen EUR als bijdrage in natura van CE Oltenia aan de SPV’s.
Verkoop van elektriciteit
(86) Het grootste deel van de eigen bijdrage van Roemenië is afkomstig van de verkoop van elektriciteit in binnenlandse marktsegmenten die worden beheerd door de marktbeheerder (Opcom) of de transmissiesysteembeheerder (Transelectrica): de day-ahead- en intradaymarkt, concurrerende aanbestedingen/contracten, gereguleerde of balanceringsmarkten.
(87) Roemenië beschouwt 1,275 miljard EUR aan opbrengsten uit de verkoop van elektriciteit in de periode 2021-2025 als onderdeel van de eigen bijdrage, waarvan 574 miljoen EUR reeds is ontvangen uit de elektriciteitsverkoop in 2021.
(88) Daarnaast heeft CE Oltenia onderhandeld over elektriciteitscontracten met een beoogde waarde van […] EUR. Hoewel er medio juni 2021 verschillende conditielijsten met betrekking tot potentiële elektriciteitscontracten waren ondertekend, zijn er geen elektriciteitscontracten gesloten. Aangezien de beoogde sluiting van elektriciteitscontracten niet heeft plaatsgevonden, onder meer omdat deze contracten momenteel niet zijn toegestaan uit hoofde van het Roemeense recht, maken dergelijke contracten geen deel uit van de eigen bijdrage van Roemenië.
Verkoop van niet-kernactiva
(89) Het oorspronkelijke herstructureringsplan voorzag in de verkoop van niet-kernactiva, die naar verwachting een eigen bijdrage van 2 miljoen EUR zou opleveren. De procedure voor de verkoop van deze activa is echter nog niet in gang gezet en in het herziene herstructureringsplan is een dergelijke verkoop niet opgenomen als een bron van eigen bijdrage.
Deelname van partners aan SPV’s
(90) In het herziene herstructureringsplan is voorts de oprichting van SPV’s, om samen met andere exploitanten te investeren in nieuwe gas- en zonne-installaties, aangemerkt als eigen bijdrage (zie overweging 110 e.v.). De totale bijdrage van investeerders in het aandelenkapitaal van […] SPV’s bedraagt ongeveer […] EUR, en samen met de totale door investeerders te financieren kapitaaluitgaven van […] EUR komt dat neer op een totale kapitaalinbreng van investeerders van ongeveer […] EUR. De bijdrage van de investeerders aan de kosten in verband met nieuwe energiecentrales zou worden aangevuld met financiering uit het moderniseringsfonds, op voorwaarde dat Roemenië de desbetreffende investeringsvoorstellen indient en dat de Europese Investeringsbank of het investeringscomité van het moderniseringsfonds, naargelang van het geval, de banken en CE Oltenia die voorstellen bekrachtigen.
Bijdrage in natura van CE Oltenia aan SPV’s
(91) CE Oltenia zou een inbreng in natura in het aandelenkapitaal van de SPV’s doen ter waarde van in totaal ongeveer 104 miljoen EUR aan materiële en immateriële activa in de vorm van grond, bestaande aansluitingen op elektriciteits- en gasnetwerken, haalbaarheids- en oplossingsgerichte studies die leiden tot de aansluiting op het net, op bestaande nutsvoorzieningen, op logistieke faciliteiten en meer. Dit bedrag vloeit voort uit een evaluatie door PwC en werd door de (geselecteerde) investeerders in de SPV-projecten bevestigd en aanvaard als een reële waarde van de bijdrage van CE Oltenia.
Bankleningen
(92) De financiering van de STEG-projecten in Ișalnița en Turceni zal worden verhoogd met […], waarbij de […] zullen optreden als gezamenlijke leiders van een consortium voor een totaalbedrag van […] EUR(47). De financiering van de aanleg en exploitatie van acht zonneparken zal worden bijeengebracht door een consortium onder leiding van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling, die bij vijf commerciële banken rente heeft geïnd op de gesyndiceerde lening ten belope van […] EUR(48). Wat betreft de bankfinanciering van zowel de STEG- als de zonneprojecten, zijn er nog geen kredietovereenkomsten ondertekend, en de banken hebben hun belangstelling tot dusver laten blijken door de indicatieve contractvoorwaarden te ondertekenen(49). In deze door de leiders van het consortium ondertekende contractvoorwaarden en de blijken van belangstelling van andere banken om aan de consortia deel te nemen, wordt gepreciseerd dat de verstrekking van bancaire financiering afhankelijk moet worden gesteld van de goedkeuring van het herstructureringsplan van CE Oltenia door de Commissie. Roemenië heeft de Commissie meegedeeld dat CE Oltenia voornemens is bankleningen op te nemen ten bedrage van maximaal […] EUR, hoewel de banken belangstelling hebben getoond om de STEG- en zonneprojecten te financieren tegen een hoger bedrag ([…] EUR).
4.3.2.3. Lastenverdeling en bijdrage van Fondul Proprietatea
(93) De bijdrage van de minderheidsaandeelhouder Fondul Proprietatea (overweging 7) aan de herstructurering van CE Oltenia zou worden verwezenlijkt via een gedeeltelijke absorptie van overgedragen verliezen door middel van een kapitaalverlaging. Het overgedragen verlies bedroeg op 31 december 2020 ongeveer 345 miljoen EUR (1,71 miljard RON); dit verlies zal tot ongeveer 100 miljoen EUR (493 miljoen RON) worden teruggebracht door de reddingssteun ten bedrage van 1,217 miljard RON (ongeveer 251 miljoen EUR) van een lening om te zetten in een subsidie. Alle aandeelhouders zullen het boekverlies, dat een gecumuleerd overgedragen verlies is, evenredig dekken door middel van een verlaging van het aandelenkapitaal.
(94) Na de verlaging van het aandelenkapitaal zou dat kapitaal worden verhoogd met ongeveer […] EUR, waardoor de deelneming van Fondul Proprietatea in CE Oltenia zou verwateren van […] % tot ongeveer […] %. Op 21 december 2021 hebben CE Oltenia, Fondul Proprietatea en het Ministerie van Energie hiertoe een memorandum van overeenstemming ondertekend om ervoor te zorgen dat Fondul Proprietatea voor een dergelijke verhoging stemt, aangezien de oprichtingsdocumenten van CE Oltenia een meerderheid van 90 % van de stemmen van de aandeelhouders vereisen om het aandelenkapitaal te kunnen verhogen.
4.3.3. Financiële prognoses
(95) De looptijd van het herziene herstructureringsplan wordt verlengd van vijf naar zes jaar om rekening te houden met het tijdpad van de uitfasering van de bruinkoolgestookte installaties en de datum van inbedrijfstelling van de gasopwekkingscapaciteit. Hoewel het herstructureringsplan betrekking heeft op de periode van begin 2021 tot eind 2026, lopen de financiële prognoses van CE Oltenia tot 2030.
Tabel 3 Geselecteerde financiële gegevens uit het herziene herstructureringsplan voor de periode 2021-2026 met een vooruitblik tot 2028
Herstructureringsperiode
Periode na de herstructurering(*)
2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028
(in miljoen EUR)
Exploitatieopbrengsten […] […] […] […] […] […] […] […] Bedrijfskosten […] […] […] […] […] […] […] […] Ebitda […] […] […] […] […] […] […] […] Nettoresultaat […] […] […] […] […] […] […] […] Totaal eigen vermogen […] […] […] […] […] […] […] […]
Rendement van het eigen vermogen […] % […] % […] % […] % […] % […] % […] % […] % Rendement op geïnvesteerd vermogen […] % […] % […] % […] % […] % […] % […] % […] %
(96) De verkoop van elektriciteit is de belangrijkste inkomstenbron van CE Oltenia en was in eerdere jaren (2017-2020) goed voor ongeveer 85 % van haar totale exploitatieopbrengsten. Die opbrengsten worden geschat op basis van veronderstellingen voor: het geïnstalleerd vermogen, het aantal bedrijfsuren gedeeld door de gemiddelde bezettingsgraad, het stroomverbruik van de apparatuur van de onderneming, en de hoeveelheid verkochte elektriciteit en de gemiddelde verkoopprijs per marktsegment.
(97) De productie van elektriciteit met behulp van de geïnstalleerde bruinkoolcapaciteit zal volgens de raming dalen van […] in 2021 tot […] in 2025 en tot […] in 2026, terwijl de productie van de kleine waterkrachtcentrale en de zonneparken in totaal ongeveer […] zal bedragen vanaf […], en de stroomproductie van de gascentrales, die medio 2026 in bedrijf worden genomen, wordt voor eind 2026 op […] geraamd. Na de herstructureringsperiode (vanaf 2027) zal de elektriciteitsproductie door deze bronnen (in plaats van bruinkool) uitkomen op […].
(98) Aan het einde van de herstructureringsperiode in 2026 zal de elektriciteitsverkoop per productiebron slechts […] bedragen, verdeeld over: […] uit bruinkool, […] uit hernieuwbare energiebronnen en […] uit gasinstallaties. […] is een uitzonderlijk jaar voor CE Oltenia omdat […], maar tegelijkertijd de gascentrales in […] in bedrijf zullen worden gesteld. Daarom zal […] het eerste jaar zijn waarin geen bruinkool wordt geproduceerd en de gasinstallaties en hernieuwbare-energie-installaties op volle capaciteit zullen draaien. De totale productie zal in […] uitkomen op […], tegenover […] in […], en de exploitatieopbrengsten zullen stijgen tot […] EUR in […], afgezet tegen […] EUR in […].
(99) De opbrengsten per marktsegment in 2021 omvatten de verkoop op de Opcom-markt (61 %) en de verkoop op de day-aheadmarkt (34 %), gevolgd door de balanceringsmarkt (5 %). In 2024, wanneer de eerste opbrengsten uit hernieuwbare energiebronnen zullen worden gerealiseerd, zal de verkoop op de Opcom-markt met 6 % dalen. Die daling zal worden gecompenseerd door een stijging op de day-ahead-piekmarkt (waar de met de zonneparken geproduceerde elektriciteit wordt geacht te worden verhandeld), waar de elektriciteitsprijs tussen […] % en […] % hoger ligt dan de gemiddelde jaarprijs. Daarnaast verwacht CE Oltenia dat de gemiddelde elektriciteitsprijs in 2026 zal stijgen met […] % ten opzichte van 2021.
(100) Uit tabel 3 blijkt dat de bedrijfskosten naar verwachting tot en met 2025 hoger zullen liggen dan de opbrengsten ervan, voornamelijk als gevolg van de hogere prijs van CO2-emissierechten. Het herziene herstructureringsplan werd in juni 2021 opgesteld met als aanname dat de gemiddelde prijs van CO2-emissierechten in 2021 zou uitkomen op 44 EUR/ton en in 2026 op 63 EUR/ton. De kosten van CO2-emissierechten maken in 2021 37 % uit van alle bedrijfskosten van CE Oltenia. Deze waarden van de langetermijnprognose voor vijf jaar moeten worden afgezet tegen de gemiddelde prijs van de CO2-emissierechten in de vijfjarige periode 2017-2021 (27,05 EUR/ton).
(101) Op 21 december 2021 heeft Roemenië een gevoeligheidsanalyse ingediend, waarin rekening is gehouden met de stijging van de elektriciteitsprijzen in de eerdere maanden van 2021 en met de verdere stijging van de kosten van de CO2-emissierechten, waarbij voor de emissierechten een gemiddelde prijs van 80 EUR/ton werd gebruikt. Als gevolg hiervan stegen de kosten voor de naleving van het EU-emissiehandelssysteem tot […] EUR voor de periode 2021-2026 ten opzichte van […] EUR voor dezelfde periode in het herstructureringsplan van juni 2021.
(102) Volgens Roemenië, en zoals voorts blijkt uit de gevoeligheidsanalyse, zal de sterke stijging van de kosten van CO2-emissierechten in de laatste maanden van 2021 gedeeltelijk worden gecompenseerd door een stijging van het steunbedrag en vooral door een sterke stijging van de elektriciteitsprijzen, die tot hogere opbrengsten leidt. Roemenië benadrukte dat 75 % van de totale gecontracteerde opbrengsten voor de periode 2021-2025 gebaseerd is op variabele prijzen, wat betekent dat CE Oltenia bij een verdere stijging van de CO2-emissiekosten de contractueel vastgelegde elektriciteitsprijs naar boven kan bijstellen. Slechts 25 % van de totale opbrengsten uit de verkoop van elektriciteit houdt verband met contracten met een vaste prijs. De meeste contracten lopen uiterlijk in juni 2022 af, zodat CE Oltenia tijdens de herstructureringsperiode haar leveringen nog flexibeler kan beheren en rekening kan houden met gewijzigde productiekosten.
(103) De personeelskosten, die een aanzienlijk deel vormen van de bedrijfskosten, zouden dalen van […] EUR in 2021 tot […] EUR in 2026. Deze geleidelijke daling van de personeelskosten sluit aan op de toezegging van CE Oltenia om haar personeelsbestand tegen eind 2026 met […] % in te krimpen. Vanaf 2026 zullen de totale jaarlijkse bedrijfskosten van de onderneming dalen omdat er minder CO2-emissierechten hoeven te worden aangekocht, aangezien de elektriciteitsproductie uit fossiele brandstoffen zal worden vervangen door hernieuwbare installaties en gasinstallaties, die minder koolstofintensief zijn dan bruinkool (overweging 76).
(104) Uit tabel 3 blijkt dat de onderneming tot 2025 een negatieve ebitda (winst vóór interest, belastingen, afschrijvingen en amortisatie) zal realiseren, evenwel bij positieve nettoresultaten (met uitzondering van 2022). Vanaf 2026, wanneer de bruinkoolcapaciteit naar verwachting zal zijn uitgefaseerd, zal CE Oltenia een positieve ebitda en een positieve kasstroom realiseren. Volgens de gevoeligheidsanalyse van december 2021 zullen het nettoresultaat en de ebitda vanaf 2026 positief zijn.
(105) Bovendien verwacht CE Oltenia tegen het einde van de herstructureringsperiode in 2026 een rendement van het eigen vermogen in de orde van grootte van […] % te bereiken voor 2025 en 2026, dat in de periode na de herstructurering verder zou stijgen wanneer de begunstigde niet langer met hoge CO2-emissiekosten te maken zal hebben. Deze rendementen liggen ruim boven de eigenvermogenskosten van CE Oltenia, die […] % bedragen(50). Het rendement op geïnvesteerd vermogen zal in 2026 […] % bedragen. De verhouding tussen schuld en eigen vermogen en tussen de ebitda en de rentedekking zouden tegen 2026 respectievelijk […] en […] bedragen.
(106) Daarnaast hebben de Roemeense autoriteiten prognoses verstrekt volgens een pessimistisch scenario op basis van ongunstigere aannames: i) een daling van de elektriciteitsprijzen met 5 %; ii) een stijging van de inkoopkosten voor gas met 5 %, en iii) een stijging van de kosten van de CO2-emissierechten met 5 %. Deze prognoses zouden eind 2026 leiden tot positieve waarden voor de netto-opbrengsten, het rendement van het eigen vermogen en de ebitda. De verhouding tussen de schulden en het eigen vermogen zou […] bedragen en de verhouding tussen de ebitda en de rentedekking zou uitkomen op […].
4.3.4. Maatregelen om verstoringen van de mededinging te beperken
(107) Roemenië stelt de volgende maatregelen voor om verstoringen van de mededinging door CE Oltenia te beperken: i) de sluiting van bruinkoolcentrales en bruinkoolmijnen (overweging 70) en de oprichting van de “bruinkooldochteronderneming” (overweging 108); ii) de oprichting van SPV’s voor nieuwe investeringen (overwegingen 110 tot en met 113), en iii) de afsplitsing van de centrale in Craiova (overwegingen 116 en 117).
Uitfasering van bruinkool
(108) Het herstructureringsplan omvat de geleidelijke afschaffing van bruinkool door de sluiting van de bruinkoolcentrales en -mijnen (zie de overwegingen 70 tot en met 73). Hoewel Roemenië de sluiting van de bruinkoolcentrales samen met de overeenkomstige sluiting van bruinkoolmijnen heeft voorgesteld als maatregel om de verstoringen van de mededinging te beperken, erkent het tegelijkertijd, op basis van de nieuwe aannames voor de prijs van CO2-emissierechten, dat geen van de bestaande door CE Oltenia geëxploiteerde installaties levensvatbaar is.
(109) In verband met de uitfasering van bruinkool hebben de Roemeense autoriteiten toegezegd een afzonderlijke dochteronderneming van CE Oltenia (“de bruinkooldochteronderneming”) op te richten, waarin de bestaande bruinkoolcentrales en aanverwante activa van CE Oltenia en de exploitatie ervan zullen worden ondergebracht die buiten de transitie naar gas of hernieuwbare energiebronnen vallen. De rekeningen van de bruinkooldochteronderneming zullen duidelijk worden gescheiden van de rekeningen van CE Oltenia. De bruinkoolcapaciteit moet geleidelijk worden verminderd en uiteindelijk afgeschaft overeenkomstig het nationale tijdpad voor de uitfasering van bruinkool. De Roemeense autoriteiten hebben zich er voorts toe verbonden de oprichting van de bruinkooldochteronderneming in gang te zetten na de goedkeuring van het herstructureringsplan van CE Oltenia door de Commissie en vóór het einde van de herstructureringsperiode te voltooien volgens het volgende indicatieve tijdschema: besluit om de oprichting van de bruinkooldochteronderneming in gang te zetten tegen februari of maart 2023, opzetten van die onderneming tegen maart of april 2023, lancering ervan tegen september of oktober 2023. Hoe dan ook hebben de Roemeense autoriteiten zich ertoe verbonden de bruinkooldochteronderneming vóór het einde van de herstructureringsperiode, d.w.z. vóór eind 2026, op te richten. Bij die oprichting zal rekening worden gehouden met de wisselwerking met andere maatregelen van het herstructureringsplan, zoals de kapitaaloperaties (verhoging/verlaging van het aandelenkapitaal, de afsplitsing van Craiova II) of de oprichting van SPV’s voor de nieuwe investeringen.
SPV’s voor nieuwe investeringen
(110) In het kader van het herstructureringsplan zullen SPV’s worden opgezet voor twee nieuwe elektriciteitscentrales op basis van gas en acht zonneparken (één SPV per project). Roemenië stelt dat de oprichting van de SPV’s de mededinging versterkt door de oprichting van nieuwe concurrenten mogelijk te maken.
(111) Roemenië heeft een marktraadpleging gehouden (waarvan de bindende fase in oktober 2021 van start is gegaan) met als doel mede-investeerders in SPV’s voor nieuwe projecten op basis van gas en hernieuwbare energie te vinden. Op de laatste dag, 6 december 2021, werden drie bindende biedingen ontvangen, van Tinmar Energy SA (“Tinmar Energy”), OMV Petrom SA (“OMV Petrom”) en Electrica. Na beoordeling van de offertes werden Tinmar Energy en OMV Petrom geselecteerd en werden negen van de tien SPV-projecten gegund. Er is geen offerte ontvangen voor de STEG in Ișalnița.
(112) Tinmar Energy is een in Roemenië gevestigde particuliere leverancier van elektriciteit, aardgas en olieproducten. Zij bezit 13 zonneparken met een geïnstalleerde capaciteit van 75 MW en is van plan haar portefeuille verder uit te breiden. OMV Petrom is een geïntegreerd olie-, gas- en chemiebedrijf dat onderdeel is van de in Oostenrijk gevestigde OMV-groep en een van de grootste bedrijven in Roemenië is, en is internationaal actief. De onderneming bezit en exploiteert 860 MW aan STEG-capaciteit en is voornemens te investeren in 1 GW aan hernieuwbare energie.
(113) Aan OMV Petrom zijn vier zonne-energieprojecten gegund (Ișalnița, Tismana Rosia Rovinari, Tismana 1 TPP Rovinari en Rovinari Est) en de onderneming zal 50 % bijdragen aan het aandelenkapitaal van de respectieve SPV’s, terwijl CE Oltenia de resterende 50 % voor haar rekening zal nemen. Tinmar Energy SA is geselecteerd voor een aardgasproject (STEG Turceni) en voor vier zonne-energieprojecten (Rovinari, SE Turceni, Pinoasa SE Rovinari en Bohorelu SE Rovinari) en zal 55 % van het aandelenkapitaal van de respectieve SPV’s voor haar rekening nemen (terwijl CE Oltenia de resterende 45 % zal bijdragen).
(114) De investeerders leveren een bijdrage van ongeveer […] EUR aan het aandelenkapitaal van negen SPV’s. De participatiegraad van de investeerders in het aandelenkapitaal van de SPV’s zal variëren van 50 % tot 55 %. Samen met de totale door de investeerders te financieren kapitaaluitgaven van […] EUR zou de totale kapitaalinbreng van de investeerders voor de negen SPV’s uitkomen op […] EUR.
(115) Hoewel er geen bieding is ontvangen voor de STEG in Ișalnița, voornamelijk vanwege de onzekerheid over de potentiële financiering ervan uit het moderniseringsfonds, toonden verschillende inschrijvers grote belangstelling en gaf Roemenië aan dat de inschrijvingsprocedure voor dit project opnieuw zou worden opgestart. Roemenië verwacht dat het project financiële steun zal ontvangen uit het moderniseringsfonds en is van plan de inschrijvingsprocedure te hervatten. De totale investeringskosten bedragen […] EUR, waarvan de financiering uit het moderniseringsfonds naar verwachting 50 % van de totale kosten ([…] EUR) zal uitmaken, op voorwaarde dat Roemenië daartoe een of meer investeringsvoorstellen indient en het investeringscomité van het moderniseringsfonds die vervolgens bekrachtigt. Indien een particuliere investeerder bereid is te investeren in het STEG-project in Ișalnița, zou dat naar verwachting een extra bijdrage aan het aandelenkapitaal van de betrokken SPV van ongeveer […] EUR en extra investeringsuitgaven van de investeerder ten belope van […] EUR opleveren. De rest zal worden gefinancierd door middel van een banklening. Indien de particuliere sector geen interesse toont, zal CE Oltenia het totale resterende bedrag voor haar rekening nemen en financieren met een banklening. Aangezien het onzeker is of er een bieder zal worden geselecteerd en aan dit project zal bijdragen, voert Roemenië alleen de bijdrage aan de negen SPV’s van […] EUR op als eigen bijdrage door investeerders.
Afsplitsing Craiova
(116) In het kader van het herstructureringsplan zal de warmtekrachtkoppelingsgroep S.E. Craiova II (die warmte levert aan de stad Craiova) worden afgesplitst en overgedragen aan de gemeente Craiova. CE Oltenia is de enige marktdeelnemer die warmte levert in de gemeente Craiova (district Dolj). De algemene aandeelhoudersvergadering van CE Oltenia heeft de (gedeeltelijke) afsplitsing van Craiova II in augustus 2021 goedgekeurd, en de transactie zal volgens een duidelijk tijdschema worden uitgevoerd en medio mei 2022 worden afgerond. De afsplitsing kan in elk geval uiterlijk in juni 2022 worden uitgevoerd.
(117) Volgens Roemenië moet de uitbesteding van Craiova II worden gezien als een maatregel om verstoringen van de mededinging te beperken, aangezien hierdoor een levensvatbare concurrent zal toetreden tot de elektriciteitsmarkt, met een capaciteit van 120 MW.
Gedragsmaatregelen
(118) Daarnaast heeft Roemenië toegezegd dat de begunstigde zal afzien van: i) de verwerving van aandelen in ondernemingen gedurende de herstructureringsperiode, tenzij een en ander van onmisbaar belang is om de levensvatbaarheid van de begunstigde op lange termijn te verzekeren en de Commissie daar goedkeuring voor verleent, en ii) bij het op de markt brengen van haar producten en diensten uitpakken met de steun van de overheid als een concurrentievoordeel.
5. BEOORDELING VAN DE MAATREGELEN
(119) De Commissie zal eerst beoordelen of de maatregelen ter financiering van het herstructureringsplan van CE Oltenia, zoals omschreven in overweging 27, staatssteun inhouden in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU, en zo ja, of deze steun rechtmatig en verenigbaar is met de interne markt.
5.1. Bestaan van staatssteun
(120) In artikel 107, lid 1, VWEU is het volgende bepaald: “Behoudens de afwijkingen waarin de Verdragen voorzien, zijn steunmaatregelen van de staten of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die de mededinging door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde producties vervalsen of dreigen te vervalsen, onverenigbaar met de interne markt, voor zover deze steun het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloedt.”
(121) Om als staatssteun te worden aangemerkt in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU, moet een maatregel dus aan de volgende cumulatieve voorwaarden voldoen: i) de maatregel is toerekenbaar aan de staat en wordt uit staatsmiddelen bekostigd; ii) met de maatregel wordt de ontvanger ervan een voordeel toegekend; iii) dat voordeel is selectief, en iv) de maatregel vervalst de mededinging of dreigt deze te vervalsen en beïnvloedt het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig.
5.1.1. Staatsmiddelen en toerekenbaarheid aan de staat
(122) Zoals uiteengezet in overweging 31 van het besluit inzake de reddingssteun, zou het Ministerie van Overheidsfinanciën de lening van 251 miljoen EUR ten gunste van CE Oltenia overmaken vanaf zijn deviezenrekening, die bij de Nationale Bank van Roemenië is geopend om uitvoering te geven aan een noodverordening van de Roemeense regering. De reddingslening was derhalve toerekenbaar aan de staat en werd uit staatsmiddelen bekostigd. In het kader van de herstructureringssteun zal de reddingslening worden omgezet in een subsidie die door de staat wordt verstrekt en ten laste komt van de overheidsbegroting.
(123) Zoals uiteengezet in de (ontwerp-)noodverordening tot vaststelling van het rechtskader voor de toekenning van staatssteun voor de herstructurering van CE Oltenia S.A., zullen de middelen ten behoeve van de subsidies, de kapitaalverhoging (overweging 30) en de leningen worden verstrekt door het Ministerie van Overheidsfinanciën of het Ministerie van Energie en afkomstig zijn uit de overheidsbegroting, en zal de staatsgarantie voor leningen van de Export-Import Bank of Romania Eximbank — S.A. (overweging 29) worden verleend door het Ministerie van Overheidsfinanciën namens en voor rekening van de staat. De reeds verstrekte subsidie van april 2021 ten bedrage van 241 miljoen EUR was ook betaald met middelen uit de overheidsbegroting, zoals besloten bij noodverordening nr. 21/2021 van de regering, zoals later gewijzigd en aangevuld.
(124) Met de subsidie uit het moderniseringsfonds (overweging 27) zijn staatsmiddelen gemoeid, aangezien het budget van dat fonds gedeeltelijk bestaat uit extra emissierechten die door geselecteerde lidstaten, waaronder Roemenië, worden verstrekt (overweging 80). Bovendien kan deze subsidie alleen worden verstrekt op voorwaarde dat Roemenië de desbetreffende investeringsvoorstellen indient en de Europese Investeringsbank of het investeringscomité van het moderniseringsfonds die voorstellen bekrachtigt (overweging 90). In dit verband hebben de Roemeense autoriteiten discretionaire bevoegdheid met betrekking tot de selectie van de bij het fonds in te dienen investeringsvoorstellen en staan de middelen van het moderniseringsfonds, eenmaal overgedragen, onder controle van Roemenië. In het licht van het bovenstaande wordt de financiering uit het moderniseringsfonds bekostigd uit staatsmiddelen en is het gebruik van die middelen aan de staat toerekenbaar.
(125) De Commissie concludeert derhalve dat de in overweging 27 omschreven maatregelen worden bekostigd uit staatsmiddelen en dat het besluit om de maatregelen toe te kennen aan de staat kan worden toegerekend.
5.1.2. Voordeel
(126) De Commissie merkt op dat Roemenië de maatregelen als staatssteun heeft aangemeld. Die kennisgeving ontslaat de Commissie niet van de plicht om zelf te onderzoeken of de maatregelen staatssteun inhouden en met name of zij de begunstigde bevoordelen in de zin dat een marktdeelnemer die aandelen bezit en wiens situatie die van Roemenië zo dicht mogelijk benadert, een soortgelijk besluit niet zou nemen en dezelfde maatregelen onder dezelfde voorwaarden niet zou goedkeuren, eventuele verwachte voordelen in zijn hoedanigheid als overheid buiten beschouwing latend(51).
(127) De Commissie moet nagaan of de maatregelen als steun kunnen worden aangemerkt in de zin dat zij de begunstigde een economisch voordeel verlenen(52). Het bestaan van een dergelijk voordeel kan worden afgeleid uit het feit dat de begunstigde niet in staat is om tegen marktvoorwaarden en zonder overheidssteun voldoende kapitaal of schuldfinanciering aan te trekken (overweging 92).
(128) De maatregelen zullen CE Oltenia helpen de voortzetting van haar activiteiten en de uitvoering van haar herstructureringsplan te financieren door haar toegang te verlenen tot financiering die zij, gezien haar specifieke situatie en de huidige omstandigheden, niet heeft kunnen aantrekken op de markt. Een groot deel van de herstructureringssteun betreft renteloze, rechtstreekse, door de staat verstrekte subsidies, die niet beschikbaar zijn op de markt. Hoewel CE Oltenia enige marktfinanciering heeft kunnen aantrekken in de vorm van een bijdrage van investeerders aan SPV’s (overweging 90) en van bankfinanciering (overweging 92), zou die zonder overheidsfinanciering onvoldoende zijn om de transitie naar gas en hernieuwbare energie te verwezenlijken die nodig is met het oog op de levensvatbaarheid van de begunstigde op lange termijn. In dit verband is het twijfelachtig of de begunstigde zonder de overheidsfinanciering voor SPV’s voor nieuwe investeringen dezelfde marktfinanciering zou kunnen aantrekken.
(129) In dezelfde geest zal Roemenië CE Oltenia financieren via een kapitaalverhoging en garanties die ook door een aandeelhouder in dezelfde positie kunnen worden verstrekt, al maken deze instrumenten deel uit van een pakket dat ook subsidie-instrumenten omvat die niet beschikbaar zijn op de financiële markten, zoals uiteengezet in de (ontwerp-)noodverordening tot vaststelling van het rechtskader voor de toekenning van staatssteun voor de herstructurering van CE Oltenia S.A., alsook de mogelijke subsidie uit het moderniseringsfonds en de verlenging van een reddingslening die steun inhoudt.
(130) Hoewel de combinatie van instrumenten over het geheel genomen een vergoeding en potentiële voordelen voor de overheidsdeelneming oplevert, is het totale rendement als gevolg van de aan het begin van de herstructureringsperiode verwachte verliezen ontoereikend om als marktconform te worden beschouwd. De aangemelde maatregelen maken deel uit van één enkele overheidsmaatregel: in de eerste plaats zijn de verhoging van het aandelenkapitaal, de garanties en de subsidies van de staat samen vastgelegd in één rechtshandeling die op één moment wordt vastgesteld, hoewel het tijdschema van de uitvoering per maatregel kan verschillen. Ten tweede kan het rendement op de aandelen of op de garanties niet los worden gezien van de renteloze en niet-terugvorderbare subsidies, waardoor de op zichzelf staande vergoedingen die Roemenië enkel van de garanties en van de kapitaalverhoging zou kunnen verwachten, lager zijn dan wat kan worden beschouwd als marktconform. Bovendien kan de overheidsfinanciering niet worden toegeschreven aan marktconform gedrag van een aandeelhouder, omdat aan het enkele maatregelenpakket overwegingen ten grondslag liggen die niet passen bij een particuliere investeerder in een markteconomie, zoals beschreven in de (ontwerp-)noodverordening tot vaststelling van het rechtskader voor de toekenning van staatssteun voor de herstructurering van CE Oltenia S.A., en niet vooraf is beoordeeld of de staat voldoende rendement zou behalen. Als redenen noemt Roemenië in de ontwerpverordening bijvoorbeeld dat CE Oltenia de grootste marktdeelnemer in de regio Oltenië is, zodat de onderbreking van haar activiteiten zou kunnen leiden tot meer werkloosheid en een verslechtering van de plaatselijke levensomstandigheden, en het grote risico op ernstige verstoring van het nationale energiesysteem en op grote sociale problemen binnen de gemeenschappen in de regio Oltenië indien CE Oltenia niet zou beschikken over de nodige financiering voor de herstructurering van de activiteiten.
(131) De Commissie concludeert derhalve dat de maatregelen CE Oltenia een economisch voordeel in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU verlenen.
5.1.3. Selectiviteit
(132) De maatregelen zullen uitsluitend ten gunste van CE Oltenia worden toegekend. Zoals het Hof van Justitie heeft verklaard(53), is in geval van individuele steun de vaststelling van het economische voordeel in beginsel voldoende om het vermoeden te staven dat een maatregel selectief is. Dit is zo ongeacht het feit of er op de desbetreffende markten exploitanten aanwezig zijn die zich in een vergelijkbare situatie bevinden. Hoewel Roemenië onverminderd staatssteun zou kunnen verlenen aan andere energieleveranciers die met CE Oltenia concurreren, maken de aangemelde maatregelen hoe dan ook geen deel uit van een bredere maatregel van algemeen economisch beleid om hetzelfde type ad-hocsteun te verlenen aan alle ondernemingen die zich ten aanzien van het beoogde doel in een feitelijk en juridisch vergelijkbare situatie bevinden en die actief zijn in de energiesector of in andere economische sectoren, maar wordt dergelijke steun alleen aan CE Oltenia ter beschikking gesteld.
(133) Bijgevolg concludeert de Commissie dat de maatregelen selectief zijn in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU.
5.1.4. Verstoring van de mededinging en beïnvloeding van het handelsverkeer
(134) Wanneer door een lidstaat verleende steun de positie van een onderneming versterkt ten opzichte van andere ondernemingen die in het handelsverkeer binnen de Unie concurreren, moet die steun geacht worden het handelsverkeer ongunstig te beïnvloeden. Het is voldoende dat de ontvanger van de steun op markten waar concurrentie is, met andere ondernemingen concurreert. Wat dit aangaat, kan de omstandigheid dat een sector van de economie op Unieniveau is geliberaliseerd, een werkelijke of potentiële weerslag van de steun op de mededinging en op het handelsverkeer tussen de lidstaten aan het licht brengen. CE Oltenia levert elektriciteit, en in mindere mate warmte, aan consumenten in Roemenië, en Roemenië is wat de elektriciteitstransmissie betreft verbonden met de buurlanden. De elektriciteitsmarkt staat open voor concurrentie in de Unie en voor dienstverlening tussen lidstaten.
(135) De maatregelen kunnen derhalve de mededinging verstoren of dreigen die te verstoren en kunnen het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloeden.
5.1.5. Conclusie over het bestaan van staatssteun
(136) Gelet op het bovenstaande concludeert de Commissie dat de maatregelen staatssteun aan CE Oltenia vormen in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU.
5.2. Rechtmatigheid van de maatregelen
(137) Hoewel de reddingslening — die zal worden omgezet in een subsidie ter ondersteuning van de herstructurering — rechtmatig is toegekend, heeft Roemenië het herstructureringsplan van CE Oltenia meer dan zes maanden na de vaststelling van het besluit inzake de reddingssteun op 24 februari 2020 (overweging 32) ingediend bij de Commissie.
(138) Daarnaast heeft Roemenië in maart 2021 een subsidie van 241 miljoen EUR aan CE Oltenia verstrekt ter gedeeltelijke dekking van de kosten van de CO2-emissierechten van de onderneming voor 2020, toen de formele onderzoeksprocedure betreffende de herstructureringssteun aan CE Oltenia liep. Deze subsidie maakt deel uit van de maatregelen, meer in het bijzonder van de subsidie van 1,09 miljard EUR om de kosten van CO2-emissierechten in de periode 2021-2026 gedeeltelijk te dekken (overweging 28).
(139) Bijgevolg heeft Roemenië zich niet gehouden aan de standstill-verplichting van artikel 108, lid 3, VWEU, zodat de herstructureringssteun ten gunste van CE Oltenia gedeeltelijk onrechtmatige staatssteun vormt.
5.3. Verenigbaarheid van de steun met de interne markt
(140) Volgens artikel 107, lid 3, punt c), VWEU kunnen steunmaatregelen om de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regionale economieën te vergemakkelijken, als verenigbaar met de interne markt worden beschouwd, mits de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt daardoor niet zodanig worden veranderd dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad.
(141) Om staatssteun op grond van artikel 107, lid 3, punt c), VWEU te kunnen aanmerken als verenigbaar met de interne markt, moet die steun derhalve aan twee voorwaarden voldoen: i) de steun moet het doel hebben om de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regionale economieën te vergemakkelijken, en ii) de steun mag de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt niet zodanig veranderen dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad. Deze twee voorwaarden doen niets af aan het feit dat de besluiten die door de Commissie in verband daarmee worden vastgesteld, ervoor moeten zorgen dat het Unierecht wordt nageleefd(54). In het kader van de eerste voorwaarde onderzoekt de Commissie of de steun bedoeld is om de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid te faciliteren. Uit hoofde van de tweede voorwaarde weegt de Commissie de positieve gevolgen van de voorgenomen steun af tegen de negatieve gevolgen die de steun voor de interne markt kan hebben(55).
(142) Uit de aanmelding en de informatie die in de loop van het formele onderzoek naar de herstructureringssteun is vergaard, volgt niet dat de herstructureringssteun of de daaraan verbonden voorwaarden dan wel de economische bedrijvigheid die door de steun wordt vergemakkelijkt (d.w.z. elektriciteitsopwekking), leiden tot een schending van het Unierecht. De Commissie heeft Roemenië geen met redenen omkleed advies over een mogelijke inbreuk op het Unierecht gestuurd, noch een formele procedure op dit punt ingeleid die verband zou houden met deze zaak. De Commissie heeft ook geen desbetreffende klachten ontvangen.
(143) De Commissie heeft van derden informatie ontvangen (overwegingen 49 tot en met 58) waarin wordt beweerd dat de staatssteun, de daaraan verbonden voorwaarden of de door de steun vergemakkelijkte economische bedrijvigheid mogelijk in strijd zijn met het Unierecht. De derden hebben opgemerkt dat CE Oltenia de afgelopen jaren niet heeft voldaan aan de emissiegrenswaarden (voor NOx, SO2, fijnstof enz.).
(144) De Commissie is van oordeel dat de naleving van de door derden genoemde toepasselijke emissienormen afzonderlijk moet worden beschouwd van en niet onlosmakelijk verbonden is met de steun en de daaraan verbonden voorwaarden, noch met de ontwikkeling van de bedrijvigheid die met de steun wordt vergemakkelijkt (elektriciteitopwekking). Passende technologieën voor de beheersing en bestrijding van verontreiniging verminderen de uitstoot van NOx, SO2, fijnstof of andere schadelijke verontreinigende stoffen bij de elektriciteitsopwekking. Daarom is de Commissie van mening dat de herstructureringssteun geen activiteit ondersteunt die in strijd is met het Unierecht en niet onlosmakelijk verbonden is met een mogelijke schending van andere Unierechtelijke bepalingen. Bovendien omvat het herstructureringsplan investeringen ter verbetering van de milieuprestaties van de installaties wat betreft de vermindering van schadelijke verontreinigende stoffen (overweging 77). Op basis van de beschikbare informatie zijn er geen aanwijzingen dat CE Oltenia haar verplichtingen inzake de betrokken emissies van NOx, SO2, fijnstof of andere schadelijke verontreinigende stoffen, of andere milieuvoorschriften niet zou nakomen.
(145) De Commissie heeft voorts het argument onderzocht dat de herstructureringssteun voor CE Oltenia ter dekking van de kosten van de CO2-emissierechten in strijd zou zijn met het beginsel dat de vervuiler betaalt, zoals vastgelegd in artikel 191, lid 2, VWEU en in Richtlijn 2003/87/EG, op grond waarvan exploitanten moeten betalen voor de CO2 die zij uitstoten (overweging 57). Het beginsel dat de vervuiler betaalt, is vastgelegd in artikel 191, lid 2, VWEU, op grond waarvan het milieubeleid van de Unie onder meer berust op dat beginsel.
(146) In de preambule van Richtlijn 2003/87/EG wordt verwezen naar artikel 175, lid 1, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (VEG) (het huidige artikel 192, lid 1, VWEU), waarin de procedure is vastgelegd die de Raad volgt om te besluiten welke maatregelen de Unie moet nemen om de doelstellingen van artikel 174 VEG (het huidige artikel 191 VWEU) te verwezenlijken, waarin naast het beginsel dat de vervuiler betaalt ook rekening wordt gehouden met de uiteenlopende situaties in de verschillende regio’s van de Unie en met andere beginselen.
(147) Het argument van derden zou aldus kunnen worden uitgelegd dat Richtlijn 2003/87/EG impliciet uitvoering geeft aan het beginsel dat de vervuiler betaalt door ervan uit te gaan dat CO2 een luchtverontreinigende stof is in die zin dat een hoge concentratie ervan milieuproblemen veroorzaakt en dat de kosten voor CO2-emissierechten noodzakelijkerwijs voor rekening komen van de onder de richtlijn vallende CO2-emittenten.
(148) Het argument gaat uit van de veronderstelling dat Richtlijn 2003/87/EG impliciet uitvoering geeft aan het beginsel dat de vervuiler betaalt, en dat bij die uitvoering geen rekening hoeft te worden gehouden met de regionale situaties waarnaar ook wordt verwezen in artikel 174 VEG (het huidige artikel 191 VWEU). Zelfs als deze aanname juist is, moet worden opgemerkt dat het beginsel “de vervuiler betaalt” geen absoluut en onvoorwaardelijk beginsel is dat zwaarder weegt dan alle andere overwegingen. Het moet worden afgewogen tegen de andere doelstellingen van Richtlijn 2003/87/EG, waarvan de overkoepelende ecologische doelstelling erin bestaat de emissies van de sectoren waarop zij betrekking heeft, onder een vooraf vastgesteld plafond te brengen. De Commissie merkt op dat in dit geval de versnelde en gegarandeerde sluiting van bruinkoolcentrales en de gedeeltelijke vervanging ervan door aardgas en zonne-energie emissiereducties opleveren die van belang zijn voor de verwezenlijking van de milieudoelstelling van het emissiehandelssysteem. De Commissie merkt verder op dat er ook voor niet in moeilijkheden verkerende ondernemingen steunmogelijkheden bestaan die het koolstofprijssignaal verlagen maar emissiereducties en andere milieuvoordelen opleveren, zoals steun voor nieuwe technologieën. De Commissie wijst er voorts op dat CE Oltenia, ofschoon een deel van haar benodigde emissierechten zal worden gefinancierd door de staat, een deel van haar emissierechten zal blijven betalen en derhalve ook in de toekomst onderhevig zal zijn aan een koolstofprijssignaal, omdat zij dankzij de emissiereducties koolstofkosten kan blijven besparen. Zodra de begunstigde onderneming weer levensvatbaar wordt, zal zij weer de volledige koolstofkosten dragen. De Commissie is dan ook niet van mening dat de herstructureringssteun aan CE Oltenia — die ook de tijdelijke en gedeeltelijke financiering van CO2-emissierechten omvat, in overeenstemming met de R&H-richtsnoeren — in strijd is met Richtlijn 2003/87/EG.
(149) Ten aanzien van het door derden aangevoerde standpunt dat staatssteun niet mag dienen ter dekking van de kosten voor de naleving van de emissienormen, merkt de Commissie op dat de verenigbaarheid van de ten gunste van CE Oltenia aangemelde herstructureringssteun wordt beoordeeld uit hoofde van artikel 107, lid 3, punt c), VWEU in overeenstemming met de R&H-richtsnoeren, en niet de richtsnoeren staatssteun ten behoeve van milieubescherming en energie waarnaar de derden verwijzen (overweging 50). Laatstgenoemde richtsnoeren zijn niet van toepassing op de aangemelde herstructureringssteun, aangezien CE Oltenia een onderneming in moeilijkheden is en herstructureringssteun geen milieu- of energiesteun is en niet aan de voor dergelijke steun geldende verenigbaarheidsvoorwaarden is onderworpen(56). Hoewel er van staatssteun voor milieubescherming die aan de bindende wettelijke normen voldoet geen stimulerend effect uitgaat (aangezien marktdeelnemers voldoende worden gestimuleerd om zich aan dergelijke bindende regelgeving te houden), kan zulke steun noodzakelijk zijn om de herstructurering mogelijk te maken van een onderneming die zonder die steun haar kosten niet zou kunnen dekken gedurende de periode die nodig is om de herstructurering te verwezenlijken.
(150) De reddings- of herstructureringssteun op grond van de R&H-richtsnoeren kan worden gebruikt voor verschillende soorten kosten, zoals bedrijfskosten of kosten voor de naleving van sociale of milieuvoorschriften, met inbegrip van de kosten voor de aankoop van CO2-emissierechten, zoals het geval was met de reddingssteun die CE Oltenia rechtmatig heeft ontvangen. In de praktijk komen er bij verenigbare reddings- of herstructureringssteun bestemd voor andere doeleinden dan de betaling van de CO2-gerelateerde bedrijfskosten opbrengsten vrij waarmee de onderneming de bijbehorende CO2-emissierechten kan betalen, en heeft die steun in de praktijk hetzelfde effect als steun die voor dergelijke kosten is bestemd.
(151) Bovendien zal de herstructureringssteun een transitie naar minder vervuilende brandstoffen ondersteunen en leidt de steun er niet toe dat CE Oltenia onvoldoende wordt gestimuleerd om aan de milieuvoorschriften te voldoen. Zonder het steunpakket, waaronder het onderdeel betreffende de naleving van de milieuvoorschriften, zal CE Oltenia de markt abrupt verlaten waardoor de ontwikkeling van de elektriciteitsproductie in de regio waar CE Oltenia is gevestigd, niet naar behoren gewaarborgd zou zijn. Gezien het tijdelijke karakter, het plan om de CO2-uitstoot te verminderen en de regionale situatie waarnaar ook in artikel 191 VWEU wordt verwezen, is de herstructureringssteun in kwestie derhalve niet in strijd met artikel 191 VWEU wat betreft het beginsel dat de vervuiler betaalt.
(152) Roemenië meent voorts dat de herstructureringssteun op grond van de R&H-richtsnoeren verenigbaar kan worden verklaard met de interne markt.
(153) Aan de hand van de aard en de doelstellingen van de betrokken steunmaatregel en van de argumenten van de Roemeense autoriteiten zal de Commissie beoordelen of de voorgenomen herstructureringssteun voldoet aan de betreffende bepalingen van de R&H-richtsnoeren. In de R&H-richtsnoeren heeft de Commissie uiteengezet onder welke voorwaarden staatssteun voor de redding en herstructurering van niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden met de interne markt verenigbaar kan worden verklaard op grond van artikel 107, lid 3, punt c), VWEU.
(154) Om te bepalen of herstructureringssteun de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt zodanig ongunstig beïnvloedt dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad, verricht de Commissie overeenkomstig artikel 107, lid 3, punt c), VWEU en de R&H-richtsnoeren een afwegingstoets. Wanneer de begunstigde onderneming voor herstructureringssteun in aanmerking komt, weegt de Commissie in het kader van die toets de positieve effecten van de staatssteun af tegen de negatieve effecten ervan op de mededinging en op het handelsverkeer tussen de lidstaten. Daarbij houdt zij rekening met de noodzaak van overheidsmaatregelen, de geschiktheid, evenredigheid en transparantie van de steun, het eenmalige karakter van de steun en maatregelen ter beperking van verstoringen van de mededinging zoals uiteengezet in de R&H-richtsnoeren.
Wie komt in aanmerking: onderneming in moeilijkheden
(155) Om in aanmerking te komen voor herstructureringssteun moet een begunstigde kunnen worden aangemerkt als onderneming in moeilijkheden in de zin van punt 2.2 van de R&H-richtsnoeren. Meer specifiek wordt in punt 20 van de R&H-richtsnoeren uiteengezet dat een onderneming als een onderneming in moeilijkheden wordt beschouwd wanneer zij, zonder overheidsingrijpen, op korte of middellange termijn vrijwel zeker gedoemd is te verdwijnen. Dit zou het geval zijn wanneer zich minstens één van de in punt 20, a) tot en met d), van de R&H-richtsnoeren beschreven omstandigheden voordoet.
(156) Zoals uiteengezet in het inleidingsbesluit(57) en het besluit inzake de reddingssteun(58) voldoet CE Oltenia sinds 31 december 2019 aan de criteria om op verzoek van haar schuldeisers naar intern recht aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen, aangezien ten minste vanaf 31 december 2019 46 leveranciers van de onderneming om de inleiding van de insolventieprocedure hadden kunnen verzoeken. Zoals uiteengezet in overweging 22, is CE Oltenia niet in staat de toegekende reddingslening, vermeerderd met rente, terug te betalen en zou zij zonder kennisgeving van een herstructureringsplan automatisch worden geliquideerd. Hieruit volgt dat CE Oltenia voldoet aan de criteria van het interne recht om op verzoek van haar schuldeisers aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen en sinds 2019 als een onderneming in moeilijkheden kan worden aangemerkt overeenkomstig punt 20, c), van de R&H-richtsnoeren.
(157) Volgens punt 21 van de R&H-richtsnoeren komt een nieuw opgerichte onderneming niet in aanmerking voor herstructureringssteun. De begunstigde — CE Oltenia — is geen nieuw opgerichte onderneming in de zin van de R&H-richtsnoeren, aangezien zij in 2011 werd opgericht (zie overweging 7), oftewel meer dan drie jaar geleden.
(158) Volgens punt 22 van de R&H-richtsnoeren komt een onderneming die deel uitmaakt van of die wordt overgenomen door een ondernemingsgroep in beginsel niet voor herstructureringssteun in aanmerking, tenzij kan worden aangetoond dat de moeilijkheden ondernemingsspecifiek zijn en niet het gevolg zijn van een arbitraire kostenallocatie binnen de ondernemingsgroep, en dat deze moeilijkheden van de onderneming te groot zijn om door de ondernemingsgroep zelf te kunnen worden opgelost.
(159) De moeilijkheden van CE Oltenia houden voornamelijk verband met haar bedrijfsmodel en met de brandstof voor de elektriciteitsproductie op de concurrerende Roemeense elektriciteitsmarkt (overwegingen 23 tot en met 26). CE Oltenia maakt geen deel uit van een grotere ondernemingsgroep en de staat heeft uitsluitende zeggenschap over de onderneming via het Ministerie van Energie (overweging 7), zodat zij een openbare onderneming is waarin de staat uitsluitende zeggenschap uitoefent uit hoofde van eigendom en financiële deelneming(59). De uitsluitende zeggenschap van de staat houdt in dit geval in dat de financiële steun die de staat aan CE Oltenia verleent om haar te helpenhaar moeilijkheden te overwinnen, als steun kan worden aangemerkt, tenzij de steun tegen marktvoorwaarden wordt verleend. Hoewel de moeilijkheden van CE Oltenia ondernemingsspecifiek zijn, is de vraag of zij niet het gevolg zijn van een arbitraire kostenallocatie binnen de groep en of de moeilijkheden te groot zijn om door de ondernemingsgroep zelf te kunnen worden opgelost, niet aan de orde.
(160) Op basis van het bovenstaande concludeert de Commissie dat CE Oltenia een onderneming in moeilijkheden is en in aanmerking komt voor herstructureringssteun.
5.3.1. De steunmaatregelen vergemakkelijken de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regionale economieën
(161) Krachtens artikel 107, lid 3, punt c), VWEU moet staatssteun, om als verenigbaar met de interne markt te worden beschouwd, de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regionale economieën vergemakkelijken.
(162) Om aan te tonen dat de herstructureringssteun bedoeld is om de ontwikkeling van vormen van bedrijvigheid of van regio’s te vergemakkelijken, moet de steunverlenende lidstaat bewijzen dat de steun inzet op het voorkomen van sociale tegenspoed of het aanpakken van marktfalen. Zoals in punt 43 van de R&H-richtsnoeren wordt erkend, merkt de Commissie op dat het in de specifieke context van herstructureringssteun voor de productiviteitsgroei in feite belangrijk is dat activiteiten van de markt verdwijnen en dat het gewoonweg proberen te voorkomen dat een onderneming de markt verlaat dus geen voldoende verantwoording is voor de verlening van staatssteun. Omdat reddings- en herstructureringssteun het proces waarin activiteiten van de markt verdwijnen doorkruist, behoort deze steun juist tot de meest verstorende vormen van staatssteun. In bepaalde situaties kan de herstructurering van een onderneming in moeilijkheden echter bijdragen aan de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regio’s, waarbij het niet louter hoeft te gaan om de activiteiten die de begunstigde verricht. Hiervan is sprake wanneer de begunstigde zonder die steun failliet zou gaan en daardoor marktfalen of sociale tegenspoed zou ontstaan, waardoor de ontwikkeling van getroffen vormen van economische bedrijvigheid en/of van regio’s zou worden geremd. Punt 44 van de R&H-richtsnoeren bevat een niet-uitputtende lijst van dergelijke situaties.
(163) Dergelijke situaties doen zich onder meer voor wanneer de begunstigde, waarvan het faillissement met de steun moet worden voorkomen, gevestigd is in een NUTS 2-regio waar het werkloosheidspercentage hoger ligt dan het nationale gemiddelde, hardnekkig is en gepaard gaat met moeilijkheden om nieuwe werkgelegenheid in de betrokken regio te scheppen, of wanneer de begunstigde aanzienlijke systemische relevantie heeft voor een bepaalde regio of sector en het verdwijnen ervan potentiële negatieve gevolgen zou hebben (punt 44, a) en c), van de R&H-richtsnoeren). Door de begunstigde in de gelegenheid te stellen diens activiteiten voort te zetten, voorkomt de steun dus marktfalen of sociale tegenspoed. In het geval van herstructureringssteun gaat dit echter alleen op indien de begunstigde dankzij de steun op eigen kracht op de markt kan concurreren, iets wat alleen gewaarborgd kan worden indien de steun afhankelijk is van de uitvoering van een herstructureringsplan tot herstel van de levensvatbaarheid van de begunstigde op de lange termijn.
(164) De Commissie zal daarom eerst beoordelen of de steun bedoeld is om marktfalen of sociale tegenspoed te voorkomen (punt 5.3.1.1) en of de steun gepaard gaat met een herstructureringsplan tot herstel van de levensvatbaarheid van de begunstigde op de lange termijn (punt 5.3.1.2).
5.3.1.1. Voorkomen van sociale tegenspoed of marktfalen door bij te dragen tot de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regionale economieën
(165) Wat betreft de situaties waarin de redding van een onderneming in moeilijkheden kan bijdragen tot de ontwikkeling van economische bedrijvigheid of regio’s, wordt in punt 44, a) en c), van de R&H-richtsnoeren verwezen naar gevallen waarin het werkloosheidspercentage in de regio waar de begunstigde actief is, hoger is dan het nationale gemiddelde, hardnekkig is en gepaard gaat met moeilijkheden om nieuwe werkgelegenheid in de betrokken regio te scheppen (punt 44, a), tweede streepje), of waarin de steun het doel heeft het risico af te wenden dat de economische groei wordt belemmerd door het verdwijnen van een onderneming met aanzienlijke systemische relevantie voor een bepaalde regio of sector (punt 44, c)).
Werkloosheidspercentage in de regio waar de begunstigde actief is
(166) In dit verband verwijst Roemenië naar de in punt 44, a), tweede streepje, van de R&H-richtsnoeren genoemde omstandigheden, d.w.z. dat de begunstigde actief is in een NUTS 2-regio waar de werkloosheid boven het nationale gemiddelde ligt, hardnekkig is en gepaard gaat met moeilijkheden om nieuwe werkgelegenheid in de betrokken regio te scheppen. In het inleidingsbesluit concludeerde de Commissie dat de herstructureringssteun bedoeld is om sociale tegenspoed te voorkomen in de omstandigheden als genoemd in punt 44, a), tweede streepje, van de R&H-richtsnoeren(60). De derden die in de procedure opmerkingen hebben gemaakt, hebben deze conclusie niet in twijfel getrokken.
(167) De werkloosheid in de regio Zuidwest-Oltenië ligt ten minste sinds 2015 aanhoudend boven het nationale gemiddelde en varieerde van 8,2 % tot 5,5 % in de jaren 2015-2020, terwijl het nationale gemiddelde in dezelfde periode varieerde van 5 % tot 3,4 %. Daarbij lag het werkloosheidspercentage in Zuidwest-Oltenië steeds boven het nationale gemiddelde (overweging 8). Daarbij heeft CE Oltenia werknemers in dienst in de bruinkoolwinning en de elektriciteitsopwekking, die bij een abrupte marktuittreding gelet op hun beroepsvaardigheden zeker geen geschikt werk in de regio zouden kunnen vinden bij gebrek aan andere mijnbouw- of energieopwekkingsactiviteiten. De werkloosheid ging gepaard met moeilijkheden om nieuwe werkgelegenheid in de betrokken regio te scheppen, zoals blijkt uit het territoriaal plan voor een rechtvaardige transitie in het district Gorj (overweging 9).
(168) De Commissie is derhalve van oordeel dat de omstandigheden als bedoeld in punt 44, a), van de R&H-richtsnoeren zich voordoen.
De steun is bestemd voor een onderneming met systemische relevantie in de regio Zuidwest-Oltenië
(169) Met de steun wordt ook gepoogd het risico af te wenden dat een onderneming met een systemische relevantie in de zin van punt 44, c), van de R&H-richtsnoeren de markt verlaat.
(170) CE Oltenia is de op twee na grootste elektriciteitsproducent in Roemenië en heeft een groot aandeel in de geïnstalleerde productiecapaciteit (overweging 11). Roemenië voerde aan dat de stroomvoorzieningszekerheid in Roemenië in gevaar dreigt te komen indien CE Oltenia de markt zou verlaten (zie overweging 61). Hoewel Roemenië geen beoordeling van de toereikendheid van de elektriciteitsvoorziening heeft ingediend overeenkomstig de methode van artikel 24 van Verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad(61) betreffende de interne markt voor elektriciteit, kan de Commissie mogelijke negatieve gevolgen voor de energievoorziening op regionaal niveau in Zuidwest-Oltenië, waar de centrales zich bevinden, niet uitsluiten. Wanneer de activiteiten van de centrales, die elektriciteit (en aan Craiova ook warmte) leveren, of de mijnbouwactiviteiten van de onderneming abrupt worden stopgezet, kan de waarborging van een stabiele regionale energievoorziening, ten minste tijdelijk, extra kosten met zich meebrengen voor bedrijven en huishoudens. Tegelijkertijd acht de Commissie het in dit verband niet nodig een standpunt in te nemen over het argument van de voorzieningszekerheid op de Roemeense nationale markt als geheel.
(171) De rol van CE Oltenia als regionale energieleverancier kan onder meer een negatief overloopeffect op de economische bedrijvigheid en op de situatie in de regio, met name het district Gorj, tot gevolg hebben. Zoals vermeld in overweging 18 onderhoudt CE Oltenia zakelijke relaties met ongeveer 120 ondernemingen in het district Gorj, die samen goed zijn voor ongeveer 50 % van de economie van het district kijkend naar de totale jaaromzet in 2019. Bij een vertrek van CE Oltenia zouden de economische activiteiten en de economische waardecreatie in de regio, en met name het district Gorj, waarschijnlijk verminderen.
(172) Bovendien is CE Oltenia met ongeveer 12 268 werknemers een belangrijke werkgever in de regio Zuidwest-Oltenië (overweging 7). Bovenop een rechtstreeks verlies van meer dan 12 000 banen zouden door de sluiting van de begunstigde ook vele indirecte banen verloren gaan gelet op het grote aantal partners in de waardeketen. Het waarschijnlijke faillissement waarvoor CE Oltenia zonder de herstructureringssteun zou komen te staan, zou dus aanzienlijke negatieve overloopeffecten hebben binnen en buiten de regio.
(173) De Commissie is derhalve van mening dat de begunstigde regionaal onmiskenbaar systemische relevantie heeft, niet alleen voor de ontwikkeling van haar energieproductie en -voorziening, maar ook voor de ontwikkeling van de ruimere economische activiteiten die van die voorziening afhankelijk zijn, zoals uiteengezet in punt 44, c), van de R&H-richtsnoeren.
Conclusie over het voorkomen van sociale tegenspoed of marktfalen
(174) Hoewel Roemenië zich ook heeft beroepen op de omstandigheden van punt 44, b) en g), van de R&H-richtsnoeren, is de Commissie ervan overtuigd dat aan die punten is voldaan en is het derhalve niet nodig de argumenten van Roemenië in dit verband te beoordelen. Verder moet worden opgemerkt dat de Commissie in haar inleidingsbesluit geen twijfels heeft geuit over de naleving van dit verenigbaarheidscriterium, noch opmerkingen van derden over de niet-naleving van deze voorwaarde heeft ontvangen.
(175) In het licht van het bovenstaande concludeert de Commissie dat de steun bijdraagt tot de ontwikkeling van de economische bedrijvigheid van de elektriciteitsproductie en van de regio Zuidwest-Oltenië. De steun voorkomt het verdwijnen van een onderneming die actief is in de regio Zuidwest-Oltenië, waar de werkloosheid boven het nationale gemiddelde ligt, hardnekkig is en gepaard gaat met moeilijkheden om nieuwe werkgelegenheid in de regio te scheppen, en voorkomt bovendien mogelijke negatieve gevolgen van het verdwijnen van een onderneming met aanzienlijke systemische relevantie voor de Roemeense energieproductiesector (punt 44, a) en c), van de R&H-richtsnoeren).
5.3.1.2. Herstructureringsplan en herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn
(176) De toekenning van herstructureringssteun moet volgens punt 46 van de R&H-richtsnoeren afhankelijk worden gesteld van de uitvoering van een herstructureringsplan waarmee de levensvatbaarheid van de begunstigde wordt hersteld. Wil de herstructureringssteun kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van de economische activiteiten die de begunstigde uitoefent en van de regio’s waarin zij actief is, dan moeten de oorzaken van de moeilijkheden van de begunstigde worden weggenomen door het herstel van de levensvatbaarheid op lange termijn te vergemakkelijken.
(177) Volgens de punten 45 tot en met 48 van de R&H-richtsnoeren mag de herstructureringssteun alleen worden toegekend voor een haalbaar, samenhangend en ingrijpend herstructureringsplan met maatregelen die bedoeld zijn om de levensvatbaarheid op lange termijn binnen een redelijk tijdsbestek te herstellen, waarbij alle verdere steun die niet onder het herstructureringsplan valt, dient te worden uitgesloten. Het herstructureringsplan moet de oorzaken geven van de moeilijkheden van de begunstigde onderneming en haar zwakke punten identificeren, en moet schetsen hoe de voorgenomen herstructureringsmaatregelen een oplossing zullen bieden voor de onderliggende problemen van de begunstigde onderneming.
(178) Met behulp van uiteenlopende scenario’s moet worden aangetoond welke resultaten de herstructurering zal opleveren, met name door daarin prestatieparameters vast te stellen en de belangrijkste te verwachten risicofactoren in kaart te brengen. Het herstel van de levensvatbaarheid van de begunstigde moet, na aftrek van kosten, een passend rendement op kapitaal opleveren, zonder dat daarbij wordt uitgegaan van optimistische aannames met betrekking tot factoren zoals prijs- of vraagschommelingen. Levensvatbaarheid op lange termijn wordt bereikt wanneer een onderneming erin slaagt een passend verwacht rendement op kapitaal te behalen nadat al haar kosten zijn gedekt, met inbegrip van afschrijvingen en financiële kosten, en op eigen kracht op de markt kan concurreren.
(179) Het herziene herstructureringsplan van CE Oltenia is bedoeld om de moeilijkheden aan te pakken die de begunstigde na een grondige beoordeling van de redenen voor haar financiële moeilijkheden heeft vastgesteld (zie de overwegingen 22 tot en met 26) en om de onderneming weer levensvatbaar te maken. De looptijd van het plan — zes jaar, van 2021 tot en met 2026 — is niet onredelijk lang, aangezien: […].
(180) In het volgende gedeelte beoordeelt de Commissie om te beginnen hoe plausibel de aannames onder het herstructureringsplan van de begunstigde zijn en daarna beoordeelt zij het bewijs voor het herstel van de levensvatbaarheid van de begunstigde aan het einde van het herstructureringsplan.
Beoordeling van de aannames waarop de financiële prognoses zijn gebaseerd
(181) De Commissie heeft de belangrijkste aannames die ten grondslag liggen aan de financiële prognoses van het door Roemenië ingediende herziene herstructureringsplan zorgvuldig onderzocht.
(182) De Commissie merkt, ten aanzien van de geloofwaardigheid van de aannames die aan de ontvangstenprognoses ten grondslag liggen, op dat de totale productiecapaciteit van CE Oltenia geleidelijk zal afnemen van […] in 2021 tot […] in 2025 en tot […] in 2026 (overweging 97) en dat de opbrengsten voor dezelfde periode een vergelijkbare trend zullen volgen (tabel 3). De totale productiecapaciteit zal tussen 2021 en 2025 met […] % worden verminderd, terwijl de opbrengsten in dezelfde periode met […] % zullen dalen. Het feit dat de opbrengsten trager dalen dan de capaciteit heeft een tweeledige reden: enerzijds is dit toe te schrijven aan de stijging van de gemiddelde elektriciteitsprijs met […] % tussen 2021 en 2026 en anderzijds zal CE Oltenia een deel van de elektriciteitsverkoop op de minder lucratieve Opcom-markt verplaatsen naar de lucratievere day-ahead-piekmarkt (overweging 99).
(183) Bovendien zijn de opbrengsten uit de waterkrachtcentrale, de zonneparken en de gasinstallaties vanaf respectievelijk 2023, 2024 en 2025 meegerekend in de prognoses. De geleidelijke vermindering van bruinkool wordt in de ramingen in aanmerking genomen, evenals de status ervan als stand-by-reserve in 2026 (overweging 97).
(184) De prognoses weerspiegelen een plotselinge daling van de opbrengsten met meer dan […] % in 2026, […] en de gasinstallaties zullen in 2026 slechts de helft van het jaar in bedrijf zijn (overweging 98). In 2025 zal de totale capaciteit van CE Oltenia […] bedragen en in 2027 […], rekening houdend met de volledige capaciteit van de gasinstallaties, wat neerkomt op een stijging van de totale capaciteit met […] % tussen 2025 en 2027. De opwaartse ontwikkeling wordt bevestigd door de opbrengsten, die in dezelfde periode met hetzelfde percentage zouden stijgen (overweging 98).
(185) Bovendien heeft CE Oltenia in haar ontvangstenprognoses rekening gehouden met andere belangrijke factoren, zoals de gemiddelde bezettingsgraad, technologische veronderstellingen en het verkoopvolume van elektriciteit per marktsegment (overweging 96). Daarom acht de Commissie de ontvangstenprognoses van de begunstigde redelijk.
(186) Het moet worden benadrukt dat de kosten van de CO2-rechten te laag waren geraamd in het oorspronkelijke herstructureringsplan, ten aanzien waarvan de Commissie de formele onderzoeksprocedure heeft ingeleid(62). Dit plan werd opgesteld aan de hand van CO2-emissieprijzen variërend van 25,3 tot 31,2 EUR/ton voor de periode 2020-2030, terwijl de prijs op 24 januari 2021 reeds 33 EUR/ton bedroeg (overweging 45). Het herziene herstructureringsplan van juni 2021 was gebaseerd op prijzen tussen 44 en 63 EUR/ton voor de periode 2021-2026 (overweging 100). Op de lange termijn — het perspectief op basis waarvan het plan moet worden beoordeeld — liggen de prognoses van de prijzen van de CO2-emissierechten voor 2026 57 % hoger dan de gemiddelde prijzen voor de periode 2017-2021. De Commissie acht deze prognoses dan ook redelijk. Eventuele verdere stijgingen van de prijzen van de CO2-emissierechten zouden volgens de Commissie geen gevolgen hebben voor de levensvatbaarheid van CE Oltenia, omdat de onderneming deze via een hogere elektriciteitsprijs aan haar klanten kan doorberekenen (overweging 102), zoals bevestigd door de verstrekte gevoeligheidsanalyse (overwegingen 101 en 191).
(187) Wat de prognoses van de arbeidskosten betreft, merkt de Commissie op dat de begunstigde het aantal personeelsleden geleidelijk wil verminderen als gevolg van de sluiting van bruinkoolinstallaties, en wel door ontslag en vervroegde pensionering (overweging 73). De personeelskosten bedragen […] van 2021 tot en met 2025 (overweging 103), wat een afspiegeling vormt van de inkrimping van het personeelsbestand met meer dan […] % in dezelfde periode. De Commissie acht deze prognoses dan ook geloofwaardig.
Beoordeling van het herstel van de levensvatbaarheid van de begunstigde
(188) Nu zij heeft vastgesteld dat de aannames onder de financiële prognoses geloofwaardig zijn, zal de Commissie beoordelen of de begunstigde volgens die prognoses bij het aflopen van het herstructureringsplan weer levensvatbaar kan zijn. Meer in het bijzonder zal de Commissie nagaan of de begunstigde verwacht tegen eind 2026 voldoende rendement op haar activiteiten te maken en op eigen kracht te kunnen concurreren.
(189) Volgens het basisscenario (tabel 3) zal CE Oltenia in de eerste jaren van het herstructureringsplan een negatieve ebitda realiseren, voornamelijk als gevolg van de hoge kosten voor CO2-emissierechten. Het positieve nettoresultaat duidt er echter op dat zij vanaf 2021 (met uitzondering van 2022) al haar exploitatie- en afschrijvingskosten zal kunnen dekken. Aan het einde van de herstructureringsperiode, die samenvalt met de buitengebruikstelling van de bruinkoolgestookte elektriciteitscentrales, zal de ebitda positief worden; deze zal in de periode na de herstructurering verder verbeteren (overweging 104).
(190) De winstgevendheid van CE Oltenia op korte termijn wordt gedrukt door de hoge prijzen van de CO2-emissierechten, maar op lange termijn duiden de prognoses op een rendement van het eigen vermogen tussen […] % en […] % in de periode 2025-2026, d.w.z. aanzienlijk hoger dan de eigenvermogenskosten van CE Oltenia van […] % (overweging 105). Het rendement blijft in 2026 laag, omdat de kosten van de investeringen in nieuwe centrales onlangs zijn gemaakt en nog niet zijn afgeschreven. Het verwachte rendement voedt derhalve het argument dat het herstructureringsplan de levensvatbaarheid van de begunstigde op lange termijn zekerstelt.
(191) In de overgelegde gevoeligheidsanalyse hebben de Roemeense autoriteiten rekening gehouden met de CO2-prijzen, die dichter bij de huidige prijzen liggen (overweging 186), en met de hogere elektriciteitsprijzen. Roemenië heeft in de gevoeligheidsanalyse prognoses opgenomen uitgaande van een prijs van […] EUR (overweging 101). In december 2021 bedroeg de prijs van CO2-emissierechten […] EUR (overweging 25). Zoals vermeld in overweging 101, zal […] % van de totale verwachte opbrengsten tijdens de herstructureringsperiode afkomstig zijn van contracten met variabele prijzen, waardoor Roemenië vanaf juni 2022, wanneer het merendeel van de contracten met een vaste prijs afloopt, ten volle zal kunnen profiteren van de hogere elektriciteitsprijzen. Dit feit bevestigt de opmerking van Roemenië dat de hogere CO2-kosten kunnen worden gecompenseerd door hogere elektriciteitsprijzen en de winstgevendheid van de begunstigde op lange termijn niet ernstig in gevaar zullen brengen (overweging 102).
(192) Daarnaast zal CE Oltenia, ook wanneer de bijgewerkte gegevens in aanmerking worden genomen, waarin van hogere kosten voor de CO2-emissierechten wordt uitgegaan, tegen 2026 al haar exploitatie- en afschrijvingskosten volledig kunnen dekken. Bovendien wordt van de begunstigde verwacht dat zij tegen 2026 een solide verhouding tussen schuld en eigen vermogen […] en tussen de ebitda en de rentedekking […] realiseert (overweging 106). Dit toont aan dat CE Oltenia in staat is haar korte- en langetermijnverplichtingen na te komen, wat een teken is dat zij haar werkzaamheden op lange termijn zonder verdere steun zal kunnen uitvoeren.
(193) Overeenkomstig punt 50 van de R&H-richtsnoeren hebben de Roemeense autoriteiten een pessimistisch scenario opgesteld (zie overweging 106) om het effect op de financiële resultaten van de onderneming te bezien. Het scenario gaat uit van ongunstigere aannames: i) een daling van de elektriciteitsprijzen met 5 %; ii) een stijging van de inkoopkosten van gas met 5 %, en iii) een stijging van de kosten van de CO2-emissierechten met 5 %. In dit scenario kan de onderneming eind 2026 een positief nettoresultaat en een rendement van het eigen vermogen van iets meer dan 3 % verwachten. Bovendien zullen de twee schuldindicatoren (overweging 106) solide blijven, zodat de onderneming zo nodig toegang kan krijgen tot aanvullende marktfinanciering (leningen) tegen marktvoorwaarden. Deze indicatoren wijzen uit dat CE Oltenia in het pessimistische scenario in 2026 nog steeds al haar kosten zou kunnen dekken, met inbegrip van de afschrijving en de aflossing van haar schuldverplichtingen, en na afloop van het herstructureringsplan zonder aanvullende herstructureringssteun actief zou kunnen blijven op de markt.
(194) In het licht van het bovenstaande concludeert de Commissie dat het voorgestelde herstructureringsplan haalbaar, samenhangend en verstrekkend is en de levensvatbaarheid op lange termijn van CE Oltenia binnen een redelijk tijdsbestek kan herstellen, rekening houdend met het specifieke karakter van haar activiteiten en de tijd die nodig is om de geplande investeringen uit te voeren en de vruchten ervan te plukken. Gelet hierop en op de looptijd en de inhoud van het herstructureringsplan en de markt waarop CE Oltenia actief is, is het aangewezen dat Roemenië erop toeziet dat CE Oltenia de in het herstructureringsplan opgenomen maatregelen tijdig en daadwerkelijk uitvoert als voorwaarde voor de verenigbaarheid van de steun. Roemenië of CE Oltenia, naargelang van het geval, moet alle nodige maatregelen nemen om mogelijke afwijkingen van de financiële koers en van de onderliggende prognoses van het herstructureringsplan aan te pakken.
5.3.2. De positieve effecten van de steun op de ontwikkeling van de economische bedrijvigheid of van regionale economieën wegen op tegen de negatieve effecten in de vorm van verstoringen van de mededinging en negatieve gevolgen voor het handelsverkeer
(195) Om te kunnen beoordelen of door de steun de mededingingsvoorwaarden en de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt ongunstig worden beïnvloed, moeten de noodzaak, geschiktheid en evenredigheid van de steun worden onderzocht en moet voor transparantie worden gezorgd. Ook is het nodig om de gevolgen van de steun voor de mededinging en het handelsverkeer te onderzoeken en om de positieve gevolgen van de steun voor de daarmee beoogde ontwikkeling van vormen van economische bedrijvigheid en van regionale economieën, plus andere met de steun beoogde positieve gevolgen, af te wegen tegen de negatieve gevolgen ervan voor de interne markt.
5.3.2.1. Noodzaak van de steun
(196) Volgens punt 53 van de R&H-richtsnoeren moeten lidstaten die voornemens zijn herstructureringssteun te verlenen, een vergelijking overleggen met een geloofwaardig alternatief scenario waarmee geen staatssteun gemoeid is, om aan te tonen dat de in punt 3.1.1 van de R&H-richtsnoeren bedoelde ontwikkeling van vormen van economische bedrijvigheid of van regionale economieën die met de steun wordt beoogd, niet of in mindere mate zou worden bereikt.
(197) De herstructureringssteun is bedoeld om een faillissement van CE Oltenia te voorkomen en daarmee marktfalen en sociale tegenspoed af te wenden die de ontwikkeling van diensten voor de productie van elektriciteit in Roemenië zouden belemmeren. Dit doel wordt bereikt met de uitvoering van het herstructureringsplan, dat gedeeltelijk met herstructureringssteun wordt gefinancierd, waardoor — zonder de steun zekere — insolventie en stopzetting van de activiteiten worden afgewend. Het herstructureringsplan laat zien dat om de financiële problemen van de begunstigde te kunnen oplossen zowel het liquiditeits- als het solvabiliteitsvraagstuk moeten worden aangepakt. Op korte termijn kan CE Oltenia haar financiële verplichtingen op milieubeschermingsgebied niet nakomen en heeft zij geen toegang tot de financiële markten, met uitzondering van haar toekomstige, als SPV’s opgezette projecten, waar mede-investeerders bij betrokken zijn en die volgens plan met steun zullen worden medegefinancierd. Op lange termijn kan CE Oltenia, gezien de gecumuleerde verliezen van ongeveer 345 miljoen EUR die zonder steun lange tijd zullen aanhouden, haar financiële verplichtingen niet nakomen. Er zij aan herinnerd dat CE Oltenia, in elk geval sinds 31 december 2019, reeds voldoet aan de criteria om op verzoek van haar schuldeisers aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen (zie overweging 22). Derhalve zou marktuittreding zonder de herstructureringssteun onvermijdelijk zijn. De herstructureringssteun is dus onontbeerlijk voor het welslagen van het herstructureringsplan, dat wordt uitgevoerd om de ontwikkeling van diensten op het gebied van elektriciteitsproductie in Roemenië en de regio Zuidwest-Oltenië te vergemakkelijken.
5.3.2.2. Geschiktheid van de steun
(198) Herstructureringssteun wordt niet als verenigbaar met de interne markt beschouwd indien dezelfde doelstelling met andere, minder verstorende maatregelen kan worden behaald; de steun moet passend worden vergoed en de gekozen instrumenten moeten geschikt zijn voor het solvabiliteits- of liquiditeitsprobleem dat ermee wordt aangepakt(63).
(199) De herstructureringssteun wordt verleend in de vorm van subsidies, een staatsgarantie voor een lening, een kapitaalinjectie en de omzetting van een lening in een subsidie (overweging 27).
(200) Zoals beschreven in overweging 79 voert Roemenië aan dat herstructureringskosten in de periode 2021-2026 naar verwachting zullen oplopen tot 3,94 miljard EUR. Hiervan wordt ongeveer 1,76 miljard EUR verstrekt door de staat (met inbegrip van een reddingslening van 251 miljoen EUR die moet worden omgezet in een subsidie om de overgedragen verliezen te verminderen, een kapitaalverhoging van 226 miljoen EUR, een staatsgarantie voor een lening van 195,8 miljoen EUR en een subsidie van 1,09 miljard EUR)(64), terwijl het moderniseringsfonds een subsidie van 895,3 miljoen EUR zal verstrekken voor nieuwe investeringen, op voorwaarde dat Roemenië de desbetreffende investeringsvoorstellen indient en dat de Europese Investeringsbank of het investeringscomité van het moderniseringsfonds, naargelang van het geval, die voorstellen bekrachtigt.
(201) De staat zal worden vergoed via het verwachte positieve nettoresultaat dat de waarde van het overheidsaandeel in CE Oltenia (ongeveer 95 % na de verhoging van het aandelenkapitaal) verhoogt, en via de afstoting van ten minste 20 % van het overheidsbelang in CE Oltenia. Als gevolg van de verlaging van het aandelenkapitaal en de daaropvolgende kapitaalinjectie zal het aandeel van de staat in CE Oltenia namelijk toenemen van momenteel 77,15 % tot ongeveer 95 % (overwegingen 93 en 94). Met deze kapitaalinjectie, die geen deel uitmaakte van de oorspronkelijke kennisgeving, zal de staat het voordeel dat CE Oltenia hierdoor geniet kunnen terugverdienen, ongeacht het feit dat een deel van de steun via rechtstreekse subsidies aan de begunstigde wordt uitgekeerd. Door de nieuwe aandeelhoudersstructuur, waarbij de staat 95 % van de aandelen in handen heeft, zal de staat in feite kunnen profiteren van en worden vergoed voor de steun in de vorm van een kapitaalinjectie in CE Oltenia, rechtstreekse subsidies of een garantie, aangezien de waarde van de deelneming stijgt doordat CE Oltenia een hoger nettoresultaat kan boeken dankzij de lage of nulvergoeding voor de financiële instrumenten in vergelijking met financiering tegen marktvoorwaarden.
(202) Zoals uiteengezet in overweging 81, hebben de Roemeense autoriteiten zich er bovendien toe verbonden om vóór het einde van de herstructureringsperiode in 2026 een toereikende hoeveelheid aandelen van de Roemeense staat in CE Oltenia af te stoten, d.w.z. minstens 20 % van de eigendomsrechten. Roemenië heeft een waarderingsanalyse overgelegd waarin de indicatieve marktwaarde van de overheidsdeelneming van 20 % in het eigen vermogen van CE Oltenia per 31 december 2026 wordt geraamd op […] EUR uitgaande van het basisscenario of […] EUR overeenkomstig het alternatieve scenario (overweging 84). Zodra de deelneming is afgestoten, vormt het indicatieve bedrag van […] EUR de vergoeding achteraf voor de staat voor de steun aan CE Oltenia. Roemenië heeft zich er dan ook vast toe verbonden om minimaal 20 % van de eigendomsrechten af te stoten, maar heeft niet toegezegd een bepaalde minimumprijs te verkrijgen voor die afstoting; het opgegeven bereik is indicatief. De Commissie gebruikt een conservatieve raming van […] EUR bij de berekening van de vergoeding achteraf voor de staat. Het bedrag aan steun achteraf valt lager uit door de afstoting tegen marktvoorwaarden. Een dergelijke vergoeding achteraf aan de staat kan als passend worden beschouwd en de voorgenomen herstructureringssteun wordt derhalve op passende wijze vergoed.
(203) Overeenkomstig punt 58 van de R&H-richtsnoeren moeten de gekozen instrumenten bovendien geschikt zijn voor de solvabiliteits- of liquiditeitsproblemen die daarmee moeten worden verholpen. De herstructureringssteun omvat verschillende instrumenten (subsidies, een staatsgarantie voor een lening bij wijze van liquiditeitssteun en een kapitaalinjectie bij wijze van kapitaalsteun) waarmee CE Oltenia de nodige financiering voor het eigen vermogen krijgt om haar solvabiliteit en balanspositie te versterken en tegelijkertijd de nodige investeringen worden ondersteund om haar brandstofmix fundamenteel te wijzigen en haar CO2-kosten te dekken totdat de nieuwe stroomopwekkingsfaciliteiten volledig operationeel zijn. In dit verband is de Commissie van mening dat de gekozen instrumenten zowel de liquiditeits- als de solvabiliteitsproblemen van de begunstigde onderneming aanpakken.
(204) In deze omstandigheden acht de Commissie de herstructureringssteun passend.
5.3.2.3. Evenredigheid, eigen bijdrage en lastendeling
(205) Volgens punt 38, e), van de R&H-richtsnoeren moet herstructureringssteun beperkt blijven tot het minimum dat nodig is om de doelstelling van die steun te behalen. Het bedrag en de steunintensiteit van herstructureringssteun moeten beperkt blijven tot het minimum dat strikt noodzakelijk is om de herstructurering mogelijk te maken, in samenhang met de voorhanden zijnde financiële middelen van de onderneming, van haar aandeelhouders of van de ondernemingsgroep waarvan zij deel uitmaakt (punt 61 van de R&H-richtsnoeren). In het bijzonder moet worden gezorgd voor een eigen bijdrage van voldoende omvang in de kosten van de herstructurering en, wanneer staatssteun wordt verleend in een vorm die de eigenvermogenspositie van de begunstigde onderneming versterkt, ook voor lastendeling. Bij de beoordeling van deze eisen zal eerder toegekende reddingssteun mede in aanmerking worden genomen.
(206) De eigen bijdrage van de begunstigde aan het herstructureringsplan moet reëel en actueel zijn en dient normaal gesproken met de toegekende steun vergelijkbaar te zijn in termen van effecten op de solvabiliteit of de liquiditeitspositie van de begunstigde. Uit hoofde van punt 63 van de R&H-richtsnoeren moet de Commissie beoordelen of de diverse bronnen voor de eigen bijdrage actueel en vrij van steun zijn. Volgens punt 64 van de R&H-richtsnoeren beschouwt de Commissie eigen bijdragen in de regel als afdoende indien het bedrag ervan ten minste 50 % van de herstructureringskosten bedraagt.
(207) De Commissie moet nagaan of de diverse in de overwegingen 79 tot en met 91 beschreven bronnen van financiering voor het herziene herstructureringsplan vrij van steun zijn en reëel, wat wil zeggen dat voldoende zeker is dat deze financieringsbronnen bij de uitvoering van het herziene herstructureringsplan werkelijkheid zullen worden, onder uitsluiting van voor de toekomst verwachte winst.
(208) Zoals aangegeven in overweging 81, zullen de investeringen in nieuwe STEG’s en zonneparken mogelijk deels worden gefinancierd uit het moderniseringsfonds, op voorwaarde dat Roemenië de desbetreffende investeringsvoorstellen indient en dat de Europese Investeringsbank of het investeringscomité van het moderniseringsfonds, naargelang van het geval, die voorstellen bekrachtigt. De subsidies uit het moderniseringsfonds vormen staatssteun (zie overweging 124) en worden derhalve als een steunbedrag beschouwd en niet als een bron van eigen bijdrage.
(209) De belangrijkste bron van eigen bijdrage van CE Oltenia wordt gevormd door de opbrengsten uit de verkoop van elektriciteit. De totale verkoopopbrengsten in de periode 2021-2025 worden geraamd op 1,275 miljard EUR. Hoewel in punt 63 van de R&H-richtsnoeren is bepaald dat de verwachte toekomstige opbrengsten niet kunnen worden beschouwd als een voldoende zekere en actuele eigen bijdrage ter dekking van de investeringen en de andere kosten, moet wel in aanmerking worden genomen dat reeds 574 miljoen EUR van het bedrag van ongeveer 1,275 miljard EUR is ontvangen (zie overweging 87). Daarom aanvaardt de Commissie van het totale bedrag aan verkoopopbrengsten dat CE Oltenia als eigen bijdrage beschouwt, alleen het ontvangen bedrag van 574 miljoen EUR als reële en actuele eigen bijdrage.
(210) Om de uitfasering van bruinkool te vergemakkelijken, heeft CE Oltenia zich ertoe verbonden te investeren in energieprojecten op basis van zonne-energie en gas. Die projecten zullen worden gefinancierd door middel van i) bankleningen, ii) particuliere investeerders en iii) de bijdrage in natura van CE Oltenia.
(211) CE Oltenia heeft indicatieve contractvoorwaarden voor bancaire financiering ten bedrage van in totaal […] EUR ontvangen, ondertekend door financiële instellingen die belangstelling hebben getoond in deelname aan de projecten met betrekking tot hernieuwbare energie en gas (overweging 92). Hoewel de contractvoorwaarden de banken niet binden tot de verstrekking van financiering en er geen financiële overeenkomsten zijn ondertekend, blijkt eruit dat de banken serieuze belangstelling hebben om bij te dragen tot de financiering van de projecten. Bovendien ligt het financieringsbedrag dat deze banken willen verstrekken ruim boven het bedrag van […] EUR dat Roemenië wil aantrekken uit bankleningen. In die omstandigheden acht de Commissie het voldoende waarschijnlijk dat CE Oltenia bancaire financiering zal aantrekken. De Commissie kan daarom een behoudend bedrag van maximaal […] EUR aanvaarden als een reële eigen bijdrage die via bankleningen moet worden verstrekt.
(212) Voorts hebben de in het kader van een aanbestedingsprocedure geselecteerde particuliere investeerders een bedrag van maximaal […] EUR toegezegd (overweging 90). De biedingen van de geselecteerde marktinvesteerders zijn bindend en kunnen daarom worden beschouwd als een voldoende zekere bron van de eigen bijdrage. Zoals vermeld in overweging 115, is er geen bindende bieding ontvangen voor het STEG-project Ișalnița. Aangezien Roemenië het STEG-project in Ișalnița sowieso wil uitvoeren, met of zonder deelname van de particuliere sector, is de Commissie van oordeel dat de toegezegde eigen bijdrage van banken en particuliere investeerders ten bedrage van in totaal […] EUR niet zal veranderen, ongeacht de uitkomst van de hernieuwde inschrijvingsprocedure voor het STEG-project in Ișalnița. Hoewel de eigen bijdrage van particuliere investeerders kan toenemen als voor dit project een bindende bieding wordt ontvangen, heeft dat geen invloed op de beoordeling van de eigen bijdrage. Daarom is de Commissie van oordeel dat de door derden te verstrekken eigen bijdrage van […] EUR ([…] EUR van particuliere investeerders en […] EUR van financiële instellingen) reëel en actueel is en uit alle bronnen van eigen bijdrage afkomstig is, zodat het bedrag van […] EUR nieuwe financiering vormt.
(213) CE Oltenia zal met grond en diverse andere activa, met een totale reële waarde van 104 miljoen EUR, bijdragen aan het kapitaal van de SPV’s. Het bedrag is bevestigd door PwC en de (geselecteerde) investeerders in de SPV-projecten (overweging 91) en wordt daarom beschouwd als een reële eigen bijdrage.
(214) Gelet op het bovenstaande komt het totaalbedrag dat als reële en actuele bijdrage van de begunstigde kan worden aangemerkt uit op 1,278 miljard EUR, wat gelijkstaat aan ongeveer 32 % — oftewel minder dan 50 % — van de herstructureringskosten ten belope van 3,94 miljard EUR.
(215) Wanneer de bijzondere omstandigheden van steungebieden, zoals beschreven in artikel 107, lid 3, punt a), VWEU, dat vereisen (bijvoorbeeld wanneer een begunstigde onderneming het bijzonder moeilijk heeft om nieuwe financiering op de markt te vinden doordat zij in een steungebied is gevestigd), kan de Commissie instemmen met een bijdrage die lager ligt dan 50 % van de herstructureringskosten (punt 98 van de R&H-richtsnoeren). CE Oltenia is gevestigd in de regio Zuidwest-Oltenië, een steungebied in de zin van artikel 107, lid 3, punt a), VWEU(65).
(216) Bovendien kan de Commissie overeenkomstig punt 64 van de R&H-richtsnoeren alleen in uitzonderlijke omstandigheden en in het geval van een bijzondere noodsituatie een bijdrage accepteren die lager ligt dan 50 % van de herstructureringskosten. De lidstaat moet deze omstandigheden en gevallen aantonen indien het bedrag van die bijdrage aanzienlijk blijft.
(217) Onder de huidige omstandigheden naar aanleiding van de uitbraak van de COVID-19-pandemie meent de Commissie dat het, in het geval van CE Oltenia en overeenkomstig de richtsnoeren van de tijdelijke kaderregeling inzake staatssteun van 19 maart 2020 ter ondersteuning van de economie vanwege de huidige COVID-19-uitbraak, gerechtvaardigd kan zijn dat de eigen bijdrage onder 50 % van de herstructureringskosten blijft zolang die aanzienlijk blijft en aanvullende nieuwe financiering tegen marktvoorwaarden omvat(66).
(218) De Commissie erkent dat de COVID-19-pandemie en de maatregelen die zijn genomen om de pandemie in te dammen, uitzonderlijke omstandigheden hebben gecreëerd voor de begunstigde in de context van een ernstige verstoring van de economie in de zin van artikel 107, lid 3, punt b), VWEU. In dit verband ondervindt de activiteit van CE Oltenia aan de vraag- en de aanbodzijde sinds 2020 gevolgen van de pandemie (overweging 19). De COVID-19-pandemie heeft verder in de hand gewerkt dat de markten voor schuldfinanciering grotendeels zijn gesloten of beperkt voor bepaalde sectoren, en de financiële instellingen hebben hun kredietlimieten over het algemeen verlaagd.
(219) Aangezien de eigen bijdrage 32 % van de herstructureringskosten bedraagt en de helft daarvan als nieuwe financiering wordt verstrekt, en rekening houdend met het feit dat de begunstigde is gevestigd in een ondersteund gebied in de zin van artikel 107, lid 3, punt a), VWEU, en met de uitzonderlijke omstandigheden veroorzaakt door een ernstige verstoring van de economie in de zin van artikel 107, lid 3, punt b), VWEU, concludeert de Commissie dat in dit geval een bijdrage van minder dan 50 % aanvaardbaar is.
(220) Krachtens de punten 65, 66 en 67 van de R&H-richtsnoeren kan staatssteun die wordt verleend in een vorm die de eigenvermogenspositie van de begunstigde onderneming versterkt, als effect hebben dat aandeelhouders en achtergestelde schuldeisers worden beschermd tegen de gevolgen van hun keuze om in de begunstigde onderneming te investeren, waardoor moral hazard kan ontstaan en de marktdiscipline kan worden ondermijnd. Steun ter dekking van verliezen mag daarom alleen worden verleend op voorwaarde dat bestaande investeerders afdoende delen in de lasten en dat de overheidsmaatregelen pas plaatsvinden nadat de verliezen volledig in kaart zijn gebracht en de bestaande aandeelhouders en houders van achtergestelde schulden zijn aangesproken. Een afdoende lastendeling zal ook betekenen dat staatssteun die de eigenvermogenspositie van de begunstigde onderneming versterkt, dient te worden toegekend op voorwaarden waarmee de staat een redelijk deel in toekomstige waardestijgingen van de begunstigde onderneming ontvangt, naar rato van het eigen vermogen dat de staat inbrengt ten opzichte van het eigen vermogen van de onderneming dat overblijft nadat de verliezen zijn verwerkt.
(221) De herstructureringssteun werkt geen moral hazard of het nemen van buitensporige risico’s in de hand omdat de steun ten goede is gekomen aan aandeelhouders of schuldeisers. De Roemeense staat — de steunverlener — heeft namelijk alle strategische en commerciële beslissingen van CE Oltenia gemonitord en als meerderheidsaandeelhouder genomen, terwijl de exploitatie van de onderneming niet is gefinancierd met achtergestelde schulden of hybride (verliesabsorberende) instrumenten die waarschijnlijk gedeeltelijk zullen worden afgeschreven in overeenstemming met de lastenverdelingseisen van de R&H-richtsnoeren. In deze context zal de lastenverdeling door Fondul Proprietatea plaatsvinden door middel van een gedeeltelijke absorptie van verliezen, gevolgd door een kapitaalverhoging. Ten eerste zal het overgedragen verlies van CE Oltenia ten belope van ongeveer 251 miljoen EUR (1,217 miljard RON), d.w.z. een deel van het op 31 december 2020 overgedragen verlies van ongeveer 345 miljoen EUR (1,71 miljard RON), worden geabsorbeerd door de kapitaalverlaging (overweging 93). Hierna zal het aandelenkapitaal door de staat worden verhoogd met maximaal […] EUR, waardoor de deelneming van Fondul Proprietatea in CE Oltenia zal verminderen van […] % tot ongeveer […] % (overweging 94). In dit verband draagt Fondul Proprietatea tot de herstructurering bij door de verliezen in haar deelneming te absorberen en haar deelneming op passende wijze te verminderen, waardoor de behoefte aan staatssteun afneemt en de moral hazard wordt verminderd.
(222) De Commissie concludeert derhalve dat de herstructureringssteun evenredig is en een passende lastendeling omvat.
5.3.2.4. Eenmalig karakter van de steun en beperking van verstoringen van de mededinging
(223) Om de negatieve effecten van de steun te beperken teneinde ongewenste effecten op de mededinging en het handelsverkeer te voorkomen en om ervoor te zorgen dat de maatregel per saldo positief is(67), moet steun aan ondernemingen in moeilijkheden een eenmalig karakter hebben en mag de steun maximaal tien jaar duren.
(224) De Commissie staat herstructureringssteun toe ter ondersteuning van slechts één herstructureringsoperatie, mits, in voorkomend geval, meer dan tien jaar is verstreken na de eerdere toekenning van herstructureringssteun, na het aflopen van de herstructureringsperiode of nadat de uitvoering van het herstructureringsplan is beëindigd(68). De Commissie staat uitzonderingen op deze regel toe wanneer herstructureringssteun volgt op de toekenning van reddingssteun als onderdeel van één enkele herstructureringsoperatie(69).
(225) De herstructureringssteun aan CE Oltenia ondersteunt slechts één herstructureringsoperatie. CE Oltenia, met inbegrip van de onder haar zeggenschap staande dochterondernemingen, heeft de afgelopen tien jaar geen reddings- of herstructureringssteun ontvangen, met uitzondering van de reeds toegekende en in de overwegingen 28 en 31 vermelde maatregelen, die deel uitmaken van de onderzochte herstructureringssteun. Verder wordt voortgebouwd op de reddingssteun die in februari 2020 is goedgekeurd en voor een periode van zes maanden in het kader van één enkele herstructureringsoperatie is verleend. Bijgevolg heeft de steun een eenmalig karakter.
(226) Zoals uiteengezet in overweging 107, stelt Roemenië de volgende maatregelen voor om verstoringen van de mededinging te beperken: i) de sluiting van energiegroepen of mijnen; ii) de oprichting van SPV’s voor nieuwe investeringen, en iii) de uitbesteding van de warmtekrachtkoppelingsgroep S.E. Craiova II door middel van overdracht aan de gemeente.
(227) De Commissie is van mening dat de in overweging 226, punten i) en iii), genoemde maatregelen niet kunnen worden aangemerkt als maatregelen die de concurrentieverstoringen beperken. De voorgenomen sluiting van ondermaats presterende energiegroepen of mijnen is namelijk sowieso onvermijdelijk aangezien zij niet levensvatbaar zijn (zie overweging 108) en de S.E. Craiova II-groep, die voornamelijk thermische energie produceert voor Craiova, verlieslatend is en naar verwachting geen opbrengsten zal overhouden aan de overdracht.
(228) Wat de in overweging 226, punt ii), genoemde maatregel betreft, zal de netto beschikbare capaciteit van CE Oltenia (gebaseerd op nieuwe aardgas- en hernieuwbare-energieprojecten) door de oprichting van SPV’s voor nieuwe investeringen afnemen van […] tot ongeveer […], aangezien de deelname van CE Oltenia in SPV’s tussen 45 % en 50 % bedraagt (overweging 72). Hierdoor ontstaat een netto beschikbare capaciteit van ongeveer […], die beschikbaar zal zijn voor de aan de SPV’s deelnemende marktdeelnemers. Door deze maatregel zal de netto beschikbare capaciteit van de begunstigde bijgevolg verminderen en zal een aanzienlijke capaciteit worden opengesteld voor haar concurrenten.
(229) Wat gedragsmaatregelen betreft, heeft Roemenië zich verbonden tot de maatregelen in punt 84 van de R&H-richtsnoeren, te weten: i) CE Oltenia mag geen aandelen verwerven in ondernemingen gedurende de herstructureringsperiode, tenzij een en ander van onmisbaar belang is om de levensvatbaarheid van de onderneming op lange termijn te verzekeren en de Commissie daar goedkeuring voor verleent, en ii) CE Oltenia ziet ervan af om bij het op de markt brengen van haar producten en diensten uit te pakken met de steun van de overheid als een concurrentievoordeel (overweging 118). Overeenkomstig punt 83 van de R&H-richtsnoeren moeten die maatregelen ervoor zorgen dat “de steun uitsluitend wordt gebruikt om de levensvatbaarheid op lange termijn te herstellen, en moeten [zij] voorkomen dat de steun wordt misbruikt om ernstige en aanhoudende verstoringen van de marktstructuur te bestendigen of om de begunstigde onderneming tegen gezonde concurrentie te beschermen”.
(230) De Commissie is daarom van oordeel dat de maatregelen om verstoringen van de mededinging te beperken de negatieve gevolgen van de herstructureringssteun kunnen verkleinen.
5.3.2.5. Transparantie en verslaglegging
(231) Volgens punt 38, g), van de R&H-richtsnoeren moeten de lidstaten, de Commissie, de marktdeelnemers en het publiek gemakkelijk toegang hebben tot alle desbetreffende besluiten en relevante informatie over de toegekende steun. Daartoe hebben de Roemeense autoriteiten toegezegd de transparantiebepalingen van punt 96 van de R&H-richtsnoeren toe te passen door de betrokken informatie beschikbaar te stellen op de website www.ajutordestat.ro
(232) De Commissie acht het noodzakelijk dat Roemenië vanaf de datum van vaststelling van dit besluit tot het einde van de herstructureringsperiode om de zes maanden een verslag indient over de uitvoering van het herstructureringsplan. Die verslagen bevatten met name het volgende: de data waarop de door de staat toegezegde middelen en de eigen bijdrage daadwerkelijk worden uitbetaald; eventuele afwijkingen ten opzichte van het in het herstructureringsplan geplande financiële of operationele verloop, de kostenbeheersing en kostenverlagingen en winsten als gevolg van de herstructureringsmaatregelen, en de door Roemenië of de begunstigde, al naargelang, geplande of genomen corrigerende maatregelen.
5.3.2.6. Afweging van de positieve en de negatieve effecten
(233) Een zorgvuldig ontworpen staatssteunmaatregel moet ervoor zorgen dat de maatregel al bij al een positief effect oplevert, door te voorkomen dat de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt zodanig worden veranderd dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad.
(234) In de R&H-richtsnoeren heeft de Commissie de criteria vastgesteld aan de hand waarvan zij beoordeelt of herstructureringssteun verenigbaar is met de interne markt, om ervoor te zorgen dat de ontwikkeling van de betrokken economische bedrijvigheid de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt, niet zodanig verandert dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad. Zoals uiteengezet in de punten 5.3.2.1, 5.3.2.2 en 5.3.2.3, is de herstructureringssteun noodzakelijk, passend en evenredig. Voorts zijn er voldoende waarborgen om verstoringen van de mededinging tot een minimum te beperken (punt 5.3.2.4), met inbegrip van transparantie (punt 5.3.2.5).
(235) Als gevolg van de voorgestelde mededingingsmaatregelen, samen met de algehele vermindering van de productiecapaciteit van CE Oltenia, zal de aanwezigheid van CE Oltenia op de markt — waarop zij na de herstructurering actief zal blijven — worden beperkt en zal de markt in zekere mate worden opengesteld.
(236) In het licht van het bovenstaande is de Commissie van oordeel dat de maatregelen ter beperking van de door de steun veroorzaakte verstoringen van de mededinging, de negatieve gevolgen van de herstructureringssteun kunnen verkleinen.
(237) Bijgevolg wegen de positieve effecten van de herstructureringssteun op de ontwikkeling van de economische bedrijvigheid en de betrokken economische regio op tegen de potentiële negatieve gevolgen voor de mededinging en het handelsverkeer, die derhalve niet zodanig nadelig worden beïnvloed dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad.
5.4. Conclusie betreffende de verenigbaarheid
(238) Krachtens artikel 9, lid 6, van Verordening (EU) 2015/1589 moeten besluiten tot beëindiging van de formele onderzoeksprocedure worden genomen zodra de gerezen twijfel over de verenigbaarheid van een aangemelde maatregel met de interne markt is weggenomen.
(239) In het licht van het bovenstaande concludeert de Commissie dat de twijfels die zij in het inleidingsbesluit heeft opgeworpen, zijn weggenomen en dat de negatieve gevolgen van de herstructureringssteun voor de mededinging en het handelsverkeer beperkt zijn, gelet op met name de maatregelen ter beperking van verstoringen van de mededinging die door Roemenië moeten worden uitgevoerd. Mits Roemenië toeziet op de uitvoering van het herstructureringsplan(70), wegen de positieve effecten van de herstructureringssteun op de ontwikkeling van de energieproductie en van de regio Zuidwest-Oltenië, zwaarder dan de resterende negatieve effecten op de mededinging en het handelsverkeer, die dus niet zodanig nadelig worden beïnvloed dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad. De door Roemenië gedane toezeggingen moeten daarom worden vastgelegd in de vorm van voorwaarden voor de verenigbaarheid van de steun.
(240) In haar beoordeling concludeert de Commissie, rekening houdend met de opmerkingen van derden en van Roemenië alsook met de wijzigingen van het herstructureringsplan en met de door haar ondersteunde herstructureringssteun die is vastgesteld om de gerezen twijfels weg te nemen, dat de herstructureringssteun in overeenstemming is met artikel 107, lid 3, punt c), VWEU, aangezien hiermee de ontwikkeling van activiteiten op het gebied van elektriciteitsproductie en van de regio Zuidwest-Oltenië wordt vergemakkelijkt en de mededinging en het handelsverkeer tussen de lidstaten niet zodanig wordt verstoord dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad.
(241) Tot slot acht de Commissie het noodzakelijk dat Roemenië tot het einde van de herstructureringsperiode om de zes maanden een verslag indient over de uitvoering van het herstructureringsplan. Die verslagen bevatten met name het volgende: de data waarop de door Roemenië toegezegde middelen en de eigen bijdrage van de begunstigde worden uitbetaald; eventuele afwijkingen ten opzichte van het in het herstructureringsplan geplande financiële of operationele verloop wat betreft opbrengsten, kostenbeheersing en kostenverlagingen door herstructureringsmaatregelen, en winsten, en de door Roemenië of de begunstigde, al naargelang, geplande of genomen corrigerende maatregelen.
6. CONCLUSIE
(242) De Commissie stelt vast dat Roemenië een deel van de betrokken staatssteun op onwettige wijze heeft uitgevoerd, in strijd met artikel 108, lid 3, VWEU. De Commissie concludeert evenwel dat de herstructureringssteun verenigbaar is met de interne markt op grond van artikel 107, lid 3, punt c), VWEU,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 2
Roemenië moet ervoor zorgen dat CE Oltenia binnen de in het herziene herstructureringsplan geplande termijnen of, in voorkomend geval, uiterlijk aan het einde van de herstructureringsperiode, de in het herstructureringsplan opgenomen maatregelen en de aanverwante maatregelen ter beperking van de verstoringen van de mededinging volledig uitvoert, en wel als volgt:
-
sluiting of tijdelijke instandhouding als reserve van de gehele bruinkoolgestookte productiecapaciteit en ingebruikneming van de nieuwe productiecapaciteit tussen 2023 en 2026, onverminderd de buitengebruikstelling van capaciteit zoals bepaald in het nationale herstel- en veerkrachtplan van Roemenië; de capaciteit die Roemenië uiteindelijk buiten bedrijf zal stellen, is de capaciteit die is goedgekeurd in het kader van het nationale herstel- en veerkrachtplan;
-
geleidelijke inkrimping van het personeelsbestand;
-
geleidelijke vermindering van de CO2-uitstoot in combinatie met investeringen om andere voor het milieu schadelijke emissies te verminderen;
-
vermindering van het aandelenkapitaal, gevolgd door een verhoging daarvan;
-
oprichting van “special purpose vehicles” als joint ventures met mede-investeerders;
-
ondertekening van financiële overeenkomsten met banken;
-
afsplitsing van de elektriciteitscentrale van Craiova;
-
oprichting van een afzonderlijke dochteronderneming van CE Oltenia, waarin de bestaande bruinkoolcentrales en aanverwante activa van CE Oltenia en de exploitatie ervan zullen worden ondergebracht die buiten de transitie naar gas of hernieuwbare energiebronnen vallen.
Roemenië doet uiterlijk op 31 december 2026 afstand van minstens 20 % van zijn deelneming in CE Oltenia.
Roemenië moet bij de Commissie regelmatig verslag uitbrengen over de uitvoering van het herstructureringsplan, om de zes maanden met ingang van de datum waarop dit besluit wordt vastgesteld tot het einde van de herstructureringsperiode op 31 december 2026. Die verslagen bevatten met name het volgende: de data waarop de door de staat toegezegde middelen en de eigen bijdrage van de begunstigde daadwerkelijk worden uitbetaald; de naleving van de voorwaarden van dit besluit; eventuele afwijkingen ten opzichte van het in het herstructureringsplan geplande financiële of operationele verloop, de kostenbeheersing en kostenverlagingen en winsten als gevolg van de herstructureringsmaatregelen; en de door Roemenië of, in voorkomend geval, de begunstigde geplande of genomen corrigerende maatregelen.
Artikel 3
Roemenië stelt de Commissie binnen twee maanden na kennisgeving van dit besluit in kennis van de maatregelen die het heeft genomen om hieraan te voldoen.
Artikel 4
Dit besluit is gericht tot Roemenië.