Home

Aanpassing van het Reglement van het Parlement aan het Verdrag van Lissabon Besluit van het Europees Parlement van 25 november 2009 over de aanpassing van het Reglement van het Parlement aan het Verdrag van Lissabon (2009/2062(REG))

Aanpassing van het Reglement van het Parlement aan het Verdrag van Lissabon Besluit van het Europees Parlement van 25 november 2009 over de aanpassing van het Reglement van het Parlement aan het Verdrag van Lissabon (2009/2062(REG))

21.10.2010

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CE 285/86


Woensdag, 25 november 2009
Aanpassing van het Reglement van het Parlement aan het Verdrag van Lissabon

P7_TA(2009)0088

Besluit van het Europees Parlement van 25 november 2009 over de aanpassing van het Reglement van het Parlement aan het Verdrag van Lissabon (2009/2062(REG))

2010/C 285 E/16

Het Europees Parlement,

gelet op de artikelen 211 en 212 van zijn Reglement,

gezien het verslag van de Commissie constitutionele zaken waarin de amendementen zijn opgenomen die door de Begrotingscommissie waren voorgesteld in haar advies van 31 maart 2009 (A7-0043/2009),

1.

besluit onderstaande wijzigingen in zijn Reglement op te nemen;

2.

besluit dat de amendementen op 1 december 2009 in werking treden;

3.

verzoekt zijn Voorzitter dit besluit ter informatie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

BESTAANDE TEKST

AMENDEMENT

Amendement 3

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 11 – lid 3 bis (nieuw)

3 bis.Lid 1 is van overeenkomstige toepassing tot aan de inwerkingtreding van de regeling(1) volgens welke het aantal Parlementsleden van bepaalde lidstaten tot het einde van de zevende zittingsperiode wordt verhoogd. De betrokken lidstaten worden uitgenodigd in overeenstemming met hun nationale wetgeving waarnemers aan te wijzen.

Amendement 6

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 36

Verificatie van deeerbiediging vande grondrechten, de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid, de rechtsstaat en de financiële gevolgen

Eerbiediging vanhet Handvest van de grondrechten van de Europese Unie

Het Parlement besteedt bij de behandeling van een wetgevingsvoorstel met name aandacht aan de eerbiediging van de grondrechten en in het bijzonder aan de conformiteit van de wetgeving met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid en de rechtsstaat. In geval van een voorstel met financiële gevolgen gaat het Parlement bovendien na of in voldoende financiële middelen is voorzien.

1.Het Parlement eerbiedigt bij al zijn werkzaamheden ten volle de grondrechten zoals verankerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.

Het Parlement eerbiedigt tevens ten volle de rechten en beginselen zoals neergelegd in artikel 2 en artikel 6, leden 2 en 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

2.Indien de ten principale bevoegde commissie, een fractie of ten minste veertig leden van oordeel zijn dat een ontwerp van wetgevingshandeling of delen daarvan strijdig zijn met rechten die in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie verankerd zijn, wordt de zaak op hun verzoek verwezen naar de commissie die bevoegd is voor de interpretatie van het Handvest. Het advies van die commissie wordt als bijlage bij het verslag van de ten principale bevoegde commissie gevoegd.

Amendement 7

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 38 – lid -1 (nieuw)

-1.In geval van een ontwerp van wetgevingshandeling met financiële gevolgen gaat het Parlement na of in voldoende financiële middelen voorzien is.

Amendement 8

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 38 bis (nieuw)

Artikel 38 bis

Verificatie van de eerbiediging van het beginsel van subsidiariteit

1.Het Parlement besteedt bij de behandeling van een ontwerp van wetgevingshandeling met name aandacht aan de eerbiediging van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid.

2.De commissie die bevoegd is voor de eerbiediging van het subsidiariteitsbeginsel kan aanbevelingen doen aan de commissie die bevoegd is voor het ontwerp van wetgevingshandeling.

3.Indien een nationaal parlement de Voorzitter overeenkomstig artikel 3 van het Protocol betreffende de rol van de nationale parlementen in de Europese Unie en artikel 6 van het Protocol betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid een met redenen omkleed advies toezendt, wordt dat document naar de ten principale bevoegde commissie verwezen en ter informatie toegezonden aan de commissie die bevoegd is voor de eerbiediging van het subsidiariteitsbeginsel.

4.Uitgezonderd in spoedeisende gevallen als bedoeld in artikel 4 van het Protocol betreffende de rol van de nationale parlementen, gaat de ten principale bevoegde commissie niet over tot haar definitieve stemming vóór het verstrijken van de in artikel 6 van het Protocol betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid bedoelde termijn van acht weken.

5.Indien gemotiveerde adviezen waarin wordt gesteld dat een ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel, ten minste een derde vertegenwoordigen van alle stemmen die aan de nationale parlementen zijn toegedeeld, dan wel een vierde indien het van een op grond van artikel 76 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie ingediend ontwerp van wetgevingshandeling betreft, neemt het Parlement geen besluit alvorens de indiener van het ontwerp te kennen heeft gegeven hoe hij verder te werk wil gaan.

6.Indien, in het kader van de gewone wetgevingsprocedure, gemotiveerde adviezen waarin wordt gesteld dat een voorstel voor een wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel, ten minste een gewone meerderheid vertegenwoordigen van alle stemmen die aan de nationale parlementen zijn toegedeeld, kan de ten principale bevoegde commissie, na inoverwegingneming van de gemotiveerde adviezen van de nationale parlementen en de Commissie en na raadpleging van de commissie die bevoegd is voor de eerbiediging van het subsidiariteitsbeginsel, het Parlement ofwel de aanbeveling het ontwerp te verwerpen omdat het niet met het subsidiariteitsbeginsel strookt, ofwel een andere aanbeveling doen, die voorstellen tot amendering in verband met de eerbiediging van het subsidiariteitsbeginsel kan inhouden. Het advies van de commissie die bevoegd is voor de eerbiediging van het subsidiariteitsbeginsel wordt aan een eventuele aanbeveling tot verwerping gehecht.

De aanbeveling wordt in het Parlement in een debat behandeld en in stemming gebracht. Indien een aanbeveling tot verwerping met een meerderheid van de uitgebrachte stemmen wordt aangenomen, verklaart de Voorzitter de procedure voor beëindigd. Wanneer het Parlement het ontwerp niet verwerpt, wordt de procedure voortgezet met inachtneming van de door het Parlement aangenomen aanbevelingen.

Amendement 9

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 44

Raadpleginginzake initiatieven van een lidstaat

Wetgevingsproceduresinzake initiatieven van lidstaten

1. Initiatieven van een lidstaat overeenkomstig artikel 67, lid 1 van het EG-Verdrag of artikel 34, lid 2, en artikel 42 van het EU-Verdrag worden behandeld overeenkomstig het bepaalde in onderhavig artikel en de artikelen 36 tot en met 39, 43 en 55 van het Reglement.

1. Initiatieven van lidstaten overeenkomstig artikel 76 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie worden behandeld overeenkomstig het bepaalde in onderhavig artikel en de artikelen 36 tot en met 39, 43 en 55 van het Reglement.

2. De bevoegde commissie kan een vertegenwoordiger van de betrokken lidstaat verzoeken het initiatief voor de commissie toe te lichten. Deze vertegenwoordiger kan vergezeld worden door de voorzitter van de Raad.

2. De bevoegde commissie kan vertegenwoordigers van de betrokken lidstaten verzoeken het initiatief voor de commissie toe te lichten. Deze vertegenwoordigers kunnen vergezeld worden door de voorzitter van de Raad.

3. Alvorens de bevoegde commissie tot stemming overgaat, vraagt zij de Commissie of zij een standpunt inzake het initiatief heeft bepaald en, zo ja, verzoekt zij haar dit standpunt aan de commissie kenbaar te maken.

3. Alvorens de bevoegde commissie tot stemming overgaat, vraagt zij de Commissie of zij een standpunt inzake het initiatief heeft bepaald en zo ja, verzoekt zij haar dit standpunt aan de commissie kenbaar te maken.

4. Wanneer twee of meerdere voorstellen van de Commissie en/of de lidstaten met eenzelfde wetgevingsoogmerk gelijktijdig of binnen een kort tijdsbestek aan het Parlement worden voorgelegd, behandelt het Parlement deze teksten in één enkel verslag. In haar verslag geeft de bevoegde commissie aan op welke tekst zij amendementen heeft ingediend en in de wetgevingsresolutie verwijst zij naar alle andere teksten.

4. Wanneer twee of meerdere voorstellen van de Commissie en/of de lidstaten met eenzelfde wetgevingsoogmerk gelijktijdig of binnen een kort tijdsbestek aan het Parlement worden voorgelegd, behandelt het Parlement deze teksten in een enkel verslag. In haar verslag geeft de bevoegde commissie aan op welke tekst zij amendementen heeft ingediend en in de wetgevingsresolutie verwijst zij naar alle andere teksten.

5.De in artikel 39, lid 1 van het EU-Verdrag genoemde termijn gaat in wanneer ter plenaire vergadering kennis wordt gegeven van de ontvangst, in de officiële talen, van het initiatief en de bijbehorende toelichting waarin wordt bevestigd dat het initiatief in overeenstemming is met het aan het EG-Verdrag gehechte Protocol betreffende de toepassing van het subsidiariteits- en het evenredigheidsbeginsel.

Amendement 11

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 58 – lid 1

1. In de periode na de aanneming door het Parlement van zijn standpunt inzake een voorstel van de Commissie volgen de voorzitter en de rapporteur van de bevoegde commissie het verloop van de procedure die leidt tot de goedkeuring van dit voorstel, teneinde er met name op toe te zien dat de toezeggingen die de Raad of de Commissie met betrekking tot de amendementen aan het Parlement hebben gedaan, naar behoren in acht worden genomen.

1. In de periode na de vaststelling door het Parlement van zijn standpunt inzake een ontwerp van wetgevingshandeling van de Commissie volgen de voorzitter en de rapporteur van de bevoegde commissie het verloop van de procedure die leidt tot de goedkeuring van dit ontwerp door de Raad, teneinde er met name op toe te zien dat de toezeggingen die de Raad of de Commissie aan het Parlement met betrekking tot zijn standpunt heeft gedaan, daadwerkelijk worden nagekomen.

Amendement 12

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 59 – kopje voor lid 1

Medebeslissingsprocedure

Gewone wetgevingsprocedure

(Horizontaal amendement: de woorden “medebeslissing” en “medebeslissingsprocedure” worden over de gehele tekst van het Reglement vervangen door de woorden “gewone wetgevingsprocedure”.)

Amendement 13

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 60

Artikel 60

Procedure van overleg als bedoeld in de gemeenschappelijke verklaring van 1975

1.Voor bepaalde belangrijke communautaire besluiten kan het Parlement bij het uitbrengen van zijn advies met actieve medewerking van de Commissie een procedure van overleg met de Raad op gang brengen, wanneer deze voornemens is af te wijken van het advies van het Parlement.

2.Deze procedure wordt op gang gebracht door het Parlement, op eigen initiatief of op initiatief van de Raad.

3.Voor de samenstelling en werkwijze van de delegatie in het comité van overleg en voor de rapportage van de resultaten aan het Parlement is het bepaalde in artikel 68 van toepassing.

4.Over de resultaten van het overleg brengt de bevoegde commissie een verslag uit dat ter beraadslaging en goedkeuring aan het Parlement wordt voorgelegd.

Schrappen

Amendement 14

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 61 – titel

Mededeling van hetgemeenschappelijkstandpunt van de Raad

Mededeling van het standpunt van de Raad

(Horizontaal amendement: de woorden “gemeenschappelijk standpunt van de Raad” worden in het gehele Reglement vervangen door “standpunt van de Raad” of “standpunt”.)

Amendement 15

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 62 – lid 1 – alinea 2

Voor eventuele verlenging van de termijnen uit hoofde van artikel 252, onder g) van het EG-Verdrag of artikel 39, lid 1 van het EU-Verdrag verzoekt de Voorzitter de Raad om instemming.

Schrappen

Amendement 16

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 62 – lid 2

2. Van een verlenging van de termijnen overeenkomstig artikel 251, lid 7, van het EG-Verdrag op initiatief van het Parlement dan wel van de Raad, wordt het Parlement door de Voorzitter in kennis gesteld.

2. De Voorzitter doet het Parlement mededeling van een eventuele verlenging van de termijnen waartoe overeenkomstig artikel 294, lid 14, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op initiatief van het Parlement dan wel van de Raad is besloten.

(Horizontaal amendement: de nummers van aangehaalde artikelen van het Verdrag betreffende de EU en het EG-Verdrag worden in het gehele Reglement vervangen door de nummers van de overeenkomstige artikelen van de geconsolideerde versie van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.)

Amendement 17

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 62 – lid 3

3.De Voorzitter kan, na raadpleging van de voorzitter van de bevoegde commissie, gehoor geven aan een verzoek van de Raad om verlenging van termijnen overeenkomstig artikel 252, onder g) van het EG-Verdrag.

Schrappen

Amendement 18

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 65 – lid 4

4.Indien het Parlement een voorstel verwerpt volgens de bepalingen van artikel 252 van het EG-Verdrag, verzoekt de Voorzitter de Commissie, in afwijking van lid 3, haar voorstel in te trekken. Indien de Commissie zulks doet, maakt de Voorzitter ter plenaire vergadering bekend dat de wetgevingsprocedure is beëindigd.

Schrappen

Amendementen73 en 88

Reglement van het Europees Parlement

Titel II - hoofdstuk 6 bis (nieuw) - kopje (in te voegen na artikel 74)

Amendement 20

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 74 bis (nieuw) (op te nemen in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 74 bis

Gewone Verdragsherziening

1.Overeenkomstig de artikelen 41 en 48 kan de bevoegde commissie het Parlement een verslag voorleggen met ontwerpen ter attentie van de Raad tot herziening van de Verdragen.

2.Indien de Europese Raad besluit een conventie bijeen te roepen, worden de vertegenwoordigers van het Parlement op voordracht van de Conferentie van voorzitters aangewezen.

De delegatie van het Parlement kiest de delegatieleider, alsmede de kandidaten voor het lidmaatschap van een eventueel door de conventie in te stellen stuurgroep of presidium.

3.Indien de Europese Raad het Parlement verzoekt een besluit goed te keuren om geen conventie bijeen te roepen voor de behandeling van de ontwerpen tot Verdragsherziening, wordt de zaak overeenkomstig artikel 81 naar de bevoegde commissie verwezen.

Amendement 21

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 74 ter (nieuw) (in te voegen in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 74 ter

Vereenvoudigde Verdragsherziening

Overeenkomstig de artikelen 41 en 48 kan de bevoegde commissie het Parlement overeenkomstig de procedure van artikel 48, lid 6, van het Verdrag betreffende de Europese Unie een verslag voorleggen met aan de Europese Raad gerichte ontwerpen tot gehele of gedeeltelijke herziening van de bepalingen van het derde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Amendement 22

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 74 quater (nieuw) (op te nemen in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 74 quater

Toetredingsverdragen

1.Ieder verzoek van een Europese staat om lid te worden van de Europese Unie wordt voor behandeling naar de bevoegde commissie verwezen.

2.Het Parlement kan op voorstel van de bevoegde commissie, een fractie of ten minste veertig leden besluiten de Commissie en de Raad te verzoeken aan een debat deel te nemen alvorens de onderhandelingen met de staat die om toetreding heeft verzocht, worden geopend.

3.Tijdens de onderhandelingen houden de Commissie en de Raad de bevoegde commissie regelmatig en volledig op de hoogte van de voortgang van de onderhandelingen, zo nodig op basis van vertrouwelijkheid.

4.In elk stadium van de onderhandelingen kan het Parlement op basis van een verslag van zijn bevoegde commissie aanbevelingen aannemen met het verzoek deze vóór de sluiting van een verdrag inzake de toetreding van een staat die om toetreding tot de Europese Unie heeft verzocht, op te volgen.

5.Na afsluiting van de onderhandelingen, doch nog vóór de ondertekening van de overeenkomst, wordt de ontwerpovereenkomst overeenkomstig artikel 81 ter goedkeuring aan het Parlement voorgelegd.

(Artikel 89 wordt geschrapt.)

Amendement 23

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 74 quinquies (nieuw) (op te nemen in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 74 quinquies

Terugtrekking uit de Unie

Indien een lidstaat overeenkomstig artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie besluit om zich uit de Unie terug te trekken, wordt de zaak naar de bevoegde commissie verwezen. Artikel 74 quater is van overeenkomstige toepassing. Het Parlement besluit bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen over goedkeuring van een akkoord inzake de terugtrekking.

Amendement 24

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 74 sexies (nieuw) (op te nemen in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 74 sexies

Schending van de fundamentele beginselen door een lidstaat

1.Op basis van een speciaal verslag van de bevoegde commissie overeenkomstig de artikelen 41 en 48 kan het Parlement:

a)

stemmen over een met redenen omkleed voorstel waarin de Raad verzocht wordt op te treden overeenkomstig artikel 7, lid 1, van het Verdrag betreffende de Europese Unie;

b)

stemmen over een voorstel waarin de Commissie of de lidstaten verzocht worden om indiening van een voorstel overeenkomstig artikel 7, lid 2, van het Verdrag betreffende de Europese Unie;

c)

stemmen over een voorstel waarin de Raad verzocht wordt een besluit te nemen overeenkomstig artikel 7, lid 3, dan wel naderhand overeenkomstig artikel 7, lid 4, van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

2.Van alle verzoeken van de Raad om goedkeuring van een krachtens artikel 7, leden 1 en 2, van het Verdrag betreffende de Europese Unie ingediend voorstel, tezamen met de door de betrokken lidstaat ingediende opmerkingen, wordt het Parlement mededeling gedaan. De desbetreffende documenten worden overeenkomstig artikel 81 naar de bevoegde commissie verwezen. Het Parlement besluit op voorstel van de bevoegde commissie, behalve in dringende en gerechtvaardigde omstandigheden.

3.Voor de besluiten als bedoeld in de leden 1 en 2 is een tweederdemeerderheid van de uitgebrachte stemmen vereist die de meerderheid van de leden van het Parlement vertegenwoordigt.

4.De bevoegde commissie kan een begeleidende ontwerpresolutie indienen, mits de Conferentie van voorzitters daar toestemming voor geeft. In die ontwerpresolutie wordt het standpunt van het Parlement inzake een ernstige schending door een lidstaat, inzake passende sancties en inzake wijziging of intrekking van die sancties uiteengezet.

5.De bevoegde commissie ziet erop toe dat het Parlement volledig op de hoogte wordt gehouden van en zo nodig wordt geraadpleegd over alle vervolgmaatregelen naar aanleiding van zijn overeenkomstig lid 3 verleende goedkeuring. De Raad wordt verzocht eventuele ontwikkelingen toe te lichten. Aan de hand van een met toestemming van de Conferentie van voorzitters te formuleren voorstel van de bevoegde commissie kan het Parlement aanbevelingen aan de Raad aannemen.

(Hoofdstuk 15 van titel II wordt geschrapt.)

Amendement 25

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 74 septies (nieuw) (op te nemen in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 74 septies

Samenstelling van het Parlement

Tijdig voor het einde van een zittingsperiode kan het Parlement op basis van een overeenkomstig artikel 41 door de bevoegde commissie opgesteld verslag een voorstel tot wijziging van zijn samenstelling doen. Het ontwerpbesluit van de Europese Raad betreffende de samenstelling van het Parlement wordt overeenkomstig artikel 81 behandeld.

Amendement 26

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 82 (op te nemen als artikel 74 octies in hoofdstuk 6 bis (nieuw))

Artikel 82

Procedures binnen het Parlement

1. Verzoeken van de lidstaten of voorstellen van de Commissie voor nauwere samenwerking tussen lidstaten alsmede raadplegingen van het Parlement overeenkomstig artikel 40 A, lid 2 van het EU-Verdrag worden door de Voorzitter ter behandeling naar de bevoegde commissie verwezen. De artikelen 37, 38, 39, 43, 53 tot en met 60 en 81 van het Reglement zijn eventueel van toepassing.

Artikel 74 octies

Nauwere samenwerking tussen lidstaten

1. Verzoeken om nauwere samenwerking tussen lidstaten overeenkomstig artikel 20 van het Verdrag betreffende de Europese Unie worden door de Voorzitter ter behandeling naar de bevoegde commissie verwezen. De artikelen 37, 38, 39, 43, 53 tot en met 59 en 81 van het Reglement zijn eventueel van toepassing.

2. De bevoegde commissie vergewist zich van de verenigbaarheid daarvan met artikel 11 van het EG-Verdrag en de artikelen 27 A, 27 B, 40, 43, 44 en 44 A van het EU-Verdrag.

2. De bevoegde commissie vergewist zich van de verenigbaarheid ervan met artikel 20 van het Verdrag betreffende de Europese Unie en de artikelen 326 tot en met 334 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

3. Besluiten die nadien in het kader van nauwere samenwerking, zodra deze is aangegaan, worden voorgesteld, worden door het Parlement volgens dezelfde procedures behandeld als wanneer er geen sprake is van nauwere samenwerking.

3. Besluiten die nadien in het kader van nauwere samenwerking, zodra deze is aangegaan, worden voorgesteld, worden door het Parlement volgens dezelfde procedures behandeld als die welke gelden wanneer er geen sprake is van nauwere samenwerking. Artikel 43 is van toepassing.

(Hoofdstuk 10 van titel II wordt geschrapt).

Amendementen 27 en 28

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 75

Algemene begroting

Meerjarig financieel kader

Voor de behandeling van de algemene begroting van de Europese Unie en de aanvullende begrotingen worden bij wege van resolutie van het Parlement uitvoeringsvoorschriften vastgesteld, die met de financiële bepalingen van de Verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen in overeenstemming dienen te zijn; deze worden als bijlage bij dit Reglement gevoegd(2).

Wanneer de Raad het Parlement verzoekt het voorstel voor een verordening tot bepaling van het meerjarig financieel kader goed te keuren, wordt de zaak overeenkomstig de procedure van artikel 81 naar de bevoegde commissie verwezen. Voor goedkeuring is de meerderheid van de leden van het Parlement vereist.

(Bijlage V wordt geschrapt.)

Amendement 29

Reglement van het Parlement

Artikel 75 bis (nieuw)

Artikel 75 bis

Werkdocument

1.De volgende documenten worden ter beschikking gesteld van de leden:

a)

de door de Commissie ingediende ontwerpbegroting;

b)

de uiteenzetting van de Raad betreffende het resultaat van zijn beraadslagingen over de ontwerpbegroting;

c)

het standpunt van de Raad over de ontwerpbegroting, vastgesteld overeenkomstig artikel 314, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;

d)

de ontwerpbesluiten over de voorlopige twaalfden overeenkomstig artikel 315 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

2.Deze documenten worden naar de ten principale bevoegde commissie verwezen. Elke betrokken commissie kan hierover advies uitbrengen.

3.De Voorzitter stelt de termijn vast waarbinnen de commissies die een advies wensen uit te brengen, dit advies aan de ten principale bevoegde commissie moeten doen toekomen.

(Artikel 1 van bijlage V wordt geschrapt.)

Amendement 30

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 75 ter (nieuw)

Artikel 75 ter

Behandeling van de ontwerpbegroting – eerste fase

1.Elk lid kan, met inachtneming van de navolgende bepalingen, ontwerpamendementen op de ontwerpbegroting indienen en toelichten.

2.Ontwerpamendementen zijn alleen ontvankelijk, wanneer zij schriftelijk worden ingediend, door ten minste veertig leden ondertekend zijn dan wel namens een fractie of een commissie zijn ingediend, het onderdeel van de begroting aangeven waarop zij betrekking hebben en het beginsel van evenwicht tussen de ontvangsten en uitgaven in acht nemen. De ontwerpamendementen bevatten alle dienstige gegevens betreffende de bij de begrotingslijn in kwestie op te nemen toelichting.

Alle ontwerpamendementen op de ontwerpbegroting gaan vergezeld van een schriftelijke motivering.

3.De Voorzitter stelt de termijn voor de indiening van de ontwerpamendementen vast.

4.De ten principale bevoegde commissie brengt over de aldus ingediende teksten advies uit, alvorens deze ter plenaire vergadering worden behandeld.

Ontwerpamendementen en wijzigingsvoorstellen die in de ten principale bevoegde commissie zijn verworpen, worden alleen ter plenaire vergadering in stemming gebracht wanneer een commissie of ten minste veertig leden binnen een door de Voorzitter vastgestelde termijn schriftelijk daarom hebben verzocht; deze termijn mag in geen geval minder zijn dan 24 uur vóór de opening van de stemming.

5.Ontwerpamendementen op de raming van het Parlement die eenzelfde strekking hebben als die welke het Parlement reeds bij het vaststellen van deze raming heeft verworpen, worden alleen in geval van een gunstig advies van de ten principale bevoegde commissie in behandeling genomen.

6.In afwijking van het bepaalde in artikel 55, lid 2, stemt het Parlement bij aparte stemming achtereenvolgens over:

elk ontwerpAmendement en elk wijzigingsvoorstel,

elke afdeling van de ontwerpbegroting,

een ontwerpresolutie betreffende deze ontwerpbegroting.

De leden 4 t/m 8 van artikel 161 zijn evenwel van toepassing.

7.De artikelen, hoofdstukken, titels en afdelingen van de ontwerpbegrotingen waarop geen ontwerpamendementen of wijzigingsvoorstellen zijn ingediend, worden geacht te zijn aangenomen.

8.Voor de aanneming van ontwerpamendementen is de meerderheid van de leden van het Parlement vereist.

9.Indien het Parlement de ontwerpbegroting heeft geamendeerd, wordt de aldus geamendeerde ontwerpbegroting, vergezeld van de motiveringen, aan de Raad en de Commissie toegezonden.

10.De notulen van de vergadering waarin het Parlement zich over de ontwerpbegroting heeft uitgesproken, worden aan de Raad en de Commissie toegezonden.

(Artikel 3 van bijlage V wordt geschrapt.)

Amendement 31

Reglement van het Parlement

Artikel 75 quater (nieuw)

Artikel 75 quater

Financieel driehoeksoverleg

De Voorzitter neemt deel aan de bijeenkomsten van de voorzitters van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die regelmatig op initiatief van de Commissie in het kader van de in titel II van het zesde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie bedoelde begrotingsprocedures worden bijeengeroepen. De Voorzitter neemt alle maatregelen die nodig zijn om het overleg te bevorderen en de standpunten van de instellingen dichter bij elkaar te brengen, teneinde de uitvoering van voornoemde procedures te vergemakkelijken.

De Voorzitter van het Parlement kan deze taak delegeren aan een ondervoorzitter met ervaring in begrotingsaangelegenheden of aan de voorzitter van de voor begrotingsaangelegenheden bevoegde commissie.

Amendement 32

Reglement van het Parlement

Artikel 75 quinquies (nieuw)

Artikel 75 quinquies

Begrotingsbemiddeling

1.De Voorzitter roept het bemiddelingscomité bijeen overeenkomstig artikel 314, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

2.De delegatie die het Parlement op de vergaderingen van het bemiddelingscomité in het kader van de begrotingsprocedure vertegenwoordigt, bestaat uit eenzelfde aantal leden als de delegatie van de Raad.

3.De leden van de delegatie worden elk jaar, vóór de stemming van het Parlement over het standpunt van de Raad, door de fracties benoemd, bij voorkeur uit de leden van de voor begrotingsaangelegenheden bevoegde commissie en van de andere betrokken commissies. De delegatie wordt voorgezeten door de Voorzitter van het Parlement. De Voorzitter kan deze taak delegeren aan een ondervoorzitter met ervaring in begrotingsaangelegenheden of aan de voorzitter van de voor begrotingsaangelegenheden bevoegde commissie.

4.De leden 2, 4, 5, 7 en 8 van artikel 68 zijn van toepassing.

5.Indien in het bemiddelingscomité overeenstemming wordt bereikt over een gemeenschappelijk ontwerp, wordt deze kwestie ingeschreven op de agenda van een binnen 14 dagen te houden plenaire vergadering van het Parlement, te rekenen vanaf de datum waarop overeenstemming is bereikt. Het gemeenschappelijk ontwerp wordt ter beschikking gesteld van alle leden. De leden 2 en 3 van artikel 69 zijn van toepassing.

6.Het gemeenschappelijk ontwerp wordt als geheel bij een enkele stemming in stemming gebracht. Er wordt hoofdelijk gestemd. Het gemeenschappelijk ontwerp wordt geacht te zijn goedgekeurd, tenzij het Parlement het met een meerderheid van zijn leden afwijst.

7.Indien het Parlement het gemeenschappelijk ontwerp goedkeurt, terwijl de Raad het afwijst, kan de bevoegde commissie alle of een aantal amendementen van het Parlement op het standpunt van de Raad overeenkomstig letter d) van artikel 314, lid 7, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie ter fine van bevestiging aan het Parlement voorleggen.

De stemming ter bevestiging wordt ingeschreven op de agenda van een binnen 14 dagen te houden plenaire vergadering van het Parlement, te rekenen vanaf de datum waarop de Raad mededeling heeft gedaan van zijn afwijzing van het gemeenschappelijk ontwerp.

De amendementen worden geacht te zijn bevestigd, wanneer zij door het Parlement zijn aangenomen bij meerderheid van zijn leden en met een meerderheid van drie vijfde van de uitgebrachte stemmen.

Amendement 33

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 75 sexies (nieuw)

Artikel 75 sexies

Definitieve vaststelling van de begroting

Indien de Voorzitter constateert dat de begroting overeenkomstig de bepalingen van artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is goedgekeurd, verklaart hij ter plenaire vergadering dat de begroting definitief is vastgesteld. Hij draagt zorg voor de publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

(Artikel 4 van bijlage V wordt geschrapt.)

Amendement 34

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 75 septies (nieuw)

Artikel 75 septies

Regeling van de voorlopige twaalfden

1.Besluiten van de Raad op grond waarvan uitgaven worden toegestaan die het voorlopige twaalfde overschrijden, worden aan de bevoegde commissie voorgelegd.

2.De bevoegde commissie kan een ontwerpbesluit indienen tot verlaging van de in lid 1 bedoelde uitgaven. Het Parlement neemt een besluit binnen deertig dagen, te rekenen vanaf de vaststelling van het besluit van de Raad.

3.Het Parlement besluit bij meerderheid van zijn leden.

(Artikel 7 van bijlage V wordt geschrapt.)

Amendement 35

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 79 bis (nieuw)

Artikel 79 bis

Procedure voor de vaststelling van de raming van het Parlement

1.Ten aanzien van de begroting van het Parlement beslissen het Bureau en de voor begrotingsaangelegenheden bevoegde commissie achtereenvolgens over:

a)

het organigram;

b)

het voorontwerp en het ontwerp van raming.

2.De besluiten over het organigram worden overeenkomstig de volgende procedure genomen:

a)

het Bureau stelt het organigram voor ieder begrotingsjaar op;

b)

eventueel vindt tussen het Bureau en de voor begrotingsaangelegenheden bevoegde commissie overleg plaats, ingeval het advies van laatstgenoemde afwijkt van de aanvankelijke besluiten van het Bureau;

c)

aan het einde van de procedure neemt het Bureau het definitieve besluit over de raming van het organigram overeenkomstig artikel 207, lid 3, van het Reglement, onverminderd de besluiten uit hoofde van artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

3.Wat de eigenlijke raming betreft begint de voorbereidingsprocedure zodra het Bureau een definitief besluit over het organigram heeft genomen. De verschillende fasen van deze procedure zijn die als beschreven in artikel 79. Wanneer de standpunten van de voor de begroting bevoegde commissie en het Bureau ver uiteenlopen, wordt een overlegfase ingelast.

(Artikel 79, lid 7, en artikel 8 van bijlage V worden geschrapt.)

Amendement 37

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 81 – lid 1

1. Wanneer het Parlement om instemming met een voorgesteld besluit wordt verzocht, neemt het een besluit op basis van een aanbeveling van de bevoegde commissie strekkende tot goedkeuring of verwerping ervan.

1. Wanneer het Parlement wordt verzocht een voorgesteld besluit goed te keuren, neemt het een besluit op basis van een aanbeveling van de bevoegde commissie strekkende tot goedkeuring of verwerping ervan.

Het Parlement spreekt zich in één enkele stemming uit over het besluit, waarvoor uit hoofde van het EG- of EU-Verdrag de instemming van het Parlement vereist is. Er kunnen geen amendementen worden ingediend. Voor het verlenen van instemming is de meerderheid vereist, als vermeld in het artikel van het EG- of EU-Verdrag dat de rechtsgrondslag van het voorgestelde besluit vormt.

Het Parlement spreekt zich bij een enkele stemming uit over het besluit, waarvoor uit hoofde van het Verdrag betreffende de Europese Unie of het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie de goedkeuring van het Parlement vereist is. Er kunnen geen amendementen worden ingediend. Voor het verlenen van goedkeuring is de meerderheid vereist die vermeld wordt in het artikel van het Verdrag betreffende de Europese Unie of het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dat de rechtsgrond van het voorgestelde besluit vormt.

Amendement 38

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 81 – lid 2

2. Voor toetredingsverdragen, internationale overeenkomsten en constateringen van ernstige en voortdurende schending door een lidstaat van de beginselen welke de lidstaten gemeen hebben, zijn respectievelijk de artikelen 89, 90 en 102 van toepassing. Op nauwere samenwerking op een terrein dat onder de procedure van artikel 251 van het EG-Verdrag valt, is artikel 82 van het Reglement van toepassing.

2. Voor toetredingsverdragen, internationale overeenkomsten en constateringen van ernstige en voortdurende schending door een lidstaat van de beginselen welke de lidstaten gemeen hebben, zijn respectievelijk de artikelen 74 quater, 74 sexies en 90 van het Reglement van toepassing. Op nauwere samenwerking op een terrein dat onder de gewone wetgevingsprocedure valt, is artikel 74 octies van toepassing.

(Horizontaal amendement: de woorden „procedure van artikel 251 van het EG-Verdrag” worden in het gehele Reglement vervangen door „gewone wetgevingsprocedure”.)

Amendement 39

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 81 – lid 3

3. Wanneer voor een wetgevingsvoorstel de instemming van het Parlement vereist is, kan de bevoegde commissie in het belang van een positieve afloop van de procedure besluiten het Parlement een interimverslag over het Commissievoorstel voor te leggen met een ontwerpresolutie met aanbevelingen tot wijziging of tenuitvoerlegging van het desbetreffende voorstel.

3. Wanneer voor een ontwerp van wetgevingshandeling of een beoogde internationale overeenkomst de goedkeuring van het Parlement vereist is, kan de bevoegde commissie in het belang van een positief resultaat van de procedure besluiten het Parlement een interimverslag over het betrokken onderwerp voor te leggen met een ontwerpresolutie met aanbevelingen tot wijziging of tenuitvoerlegging van dit ontwerp.

Wanneer het Parlement ten minste één aanbeveling goedkeurt, verzoekt de Voorzitter om verder overleg met de Raad.

De bevoegde commissie doet haar uiteindelijke aanbeveling betreffende de instemming van het Parlement in het licht van de resultaten van het overleg met de Raad.

(Horizontaal amendement: de termen „voorstel van de Commissie” en „wetgevingsvoorstel” worden overal in het Reglement, met uitzondering van de artikelen 56 en 57, vervangen door „ontwerp van wetgevingshandeling”.)

Amendement 76

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 87 bis (nieuw)

Artikel 87 bis

Gedelegeerde handelingen

Indien in een wetgevingshandeling de bevoegdheid om bepaalde niet-essentiële onderdelen van de wetgevingshandeling aan te vullen of te wijzigen aan de Commissie wordt gedelegeerd,

behandelt de bevoegde commissie ontwerpen van gedelegeerde handelingen die ter toetsing aan het Parlement zijn toegezonden;

kan de bevoegde commissie het Parlement een ontwerpresolutie met passende voorstellen overeenkomstig de bepalingen van de wetgevingshandeling voorleggen.

Artikel 88, leden 1, 2 en 3, is van overeenkomstige toepassing.

Amendement 41

Reglement van het Europees Parlement

Titel II bis (nieuw) (in te voegen vóór hoofdstuk 12)

Amendement 42

Reglement van het Europees Parlement

Hoofdstuk 12 – titel

Amendement 43

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 92

Artikel 92

Benoeming van de hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid

1.Vóór de benoeming van de hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, verzoekt de Voorzitter de fungerend voorzitter van de Raad voor het Parlement een verklaring af te leggen overeenkomstig artikel 21 van het EU-Verdrag. De Voorzitter verzoekt tevens de voorzitter van de Commissie een verklaring af te leggen.

2.Bij de benoeming van de nieuwe hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, overeenkomstig artikel 207, lid 2, van het EG-Verdrag, en alvorens deze dit ambt officieel aanvaardt, verzoekt de Voorzitter de hoge vertegenwoordiger een verklaring af te leggen voor en vragen te beantwoorden van de bevoegde commissie.

3.Het Parlement kan een aanbeveling doen naar aanleiding van de verklaring en antwoorden als bedoeld in de leden 1 en 2, alsook op initiatief van de bevoegde commissie, dan wel overeenkomstig artikel 121.

Schrappen

Amendement 44

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 93 – titel

Benoeming vanspeciale vertegenwoordigersvoor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid

Speciale vertegenwoordigers

Amendement 45

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 93 – lid 4 bis (nieuw)

4 bis.Een door de Raad benoemde speciale vertegenwoordiger met een mandaat voor specifieke beleidsvraagstukken kan op initiatief van het Parlement dan wel op eigen verzoek worden uitgenodigd in de bevoegde commissie een verklaring af te leggen.

(Artikel 94, lid 3, wordt geschrapt.)

Amendement 46

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 94

Artikel 94

Verklaringen van de hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid en andere speciale vertegenwoordigers

1.De hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid wordt verzocht ten minste vier keer per jaar voor het Parlement een verklaring af te leggen. Artikel 110 is van toepassing.

2.De hoge vertegenwoordiger wordt ten minste vier maal per jaar verzocht vergaderingen van de bevoegde commissie bij te wonen, een verklaring af te leggen en vragen te beantwoorden. De hoge vertegenwoordiger kan ook bij andere gelegenheden worden uitgenodigd, wanneer de commissie zulks nodig acht of op eigen initiatief.

3.Wanneer de Raad een speciale vertegenwoordiger met een mandaat voor specifieke beleidsvraagstukken heeft benoemd, kan hij op initiatief van het Parlement dan wel op eigen initiatief worden verzocht in de bevoegde commissie een verklaring af te leggen.

Schrappen

Amendement 47

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 96 – lid 2

2. De betrokken commissies stellen alles in het werk om ervoor te zorgen dat de hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, de Raad en de Commissie hen regelmatig en tijdig op de hoogte stellen van de ontwikkeling en de toepassing van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid van de Unie, van de geraamde kosten telkens wanneer een besluit met financiële gevolgen op het gebied van het GBVB wordt genomen, en van andere financiële overwegingen die verband houden met de uitvoering van GBVB-acties. Op verzoek van de Commissie, de Raad of de hoge vertegenwoordiger kan een commissie bij wijze van uitzondering besluiten met gesloten deuren te beraadslagen.

2. De betrokken commissies stellen alles in het werk om ervoor te zorgen dat de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid hen regelmatig en tijdig op de hoogte stelt van de uitvoering van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid van de Unie, van de geraamde kosten telkens wanneer een besluit met financiële gevolgen op het gebied van het GBVB wordt genomen, en van andere financiële overwegingen die verband houden met de uitvoering van GBVB-acties. Op verzoek van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger, de Raad en de Commissie kan een commissie bij wijze van uitzondering besluiten met gesloten deuren te beraadslagen.

(Horizontaal amendement: de woorden „hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid” worden in het gehele Reglement vervangen door „ondervoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid”.)

Amendement 48

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 96 – lid 3

3. Jaarlijks wordt een debat gehouden over het door de Raad opgestelde document met de voornaamste aspecten en fundamentele keuzen op het gebied van het GBVB, met inbegrip van de financiële gevolgen ervan voor de begroting van de Europese Unie. De procedures van artikel 103 zijn van toepassing.

3. Tweemaal per jaar vindt een debat plaats over het door de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger opgestelde document met de voornaamste aspecten en fundamentele keuzen op het gebied van het GBVB, met inbegrip van het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid en de financiële gevolgen ervan voor de begroting van de Europese Unie. De procedures van artikel 110 zijn van toepassing.

Amendement 49

Reglement van het Europees Parlement

Hoofdstuk 14 – titel

Schrappen

Amendement 50

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 99

Artikel 99

Raadpleging van en informatieverstrekking aan het Parlement op het gebied van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken

1.De bevoegde commissie ziet erop toe dat het Parlement volledig en regelmatig wordt geïnformeerd over de activiteiten betreffende deze samenwerking en dat zijn adviezen naar behoren in aanmerking worden genomen wanneer de Raad gemeenschappelijke standpunten vaststelt waarin, overeenkomstig artikel 34, lid 2, onder a) van het EU-Verdrag, de aanpak van de Unie ten aanzien van een bepaalde aangelegenheid wordt omschreven.

2.Op verzoek van de Commissie of de Raad kan een commissie bij wijze van uitzondering besluiten met gesloten deuren te beraadslagen.

3.Voor het debat als bedoeld in artikel 39, lid 3 van het EU-Verdrag gelden de bepalingen van artikel 110, leden 2, 3 en 4, van het Reglement.

Schrappen

Amendement 51

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 100

Artikel 100

Raadpleging van het Parlement op het gebied van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken

Raadpleging van het Parlement uit hoofde van artikel 34, lid 2, onder b), c) en d) van het EU-Verdrag vindt plaats overeenkomstig de artikelen 36 tot en met 39, 43, 44 en 55 van het Reglement.

In voorkomend geval wordt de behandeling van het voorstel ten laatste ingeschreven op de agenda van de plenaire vergadering die onmiddellijk voorafgaat aan de datum waarop de overeenkomstig artikel 39, lid 1 van het EU-Verdrag vastgestelde termijn verstrijkt.

Bij raadpleging van het Parlement over het ontwerpbesluit van de Raad tot benoeming van de directeur en de raad van bestuur van Europol is artikel 108 van het Reglement mutatis mutandis van toepassing.

Schrappen

Amendement 52

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 101

Artikel 101

Aanbevelingen op het gebied van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken

1.De voor de diverse aspecten van de politiële en justitiële samenwerking in strafzaken bevoegde commissie kan, met toestemming van de Conferentie van voorzitters of op grond van een ontwerp in de zin van artikel 121, aanbevelingen aan de Raad uitwerken op de terreinen die onder Titel VI van het EU-Verdrag vallen.

2.In spoedeisende gevallen kan de in lid 1 bedoelde toestemming worden verleend door de Voorzitter, welke eveneens toestemming kan verlenen voor een spoedvergadering van de betrokken commissie.

3.De aldus tot stand gekomen aanbevelingen worden ingeschreven op de agenda van de eerste vergaderperiode volgende op de indiening ervan. Artikel 97, lid 4 is mutatis mutandis van toepassing.

(Zie eveneens de interpretatie onder artikel 121.)

Schrappen

Amendement 53

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 105

1. Wanneer de Raad het eens is geworden over de voordracht van een kandidaat voor het voorzitterschap van de Commissie, verzoekt de Voorzitter de voorgedragen kandidaat een verklaring af te leggen voor het Parlement en zijn beleidslijnen uiteen te zetten. De verklaring wordt gevolgd door een debat.

De Raad wordt uitgenodigd aan het debat deel te nemen.

1. Wanneer de Europese Raad een kandidaat voor het voorzitterschap van de Commissie voordraagt, verzoekt de Voorzitter de kandidaat een verklaring af te leggen voor het Parlement en zijn beleidslijnen uiteen te zetten. De verklaring wordt gevolgd door een debat.

De Europese Raad wordt uitgenodigd aan het debat deel te nemen.

2. Het Parlement keurt de voordracht goed of verwerpt deze bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

Er wordt geheim gestemd.

2. Het Parlement kiest de voorzitter van de Commissie bij meerderheid van zijn leden.

De stemming is geheim.

3. Wanneer de voorgedragen kandidaat gekozen wordt, deelt de Voorzitter dit mede aan de voorzitter van de Europese Raad en verzoekt deze alsmede de gekozen voorzitter van de Commissie om in onderling overleg de kandidaten voor te dragen voor de verschillende commissarisposten.

3. Wanneer de kandidaat gekozen wordt, deelt de Voorzitter dit mede aan de voorzitter van de Europese Raad en verzoekt deze alsmede de gekozen voorzitter van de Commissie om in onderling overleg de kandidaten voor de verschillende commissarisposten voor te dragen.

4. Indien het Parlement de voordracht verwerpt, verzoekt de Voorzitter de Raad een nieuwe kandidaat voor te dragen.

4. Indien de kandidaat niet de vereiste meerderheid behaalt, verzoekt de Voorzitter de Europese Raad binnen een maand een nieuwe kandidaat voor verkiezing volgens dezelfde procedure voor te dragen.

Amendement 54

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 107 bis (nieuw)

Artikel 107 bis

Benoeming van rechters en advocaten-generaal bij het Hof van Justitie van de Europese Unie

Op voorstel van de ter zake bevoegde commissie draagt het Parlement een kandidaat voor voor het comité van zeven personen dat de geschiktheid van de kandidaten voor de functie van rechter of advocaat-generaal bij het Hof van Justitie en het Gerecht toetst.

Amendement 55

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 121 – lid 1

1. Een fractie of ten minste veertig leden kunnen een ontwerpaanbeveling aan de Raad indienen met betrekking tot de in de Titels V en VI van het EU-Verdrag behandelde onderwerpen of ingeval het Parlement niet is geraadpleegd over een onder artikel 90 of 91 vallende internationale overeenkomst.

1. Een fractie of ten minste veertig leden kunnen een ontwerpaanbeveling aan de Raad indienen met betrekking tot de in titel V van het Verdrag betreffende de Europese Unie behandelde onderwerpen of ingeval het Parlement niet is geraadpleegd over een onder artikel 90 of 91 vallende internationale overeenkomst.

Amendement 56

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 124 – lid -1 (nieuw)

-1.Indien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie voorziet in raadpleging van het Europees Economisch en Sociaal Comité, zal de Voorzitter de raadplegingsprocedure op gang brengen en het Parlement daarvan op de hoogte stellen.

Amendement 57

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 124 – lid 2 bis (nieuw)

2 bis.Door het Europees Economisch en Sociaal Comité uitgebrachte adviezen worden doorgezonden aan de ter zake bevoegde commissie.

Amendement 58

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 125 – lid -1 (nieuw)

-1.Indien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie voorziet in raadpleging van het Comité van de Regio's, zal de Voorzitter de raadplegingsprocedure op gang brengen en het Parlement daarvan op de hoogte stellen.

Amendement 59

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 125 – lid 2 bis (nieuw)

2 bis.Door het Comité van de Regio's uitgebrachte adviezen worden doorgezonden aan de ter zake bevoegde commissie.

Amendement 91

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 129

Artikel 129

Gevolgen van een verzuim van de Raad om na goedkeuring van zijn gemeenschappelijk standpunt een besluit te nemen in het kader van de samenwerkingsprocedure

Indien het Parlement het gemeenschappelijk standpunt van de Raad niet binnen drie of, met instemming van de Raad, vier maanden na mededeling van dit standpunt overeenkomstig artikel 252 van het EG-Verdrag heeft verworpen of geamendeerd, en indien de Raad nalaat de voorgestelde wetgeving in overeenstemming met het gemeenschappelijk standpunt goed te keuren, kan de Voorzitter, na raadpleging van de voor juridische zaken bevoegde commissie, namens het Parlement krachtens artikel 232 van het EG-Verdrag bij het Hof van Justitie een beroep tegen de Raad instellen.

Schrappen

Amendement 61

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 132

De Conferentie van voorzitters benoemt de leden van de delegatie van het Parlement in conventies, conferenties of soortgelijke organen waarin vertegenwoordigers van parlementen zitting hebben, en verleent deze delegatie een mandaat dat overeenstemt met de resoluties van het Parlement over het betreffende onderwerp. De delegatie wijst een voorzitter aan en eventueel een of meer ondervoorzitters.

De Conferentie van voorzitters benoemt de leden van de delegatie van het Parlement in conferenties of soortgelijke organen waarin vertegenwoordigers van parlementen zitting hebben, en verleent deze delegatie een mandaat dat overeenstemt met de desbetreffende resoluties van het Parlement. De delegatie kiest een voorzitter en eventueel een of meer ondervoorzitters.

Amendement 65

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 149 – lid 12

12. Onverminderd het bepaalde in artikel 197 van het EG-Verdrag tracht de Voorzitter met de Commissie en de Raad overeenstemming te bereiken over een adequate verdeling van de spreektijd voor deze instellingen.

12. Onverminderd het bepaalde in artikel 230 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie tracht de Voorzitter met de Commissie, de Raad en de voorzitter van de Europese Raad overeenstemming te bereiken over een passende verdeling van de spreektijd voor deze instellingen.

(Dit lid wordt het laatste lid van artikel 149.)

Amendement 67

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 204 – titel

Benoemingvan de ombudsman

Verkiezingvan de ombudsman

Amendement 68

Reglement van het Europees Parlement

Artikel 204 – lid 7

7. De benoemde kandidaat wordt onmiddellijk verzocht voor het Hof van Justitie de eed of de belofte af te leggen.

7. De gekozen kandidaat wordt onmiddellijk verzocht voor het Hof van Justitie de eed of de belofte af te leggen.

Amendement 69

Reglement van het Europees Parlement

Bijlage V – artikel 2

Artikel 2

Percentage

1.Elk lid kan, binnen de grenzen van de hieronder gestelde regels, voorstellen voor een besluit tot vaststelling van een nieuw maximumpercentage indienen en toelichten.

2.Alleen schriftelijke voorstellen, ondertekend door ten minste veertig leden dan wel ingediend namens een fractie of een commissie, zijn ontvankelijk.

3.De Voorzitter stelt de termijn van indiening vast.

4.De ten principale bevoegde commissie brengt over deze voorstellen verslag uit voordat zij ter plenaire vergadering worden behandeld.

5.Vervolgens spreekt het Parlement zich over deze voorstellen uit.

Het Parlement besluit met meerderheid van de stemmen van zijn leden en drie vijfde van de uitgebrachte stemmen.

Ingeval de Raad het Parlement zijn instemming heeft betuigd met de vaststelling van een nieuw percentage, doet de Voorzitter ter plenaire vergadering mededeling van de aldus vastgestelde wijziging van het percentage.

Zo niet, dan wordt het standpunt van de Raad aan de ten principale bevoegde commissie voorgelegd.

Schrappen

Amendement 70

Reglement van het Europees Parlement

Bijlage V – artikel 5

Artikel 5

Behandeling van de uitslag van de beraadslagingen van de Raad – tweede fase

1.Indien de Raad één of meer door het Parlement aangenomen amendementen heeft gewijzigd, wordt de aldus door de Raad gewijzigde tekst naar de ten principale bevoegde commissie verwezen.

2.Elk lid kan, met inachtneming van de navolgende bepalingen, ontwerpamendementen op de door de Raad gewijzigde tekst indienen en toelichten.

3.Om ontvankelijk te zijn, moeten deze ontwerpamendementen schriftelijk worden ingediend, door ten minste veertig leden zijn ondertekend of namens een commissie zijn ingediend, met inachtneming van het beginsel van evenwicht tussen ontvangsten en uitgaven. Artikel 49, lid 5 van het Reglement is niet van toepassing.

Ontvankelijk zijn alleen ontwerpamendementen die op de door de Raad gewijzigde tekst betrekking hebben.

4.De Voorzitter stelt de termijn voor de indiening van de ontwerpamendementen vast.

5.De ten principale bevoegde commissie spreekt zich uit over de door de Raad gewijzigde teksten en brengt advies uit over de erop ingediende ontwerpamendementen.

6.De op de gewijzigde teksten van de Raad ingediende ontwerpamendementen worden ter plenaire vergadering in stemming gebracht, waarbij het bepaalde in artikel 3, lid 4, tweede alinea dienovereenkomstig van toepassing is. Het Parlement besluit met meerderheid van de stemmen van zijn leden en drie vijfde van de uitgebrachte stemmen. Aanneming van de ontwerpamendementen betekent dat de door de Raad gewijzigde tekst is verworpen. Bij verwerping ervan wordt de door de Raad gewijzigde tekst geacht te zijn aangenomen.

7.Over de uiteenzetting van de Raad betreffende het resultaat van zijn beraadslagingen omtrent de door het Parlement aangenomen wijzigingsvoorstellen wordt een debat gevoerd, dat met de stemming over een ontwerpresolutie kan worden besloten.

8.Wanneer de in dit artikel neergelegde procedure is afgesloten – doch onder voorbehoud van het bepaalde in artikel 6 –verklaart de Voorzitter ter plenaire vergadering dat de begroting definitief is vastgesteld. Hij draagt zorg voor de publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Schrappen

Amendement 71

Reglement van het Europees Parlement

Bijlage V – artikel 6

Artikel 6

Verwerping van de gehele begroting

1.Een commissie of ten minste veertig leden kunnen om belangrijke redenen een voorstel indienen tot verwerping van de gehele ontwerpbegroting. Slechts een schriftelijk, met redenen omkleed voorstel dat binnen de door de Voorzitter vastgestelde termijn wordt ingediend, is ontvankelijk. De beweegredenen voor de verwerping mogen niet onderling onverenigbaar zijn.

2.De ten principale bevoegde commissie brengt over dit voorstel advies uit voordat hierover ter plenaire vergadering wordt gestemd.

Het Parlement besluit met meerderheid van de stemmen van zijn leden en twee derde van de uitgebrachte stemmen. Indien het voorstel wordt aangenomen, wordt de gehele ontwerpbegroting naar de Raad teruggezonden.

Schrappen