De wijziging van het uitvoeringsprotocol bij de Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Islamitische Republiek Mauritanië, die op respectievelijk 6 september en 30 september 2024 door de gemengde commissie bij briefwisseling is vastgesteld, wordt namens de Unie goedgekeurd.
Besluit (EU) 2024/3135 van de Commissie van 17 december 2024 tot goedkeuring namens de Europese Unie van een wijziging van het uitvoeringsprotocol bij de Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Islamitische Republiek Mauritanië
Besluit (EU) 2024/3135 van de Commissie van 17 december 2024 tot goedkeuring namens de Europese Unie van een wijziging van het uitvoeringsprotocol bij de Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Islamitische Republiek Mauritanië
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Besluit (EU) 2022/1448 van de Raad van 18 juli 2022 betreffende de sluiting van de Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij tussen de Europese Unie en de Islamitische Republiek Mauritanië en het bijbehorende uitvoeringsprotocol(1), en met name artikel 3,
Overwegende hetgeen volgt:
Overeenkomstig Besluit (EU) 2021/2123 van de Raad(2) zijn de Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij (PODV) tussen de Unie en Mauritanië en het bijbehorende uitvoeringsprotocol op 15 november 2021 ondertekend en sindsdien voorlopig toegepast.
Op grond van artikel 14, lid 3, punt c), van de PODV is de gemengde commissie gemachtigd om wijzigingen van het uitvoeringsprotocol en de bijlagen daarbij goed te keuren met betrekking tot de technische voorwaarden en regelingen waaronder vissersvaartuigen van de Unie hun visserijactiviteiten verrichten. Overeenkomstig artikel 14, lid 5, van de PODV kan de gemengde commissie bij briefwisseling optreden.
Bij artikel 3 van Besluit (EU) 2022/1448 wordt de Commissie gemachtigd om namens de Unie, volgens de procedure en de voorwaarden van de bijlage bij dat besluit, haar goedkeuring te hechten aan wijzigingen van het uitvoeringsprotocol die worden vastgesteld door de bij artikel 14 van de PODV opgerichte gemengde commissie.
Op grond van het uitvoeringsprotocol gelden voor de vloot van de Unie in Mauritaanse havens de aanlandings- en overladingsverplichtingen die zijn vastgesteld in hoofdstuk V van bijlage I bij het uitvoeringsprotocol.
Wat de aanlandingsverplichtingen betreft, stelt de kapitein van een vaartuig van de Unie de Mauritaanse kustwacht (MKW) en de havenautoriteiten van de Mauritaanse haven waar hij zijn vangst wil aanlanden, ten minste 24 uur vóór de aanlanding in kennis van zijn voornemen. In antwoord op die kennisgeving stelt de MKW de kapitein van het vaartuig of diens vertegenwoordiger binnen 12 uur per fax of e-mail in kennis van zijn toestemming.
Wat overladingen betreft, stelt de kapitein van een vaartuig van de Unie de MKW en de havenautoriteiten van de haven waar hij zijn vangst wil overladen, ten minste 24 uur (48 uur voor tonijnvaartuigen) vóór de overlading in kennis van zijn voornemen. In antwoord op die kennisgeving stelt de MKW de kapitein van het vaartuig of diens vertegenwoordiger binnen 12 uur per fax of e-mail in kennis van zijn toestemming.
Sinds begin 2023 heeft de visserijsector van de Unie herhaaldelijk meegedeeld dat de MKW niet in staat was zijn toestemming tijdig mee te delen vanwege de congestie in de Mauritaanse havens en het onvermogen om de technische en operationele diensten te verlenen. De daaruit voortvloeiende vertragingen brengen de producten van de visserijsector van de Unie in gevaar. Hoewel de Mauritaanse autoriteiten werken aan de verbetering van de situatie, is tussen de Unie en de Mauritaanse autoriteiten besproken dat voor deze gevallen, in afwachting van een oplossing voor de vertragingen, moet worden voorzien in een afwijking van de aanlandingsverplichting.
Op 8 december 2023 is de gemengde commissie die werkzaam is in het kader van de PODV en het uitvoeringsprotocol, overeengekomen een voorstel te onderzoeken voor een afwijking van de aanlandings- en overladingsverplichtingen, zodat marktdeelnemers hun producten in andere havens kunnen aanlanden in geval van aanzienlijke vertragingen om de kwaliteit van de visserijproducten niet in gevaar te brengen.
De Commissie heeft een voorstel opgesteld tot wijziging van hoofdstuk V van bijlage I door daarin een nieuwe afdeling op te nemen die voorziet in een uitzondering op de aanlandings- en overladingsverplichting wanneer de wachttijd voor aanlandings- of overladingsactiviteiten meer dan 24 uur bedraagt vanaf de in de kennisgeving vermelde datum en tijd.
Het wijzigingsvoorstel is op 14 mei 2024 bij de Raad ingediend overeenkomstig punt 2 van de bijlage bij Besluit (EU) 2022/1448. De Raad heeft het voorstel getoetst aan punt 3 van die bijlage en er geen bezwaar tegen gemaakt.
Het besluit moet in werking treden op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie om marktdeelnemers in staat te stellen hun producten in andere havens aan te landen in geval van aanzienlijke vertragingen en om de kwaliteit van de visserijproducten niet in gevaar te brengen.
De gemengde commissie heeft bij briefwisseling besloten de voorgestelde wijziging goed te keuren. De brieven werden op respectievelijk 6 september en 30 september 2024 gedeeld.
De wijziging van het protocol moet namens de Unie worden goedgekeurd,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De wijziging van het protocol is aan dit besluit gehecht.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 17 december 2024.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula von der Leyen
BIJLAGE
In hoofdstuk V van bijlage I bij het uitvoeringsprotocol bij de Partnerschapsovereenkomst inzake duurzame visserij met Mauritanië:
-
wordt de titel van punt 3 als volgt geherformuleerd: “Afwijkingen van de aanlandingsplicht in geval van overmacht”;
-
wordt het volgende punt 4 toegevoegd:
-
Afwijkingen van de aanlandings- of overladingsplicht in geval van een wachttijd voor aanlandings- of overladingsactiviteiten van meer dan 24 uur vanaf de datum en het tijdstip die zijn vermeld in de kennisgeving van de aanlandings- of overladingsaanvraag van de exploitant overeenkomstig punt 1.6 of 2.5;
-
In afwijking van de punten 1 en 2 mogen de betrokken exploitanten hun vangsten aanlanden of overladen op de rede van een Mauritaanse haven of in een haven buiten Mauritanië in geval van technische of logistieke moeilijkheden() die ertoe leiden dat de aanlanding aan de kade of de overlading op de rede door een vaartuig van de Unie een vertraging oploopt van meer dan 24 uur vanaf de datum en het tijdstip die zijn vermeld in de kennisgeving van de aanlandings- of overladingsaanvraag van de exploitant overeenkomstig punt 1.6 of 2.5. Daartoe kunnen de betrokken exploitanten bij wijze van uitzondering de volgende afwijkingsprocedure activeren:
-
De exploitant stelt zijn nationale autoriteiten, de autoriteiten van de Unie (de EU-delegatie in Mauritanië en DG MARE van de Europese Commissie) en de MKW onverwijld in kennis van de vaststelling van de bovengenoemde vertraging.
-
De autoriteiten van de Unie verzoeken de minister van Visserij en Maritieme Economie de afwijkingsprocedure in te leiden en zenden de MKW de lijst van betrokken vaartuigen van de Unie toe.
-
De Mauritaanse autoriteiten leiden de afwijkingsprocedure zo snel mogelijk in.
-
Zodra deze afwijkingsprocedure is ingeleid, kan de exploitant de MKW verzoeken om toestemming om de vangsten van producten over te laden op de rede van een Mauritaanse haven of aan te landen in een haven die in onderlinge overeenstemming moet worden bepaald.
-
De MKW wijst zo snel mogelijk de medewerkers aan die het (de) betrokken vaartuig(en) op de rede van een Mauritaanse haven zullen controleren of de inspecteurs die aan boord van het vaartuig zullen gaan en het naar de haven van aanlanding zullen vergezellen. Na de aanlanding worden de inspecteurs door de exploitant weer naar hun oorspronkelijke plaats van inscheping gebracht.
-
De exploitant is verantwoordelijk om, in overleg met de MKW, de nodige administratieve procedures voor de verplaatsingen van de medewerkers te organiseren en te waarborgen.
-
De exploitant moet gepaste werkomstandigheden waarborgen en draagt alle eventuele reiskosten van de medewerkers.
-
-
Deze procedure is van toepassing onverminderd de andere in hoofdstuk V, punten 1.2, 1.4, 1.5, 2.4 en 3, van bijlage I bij het protocol bedoelde vrijstellingen.
-
Wanneer deze afwijkingsprocedure wordt toegepast, komen beide partijen ook de praktische regelingen voor aanlandingen overeen in verband met de bijdrage in natura als bedoeld in hoofdstuk III, punt 2, van bijlage I bij het protocol, met inbegrip van de mogelijkheid om de aanlanding van die gecumuleerde bijdragen uit te stellen voor een volgende visreis waarbij in een Mauritaanse haven wordt aangeland.
-
De afwijking is van toepassing zolang aan de in punt 1 bedoelde voorwaarden is voldaan.”.
-
-