Verordening (EG) nr. 2870/2000 wordt als volgt gewijzigd:
-
Het volgende artikel 1 bis wordt ingevoegd:
1.Deze verordening is van toepassing op ethylalcohol uit landbouwproducten als gedefinieerd in artikel 5 van Verordening (EU) 2019/787 van het Europees Parlement en de Raad(*).
2.De referentiemethoden van de Unie voor de analyse van ethylalcohol uit landbouwproducten zijn die welke zijn opgenomen in de bijlage bij deze verordening.
3.Voor de toepassing van deze verordening wordt ethylalcohol uit landbouwproducten beschouwd als een distillaat waarvan het alcoholvolumegehalte direct wordt gemeten overeenkomstig aanhangsel II van hoofdstuk I van de bijlage.
Wanneer het alcoholmonster niet helder is of zwevende deeltjes zichtbaar zijn, wordt het monster echter eerst gedistilleerd.
4.Voor de bepaling van vluchtige stoffen moet kalibratie met de in absolute ethanol bereide standaardoplossing C worden uitgevoerd om de matrix van de monsters en die van de standaardoplossingen, zoals beschreven in hoofdstuk III.2 van de bijlage, op elkaar af te stemmen.
5.Voor de bepaling van furfural, zoals beschreven in hoofdstuk X van de bijlage, wordt ethylalcohol uit landbouwproducten tweemaal verdund met water om het oorspronkelijke volume te verdubbelen en een met de kalibratie-oplossingen verenigbaar alcoholvolumegehalte te bereiken. De resultaten van de analyse van furfural worden omgerekend naar gram per hectoliter zuivere alcohol (100 % vol) overeenkomstig de volgende vergelijking: concentratie furfural in gram per hectoliter zuivere alcohol (100 % vol) = concentratie furfural in mg/l × 10/alcoholvolumegehalte (% vol), waarbij het alcoholvolumegehalte (% vol) het alcoholgehalte van het gemeten monster is, zoals bepaald in hoofdstuk I van de bijlage.
6.Voor de bepaling van het 14C-gehalte in ethanol moet de in hoofdstuk XI van de bijlage beschreven methode worden gebruikt.
-
De bijlage wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.