Home

Voorstel voor een verordening van de Raad tot afwijking van Verordening (EG) nr. 1234/2007 (“Integrale-GMO-verordening”), wat de interventieperioden 2009 en 2010 voor boter en mageremelkpoeder betreft

Voorstel voor een verordening van de Raad tot afwijking van Verordening (EG) nr. 1234/2007 (“Integrale-GMO-verordening”), wat de interventieperioden 2009 en 2010 voor boter en mageremelkpoeder betreft

[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN |

Brussel, 7.7.2009

COM(2009) 354 definitief

2009/0094 (CNS)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN DE RAAD

tot afwijking van Verordening (EG) nr. 1234/2007 (“Integrale-GMO-verordening”), wat de interventieperioden 2009 en 2010 voor boter en mageremelkpoeder betreft

TOELICHTING

De situatie op de zuivelmarkt is in de afgelopen twaalf maanden dramatisch verslechterd. Na de prijspiek in 2007 en de scherpe stijging van de voedselprijzen in de EU en op de wereldmarkt geeft de prijsevolutie sedert medio 2008 een scherp dalende curve te zien die inhakt op het inkomen van de zuivelproducenten. De prijzen voor aan zuivelbedrijven geleverde melk zijn fors gedaald.

De instorting van de wereldmarktprijzen ligt in de eerste plaats aan een toename van de wereldproductie, maar vooral aan de mondiale daling van de vraag als gevolg van de financiële en economische crisis. Als rechtstreeks gevolg van de dalende wereldmarktprijzen zijn de marktprijzen in de EU met 30 tot 40 cent per liter melk naar beneden gedoken, ongeveer tot het niveau van de communautaire veiligheidsnetprijs van 21 cent per liter. Op dit prijsniveau kunnen de variabele productiekosten wellicht nog worden gedekt, maar niet de vaste kosten van een groot aantal minder efficiënt werkende zuivelproducenten, om nog maar te zwijgen over de volledige kostprijs van, onder meer, eigen grond, arbeid en kapitaal. Hoewel de melkquota in 2008 met 2 % zijn verhoogd naar aanleiding van de spectaculair gestegen voedselprijzen, heeft de EU in het quotumjaar 2008/2009 0,6 % minder melk geproduceerd. Dit betekent dat de totale melkproductie 4,2 % lager dan het totale quotumniveau is uitgevallen.

De Commissie heeft in januari 2009 particuliere opslagsteun voor boter ingevoerd, heeft de uitvoerrestituties voor zuivelproducten weer ingesteld en is in het kader van inschrijvingen boter en mageremelkpoeder voor interventie blijven aankopen boven de respectieve drempels van 30 000 ton en 109 000 ton tegen prijzen die zeer dicht aanleunen bij de vastgestelde aankoopprijzen.

De uitvoerrestituties zijn op een zeer omzichtige manier vastgesteld om te voorkomen dat de drempel van de wereldmarktprijzen niet zou worden gehaald.

De voor interventie aangekochte hoeveelheden (tot 25/6/09: boter 81 000 t; mageremelkpoeder 203 000 t) illustreren dat de markt nog steeds ver uit het lood is, deels vanwege de seizoensgebonden piekproductie in de eerste helft van elk jaar. Indien de interventie conform de integrale-GMO-verordening op 31 augustus 2009 wordt afgesloten, zullen de prijzen waarschijnlijk onder het interventieniveau duiken, met ernstige verstoringen van de markt en een klap voor de al erg lage prijzen-af-landbouwbedrijf tot gevolg.

De uitzonderlijke situatie vergt een verlenging van de openbare interventie voor boter en mageremelkpoeder via openbare inschrijving tot en met 28 februari 2010 Aangezien niet te voorspellen valt wanneer de zuivelmarkt weer zal aantrekken, dient de Commissie bovendien te worden gemachtigd om de mogelijkheid tot interventie aan de hand van inschrijvingen te verlengen tot het interventiejaar 2010/11 indien de situatie op de markt dat vereist.

Deze maatregelen zullen blijk geven van vertrouwen in de zuivelmarkt. Op middellange en lange termijn wordt namelijk verwacht dat de vraag weer zal aantrekken en de prijzen een normaal niveau zullen halen zodra de economische en financiële context verbetert en het consumentengedrag normaliseert.

2009/0094 (CNS)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN DE RAAD

tot afwijking van Verordening (EG) nr. 1234/2007 (“Integrale-GMO-verordening”), wat de interventieperioden 2009 en 2010 voor boter en mageremelkpoeder betreft

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 37,

Gezien het voorstel van de Commissie[1],

Gezien het advies van het Europees Parlement[2],

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De wereldmarktprijzen voor zuivelproducten zijn ingestort, met name als gevolg van het toegenomen mondiale aanbod en de daling van de vraag als gevolg van de financiële en economische crisis. De prijzen voor zuivelproducten op de binnenmarkt zijn fors gedaald. Als gevolg van het gecombineerde effect van de marktmaatregelen die sinds begin dit jaar zijn genomen, hebben de communautaire prijzen een stabiel niveau bereikt dat schommelt rond de prijsondersteuningsniveaus. Het is van essentieel belang dat deze marktondersteunende maatregelen, met name openbare interventie, zo lang van kracht blijven als nodig is om verdere afkalving van de prijzen en verstoring van de binnenmarkt te voorkomen.

(2) Krachtens artikel 11, onder e), van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad van 22 oktober 2007 houdende een gemeenschappelijke ordening van de landbouwmarkten en specifieke bepalingen voor een aantal landbouwproducten[3] is de openbare interventie voor boter en mageremelkpoeder open van 1 maart tot en met 31 augustus.

(3) In het licht van de verwachtingen voor de marktsituatie moet de openbare interventie voor boter en mageremelkpoeder worden verlengd tot na 31 augustus 2009, zo nodig tot 28 februari 2010.

(4) Wanneer een aanzienlijke daling van de marktprijzen en bijgevolg een verstoring of bedreiging van de markt kan worden verwacht, dient de Commissie bovendien te worden gemachtigd de interventieperiode voor boter en mageremelkpoeder te verlengen tot na 31 augustus 2010, zo nodig tot 28 februari 2011,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

In afwijking van artikel 11, onder e), van Verordening (EG) nr. 1234/2007 loopt de periode 2009 tijdens welke interventie voor boter en mageremelkpoeder beschikbaar is, af op 28 februari 2010.

Artikel 2

In afwijking van artikel 11, onder e), van Verordening (EG) nr. 1234/2007 kan de Commissie, volgens de in artikel 195, lid 2, van die verordening bedoelde procedure, de openbare interventie via inschrijvingen ook na 31 augustus 2010 voortzetten, zo nodig tot en met 28 februari 2011, indien verwacht wordt dat de prijzen in de sector melk en zuivelproducten op de binnenmarkt aanzienlijk zullen dalen en daardoor een aanzienlijke verstoring of bedreiging van de markt zullen veroorzaken.

Artikel 3

De Commissie neemt volgens de in artikel 195, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde procedure de nodige maatregelen voor de uitvoering van de onderhavige verordening.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie .

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad

De Voorzitter

FINANCIEEL MEMORANDUM | Fichefin/09/MS/dz Ares 143713 rev1 6.142.2009.1 |

DATUM: 11.6.2009 |

1. | BEGROTINGSONDERDEEL: 05 02 12 02 05 02 12 04 | KREDIETEN: p.m. 16.980.747 € |

2. | TITEL: Verordening van de Raad tot afwijking van Verordening (EG) nr. 1234/2007 wat de interventieperiode voor boter en mageremelkpoeder betreft |

3. | RECHTSGROND: Artikel 37 van het Verdrag. |

4. | DOEL VAN DE MAATREGEL: Voortzetting van de openbare interventie voor boter en mageremelkpoeder na 31 augustus 2009, en zo nodig tot 28 februari 2010, in het licht van de verwachtingen voor de marktsituatie en tegen de achtergrond van de dalende marktprijzen. |

5. | FINANCIELE CONSEQUENTIES: | PERIODE VAN 12 MAANDEN (miljoen euro) | LOPEND BEGROTINGS-JAAR 2009 (miljoen euro) | VOLGEND BEGROTINGS-JAAR 2010 (miljoen euro) |

5.0 | UITGAVEN - TEN LASTE VAN DE EG-BEGROTING (RESTITUTIES/INTERVENTIES) - NATIONALE INSTANTIES - ANDERE | - | 9,2 |

5.1 | ONTVANGSTEN - EIGEN MIDDELEN EG (HEFFINGEN/DOUANERECHTEN) - NATIONAAL | - | - |

2011 | 2012 | 2013 | 2014 |

5.0.1 | RAMING VAN DE UITGAVEN | 13,5 | 4,2 | - | - |

5.1.1 | RAMING VAN DE ONTVANGSTEN | - | - | - | - |

5.2 | BEREKENINGSMETHODE: De berekening van de kosten die gepaard gaan met de verlenging van de periode waarin interventieaankopen mogen worden verricht, is gebaseerd op de onderstaande hypothese. Gezien het consumptiepatroon in het voorjaar van 2009 en in het licht van het verwachte productiepatroon van september 2009 tot januari 2010 zullen gedurende deze verlengde periode naar schatting 50 000 ton mageremelkpoeder en 31 000 ton boter voor interventie worden aangekocht. Bovendien wordt ervan uitgegaan dat deze aanvullende hoeveelheid twee jaar zal worden opgeslagen en vervolgens op de markt zal worden verkocht tegen het interventieprijsniveau. Met betrekking tot de technische kosten zijn de voor de begroting 2009 toegepaste bedragen gebruikt. Op basis van deze hypothesen en ramingen zijn de uitgaven voor boter geraamd op 12,5 miljoen euro voor de begrotingsjaren 2010 tot 2012. Voor mageremelkpoeder bedragen de totale uitgaven 14,4 miljoen euro voor dezelfde periode. |

6.0 | IS FINANCIERING MOGELIJK UIT KREDIETEN DIE IN HET BETROKKEN HOOFDSTUK VAN DE LOPENDE BEGROTING ZIJN OPGEVOERD? | JA NEE |

6.1 | IS FINANCIERING MOGELIJK DOOR OVERSCHRIJVING VAN EEN HOOFDSTUK NAAR EEN ANDER HOOFDSTUK VAN DE LOPENDE BEGROTING? | JA NEE |

6.2 | IS EEN AANVULLENDE BEGROTING NODIG? | JA NEE |

6.3 | MOETEN OP DE VOLGENDE BEGROTING KREDIETEN WORDEN OPGEVOERD? | JA NEE |

OPMERKINGEN: |

[1] PB C [...] van [...], blz. [...].

[2] PB C [...] van [...], blz. [...].

[3] PB L 299 van 16.11.2007, blz. 1.