Gewijzigd voorstel voor een beschikking van het Europees Parlement en de Raad inzake een regelgevingskader voor het radiospectrumbeleid in de Europese Gemeenschap (door de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag ingediend)
Gewijzigd voorstel voor een beschikking van het Europees Parlement en de Raad inzake een regelgevingskader voor het radiospectrumbeleid in de Europese Gemeenschap (door de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag ingediend)
Gewijzigd voorstel voor een BESCHIKKING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD INZAKE EEN REGELGEVINGSKADER VOOR HET RADIOSPECTRUMBELEID IN DE EUROPESE GEMEENSCHAP (door de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2 van het EG-verdrag ingediend)
1. Achtergrond
Indiening van het voorstel bij de Raad en het Europees Parlement (COM(2000) 407 -- 2000/0187 (COD) overeenkomstig artikel 175, lid 1, van Verdrag 29 augustus 2000
Advies van het Economisch en Sociaal Comité 24 januari 2001
Advies van het Europees Parlement - eerste lezing 5 juli 2001
2. Doel van het voorstel van de Commissie
Het voorstel creëert een beleids- en regelgevingskader in de Europese Gemeenschap teneinde ervoor te zorgen dat het beleid terzake wordt gecoördineerd en dat in voorkomend geval geharmoniseerde voorwaarden worden geschapen wat betreft de beschikbaarheid en het efficiënte gebruik van het radiospectrum, voorzover nodig voor de totstandbrenging en het functioneren van de interne markt op communautaire beleidstreinen als elektronische communicatie, vervoer en onderzoek en ontwikkeling (O&O).
3. Advies van de Commissie over de door het Parlement voorgestelde amendementen
3.1. Door de Commissie aanvaarde amendementen (1, 2, 4, 5, 6, 8, 17, 22, 23, 24, 25)
Amendement 1, met betrekking tot het standpunt van het Parlement over voorgestelde volgende stappen in het radiospectrumbeleid na het overleg over het Groenboek van 1998.
Amendement 2 (gedeeltelijk), waarmee een sterkere formulering wordt ingevoerd met betrekking tot de definitie en de verwezenlijking van communautaire beleidsdoelstellingen inzake het radiospectrum.
Amendement 4, dat een nieuwe overweging introduceert waarbij de lidstaten worden verzocht ervoor te zorgen dat de indeling en toewijzing van het radiospectrum wordt gebaseerd op objectieve, transparante, niet-discriminerende en proportionele criteria, waarbij democratische, sociale en culturele belangen in aanmerking worden genomen.
Amendement 5, betreffende de noodzaak van communautaire coördinatie van op nationaal niveau overeengekomen standpunten met betrekking tot beleidskwesties inzake het radiospectrum.
Amendement 6, waarmee om transparantie in de overlegactiviteiten wordt verzocht.
Amendement 8, waarmee om communautaire coördinatie inzake beleidskwesties met betrekking tot het radiospectrum wordt verzocht.
Amendement 17, waarmee veiligheid en de (on)beschikbaarheid van andere communicatiemiddelen dan radio worden toegevoegd als factoren waarmee bij de communautaire besluitvorming rekening moet worden gehouden.
Amendement 22 is op de plenaire zitting van het EP ingetrokken.
Amendement 23 verwees oorspronkelijk naar mandaten voor de Europese Conferentie van PTT-administraties (CEPT) op gebieden die binnen haar opdracht vallen. Het laatste deel van deze zin is in het goedgekeurde compromisamendement echter weggevallen (doordat de oorspronkelijke amendementen 19, 23 en 20 zijn samengevoegd), hetgeen als dusdanig niet aanvaardbaar is.
Amendement 24, waarmee een nieuwe alinea wordt toegevoegd waarin wordt verzocht ook regionale aspecten in aanmerking te nemen bij de beleidsvorming inzake het radiospectrum.
Met betrekking tot de openbare beschikbaarheid van informatie inzake het radiospectrum, wordt in amendement 25 toelichting gegeven bij de tekst van het artikel 7 en wordt de bijlage bij het oorspronkelijke voorstel geschrapt.
3.2. Door de Commissie gedeeltelijk of in principe aanvaarde amendementen (3, 7, 9, 11, 12, 13, 20)
De Commissie kan amendement 3 in principe aanvaarden, mits aan het eind van punt 2 de volgende formulering wordt gebruikt: "Het radiospectrumbeleid in de Gemeenschap moet bijdragen tot de vrijheid van meningsuiting, overeenkomstig relevante nationale en internationale maatregelen."
Met betrekking tot de verslaglegging aan het Europees Parlement en de Raad inzake de toepassing van de beschikking, kan de Commissie amendement 7 in principe aanvaarden, mits beide instellingen een formeel standpunt innemen over de in het kader van de beschikking uitgevoerde activiteiten.
De Commissie kan het voorstel van amendement 9 in principe goedkeuren; dit houdt in dat er prioriteiten moeten worden vastgesteld tussen militair en burgerlijk gebruik van het radiospectrum; zij verkiest echter de volgende formulering: "Er moet een passend evenwicht worden gevonden tussen het gebruik van het radiospectrum voor, enerzijds, openbare ordehandhaving, openbare veiligheid en defensie en, anderzijds, civiele doeleinden. In het licht van deze doelstelling moet bij alle op de beschikking gebaseerde harmonisatie-initiatieven rekening worden gehouden met het mogelijke effect ervan op alle gebruikersgemeenschappen. De delegaties van de lidstaten in het Radiospectrumcomité moeten daarom een nationaal geconsolideerd standpunt innemen over beleidskwesties met betrekking tot het radiospectrum, dat tot stand is gekomen door intern overleg tussen alle betrokken partijen, inclusief diegene die bevoegd zijn voor openbare veiligheid, openbare ordehandhaving en defensie."
De Commissie kan amendement 11 aanvaarden mits de volgende formulering wordt gebruikt: "In het licht van de algemene doelstellingen op het gebied van harmonisatie en een efficiënter gebruik van het spectrum in de Gemeenschap en in Europa moet de beschikbaarheid van dergelijke informatie op Europees niveau op een gebruikersvriendelijke manier worden geharmoniseerd."
Met betrekking tot de onderhandelingen op Wereldradiocommunicatieconferenties kan de Commissie amendement 12 in principe aanvaarden mits de volgende formulering wordt gebruikt: "De Commissie neemt deel aan de werkzaamheden van de Europese Conferentie van PTT-administraties (CEPT) waarin Europese voorstellen voor dergelijke conferenties worden voorbereid om erop toe te zien dat de communautaire belangen bij de voorbereidingen en de onderhandelingen adequaat in aanmerking worden genomen. Dit is gebeurd op de conferenties van 1995, 1997 en 2000 en de bestaande mechanismen voor samenwerking zullen dan ook worden gebruikt met het oog op de aanstaande conferentie in 2003."
De Commissie kan ook het laatste deel van hetzelfde amendement aanvaarden mits de volgende formulering wordt gebruikt: "Bij dergelijke internationale onderhandelingen dient de Commissie de Raad en het Europees Parlement mede te delen of het communautaire beleid erdoor wordt beïnvloed, teneinde de instemming van de Raad te verkrijgen met de te verwezenlijken communautaire beleidsdoelstellingen en de standpunten die door de lidstaten op internationaal niveau moeten worden ingenomen."
De Commissie kan het eerste deel (alinea a) van amendement 13 in principe aanvaarden mits de volgende formulering wordt gebruikt: "Om dit doel te verwezenlijken, worden met deze beschikking procedures ingesteld om: (a) de beleidsvorming te vergemakkelijken met betrekking tot de strategische planning en de harmonisatie van het gebruik van het radiospectrum in de Gemeenschap, waarbij ondermeer rekening wordt gehouden met economische aspecten en aspecten inzake veiligheid, gezondheid, openbaar belang, vrijheid van meningsuiting, alsmede culturele, wetenschappelijke, sociale en technische aspecten van het communautair beleid en de diverse belangen van gebruikersgemeenschappen van het radiospectrum met het doel het gebruik van het spectrum te optimaliseren en schadelijke interferentie te vermijden."
De Commissie had amendement 20 in zijn oorspronkelijke vorm kunnen aanvaarden aangezien daarin werd verwezen naar het gebruik van een adviescomitéprocedure ter goedkeuring van mandaten aan de CEPT. Het compromisamendement (waarin de oorspronkelijke amendementen 19, 20 en 23 zijn samengevoegd) verwijst echter naar het gebruik van een regelgevingsprocedure, die niet kan worden aanvaard (zie punt 3.3 hieronder).
3.3. Door de Commissie niet aanvaarde amendementen (10, 14, 15, 16, 18, 19, 21)
In de amendementen 10 en 21 wordt voorgesteld dat alle besluiten inzake harmonisatiemaatregelen moeten worden vastgesteld in het kader van de communautaire wetgevingsprocedure, d.w.z. door middel van de medebeslissingsprocedure, terwijl het voorstel van de Commissie het gebruik inhoudt van comitéprocedures waar nodig om overeengekomen communautair beleid uit te voeren. In deze amendementen wordt ook voorgesteld dat het Parlement een vetorecht krijgt op de resultaten van de mandaten aan de CEPT en op de in de comités genomen maatregelen, hetgeen indruist tegen de interinstitutionele overeenkomst inzake comitéprocedures. Deze amendementen zijn dan ook niet aanvaardbaar.
In amendementen 14 en 15 wordt voorgesteld om internationaal overeengekomen en van toepassing zijnde definities te wijzigen, hetgeen niet aanvaardbaar is.
De Commissie is het eens met het principe dat het Parlement moet worden ingelicht over en, waar nodig, moet worden betrokken bij het overleg over kwesties inzake het communautaire radiospectrumbeleid. Amendement 16 over de betrokkenheid van de Parlement bij de groep van hogere ambtenaren inzake het radiospectrumbeleid gaat echter te ver en kan dan ook niet worden aanvaard.
Wijziging 18 is niet aanvaardbaar omdat het onjuist is, in de zin dat het comité geen harmonisatiemaatregelen uitvoert maar wel dergelijke maatregelen, die door de lidstaten moeten worden uitgevoerd, ontwikkelt en aanpast.
Hoewel bepaalde elementen van de amendementen 20 en 23 in principe door de Commissie hadden kunnen worden aanvaard, kon het voorgestelde compromisamendement (waarin de oorspronkelijke amendementen 19, 20 en 23 zijn samengevoegd) om de volgende redenen niet worden aanvaard. In het compromisamendement wordt voorgesteld dat een Comité van hogere ambtenaren inzake het radiospectrumbeleid wordt opgericht, hetgeen niet het geval is. In het amendement wordt ook voorgesteld dat de Commissie altijd maatregelen aan het Parlement en de Raad voorstelt, hetgeen echter alleen het geval is wanneer dergelijke voorstellen verder gaan dan de vaststelling (via comitéprocedures) van technische uitvoeringsmaatregelen. Het amendement bepaalt verder dat de CEPT altijd mandaten krijgt bij de ontwikkeling van technische uitvoeringsmaatregelen, hetgeen echter alleen het geval is op gebieden waarvoor de CEPT bevoegd is, namelijk frequentietoewijzing en informatieverstrekking. Het amendement is ook niet aanvaardbaar omdat erin wordt voorgesteld mandaten van het comité goed te keuren via een regelgevingsprocedure, hetgeen een afwijking zou betekenen van de huidige praktijken in het kader van de communautaire wetgeving en onlogisch zou zijn, aangezien een regelgevingsprocedure normaal wordt gebruikt om maatregelen vast te stellen die de lidstaten moeten uitvoeren.
3.4. Gewijzigd voorstel
Gelet op artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag wijzigt de Commissie haar voorstel op de hierboven aangegeven wijze.