De procedures en methoden voor het testen en aanvaarden van in een product gebruikte eindproducten, zoals bedoeld in artikel 11, lid 2, punt c), van Richtlijn (EU) 2020/2184 betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water, zijn vastgesteld in de bijlagen I tot en met IV.
Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/368 van de Commissie van 23 januari 2024 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Richtlijn (EU) 2020/2184 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de procedures en methoden voor het testen en aanvaarden van eindmaterialen die worden gebruikt in producten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water
Uitvoeringsbesluit (EU) 2024/368 van de Commissie van 23 januari 2024 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Richtlijn (EU) 2020/2184 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de procedures en methoden voor het testen en aanvaarden van eindmaterialen die worden gebruikt in producten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn (EU) 2020/2184 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020 betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water(1), en met name artikel 11, lid 2, punt c),
Overwegende hetgeen volgt:
Om eindmaterialen te kunnen testen en aanvaarden voor gebruik in producten die in contact komen met voor menselijke consumptie bestemd water, moeten hygiënevereisten worden vastgesteld voor elke categorie eindmateriaal, te weten organische materialen, cementgebonden materialen, metallische materialen, en emaillen, keramische of andere anorganische materialen. De te gebruiken methoden, waarmee rekening moet worden gehouden bij de uitvoering van de conformiteitsbeoordelingsprocedures van producten, moeten onder meer gebaseerd zijn op bijlage V bij Richtlijn (EU) 2020/2184.
Voor het testen van de eindmaterialen moeten relevante stoffen en andere relevante parameters worden geïdentificeerd. Die stoffen en parameters moeten in het migratiewater worden geanalyseerd. Er moeten vereisten voor dergelijke testprocedures en analysen worden vastgesteld.
In dit besluit moeten de testvereisten worden vastgesteld om de uitvoering van de tests te waarborgen. Voor de testvereisten voor organische, cementgebonden, emaillen en keramische materialen moet een risicogebaseerde aanpak gelden, waarbij het product dat in contact komt met voor menselijke consumptie bestemd water, in categorieën wordt ingedeeld. Met de risicogebaseerde aanpak wordt ervoor gezorgd dat de tests in verhouding staan tot het risico voor de menselijke gezondheid van het eindmateriaal.
De tests voor elk eindmateriaal moeten worden uitgevoerd overeenkomstig de vastgestelde testvereisten om te waarborgen dat het voor menselijke consumptie bestemde water gezond en schoon is. Om te bepalen of het eindmateriaal moet worden aanvaard en goedgekeurd, moeten criteria voor goed- of afkeuring worden vastgesteld waaraan de testresultaten moeten voldoen.
Om te waarborgen dat de tests evenredig zijn, moet het mogelijk zijn de tests voor kleine onderdelen van geassembleerde producten en materialen die in die onderdelen worden gebruikt, te beperken.
Nationale bevoegde autoriteiten of instanties moeten voldoende tijd krijgen om hun nationale systemen aan te passen aan de nieuwe vereisten voor het testen en aanvaarden van eindmaterialen. De toepassing van dit besluit moet daarom worden uitgesteld.
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het in artikel 22, lid 1, van Richtlijn (EU) 2020/2184 bedoelde comité,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 2 Definities
Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
-
“uitgangsstof”: een opzettelijk toegevoegde stof bij de productie van organische materialen of van hulpstoffen voor cementgebonden materialen;
-
“bestanddeel”: een van de volgende substanties:
-
een stof die opzettelijk is gebruikt om een cementgebonden materiaal te vervaardigen;
-
een legeringselement in een samenstelling van metallische materialen;
-
een element of combinatie van elementen in een samenstelling van emaillen, keramische of andere anorganische materialen;
-
een stof in een mengsel van stoffen;
-
-
“product”: een voorwerp dat in contact komt met voor menselijke consumptie bestemd water, dat gemaakt is van eindmaterialen, en dat bedoeld is om in de handel te worden gebracht;
-
“geassembleerd product”: een product dat bestaat uit twee of meer onderdelen die aan elkaar zijn gevoegd en als een geheel functioneren, en dat uit elkaar kan worden gehaald zonder de onderdelen te vernietigen;
-
“onderdeel”: een identificeerbaar deel van een geassembleerd product dat uit een of meer materialen bestaat;
-
“meerlagig product”: een product dat bestaat uit twee of meer aan elkaar gebonden lagen van eindmateriaal bestaat en dat niet voor tests uit elkaar kan worden gehaald zonder het te vernietigen;
-
“materiaal”: vaste stof, halfvaste stof of vloeistof die wordt gebruikt voor de vervaardiging van een product en die:
-
een organische samenstelling is uit een of meer organische uitgangsstoffen, of
-
een cementgebonden samenstelling is uit een of meer bestanddelen, of
-
een metallische, emaillen, keramische of andere anorganische samenstelling is;
-
-
“organisch materiaal”: een materiaal dat voornamelijk bestaat uit koolstofhoudende stoffen;
-
“metallisch materiaal”: een metaal of een metaallegering dat of die in bulk of als metallische deklaag wordt gebruikt;
-
“cementgebonden materiaal”: een materiaal dat een voldoende hoeveelheid hydraulisch cement bevat om als hoofdbindmiddel te fungeren door een gehydrateerde structuur te vormen die bepalend is voor de eigenschappen van het materiaal;
-
“email”: een glasachtig materiaal dat wordt verkregen door een mengsel van anorganische stoffen bij temperaturen boven 1 200 °C te smelten en te sinteren;
-
“keramisch materiaal”: een anorganisch poly- of monokristallijn, niet-metallisch vast materiaal dat tijdens de vervaardiging wordt onderworpen aan hoge temperaturen;
-
“eindmateriaal”: materiaal dat overeenkomstig de test- en aanvaardingsvereisten van de desbetreffende bijlagen I, II, III en IV bij dit besluit moet worden getest en aanvaard;
-
“ter plaatse toegepast materiaal”: een op een bouwplaats te produceren eindmateriaal;
-
“proefstuk”: een object dat representatief is voor het eindmateriaal en dat wordt gebruikt voor tests overeenkomstig de testprocedures en -methoden van de desbetreffende bijlagen I, II, III en IV bij dit besluit;
-
“onverwachte stof”: een stof die vanuit een product, organische eindmateriaal of cementgebonden eindmateriaal naar voor menselijke consumptie bestemd water is gemigreerd, die niet opzettelijk is toegevoegd tijdens het productieproces van het materiaal of product, en die niet is opgenomen in de informatie die is verstrekt in de in artikel 11, lid 5, van Richtlijn (EU) 2020/2184 bedoelde aanvraag;
-
“formulering”: de lijst van alle bij de bereiding van een organisch of cementgebonden materiaal gebruikte stoffen of bestanddelen en de respectieve hoeveelheden daarvan;
-
“volledige barrière”: een barrièrelaag die voorkomt dat stoffen worden verspreid naar de zijkant van het eindmateriaal dat in contact komt met het voor menselijke consumptie bestemd water;
-
“bevordering van microbiële ontwikkeling” (enhancement of microbial growth — EMG): het vermogen van organische of cementgebonden eindmaterialen om de vermenigvuldiging van micro-organismen onder bepaalde omstandigheden te bevorderen;
-
“migratiewater”: het testwater dat onder de in de desbetreffende bijlagen I, II, III en IV vastgestelde omstandigheden in contact is geweest met het proefstuk.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Het is van toepassing met ingang van 31 december 2026.
Gedaan te Brussel, 23 januari 2024.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula von der Leyen