Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD tot wijziging van Uitvoeringsbesluit (EU) (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland
Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD tot wijziging van Uitvoeringsbesluit (EU) (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland
UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD
Brussel, 16.6.2025 |
COM(2025) 325 final |
2025/0173(NLE) |
Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD tot wijziging van Uitvoeringsbesluit (EU) (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland |
{SWD(2025) 165 final} |
2025/0173 (NLE) |
Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD tot wijziging van Uitvoeringsbesluit (EU) (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland |
UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD
tot wijziging van Uitvoeringsbesluit (EU) (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van
13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan
voor Duitsland
Gezien het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2021/241 van het Europees Parlement en de Raad van 12 februari 2021 tot instelling van de herstel- en veerkrachtfaciliteit 1 , en met name artikel 20, lid 1,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
Nadat Duitsland op 28 april 2021 zijn nationale herstel- en veerkrachtplan had ingediend, heeft de Commissie de Raad een voorstel voor een positieve beoordeling voorgelegd. De Raad heeft de positieve beoordeling goedgekeurd door middel van het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 2 . Dat uitvoeringsbesluit van de Raad is op 14 februari 2023 3 , 8 december 2023 4 en 16 juli 2024 5 gewijzigd.
Op 6 mei 2025 heeft Duitsland een met redenen omkleed verzoek bij de Commissie ingediend om een voorstel te doen om het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 te wijzigen overeenkomstig artikel 21, lid 1, van Verordening (EU) 2021/241, op grond van het feit dat het herstel- en veerkrachtplan wegens objectieve omstandigheden deels niet langer haalbaar is. Op basis daarvan heeft Duitsland een gewijzigd herstel- en veerkrachtplan ingediend.
Wijzigingen op basis van artikel 21 van Verordening (EU) 2021/241
De wijzigingen van het herstel- en veerkrachtplan die Duitsland op grond van objectieve omstandigheden heeft ingediend, hebben betrekking op 14 maatregelen.
Duitsland heeft toegelicht dat vier maatregelen deels niet langer haalbaar zijn wegens onzekerheid in de ontwikkeling van de markt. Het betreft mijlpaal 4 van maatregel 1.1.1 (Waterstofprojecten in het kader van de IPCEI’s), streefdoel 10 van maatregel 1.1.2 (Financieringsprogramma voor decarbonisatie in de industrie) en streefdoel 13 van maatregel 1.1.3 (Proefproject voor klimaatactiecontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen), alle in het kader van component 1.1 (Decarbonisatie, met name met behulp van hernieuwbare waterstof) en streefdoel 58 van maatregel 2.1.3 (IPCEI Next Generation Cloud Infrastructure and Services (IPCEI CIS)) in het kader van component 2.1 (Data als grondstof van de toekomst). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht om mijlpaal 4 en streefdoel 13 te schrappen en om de beschrijving van maatregel 1.1.3 te wijzigen. Voorts heeft Duitsland verzocht om streefdoel 10 te wijzigen en het uitbetalingsstreefdoel 58 te wijzigen en te verlagen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Duitsland heeft uitgelegd dat één maatregel deels niet langer haalbaar is wegens een beperkte respons van de marktspelers. Dit betreft streefdoel 38 van maatregel 1.2.6 (Steun ter bevordering van alternatieve aandrijving per spoor) in het kader van component 1.2 (Klimaatvriendelijke mobiliteit). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht om het tijdschema voor de uitvoering van streefdoel 38 te verlengen en de beschrijving van maatregel 1.2.6 te wijzigen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Duitsland heeft uitgelegd dat één maatregel niet langer haalbaar is wegens verstoringen in de toeleveringsketens en vertragingen in de ontwikkeling. Dit betreft streefdoel 133 van maatregel 7.1.2 (Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen) in het kader van component 7.1 (REPowerEU). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht om de beschrijving van streefdoel 133 te wijzigen en streefdoel 133 te verlagen. Voorts heeft Duitsland verzocht om de beschrijving van maatregel 7.1.2 te wijzigen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Duitsland heeft uitgelegd dat één maatregel deels niet langer haalbaar is wegens de onverwachte moeilijkheden in verband met het boren van een geothermische bron. Het betreft streefdoel 45 van maatregel 1.3.2 (Gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie) in het kader van component 1.3 (Klimaatvriendelijk renoveren en bouwen). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht de beschrijving van deze maatregel en dit streefdoel te wijzigen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Duitsland heeft uitgelegd dat twee maatregelen deels niet langer haalbaar zijn wegens de toegenomen kosten en een te geringe vraag. Dit betreft streefdoel 23 van maatregel 1.2.1 (Steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur) in het kader van component 1.2 (Klimaatvriendelijke mobiliteit) en streefdoel 113A van maatregel 6.1.2 (Digitalisering van de administratie — uitvoering van de wet inzake onlinetoegang) in het kader van component 6.1 (Modern openbaar bestuur). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht om streefdoel 23 en het bereik van maatregel 1.2.1 naar beneden bij te stellen. Voorts heeft Duitsland verzocht om doelstelling 113A naar beneden bij te stellen. Voorts heeft Duitsland verzocht om twee aanvullende mijlpalen 113B en 113C toe te voegen en de overeenkomstige beschrijving van maatregel 6.1.2 te wijzigen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Duitsland heeft uitgelegd dat twee maatregelen zijn gewijzigd om betere alternatieven uit te voeren, om zo de oorspronkelijke ambitie van de maatregel te verwezenlijken. Dit betreft streefdoel 103 van maatregel 5.1.2 (Programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen) in het kader van component 5.1 (Versterking van een pandemiebestendig gezondheidszorgstelsel) en mijlpaal 129 van maatregel 6.2.3 (Versnelling van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector) in het kader van component 6.2 (Vermindering van investeringsbelemmeringen). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht om streefdoel 103, mijlpaal 129 en de beschrijving van maatregel 6.2.3 te wijzigen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Duitsland heeft uitgelegd dat vier maatregelen zijn gewijzigd om betere en administratief minder belastende alternatieven uit te voeren waarmee de oorspronkelijke doelstellingen van de desbetreffende maatregelen nog steeds worden behaald. Dit betreft streefdoel 37 van maatregel 1.2.6 (Steun ter bevordering van alternatieve aandrijving per spoor) in het kader van component 1.2 (Klimaatvriendelijke mobiliteit); streefdoel 48B van maatregel 1.3.3 (Renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen) in het kader van component 1.3 (Klimaatvriendelijk renoveren en bouwen); streefdoel 64 van maatregel 2.2.2 (Federaal programma “Bouwen aan netwerken voor permanente educatie en opleiding (CET-netwerken)”) in het kader van component 2.2 (Digitalisering van de economie) en streefdoel 88 van maatregel 4.1.1 (Investeringsprogramma “Kinderfinanciering” 2020/2021: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagzorg”) in het kader van component 4.1 (Versterking van de sociale integratie). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht om het intermediaire streefdoel 48A te schrappen en de beschrijving van de overeenkomstige maatregel 1.3.3 te wijzigen. Voorts heeft Duitsland verzocht om de beschrijving van de streefdoelen 37 en 64 te wijzigen. Voorts heeft Duitsland verzocht om streefdoel 88 te wijzigen om de administratieve last te verminderen door het bereik van maatregel 4.1.1 aan te passen en slechts het kleine gedeelte van het investeringsprogramma te weerspiegelen dat wordt gefinancierd door de herstel- en veerkrachtfaciliteit en niet de algemenere nationale maatregel. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Naar aanleiding van de verlaging van het uitvoeringsniveau van één maatregel krachtens artikel 21 van Verordening (EU) 2021/241 heeft Duitsland voorts verzocht om de middelen die zijn vrijgekomen door de verlaging van het uitvoeringsniveau te mogen besteden aan de verhoging van het uitvoeringsniveau van één maatregel. Dit betreft streefdoel 132 van maatregel 7.1.2 (Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen) in het kader van component 7.1 (REPowerEU). Op basis hiervan heeft Duitsland verzocht het vereiste uitvoeringsniveau van voornoemd streefdoel te verhogen. Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.
De Commissie is van oordeel dat de door Duitsland aangevoerde redenen de wijziging(en) op grond van artikel 21, lid 2, van Verordening (EU) 2021/241 rechtvaardigen en dat het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 dienovereenkomstig moet worden gewijzigd.
Verdeling van mijlpalen en streefdoelen
De verdeling van mijlpalen en streefdoelen in tranches moet worden aangepast om rekening te houden met de door Duitsland voorgestelde wijzigingen van het plan en het indicatieve tijdschema.
Correctie van schrijffouten
In de tekst van het uitvoeringsbesluit van de Raad zijn vijf schrijffouten vastgesteld die gevolgen hebben voor twee streefdoelen en drie maatregelen in het kader van vier componenten. Het uitvoeringsbesluit van de Raad moet worden gewijzigd om de schrijffouten te corrigeren die niet de inhoud weerspiegelen van het herstel- en veerkrachtplan dat op 28 april 2021 bij de Commissie is ingediend, zoals overeengekomen tussen de Commissie en Duitsland. Deze schrijffouten hebben betrekking op streefdoel 30A en de beschrijving van maatregel 1.2.3 (Steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark) in het kader van component 1.2 (Klimaatvriendelijke mobiliteit); streefdoel 131 van maatregel 7.1.2 (Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen) in het kader van component 7.1 (REPowerEU); de beschrijving van maatregel 6.1.1 (Ecosysteem van de Europese identiteit) in het kader van component 6.1 (Modern openbaar bestuur) en de beschrijving van component 1.1 (Decarbonisatie met behulp van hernieuwbare waterstof, met name) en 1.2 (Klimaatvriendelijke mobiliteit). Deze correcties hebben geen gevolgen voor de uitvoering van de betreffende maatregelen.
Beoordeling door de Commissie
De Commissie heeft het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan beoordeeld aan de hand van de criteria van artikel 19, lid 3, van Verordening (EU) 2021/241.
Bijdrage aan de groene transitie, met inbegrip van biodiversiteit
Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt e), van Verordening (EU) 2021/241 en criterium 2.5 van bijlage V daarbij, bevat het aangepaste herstel- en veerkrachtplan maatregelen die in hoge mate (score A) bijdragen aan de groene transitie, met inbegrip van biodiversiteit, of de aanpak van de daaruit voortvloeiende uitdagingen. De maatregelen ter ondersteuning van de klimaatdoelstellingen zijn goed voor 46,3 % van de totale toewijzing voor het herstel- en veerkrachtplan, berekend volgens de in bijlage VI bij Verordening (EU) 2021/241 beschreven methode. Overeenkomstig artikel 17 van die verordening strookt het aangepaste herstel- en veerkrachtplan met de informatie in het nationaal energie- en klimaatplan 2021-2030.
De geschrapte of naar beneden bijgestelde maatregelen hebben geen aanzienlijke gevolgen voor de algemene ambitie van het herstel- en veerkrachtplan met betrekking tot de groene transitie. De klimaatbijdrage van het aangepaste herstel- en veerkrachtplan is gedaald van 49,5 % tot 46,3 % in vergelijking met de gewijzigde beoordeling.
Bijdrage aan de digitale transitie
Overeenkomstig artikel 19, lid 3, punt f), van en criterium 2.6 van bijlage V bij Verordening (EU) 2021/241 bevat het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan maatregelen die in hoge mate (score A) bijdragen tot de digitale transitie of tot de aanpak van de daaruit voortvloeiende uitdagingen. De maatregelen ter ondersteuning van de doelstellingen inzake digitalisering zijn goed voor 46,1 % van de totale toewijzing voor het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan, berekend volgens de in bijlage VII bij die verordening beschreven methode.
De geschrapte of naar beneden bijgestelde maatregelen hebben geen aanzienlijke gevolgen voor de algemene ambitie van het herstel- en veerkrachtplan met betrekking tot de digitale transitie. De digitale bijdrage van het aangepaste herstel- en veerkrachtplan is gedaald van 47,5 % tot 46,1 % in vergelijking met de gewijzigde beoordeling.
Beoordeling door de Commissie
De Commissie is van oordeel dat de door Duitsland voorgestelde wijzigingen niet van invloed zijn op de positieve beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan zoals uiteengezet in uitvoeringsbesluit van de Raad ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1 van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland met betrekking tot de relevantie, doeltreffendheid, efficiëntie en samenhang van het herstel- en veerkrachtplan aan de hand van de beoordelingscriteria van artikel 19, lid 3, punten a), b), c), d), d bis), d ter), g), h), i), j) en k).
Positieve beoordeling
De Commissie heeft het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan positief beoordeeld en concludeert dat het plan op bevredigende wijze voldoet aan de beoordelingscriteria van Verordening (EU) 2021/241. Nu moeten, overeenkomstig artikel 20, lid 2, van en bijlage V bij die verordening, de hervormings- en investeringsprojecten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan worden vastgelegd, alsmede de desbetreffende mijlpalen, streefdoelen en indicatoren en het bedrag dat door de Unie ter beschikking wordt gesteld voor de uitvoering van het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan in de vorm van niet-terugbetaalbare financiële steun.
Financiële bijdrage
De totale kosten van het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan van Duitsland worden geraamd op 31 081 926 119 EUR. Aangezien het bedrag van de geraamde totale kosten van het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan hoger is dan de maximale financiële bijdrage die voor Duitsland beschikbaar is, moet de overeenkomstig artikel 20, lid 4, bepaalde financiële bijdrage die aan het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan van Duitsland is toegewezen, gelijk zijn aan het totale bedrag van de maximale financiële bijdrage die voor het aangepaste herstel- en veerkrachtplan van Duitsland beschikbaar is. Dit bedrag is gelijk aan 30 324 665 082 EUR.
Uitvoeringsbesluit van de Raad (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland zou daarom dienovereenkomstig moeten worden gewijzigd. Ten behoeve van de duidelijkheid moet de bijlage bij dat uitvoeringsbesluit volledig worden vervangen,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het uitvoeringsbesluit van de Raad van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland wordt als volgt gewijzigd: 1) artikel 1 wordt vervangen door:
“Artikel 1
Goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan
De beoordeling van het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan van Duitsland aan de hand van de criteria van artikel 19, lid 3, van Verordening (EU) 2021/241 wordt goedgekeurd. De hervormingen en investeringsprojecten in het kader van het herstel- en veerkrachtplan, de regelingen en het tijdschema voor de monitoring en de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan, met inbegrip van de desbetreffende mijlpalen en streefdoelen, de desbetreffende indicatoren voor het bereiken van de beoogde mijlpalen en streefdoelen, en de regelingen voor volledige toegang door de Commissie tot de desbetreffende onderliggende gegevens worden vastgelegd in de bijlage bij dit besluit.”;
2) de bijlage wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Adressaat
Dit besluit is gericht tot de Bondsrepubliek Duitsland.
Gedaan te Brussel,
BIJLAGE bij het Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD tot wijziging van Uitvoeringsbesluit (EU) (ST 10158/21 INIT; ST 10158/21 ADD 1) van 13 juli 2021 betreffende de goedkeuring van de beoordeling van het herstel- en veerkrachtplan voor Duitsland
Brussel, 16.6.2025 |
COM(2025) 325 final |
{SWD(2025) 165 final} |
BIJLAGE
DEEL 1: HERVORMINGEN EN INVESTERINGEN IN HET KADER VAN HET HERSTEL- EN VEERKRACHTPLAN
Beschrijving van hervormingen en investeringen
A. COMPONENT 1.1: Decarbonisatie met name met behulp van hernieuwbare waterstof
De component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan pakt de uitdaging van de beperking van de klimaatverandering aan door ernaar te streven de uitstoot van broeikasgassen in de economie te verminderen. De doelstellingen van de component zijn het ondersteunen van het gebruik van waterstof die met energie uit hernieuwbare bronnen wordt geproduceerd en het leveren van een primaire doelstelling aan de vermindering van broeikasgasemissies zoals gedefinieerd in het Duitse NECP, met bijzondere aandacht voor de industrie. De component beoogt ook een bijdrage te leveren op het gebied van industriële innovatie en werkgelegenheidsbeleid.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling inzake investeringen in de groene transitie en vormt een bouwsteen voor het ontwerp van schone, efficiënte en geïntegreerde energiesystemen (landspecifieke aanbeveling 1.6 in 2019 en landspecifieke aanbeveling 2.4 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
A.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
1.1.1 investering: Waterstofprojecten in het kader van de IPCEI’s
De doelstelling van de geplande belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI’s) op waterstof 1 is het versnellen van de marktintroductie van waterstof en derivaten daarvan om emissie-intensieve processen koolstofvrij te maken en nieuwe toepassingsgebieden in Duitsland en Europa te ontwikkelen.
De maatregel bestaat uit financiële steun die via geplande IPCEI’s op het gebied van waterstof wordt verleend aan geïntegreerde projecten van gemeenschappelijk Europees belang in de hele waardeketen. Wat de productie betreft, zijn de geplande IPCEI’s gericht op het opbouwen van een grote capaciteit voor elektrolyse om hernieuwbare waterstof te produceren op locaties waar voldoende hernieuwbare elektriciteit beschikbaar is. Binnen dit kader wordt gestreefd naar de opbouw van een vermogen tot 500 MW aan elektrolyse. De infrastructuur moet bijdragen aan de bouw van Duitse en Europese infrastructuur voor waterstoftransport en -opslag.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
1.1.2 investering: Financieringsprogramma voor decarbonisatie in de industrie
Het doel van de maatregel is de industrie te helpen overschakelen van zeer emissie-intensieve productieprocessen naar broeikasgasarme processen. Meer in het bijzonder is het bedoeld om bedrijven te helpen het hoofd te bieden aan de uitdagingen van de transitie, die met name gelegen zijn in de hoge kosten en het economische risico van de ontwikkeling van klimaatneutrale technologieën.
Er wordt steun verleend voor onderzoek en ontwikkeling, tests in experimentele of proefinstallaties en investeringen in installaties voor de toepassing en uitvoering van maatregelen op industriële schaal. De steun wordt verleend in de vorm van een gedeeltelijke investeringssubsidie. De maatregel is gericht op ondernemingen in energie-intensieve industrieën met broeikasgasemissies die afkomstig zijn van het productieproces dat onder de EU-regeling voor de handel in emissierechten valt (met name staal, cement, kalk, chemicaliën, non-ferrometalen, glas en keramiek). Alleen projecten die leiden tot emissies die aanzienlijk onder de benchmarks van het EU-emissiehandelssysteem (ETS) liggen, komen in aanmerking voor steun in het kader van de maatregel 2 .
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn. Daarnaast is Duitsland voornemens de maatregel tot na 2026 te verlengen met financiering uit zijn nationale begroting.
1.1.3 investering: Proefproject voor klimaatactiecontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen
Het doel van de maatregel is, net als voor maatregel 1.1.2, de invoering van nieuwe, schonere productietechnologieën voor energie-intensieve industrieën. De specifieke doelstelling van de maatregel is bedrijven financiële zekerheid te bieden wanneer zij aanzienlijke investeringen in klimaatneutrale technologieën doen en procesgerelateerde broeikasgasemissies die bij de huidige stand van de techniek moeilijk te vermijden zijn, permanent te verminderen.
Klimaatactiecontracten garanderen een vaste CO2-prijs gedurende een vaste looptijd voor ondernemingen die investeren inCO2-reductietechnologieën. Het programma is in de eerste plaats gericht op bedrijven in de staal-, chemische en bouwmaterialenindustrie waar procesemissies bijzonder moeilijk te vermijden zijn. Alleen projecten die leiden tot emissies die aanzienlijk onder de ETS-benchmarks liggen, komen in aanmerking voor steun in het kader van de maatregel 3 .
De uitvoering van de investering zal naar verwachting uiterlijk op 31 december 2021 van start gaan en moet uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
1.1.4 investering: Projectgerelateerd klimaatbeschermingsonderzoek
Net als andere maatregelen van deze component heeft deze maatregel tot doel bij te dragen tot de algemene doelstelling om de economie koolstofvrij te maken in overeenstemming met de doelstellingen voor 2050, maar met een sterkere nadruk op kmo’s en basisindustrieën.
Samenwerkingsprojecten worden ondersteund op de volgende drie gebieden: I) klimaatbescherming in de industrie, ii) innovatie van kmo’s en iii) klimaatbestendigheid. Het eerste gebied is gericht op klimaatbescherming in de basismateriaalindustrie met het oog op de bevordering van industrieel onderzoek en de ontwikkeling van nieuwe processen die broeikasgasemissies voorkomen. Het tweede aandachtsgebied bestaat uit maatregelen ter ondersteuning van innovatie door kmo’s die bijdragen tot de matiging van de klimaatverandering en energie-efficiëntie. Tot slot zal het derde gebied zich toespitsen op steunmaatregelen voor klimaatweerbaarheidsprojecten van gemeenten en lokale bedrijven die banden hebben met onderzoekspartners (universiteiten en niet-universitaire onderzoeksinstellingen).
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.
1.1.5 investering: Vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie
Deze maatregel draagt bij tot de algemene doelstelling om de economie koolstofvrij te maken en is specifiek gericht op het aanpakken van belangrijke kwesties in verband met de levering van groene waterstof in het toekomstige energiesysteem.
Wat onderzoek betreft, zal een eerste vlaggenschipinitiatief de uitdagingen van seriële productie van waterelektrolyse-installaties aanpakken. Een tweede vlaggenschipinitiatief is gericht op de geïntegreerde directe offshore-productie van waterstof en derivaten daarvan op zee met behulp van offshore-windenergie. In een derde vlaggenschipinitiatief wordt het potentieel van waterstoftransporttechnologieën onderzocht en beoordeeld.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
1.1.6 investering: Federale steun voor efficiënte warmtenetten
De maatregel bestaat uit financiële steun voor investeringsprojecten om bestaande stadsverwarmingssystemen koolstofvrij te maken, evenals investeringsprojecten voor de aanleg van nieuwe stadsverwarmingsnetwerken, waarbij het aandeel van warmte uit hernieuwbare bronnen en restwarmte wordt vergroot.
Nieuwe stadsverwarmingsnetwerken moeten voor ten minste 75 % uit hernieuwbare energie en restwarmte bestaan. Er worden geen fossiele brandstoffen gefinancierd. Steun in het kader van de regeling wordt alleen verleend voor warmteopwekking uit hernieuwbare energiebronnen, waaronder duurzame biomassa, en restwarmte.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
A.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering van niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing
|
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
1 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Mijlpaal |
Voltooiing van de procedure voor het indienen van blijken van belangstelling |
Bedrijven hebben projectschetsen ingediend |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2021 |
De procedure voor het indienen van blijken van belangstelling is afgerond. Er zijn potentiële projecten en projectdeelnemers in Duitsland geïdentificeerd. |
|
2 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Mijlpaal |
Uitvaardiging van eerste subsidiebesluiten |
Toekenningsbesluiten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2022 |
Subsidietoekenningsbesluiten zijn afgegeven aan ontvangers/aanvragers door het federale ministerie van Economische Zaken en Klimaatactie (BMWK) en het federale ministerie van Digitaal en Vervoer (BMDV), waardoor de uitvoering van de geselecteerde projecten van start kan gaan. |
|
3 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Doel |
Vastlegging van ten minste 500 000 000 EUR |
— |
Miljoen EUR |
0 |
500 |
KWARTAAL 2 |
2024 |
Ten minste 500 000 000 EUR is vastgelegd voor waterstofprojecten in overeenstemming met de vastgestelde subsidiebesluiten. |
|
5 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Doel |
Vastlegging van 1 500 000 000 EUR |
— |
Miljoen EUR |
0 |
1 500 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 1 500 000 000 EUR is vastgelegd voor waterstofprojecten in overeenstemming met de vastgestelde subsidiebesluiten. |
|
6 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Doel |
Totstandbrenging van een elektrolysecapaciteit van ten minste 300 MW |
— |
Megawatt |
0 |
300 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Er moet ten minste 300 MW elektrolysecapaciteit worden gecreëerd. |
|
7 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van het financieringsrichtsnoer (Förderrichtlinie)voor decarbonisatie in de industrie |
Inwerkingtreding van het financieringsrichtsnoer |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
Het richtsnoer is in werking getreden, waardoor bedrijven aanvragen kunnen indienen. |
|
8 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Doel |
Uitvaardiging van subsidiebesluiten |
— |
Aantal |
0 |
20 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
Subsidiebesluiten zijn afgegeven aan ontvangers/aanvragers, waardoor de uitvoering van de geselecteerde projecten van start kan gaan. |
|
9 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
426.823 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Van de 449 288 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 426 823 000 EUR aan middelen die voor de geselecteerde projecten zijn vastgelegd, uitbetaald aan de ontvangers. |
|
10 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Doel |
Verslagen over de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in de industrie |
— |
Aantal projecten |
0 |
20 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
6 investeringsprojecten hebben geleid tot een vermindering van de emissies tot onder de ETS-benchmark. Bovendien moet uit de verslagen blijken dat 14 O & O-projecten betrekking hebben op activiteiten die verband houden met het testen in experimentele of proefinstallaties. |
|
11 |
1.1.3 proefregeling voor klimaatactiecontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen |
Mijlpaal |
Voltooiing van de procedure voor blijken van belangstelling voor klimaatveranderingscontracten |
Ondernemingen dienen blijken van belangstelling voor klimaatveranderingscontracten in bij het Bondsministerie van Economische Zaken en Klimaatactie (BMWK) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2021 |
De procedure voor het indienen van blijken van belangstelling is afgerond, waarbij bedrijven belangstelling hebben getoond voor steun voor hun projecten door middel van klimaatveranderingscontracten en geselecteerde projecten. |
|
12 |
1.1.3 proefregeling voor klimaatactiecontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen |
Mijlpaal |
Financieringsrichtsnoer (Förderrichtlinie)voor een proefprogramma inzake klimaatveranderingscontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen |
Inwerkingtreding van het financieringsrichtsnoer |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2022 |
De richtsnoeren voor een proefprogramma inzake klimaatveranderingscontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen zijn in werking getreden, waardoor bedrijven aanvragen kunnen indienen. |
|
14 |
1.1.4 projectgerelateerd onderzoek naar klimaatbescherming |
Doel |
Goedkeuring van steunaanvragen voor klimaatgerelateerde onderzoeksprojecten |
— |
Aantal goedgekeurde aanvragen |
0 |
45 |
KWARTAAL 4 |
2021 |
De in het kader van de aanbesteding geselecteerde klimaatgerelateerde onderzoeksprojecten zijn goedgekeurd voor financiering. |
|
15 |
1.1.4 projectgerelateerd onderzoek naar klimaatbescherming |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
57 |
KWARTAAL 4 |
2025 |
Van de 60 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 57 000 000 EUR aan middelen die voor de geselecteerde projecten zijn vastgelegd, uitbetaald aan de ontvangers. |
|
16 |
1.1.4 projectgerelateerd onderzoek naar klimaatbescherming |
Doel |
Voltooiing van ondersteunde klimaatgerelateerde onderzoeksprojecten |
— |
Aantal |
0 |
45 |
KWARTAAL 4 |
2025 |
De projecten zijn voltooid, zoals blijkt uit de indiening van het eindverslag. |
|
17 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Mijlpaal |
Publicatie van de wedstrijd “Idea Competition“Hydrogen Republic Germany” (Förderaufruf zum Ideenwettbewerb “Wasserstoffrepublik Deutschland”) |
Publicatie van de wedstrijd op de homepage van het Bondsministerie van Onderwijs en Onderzoek |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2020 |
De wedstrijd, met inbegrip van de toelatingsvoorwaarden, is gepubliceerd op de homepage van het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek en is opengesteld voor sollicitaties. |
|
18 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Uitvaardiging van subsidiebesluiten |
— |
Aantal uitgevaardigde subsidiebesluiten |
0 |
150 |
KWARTAAL 2 |
2022 |
Subsidiebesluiten zijn afgegeven aan ontvangers/aanvragers, waardoor de uitvoering van de geselecteerde projecten van start kan gaan. |
|
19 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Voltooiing van de ondersteunde projecten |
— |
Aantal |
0 |
150 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
De projecten zijn voltooid, zoals blijkt uit de beschikbaarheid van het officiële eindverslag. In deze verslagen worden de bereikte resultaten in detail beschreven en vergeleken met de vastgestelde doelstellingen. |
|
20 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
560 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Van de 700 000 000 EUR die aan de vlaggenschipprojecten is toegewezen, is ten minste 560 000 000 EUR aan begunstigden uitbetaald. Berekening op basis van daadwerkelijk verrichte betalingen. |
|
21 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Inzet voor vlaggenschipprojecten op het gebied van onderzoek en innovatie |
— |
Miljoen EUR |
0 |
665 |
KWARTAAL 1 |
2025 |
Van de 700 000 000 EUR die aan de vlaggenschipprojecten is toegewezen, is ten minste 665 000 000 EUR vastgelegd. |
|
21A |
1.1.6 federale steun voor efficiënte warmtenetten |
Doel |
Ondertekening van subsidiebesluiten |
— |
Subsidiebesluiten |
0 |
200 |
KWARTAAL 4 |
2023 |
De uitvoerende instantie, BAFA (Bundesamt für Wirtschaft und Ausfuhrkontrolle), heeft 200 subsidiebesluiten ondertekend voor projecten die overeenkomen met de beschrijving van de maatregel. |
|
21B |
1.1.6 federale steun voor efficiënte warmtenetten |
Doel |
Voltooiing van haalbaarheidsstudies en/of transformatieplannen |
— |
Haalbaarheidsstudies en/of transformatieplannen |
0 |
50 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
Ten minste 50 haalbaarheidsstudies en/of transformatieplannen zijn voltooid in overeenstemming met de financieringsrichtsnoeren voor efficiënte stadsverwarming vanaf 1 augustus 2022 en ingediend bij de uitvoerende instantie, (Bundesamt für Wirtschaft und Ausfuhrkontrolle) BAFA. |
|
21C |
1.1.6 federale steun voor efficiënte warmtenetten |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR uitbetaald |
0 |
541.5 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
Van de 570 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 541 500 000 EUR uitbetaald voor de ondersteunde projecten overeenkomstig de beschrijving van de maatregel. |
B. COMPONENT 1.2: Klimaatvriendelijke mobiliteit
In de component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan wordt ingegaan op de uitdaging van mitigatie van klimaatverandering, met bijzondere aandacht voor de vervoerssector.
Het doel van deze component is bij te dragen tot een aanzienlijke verminderingvan de CO2-uitstoot in de vervoerssector. Het heeft specifiek tot doel alternatieve technologieën in de vervoerssector op duurzame wijze tot stand te brengen om ze energie-efficiënter, klimaat- en milieuvriendelijker te maken en zo de energietransitie in het vervoer verder te bevorderen.
Steun voor de marktontwikkeling van elektromobiliteit en de aanvullende investeringen in duurzame mobiliteitstechnologieën zijn ook bedoeld om de transitie naar een klimaatneutrale automobiel- en toeleveringsindustrie te ondersteunen en Duitsland te helpen zijn economie op middellange en lange termijn te versterken.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling om “investeringen toe te spitsen op de groene en digitale transitie, met name op duurzaam vervoer”, (...) onderzoek en innovatie (landspecifieke aanbevelingen 2.3 en 2.8 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
B.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
1.2.1 investering: Steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur
De algemene uitdaging waarop de maatregel betrekking heeft, is de noodzaak om oplossingen voor schone mobiliteit te ontwikkelen om de vervoerssector koolstofvrij te maken. Met deze maatregel wordt specifiek tegemoetgekomen aan de noodzaak om een alomtegenwoordig netwerk van oplaadinfrastructuur voor e-voertuigen te ontwikkelen. Dit is een van de belangrijkste voorwaarden voor het succes van elektromobiliteit, aangezien het huidige gebrek aan oplaadinfrastructuur de aankoop van e-voertuigen belemmert.
De maatregel bestaat uit steun voor de bouw van oplaadpunten, met inbegrip van de noodzakelijke netaansluiting van de laadlocatie en de installatie van het laadpunt zelf. De steun wordt verleend in de vorm van projectfinanciering voor een subsidieregeling die wordt uitgevoerd door het federale ministerie voor Digitaal en Vervoer (BMDV). Zij is van toepassing op zowel openbaar toegankelijke als niet-openbaar toegankelijke oplaadinfrastructuur.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 december 2025 voltooid zijn.
1.2.2 investering: Financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit
De algemene uitdaging die met deze maatregel wordt aangepakt, is ook de noodzaak om schone mobiliteitsoplossingen te ontwikkelen om de vervoerssector koolstofvrij te maken. Het is met name gericht op de verdere ontwikkeling van de markt voor elektromobiliteit en met name op de ontwikkeling van het wagenpark van gemeentelijke en bedrijfsvoertuigen.
De maatregel bestaat uit financiële steun voor de aankoop van elektrische voertuigen in gemeentelijke en commerciële wagenparken en de nodige oplaadinfrastructuur voor de exploitatie van deze voertuigen. Daarnaast worden toepassingsgerichte onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten, de ontwikkeling van (gemeentelijke en commerciële) projecten op het gebied van elektrische mobiliteit en elektromobiliteitsconcepten ondersteund. De steun wordt verleend in de vorm van de financiering van een subsidieregeling die door het Bondsministerie voor Digitaal en Vervoer wordt uitgevoerd.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 juni 2024 voltooid zijn.
1.2.3 investering: Steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark
De algemene uitdaging waarop deze maatregel betrekking heeft, is dezelfde als voor maatregel 1.2.2. De bevordering van elektromobiliteit is een essentieel onderdeel van de verwezenlijking van de klimaatdoelstellingen van Parijs in de vervoerssector. De maatregel is gericht op de uitdaging van het zeer lage aandeel zuivere e-auto’s in het totale wagenpark (1,2 % in 2020), met name in vergelijking met de 7 miljoen tot 10 miljoen elektrische voertuigen waarin het klimaatveranderingsprogramma 2030 voorziet.
De maatregel verlaagt de aankoopprijzen van elektrische voertuigen, die doorgaans hoger zijn dan die met interne verbrandingsmotoren, waardoor de markt wordt gestimuleerd. Aankoop omvat de wettelijke aankoop of leasing van elektrische voertuigen. Er wordt uitsluitend steun verleend voor de bevordering van emissievrije voertuigen en plug-inhybriden die minder dan 50 g CO2per km uitstoten.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 maart 2025 voltooid zijn.
Hervorming van 1.2.4: Verlenging van de initiële registratieperiode voor de toekenning van de tienjarige belastingvrijstelling voor zuiver elektrische voertuigen
De algemene uitdaging waarop deze maatregel betrekking heeft, is dezelfde als voor maatregel 1.2.2. De bevordering van elektromobiliteit is een essentieel onderdeel van de verwezenlijking van de klimaatdoelstellingen van Parijs in de vervoerssector.
De maatregel bestaat uit een tienjarige belastingvrijstelling vanaf de registratie van een elektrisch voertuig. Zij is beperkt tot zuiver elektrische voertuigen. De vrijstelling geldt voor alle natuurlijke personen en rechtspersonen.
De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 maart 2026 voltooid.
1.2.5 investering: Steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving
De algemene uitdaging waarop deze maatregel betrekking heeft, is dezelfde als voor maatregel 1.2.2. Het doel van de maatregel is het marktverkeer van bussen op alternatieve brandstoffen voor personenvervoer te ondersteunen. Momenteel worden dieselbussen nog steeds bijna uitsluitend in het busvervoer gebruikt. De overschakeling op emissiearme bussen moet bijdragen tot een geringer klimaateffect en minder luchtverontreiniging.
De maatregel bestaat uit subsidies die worden toegekend op basis van aanbestedingen. De middelen worden voornamelijk gebruikt voor elektrische bussen op batterijen, trolleybussen, brandstofcelbussen en 100 % biomethaan aangedreven bussen. Ook operationeel noodzakelijke infrastructuur en haalbaarheidsstudies over alternatieve aandrijvingen in het openbaar vervoer kunnen worden ondersteund. Verwacht wordt dat de financiering van bussen op biomethaan beperkt zal blijven (het aandeel gasbussen in Duitsland is de afgelopen jaren gestaag gedaald en bedraagt momenteel ongeveer 2 % van alle stadsbussen die in gebruik zijn).
De uitvoering van de maatregel zal naar verwachting in het derde kwartaal van 2021 van start gaan en uiterlijk op 30 september 2026 zijn voltooid.
1.2.6 investering: Steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving
De uitdaging die met deze maatregel wordt aangepakt, is ook het koolstofvrij maken van de vervoerssector, maar is gericht op het spoor. Momenteel worden ongeveer 3 200 diesellocomotieven gebruikt in het goederenvervoer per spoor; 60 % kan worden ingedeeld als zeer oude voertuigen met hoge CO2-emissies. Deze maatregel heeft tot doel deze bijzonder oude voertuigen te vervangen om de CO2-emissiesen luchtverontreinigende stoffen (zoals stikstofoxiden en zwarte koolstof) aanzienlijk te verminderen.
De maatregel bestaat uit financiële steun voor de aanschaf van innovatieve spoorvoertuigen (in termen van aandrijflijn) of de omschakeling naar alternatieve motoren met aanzienlijkeCO2-besparingen op niet-geëlektrificeerde lijnen in vergelijking met conventionele dieselvoertuigen. Aanvragen worden geprioriteerd op basis van de milieuvoordelen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 juni 2026 voltooid zijn.
1.2.7 investering: Bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer
Deze maatregel heeft tot doel bij te dragen tot het koolstofvrij maken van de vervoerssector, in samenhang met component 1.1 Decarbonisatie met name met behulp van hernieuwbare waterstof. Het doel is een concurrerende toeleveringsindustrie voor waterstof- en brandstofceltechnologie te ondersteunen. Dit omvat het mogelijk maken van de productie van onderdelen van brandstofcellen en serietests van waterstofonderdelen en -voertuigen in Duitsland.
Een nieuw centrum voor waterstoftechnologie en -innovatie richt zich op de waardeketen van waterstof- en brandstofceltechnologie voor mobiliteitstoepassingen. Het voorziet ook in een ontwikkelings-, certificerings- en normalisatiefaciliteit die niet zonder overheidssteun kan worden uitgevoerd vanwege de beginfase van de markt en de hoge kosten die daarmee gepaard gaan. De maatregel biedt ook aanvullende financieringsmogelijkheden voor de voertuig- en toeleveringsindustrie via de bestaande financieringsrichtsnoeren in het kader van het nationale innovatieprogramma voor waterstof en brandstofceltechnologie.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
B.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
22 |
1.2.1 steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
Twee financieringsrichtsnoeren gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2021 |
De twee financieringsrichtsnoeren worden gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger), zodat in aanmerking komende organisaties/huishoudens aanvragen kunnen indienen bij: (1) “oplaadinfrastructuur voor residentiële gebouwen” en (2) “openbaar toegankelijke oplaadinfrastructuur voor elektrische voertuigen”. |
|
23 |
1.2.1 steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur |
Doel |
Uitbreiding van het openbaar oplaadnetwerk voor elektrische voertuigen |
— |
Aantal openbaar toegankelijke laadpunten |
0 |
2 500 |
KWARTAAL 4 |
2025 |
Ten minste 2 500 openbaar toegankelijke laadpunten zijn gefinancierd met steun uit de subsidieregeling van het Bondsministerie voor Digitaal en Vervoer (BMDV). |
|
24 |
1.2.1 steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur |
Doel |
Uitbreiding van oplaadpunten in woongebouwen |
— |
Duizend oplaadpunten in woongebouwen |
0 |
689 |
KWARTAAL 4 |
2023 |
Ten minste 689 000 laadpunten zijn gefinancierd door de uitbetaling van financiële steun uit de subsidieregeling van het federale ministerie van Digitaal en Vervoer (BMDV). |
|
25 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren die zijn gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2020 |
In het Bundesanzeigerzijn de financieringsrichtsnoeren voor de ontwikkeling van gemeentelijke en commerciële e-voertuigenparken en oplaadinfrastructuur, alsook de daarmee verband houdende toegepaste O & O-concepten (e-mobiliteitsconcepten/ontwerpen) en e-mobiliteitsconcepten gepubliceerd, zodat in aanmerking komende organisaties/huishoudens aanvragen kunnen indienen. |
|
26 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Doel |
Vastlegging van middelen |
— |
Miljoen EUR |
0 |
71.25 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Van de 75 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 71 250 000 EUR vastgelegd. |
|
27 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Doel |
Uitbreiding van gemeentelijke en commerciële e-mobiliteitsvloten |
— |
Aantal e-voertuigen |
0 |
4 000 |
KWARTAAL 2 |
2024 |
Gemeenten, bedrijven en andere in aanmerking komende organisaties hebben financieringsverbintenissen ontvangen voor ten minste 4 000 e-voertuigen met steun van de subsidieregeling. |
|
28 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Doel |
Voltooiing van voorlopige ontwerpen voor elektromobiliteit |
— |
Aantal voltooide voorlopige ontwerpen voor elektromobiliteit |
0 |
80 |
KWARTAAL 2 |
2024 |
Er zijn ten minste 80 voorlopige ontwerpen voor elektromobiliteit voltooid voor gemeenten, bedrijven of andere in aanmerking komende organisaties. |
|
29 |
1.2.3 steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark |
Doel |
Steun voor de aankoop van 240 000 elektrische voertuigen |
— |
Aantal aangekochte e-voertuigen |
0 |
240 000 |
KWARTAAL 1 |
2021 |
Begunstigden hebben subsidiesteun ontvangen voor de aankoop van in totaal 240 000 elektrische voertuigen op basis van de gewijzigde financieringsrichtsnoeren die op 8 juli 2020 in werking zijn getreden. |
|
30 |
1.2.3 steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark |
Doel |
Steun voor de aankoop van nog eens 320 000 elektrische voertuigen |
— |
Aantal aangekochte e-voertuigen |
240 000 |
560 000 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Begunstigden hebben subsidiesteun ontvangen voor de aankoop van een (cumulatief) totaal van 560 000 elektrische voertuigen op basis van de gewijzigde financieringsrichtsnoeren die op 8 juli 2020 in werking zijn getreden. |
|
30A |
1.2.3 steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark |
Doel |
Steun voor de aankoop van 399 450 elektrische voertuigen |
— |
Aantal aangekochte e-voertuigen |
0 |
399 450 |
KWARTAAL 1 |
2025 |
Naast de aankopen die in het kader van de streefdoelen 29 en 30 worden ondersteund, is aan ontvangers subsidiesteun verleend voor de aankoop (met inbegrip van de wettelijke aankoop of leasing) van 399 450 elektrische voertuigen (PHEV, batterijelektrische voertuigen en FCEV) op basis van de financieringsrichtsnoeren (BAnz 7.7.2020 B2) die op 8 juli 2020 in werking zijn getreden, alsook eventuele latere richtsnoeren en wijzigingen van die richtsnoeren. |
|
31 |
1.2.4 verlenging van de initiële registratieperiode voor de toekenning van de tienjarige belastingvrijstelling voor zuiver elektrische voertuigen |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Zevende Wijzigingswet op de motorrijtuigenbelasting |
Bepaling in de wet betreffende de inwerkingtreding van de Zevende Wijzigingswet op de motorrijtuigenbelasting |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2020 |
De wijziging van de Wet op de motorrijtuigenbelasting om de initiële registratieperiode voor e-voertuigen te verlengen om de belastingvrijstelling van tien jaar te verkrijgen, is in werking getreden. |
|
32 |
1.2.4 verlenging van de initiële registratieperiode voor de toekenning van de tienjarige belastingvrijstelling voor zuiver elektrische voertuigen |
Mijlpaal |
Evaluatie van de maatregel |
De maatregel wordt vijf jaar na de inwerkingtreding ervan geëvalueerd binnen het kader van de Zevende Wijzigingswet op de motorrijtuigenbelasting. |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2026 |
Bij de evaluatie wordt nagegaan of de belastinggrondslagen voor voertuigen naar verwachting in de toekomst stimulansen zullen blijven bieden voor milieu- en klimaatvriendelijke mobiliteit. Daartoe worden met name de gegevens van de douaneadministratie en de Federale autoriteit voor Motorvervoer gebruikt (zie BT-Drs.19/20978, blz. 16). De evaluatie wordt gepubliceerd. |
|
33 |
1.2.5 steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving |
Mijlpaal |
Publicatie van financieringsrichtsnoeren |
Publicatie in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2021 |
De financieringsrichtsnoeren voor de steunregeling voor de aankoop van bussen en touringcars voor personenvervoer met alternatieve aandrijving zijn gepubliceerd in het Bundesanzeiger. |
|
34 |
1.2.5 steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving |
Doel |
Goedkeuring van aanvragen |
— |
Miljoen EUR |
0 |
1 031 |
KWARTAAL 3 |
2025 |
Van de 1 085 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 1 031 000 000 EUR aan projecten voor de aankoop van bussen goedgekeurd, zodat de desbetreffende bussen besteld konden worden. |
|
35 |
1.2.5 steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving |
Doel |
Bestellingen van bussen met alternatieve aandrijving |
— |
Aantal bestelde bussen |
0 |
2 800 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Met steun van de regeling zijn ten minste 2 800 bussen met alternatieve aandrijving besteld. |
|
36 |
1.2.6 steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
Inwerkingtreding |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
De financieringsrichtsnoeren voor de subsidieregeling ter bevordering van alternatieve treinaandrijving zijn in werking getreden, waardoor in aanmerking komende organisaties aanvragen kunnen indienen. |
|
37 |
1.2.6 steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving |
Doel |
Goedkeuring van aanvragen |
— |
Miljoen EUR |
0 |
215.65 |
KWARTAAL 3 |
2024 |
Van de 227 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 215 650 000 EUR aan aankoopprojecten voor spoorwegen goedgekeurd. |
|
38 |
1.2.6 steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving |
Doel |
Volgorde van spoorvoertuigen met alternatieve aandrijving |
— |
Aantal bestelde spoorvoertuigen |
0 |
280 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
Er zijn ten minste 280 spoorvoertuigen (locomotieven) met alternatieve aandrijving (voor conventionele diesel) besteld, met steun van de regeling, zoals blijkt uit bindende gunningen door de begunstigde van contracten voor de levering van de voertuigen met fabrikanten. |
|
39 |
1.2.7 bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de wijziging tot uitbreiding van de bestaande ondersteunende richtsnoeren(Förderrichtlinien) van het nationale programma voor innovatie op het gebied van technologie op het gebied van waterstof en brandstofcellen (of, indien niet voldoende gedekt door bestaande ondersteunende richtsnoeren, inwerkingtreding van nieuwe ondersteunende richtsnoeren) |
Publicatie in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2021 |
De desbetreffende financieringsrichtsnoeren in het nationale innovatieprogramma voor technologie op het gebied van waterstof en brandstofcellen (NIP), dat momenteel beperkt is tot 30 juni 2021, zijn verlengd en deze verlenging is in werking getreden. Indien geplande projecten in het kader van de maatregel onvoldoende door bestaande ondersteunende richtsnoeren worden bestreken, worden afzonderlijke ondersteunende richtsnoeren vastgesteld. |
|
40 |
1.2.7 bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer |
Doel |
Goedkeuring van projecten voor de voertuig- en leveranciersindustrie voor waterstof- en brandstofceltoepassingen in het vervoer |
— |
Aantal goedgekeurde projecten |
0 |
170 |
KWARTAAL 4 |
2025 |
Er zijn ten minste 170 O & O-projecten en marktactiveringsprojecten voor waterstof- en brandstofceltoepassingen in het vervoer goedgekeurd, waardoor de uitvoering van de gefinancierde projecten van start kan gaan. |
|
41 |
1.2.7 bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer |
Mijlpaal |
Oprichting van een technologie- en innovatiecentrum voor waterstoftechnologie |
Ten minste gedeeltelijke ingebruikneming van het centrum |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Het technologie- en innovatiecentrum is ten minste gedeeltelijk operationeel, terwijl bijvoorbeeld bouwwerkzaamheden mogelijk niet zijn voltooid. Een gedeeltelijke exploitatie van het centrum garandeert dat de eigenlijke ondersteunende diensten aan bedrijven en belanghebbenden kunnen worden verleend. |
C. COMPONENT 1.3: Klimaatvriendelijk renoveren en bouwen
In de component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan wordt ingegaan op de uitdaging van mitigatie van klimaatverandering en energietransitie, met de nadruk op energie-efficiënte renovatie.
In de bouwsector streeft Duitsland ernaar de CO2-uitstoot tegen 2030 metongeveer 40 % te verminderen ten opzichte van de huidige niveaus (120 miljoen tonCO 2-equivalent in 2020). Duitsland streeft ernaar tegen 2050 broeikasgasneutraliteit te bereiken, ook voor het gebouwenbestand in Duitsland. Tegelijkertijd moet ervoor worden gezorgd dat de bouw en huisvesting betaalbaar blijven.
De klimaatvriendelijke bouw- en renovatiecomponent heeft tot doel bij te dragen tot de verwezenlijking van deze doelstellingen door de energie-efficiëntie en het aandeel hernieuwbare energie in het eindenergieverbruik voor verwarming en koeling in gebouwen te verhogen. Er moeten ook begeleidende maatregelen voor de houtbouwsector worden genomen met het oog op digitalisering, circulariteit en klimaatvriendelijke praktijken, aangezien wordt vastgesteld dat hout het potentieel heeft om een klimaatvriendelijk en hulpbronnenefficiënt bouwmateriaal te vormen en tot kosteneffectieve en tijdrovende bouw- en renovatiemethoden kan leiden.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen in verband met de groene transitie, met name schone, efficiënte en geïntegreerde energiesystemen, en indirect om huisvesting betaalbaarder te maken (landspecifieke aanbeveling 1 in 2019 en landspecifieke aanbeveling 2 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
C.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
1.3.1 investering: Steunprogramma voor de ontwikkeling van een klimaatvriendelijke houtbouw
Het doel van deze investering is het versnellen van de ontwikkeling, uitrol en verspreiding van innovatieve technologieën, processen, producten en diensten (digitale transformatie) om het gebruik van hout als klimaatvriendelijk bouwmateriaal te bevorderen. De maatregel is ook bedoeld om structurele nadelen en belemmeringen te helpen overwinnen om op gelijke voet te kunnen bouwen met hout in grootschalige bouw met meerdere verdiepingen. Om de uitdaging van de overdracht van kennis, innovatie en technologie tussen onderzoek en praktijk het hoofd te bieden, heeft de maatregel verder tot doel de netwerkvorming tussen bedrijven, universiteiten en onderzoeksinstellingen op het gebied van klimaatvriendelijke bouw met hout te verbeteren.
Daartoe moet de maatregel gericht zijn op ondersteuning van adviesdiensten (analyse, evaluaties en aanbevelingen) die gericht zijn op een toename van het gebruik van hout (naaldhout/loofhout) en in verband met digitalisering, innovatie van diensten en bedrijven, bedrijfsoptimalisering en recycleerbaarheid van bouwproducten. De maatregel is ook gericht op de ontwikkeling van innovatieclusters met betrekking tot innovatie en de ontwikkeling van klimaatvriendelijke houtbouw. Gezien de structuur van de sector is het de bedoeling dat kmo’s de belangrijkste begunstigden van de steun zijn.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 december 2021 voltooid zijn. Dit komt overeen met de periode waarin projecteigenaren steun kunnen aanvragen.
1.3.2 investering: Gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie
Gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie onderzoeken en demonstreren innovatieve oplossingen voor de efficiënte en duurzame energievoorziening van stedelijke wijken. Technologische en niet-technische innovaties worden getest in een reële omgeving, waardoor zij bijdragen tot technologische ontwikkeling en marktpenetratie, en dienen als blauwdruk voor de daaropvolgende grootschalige uitrol van geïntegreerde oplossingen.
Levende laboratoria (met inbegrip van deze maatregel) zijn een van de sectorale koppelingsmaatregelen van het Duitse nationale energie- en klimaatplan (NECP).
De testfase wordt gestart met ten minste vier gezamenlijke “levende laboratoria” -projecten. Installaties voor een efficiënte en duurzame energievoorziening worden getest en operationeel in ten minste 10 stadswijken. De 10 nabuurschapsprojecten dragen bij tot het koolstofvrij maken van de bouwsector door de vraag naar primaire energie te verminderen in vergelijking met de conventionele energievoorziening voor gebouwen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 maart 2026 voltooid zijn.
1.3.3 investering: Renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen
Deze investeringsmaatregel is gericht op steun voor de energie-efficiënte renovatie van residentiële gebouwen. Het bestaat uit twee onderdelen die gericht zijn op i) volledige renovatieprogramma’s en ii) individuele maatregelen.
Met het eerste onderdeel van de maatregel wordt gemiddeld ten minste een middelgrote renovatie tot stand gebracht, zoals gedefinieerd in Aanbeveling (EU) 2019/786 van de Commissie betreffende de renovatie van gebouwen 4 . Meer in het bijzonder wordt, gezien de huidige toestand van het woningbestand en de minimumeis om steun te krijgen in het kader van de maatregel (het gerenoveerde gebouw moet voldoen aan de minimumenergieklasse 100) ernaar gestreefd gemiddeld minimaal 45 % besparingen op de vraag naar primaire energie te realiseren en mogelijk aanzienlijk meer (70 % besparingen) door middel van bonussen voor hernieuwbare energie en betere energie-efficiëntieklassen.
Het tweede onderdeel ondersteunt individuele maatregelen. Dit onderdeel is gericht op steun voor de energie-efficiënte renovatie van residentiële gebouwen voor de volgende afzonderlijke maatregelen: bouwschil, systeemtechnologie (zonder verwarming), zonnecollectoren, biomassa-verwarmingssystemen, elektrische warmtepompen en een combinatie van deze categorieën. Bovendien wordt de steun verhoogd tot een financieringsbonus van 10 % voor de uitwisseling van functionerende olie- en steenkoolverwarmings- en gasketels die ouder zijn dan 20 jaar voor bovengenoemde verwarmingselementen. Interventies die niet in het kader van de maatregel worden ondersteund, zijn de vervanging van verwarming op basis van steenkool/olie door hybride gas- of gascondensatieketels, en de aansluiting op stadsverwarmingsnetten.
De uitvoering van de maatregel in het kader van het Duitse herstel- en veerkrachtplan zal naar verwachting uiterlijk op 1 januari 2021 van start gaan en uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
C.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
42 |
1.3.1 steunprogramma voor de ontwikkeling van een klimaatvriendelijke houtbouwsector |
Mijlpaal |
Financieringsrichtsnoeren voor de bevordering van klimaatvriendelijke houtbouw |
Publicatie in hetBundesanzeigeren inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
De richtsnoeren zijn gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger), waardoor bedrijven en in aanmerking komende organisaties financiering kunnen aanvragen. |
|
43 |
1.3.1 steunprogramma voor de ontwikkeling van een klimaatvriendelijke houtbouwsector |
Doel |
Goedkeuring van projecten in verband met de ontwikkeling van klimaatvriendelijke houtbouw |
— |
Aantal goedgekeurde projecten |
0 |
17 |
KWARTAAL 2 |
2022 |
Er zijn ten minste 17 projecten goedgekeurd, zodat de begunstigden met de uitvoering ervan kunnen beginnen. |
|
44 |
1.3.2 gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie |
Doel |
Goedkeuring van “levende laboratoria” -projecten |
— |
Aantal goedgekeurde projecten |
0 |
4 |
KWARTAAL 4 |
2023 |
Ten minste vier gezamenlijke projecten voor levende laboratoria zijn goedgekeurd door middel van een subsidiebesluit, waardoor de uitvoering ervan van start kan gaan. |
|
45 |
1.3.2 gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie |
Doel |
Voltooiing van stadswijkprojecten |
— |
Aantal |
0 |
10 |
KWARTAAL 1 |
2026 |
Installaties voor een efficiënte en duurzame energievoorziening zijn getest en zijn operationeel in 10 stadswijken. De 10 uitgevoerde nabuurschapsprojecten leveren aantoonbaar een vermindering van de vraag naar primaire energie op ten opzichte van de conventionele energievoorziening voor gebouwen en dragen zo bij tot het koolstofvrij maken van de bouwsector. |
|
46 |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Mijlpaal |
Financieringsrichtsnoeren ter ondersteuning van energie-efficiënte renovatie van gebouwen |
Publicatie van financieringsrichtsnoeren in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2021 |
De richtsnoeren zijn gepubliceerd, waardoor huishoudens en in aanmerking komende organisaties financiering kunnen aanvragen. |
|
47 |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Voltooiing van energie-efficiënte renovaties van 10 000 wooneenheden. |
— |
Aantal gerenoveerde wooneenheden |
0 |
10 000 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
In het kader van de steunregeling zijn ten minste 10 000 wooneenheden gerenoveerd; de desbetreffende werkzaamheden zijn volledig uitgevoerd en de desbetreffende subsidies zijn uitbetaald. |
|
48 |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Voltooiing van energie-efficiënte renovaties van nog eens 30 000 wooneenheden |
— |
Aantal |
10 000 |
40 000 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
In het kader van de steunregeling zijn ten minste 40 000 wooneenheden gerenoveerd; de desbetreffende werkzaamheden zijn volledig uitgevoerd en de desbetreffende subsidies zijn uitbetaald. |
|
48B |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Voltooiing van individuele renovatiemaatregelen voor energie-efficiënte gebouwen |
— |
Voltooide individuele renovatiemaatregelen |
0 |
145 000 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
In totaal zijn ten minste 145 000 individuele renovatiemaatregelen voltooid. |
D. COMPONENT 2.1: Data als grondstof van de toekomst
De doelstellingen van deze component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan zijn het ondersteunen van de transitie naar een veilige en dynamische data-economie door de bevordering van gegevensgestuurde innovatie in het kader van de gegevensstrategie die de Duitse federale regering op 27 januari 2021 5 heeft aangenomen, alsook door investeringen in onderzoek, ontwikkeling, innovatie en eerste industriële uitrol op strategische technologische gebieden in verband met de verwerking van gegevens (micro-elektronica en cloudinfrastructuren en -diensten van de volgende generatie) in het kader van grote meerlandeninitiatieven.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen inzake investeringen in de digitale transitie (landspecifieke aanbeveling 1 in 2019 en landspecifieke aanbeveling 2 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
D.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
Hervorming van 2.1.1: Innovatief gegevensbeleid voor Duitsland
De doelstellingen van de maatregel zijn het bevorderen van het delen en innovatief gebruik van gegevens. Het is met name gericht op het aanpakken van het gebrek aan infrastructuur, datageletterdheid, stimulansen voor het delen van gegevens en stimulansen om in de data-economie te investeren.
De investering bestaat uit het ondersteunen van projecten die voornamelijk via oproepen tot het indienen van voorstellen worden geselecteerd en betrekking hebben op de volgende activiteiten:
netwerken en onderzoek naar en ontwikkeling van software voor high-performance computing;
proefprojecten/use cases/echte laboratoria (“testomgevingen voor regelgevingsgegevens”) voor het testen en wetenschappelijk monitoren van modellen voor gegevensverspreiding;
een onderzoeksnetwerk van zes levende laboratoria dat onderzoek doet naar de depersonalisering van gegevens op bepaalde toepassingsgebieden zoals gezondheidszorg, automobielindustrie, detailhandel en productie;
onderzoeksprojecten op het gebied van technologieën om gegevens te anonimiseren;
acties die gericht zijn op de ontwikkeling van datageletterdheid op verschillende wetenschapsgebieden (met inbegrip van die welke minder gegevensintensief zijn);
laboratoria voor gegevenswetenschap die gekoppeld zijn aan de nationale infrastructuur voor onderzoeksgegevens;
ondersteuning van jonge onderzoekers op het gebied van gegevenswetenschap;
ondersteuning van universiteiten bij het hergebruik, het delen en het beheer van onderzoeksgegevens;
monitoring van gegevensvaardigheden van de Duitse bevolking;
cursussen over datageletterdheid voor studenten en andere lerenden;
onderzoek en innovatie op het gebied van architectuur, instellingen en ruimten voor de datamaatschappij;
ontwikkeling van een vrij beschikbaar instrumentarium voor meer datageletterdheid; en
een proefproject inzake samenwerking op het gebied van gegevens in de voedselwaardeketen.
Er wordt ook steun verleend voor een specifieke reeks acties ter verbetering van de datageletterdheid en het gegevensgebruik in de federale overheid. Daartoe behoren onder meer:
de inventarisatie en analyse van de maatregelen die reeds zijn genomen om de datageletterdheid te verbeteren;
het in kaart brengen van gegevenscompetentie bij overheidsdiensten;
de oprichting van Chief Data Scientists of soortgelijke functies in federale ministeries;
de oprichting en versterking van interne gegevenslaboratoria en datacentra in federale ministeries en agentschappen, waaronder met name het ministerie van Buitenlandse Zaken, het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek, het federale milieuagentschap, het federale ministerie van Defensie, het federale ministerie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling, het Federaal Instituut voor veiligheid en gezondheid op het werk, de Duitse onderneming voor internationale samenwerking; en
de oprichting van een digitale academie in de Federale Academie voor openbaar bestuur, waarin alle opleidingsmogelijkheden ter ondersteuning van digitalisering worden samengebracht.
De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 augustus 2026 voltooid.
2.1.2 investering: IPCEI Microelektronica en communicatietechnologieën
Het doel van de maatregel is bij te dragen tot een grensoverschrijdend initiatief dat erop gericht is de Europese Unie te voorzien van capaciteiten op het gebied van het elektronische ontwerp en de uitrol van de volgende generatie betrouwbare energiezuinige processoren en andere elektronische componenten.
Het initiatief wordt uitgevoerd door middel van een gepland belangrijk project van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI) 6 .
De investering bestaat in het verlenen van steun aan Duitse deelnemers aan projecten die in het kader van het geplande IPCEI zullen worden uitgevoerd.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
2.1.3 investering: IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS)
Het doel van de maatregel is bij te dragen tot een grootschalig grensoverschrijdend initiatief ter bevordering van de ontwikkeling en eerste industriële uitrol van slimme cloud- en edgeoplossingen die zeer innovatief, volledig interoperabel, zeer veilig en energie-efficiënt zijn en volledig in overeenstemming zijn met gegevensbescherming.
Het initiatief wordt uitgevoerd door middel van een gepland IPCEI.
De investering bestaat in het verlenen van financiële steun aan Duitse deelnemers aan projecten die in het kader van het geplande IPCEI zullen worden uitgevoerd.
De selectiecriteria zorgen ervoor dat meer dan 50 % van deze projecten energie-efficiëntie als een van de belangrijkste prioriteiten behandelt en in overeenstemming is met de Europese gedragscode inzake energie-efficiëntie in datacentra.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
D.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
49 |
2.1.1 innovatief gegevensbeleid voor Duitsland |
Mijlpaal |
Begin van het project: |
Start van alle projecten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Alle projecten en activiteiten in het kader van de maatregel zijn van start gegaan. Waar dit relevant is, zijn de selectieprocedures afgerond en zijn de geselecteerde projecten van start gegaan. |
|
50 |
2.1.1 innovatief gegevensbeleid voor Duitsland |
Doel |
Ontwikkeling van personele middelen en capaciteiten in federale ministeries |
— |
Percentage federale ministeries met gegevenseenheden en interne gegevenslaboratoria |
0 |
95 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 95 % van de federale ministeries heeft een Chief Data Scientist-eenheid of gelijkwaardig en een intern gegevenslaboratorium opgericht. |
|
51 |
2.1.1 innovatief gegevensbeleid voor Duitsland |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van ten minste 464 400 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
464.4 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Van de 516 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 464 400 000 EUR uitbetaald aan geplande projecten en activiteiten. |
|
52 |
2.1.2 IPCEI Microelektronica en connectiviteit |
Mijlpaal |
Ontwerp van de inhoud van het geplande IPCEI |
Voltooiing van de nationale oproep tot het indienen van blijken van belangstelling om projecten in Duitsland te identificeren |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2021 |
De procedure voor het indienen van blijken van belangstelling is afgerond. Er zijn potentiële projecten en projectdeelnemers in Duitsland geïdentificeerd. |
|
53 |
2.1.2 IPCEI Microelektronica en connectiviteit |
Doel |
Start van de eerste projecten |
— |
Aantal projecten |
0 |
10 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Er zijn tien subsidiebesluiten ondertekend. |
|
54 |
2.1.2 IPCEI Microelektronica en connectiviteit |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van ten minste 1 275 000 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
1 275 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Van de 1 500 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 1 425 000 000 EUR vastgelegd (door ondertekening van subsidiebesluiten) en ten minste 1 275 000 000 EUR aan projecten. |
|
55 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Mijlpaal |
Start van projecten op het gebied van onderzoek, ontwikkeling en innovatie |
Ondertekening van subsidiebesluiten voor projecten op het gebied van onderzoek en ontwikkeling” |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2022 |
De subsidiebesluiten zijn ondertekend voor alle O & O-projecten die onder het IPCEI-staatssteunbesluit vallen. De selectiecriteria hebben ervoor gezorgd dat meer dan 50 % van deze projecten energie-efficiëntie als een van de belangrijkste prioriteiten behandelt en in overeenstemming is met de Europese gedragscode inzake energie-efficiëntie in datacentra. |
|
56 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Mijlpaal |
Start van de proeffase van gebruikszaken |
Publicatie van een verslag over de stand van zaken van de projecten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2024 |
Er is een verslag over de stand van zaken van het initiatief gepubliceerd. |
|
57 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Doel |
Eerste industriële toepassing van oplossingen die in het kader van de maatregel zijn ontwikkeld. |
— |
Aantal in grootschalige proefprojecten behandelde gebruiksgevallen die uiteindelijk bij de eerste industriële uitrol aan bod komen |
0 |
1 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste één van de gebruiksgevallen die in de grootschalige proeffase aan bod zijn gekomen, moet het voorwerp zijn geweest van een eerste industriële toepassing. |
|
58 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van ten minste 330 000 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
330 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 330 000 000 EUR is uitbetaald aan projecten. Meer dan 50 % van de gefinancierde projecten had betrekking op energie-efficiëntie als een van de belangrijkste prioriteiten. Deze projecten moeten ook voldoen aan de Europese gedragscode inzake energie-efficiëntie in datacentra, indien van toepassing. |
E. COMPONENT 2.2: Digitalisering van de economie
De doelstellingen van de component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan zijn het ondersteunen van de digitale transitie van de Duitse economie en de daaruit voortvloeiende uitdagingen. De component heeft betrekking op essentiële aspecten zoals onderzoek en innovatie op het gebied van digitale technologieën en vaardigheden. Het heeft ook tot doel specifieke steun te verlenen aan de automobiel- en spoorwegsector.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen inzake investeringen in de digitale transitie (landspecifieke aanbeveling 1 in 2019 en landspecifieke aanbeveling 2 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
E.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
2.2.1 investering: Investeringsprogramma voertuigfabrikant/toeleveringsindustrie
Het doel van de maatregel is steun te verlenen aan de digitale en ecologische transitie van de automobielindustrie, in het kader van een programma dat gericht is op de ondersteuning van toekomstgerichte investeringen door de voertuigfabrikanten en de toeleveringsindustrie 7 .
De investering bestaat uit de financiering van projecten die worden geselecteerd via vier oproepen tot het indienen van voorstellen die overeenkomen met drie modules en betrekking hebben op:
module a):
investeringen in de voertuigsector, met name ondersteuning van toekomstgerichte investeringsprojecten van kleine en middelgrote ondernemingen in de voertuigindustrie, met als doel productieprocessen energie-efficiënter en digitaler te maken; en
steun voor onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten op het gebied van de digitalisering van productieprocessen en industrie 4.0 in de automobielindustrie.
module b):
steun voor onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten op het gebied van geautomatiseerd rijden, innovatieve aandrijfsystemen en lichtbouw in voertuigtechnologieën.
module c):
steun voor regionale innovatieclusters voor de transformatie van de automobielindustrie, waarbij met name aandacht wordt besteed aan de toeleveringsindustrie en de nadruk ligt op technologieoverdracht tussen ondernemingen uit regio’s die bijzonder worden getroffen door structurele veranderingen, de transitie naar klimaatneutrale aandrijving en digitalisering en modernisering van industriële productieprocessen.
Alleen toekomstige investeringen die een aanzienlijke bijdrage leveren aan de digitaliserings- en klimaatdoelstellingen van het door Duitsland gelanceerde programma ter ondersteuning van toekomstgerichte investeringen door voertuigfabrikanten en de toeleveringsindustrie, worden ondersteund. Daarom mag in het kader van de maatregel geen gerichte steun worden verleend voor technologieën voor fossiele verbrandingsmotoren in de voertuigensector.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
Hervorming van 2.2.2: Federaal programma “Bouwen aan netwerken voor permanente educatie en opleiding (CET-netwerken)”
Het doel van de maatregel is steun te verlenen aan zogenaamde “netwerken van Midden-Europese scholen”, die de organisatie van opleidingsactiviteiten bevorderen, met name voor werknemers van kmo’s. Meer in het bijzonder is het de bedoeling de oprichting of ontwikkeling van netwerken voor professionele ontwikkeling te ondersteunen, zodat bedrijven onder meer kunnen profiteren van de ervaring van andere bedrijven en van onderwijs- en adviescentra en -instellingen, en zo hun eigen strategische personeelsontwikkeling en opleidingsplanning kunnen ontwikkelen. Deze “vaardighedenallianties” stellen de deelnemende aanbieders van opleidingen ook in staat hun aanbod aan te passen.
De investering bestaat uit de ondersteuning van ongeveer 40 proefprojecten, geselecteerd via een van de oproepen tot het indienen van voorstellen in het kader van de federale programma’s “Building CET networks”.
De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2024 voltooid.
2.2.3 investering: Centrum voor onderzoek naar digitalisering en technologie van de Bundeswehr (dtec.bw)
Het doel van de maatregel is het ondersteunen van onderzoeks- en innovatieactiviteiten op strategische technologische gebieden voor de toekomst, teneinde bij te dragen tot de versterking van de Duitse en Europese digitale en technologische soevereiniteit.
De investering bestaat uit het ondersteunen van onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieactiviteiten onder leiding van het Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr (dtec.bw).
De desbetreffende onderzoeksprojecten zijn gericht op digitale gebieden en sleuteltechnologieën voor de toekomst, in overeenstemming met de prioriteiten van de hoogtechnologische strategie van de federale regering (“Duurzaamheid”, “Klimaatbescherming en Energie”, “Mobiliteit”, “Veiligheid” en “Economie en Werk 4.0”):
Ruimteonderzoek, lucht- en ruimtevaarttechnologie en ruimtevaartcommunicatie;
Sensortechnologie en geïntegreerde sensorsystemen;
Innovatieve, geconnecteerde mobiliteit;
Cyberbeveiliging, met inbegrip van kwantumcommunicatie;
Onderzoek naar risico’s, kritieke infrastructuur, veiligheid en conflicten;
Technologieën, methoden en gevolgen van digitalisering (bv. additieve productie);
Digitalisering van de energie- en productiesectoren, duurzame ontwikkeling van infrastructuur;
Kunstmatige intelligentie, robotica en intelligente fysieke systemen; en
Vaardigheden voor de digitale arbeidswereld en leiderschapsmodellen van de toekomst.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 augustus 2026 zijn voltooid.
2.2.4 investering: Bevordering van de digitalisering van het spoor door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van het “Digital Rail Germany” (SLP) te versnellen
Het doel van de maatregel is de digitalisering van de spoorwegen te ondersteunen in het kader van het initiatief “Digital Rail Germany” en het “fast track” -programma dat tot doel heeft deze te versnellen. Dit initiatief brengt publieke en private belanghebbenden (waaronder de federale spoorwegautoriteit (EBA), onderzoeks- en technische organisaties en het bedrijfsleven) samen om gestandaardiseerde, interoperabele en modulaire componenten te ontwikkelen voor de digitalisering van spoorwegactiviteiten.
De investering bestaat uit de financiering van zeven proefprojecten van het programma, gericht op de ontwikkeling van oplossingen om oude signaaldozen en beschermingssystemen voor overwegen te vervangen door beveiligingssystemen van de meest recente digitale generatie.
Vier van deze projecten moeten gevestigde ondernemingen in staat stellen nieuwe oplossingen in een operationele context te certificeren, terwijl de andere drie nieuwe aanbieders in staat moeten stellen hun oplossingen in laboratoriumtests te valideren. De nieuwe oplossingen die in het kader van deze projecten worden ontwikkeld, moeten verenigbaar zijn met de technische specificaties van het programma “Digital Rail Germany”. Zij zijn ook bedoeld om te kunnen worden opgewaardeerd en compatibel te zijn met een latere upgrade van ETCS (European Train Control System) door middel van uniforme systeeminterfaces.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2023 zijn voltooid.
E.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
59 |
2.2.1 investeringsprogramma voertuigfabrikanten/leveranciers |
Mijlpaal |
Publicatie van alle financieringsrichtsnoeren |
Publicatie van de financieringsrichtsnoeren in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
Alle financieringsrichtsnoeren voor de vier soorten steunmaatregelen in het kader van het programma zijn gepubliceerd in het Bundesanzeigeren zijn juridisch bindend geworden. |
|
60 |
2.2.1 investeringsprogramma voertuigfabrikanten/leveranciers |
Doel |
Goedkeuring van projecten |
— |
Aantal goedgekeurde projecten |
0 |
401 |
KWARTAAL 1 |
2023 |
Ten minste 401 financieringsprojecten (voor de drie modules) zijn goedgekeurd en hebben een steunbesluit voor de uitvoering gekregen. |
|
61 |
2.2.1 investeringsprogramma voertuigfabrikanten/leveranciers |
Doel |
Succesvolle afronding van projecten |
— |
Aantal met succes voltooide projecten |
0 |
531 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 531 financieringsprojecten die tussen 2021 en 2026 zijn goedgekeurd, zijn met succes afgerond. |
|
62 |
2.2.2 federaal programma “Bouwen aan verdere CET-netwerken” |
Mijlpaal |
Publicatie van de financieringsrichtsnoeren |
Publicatie van de financieringsrichtsnoeren in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2020 |
De financieringsrichtsnoeren zijn gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger) en zijn juridisch bindend geworden. |
|
63 |
2.2.2 federaal programma “Bouwen aan verdere CET-netwerken” |
Doel |
Actieve deelname van extra ondernemingen aan CET-netwerken |
— |
Aantal extra ondernemingen dat deelneemt aan CET-netwerken |
0 |
200 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Ten minste 200 extra ondernemingen nemen deel aan CET-netwerken. Deze bedrijven nemen samen met andere bedrijven deel aan het verzamelen van opleidingsbehoeften, het ontwerpen van nieuwe opleidingsmaatregelen of -modules en het gebruik van voorgestelde opleidingsmaatregelen of -modules (alleen het gebruik van informatie en deelname aan evenementen wordt niet als actieve deelname beschouwd). Alleen ondernemingen die bij het begin van de respectieve vaardighedenalliantie nog niet als samenwerkingspartner zijn aangewezen, worden in aanmerking genomen voor deze doelstelling. |
|
64 |
2.2.2 federaal programma “Bouwen aan verdere CET-netwerken” |
Doel |
Betrokkenheid van of bijdrage van CET-netwerken aan nieuwe of herziene opleidingsmaatregelen of -ondermodules |
— |
Aantal nieuwe of herziene maatregelen of submaatregelen |
0 |
60 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
De CET-netwerken worden betrokken bij of dragen bij tot 60 herziene of nieuwe ondermodules of opleidingsmaatregelen, bijvoorbeeld door het uitvoeren van een behoefteanalyse. |
|
65 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Doel |
Start van onderzoeksprojecten |
— |
Aantal projecten |
0 |
68 |
KWARTAAL 1 |
2021 |
Er zijn ten minste 68 financieringssubsidies ondertekend en de desbetreffende 68 projecten hebben financiering ontvangen en kunnen met hun onderzoeksactiviteiten beginnen. |
|
66 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Mijlpaal |
Verslag over de resultaten van onderzoek en overdracht |
Publicatie van een verslag aan het Bondsministerie van Defensie waarin de succesvolle voortgang van de projecten wordt bevestigd |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2023 |
Er is een verslag aan het Bondsministerie van Defensie gepubliceerd waarin de voortgang van de gefinancierde projecten op het gebied van onderzoeksresultaten, samenwerking, kennisoverdracht en technologieoverdracht wordt bevestigd met ten minste (in het algemeen): 200 publicaties; 70 samenwerkingen met andere onderzoeksinstellingen; 30 samenwerkingen met industriële ondernemingen en start-ups; 15 samenwerkingsverbanden gestart met agentschappen van de federale strijdkrachten en het openbaar bestuur; 10 prototypes van rijpe technologieën; en 10 octrooiaanvragen. Daarnaast is ook een externe evaluatie van de maatregel door de Duitse raad voor wetenschap gepubliceerd. |
|
67 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Doel |
Voortzetting van projecten |
— |
Aantal projecten dat voldoende vooruitgang boekt |
0 |
40 |
KWARTAAL 2 |
2024 |
Op basis van een tussentijdse evaluatie worden ten minste 40 projecten als bevredigend beschouwd en kunnen hun activiteiten worden voortgezet. |
|
68 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van 700 000 000 EUR aan de ondersteunde |
— |
Aan projecten betaalde middelen |
0 |
700 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 700 000 000 EUR is uitbetaald aan projecten die via de maatregel worden ondersteund. |
|
69 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Mijlpaal |
Verslag over de resultaten van onderzoek en overdracht |
Publicatie van een verslag aan het Bondsministerie van Defensie waarin de succesvolle voortgang van de projecten wordt bevestigd |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Er is een verslag aan het Bondsministerie van Defensie gepubliceerd, waarin het algemene succes van de gefinancierde projecten op het gebied van onderzoeksresultaten, samenwerking, kennisoverdracht en technologieoverdracht wordt bevestigd met ten minste (in het algemeen): 400 publicaties; 60 doctoraten voltooid; 100 samenwerkingen met andere onderzoeksinstellingen; 70 samenwerkingen met industriële ondernemingen en start-ups; 30 samenwerkingsverbanden gestart met agentschappen van de federale strijdkrachten en het openbaar bestuur; 20 prototypes van rijpe technologieën; 20 octrooiaanvragen; en 10 opstartprojecten. |
|
70 |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van het “Digital Rail Germany” te versnellen |
Mijlpaal |
Ondertekening van de financieringsovereenkomst voor het “fast track” -programma tussen de federale regering en Deutsche Bahn AG |
Ondertekende financieringsovereenkomst tussen de federale regering en Deutsche Bahn AG |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2020 |
De financieringsovereenkomst tussen de federale regering en Deutsche Bahn AG is ondertekend. |
|
71 |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van het “Digital Rail Germany” te versnellen |
Mijlpaal |
Tussentijds verslag over de uitvoering |
Tussentijds verslag van DB Netz AG aan het Bondsministerie voor Digitaal en Vervoer (BMDV) en de Federale Spoorwegautoriteit (EBA) over de uitvoering van het programma |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2021 |
DB Netz AG heeft bij het Bondsministerie voor Digitaal en Vervoer (BMDV) en de Federale Spoorwegautoriteit (EBA) een verslag ingediend over de uitvoering van het programma. |
|
72 |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van het “Digital Rail Germany” te versnellen |
Doel |
Succesvolle afronding van proefprojecten |
— |
Aantal afgeronde proefprojecten |
0 |
6 |
KWARTAAL 4 |
2021 |
Zes proefprojecten van het programma, gericht op de ontwikkeling van oplossingen voor de vervanging van oude seinposten en overwegbeveiligingssystemen door beveiligingssystemen van de laatste digitale generatie, zijn met succes afgerond, met validering in operationele omstandigheden voor ten minste drie daarvan en validering in laboratoriumomstandigheden voor de andere. |
|
72A |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van het “Digital Rail Germany” te versnellen |
Doel |
Succesvolle voltooiing van het laatste proefproject |
— |
Aantal afgeronde proefprojecten |
6 |
7 |
KWARTAAL 1 |
2023 |
Het laatste proefproject van het programma is met succes afgerond met validering in operationele omstandigheden. |
F. COMPONENT 3.1: Digitalisering van het onderwijs
De component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan is gericht op het verlenen van financiële steun voor investeringen in de digitale transitie in het onderwijs. Het algemene doel is meer en beter digitaal onderwijs en digitaal leren mogelijk te maken in de verschillende onderwijs- en opleidingsstelsels in Duitsland.
De component pakt de uitdaging van digitaal onderwijs in Duitsland aan. De reeds lang vastgestelde uitdaging is nog verergerd door de COVID-19-pandemie, aangezien de daarmee gepaard gaande lockdown heeft geleid tot de sluiting van onderwijslocaties zoals scholen, opleidingsinstellingen en universiteiten. Door de verschuiving naar online onderwijs zetten suboptimale infrastructuur en digitale basisvaardigheden een breuk in de leerprocessen door.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling om de investeringen te richten op de digitale transitie, met name op onderwijs (landspecifieke aanbeveling 2 in 2020 en 1 in 2019) en op het verbeteren van de onderwijsresultaten en het vaardigheidsniveau van kansarme groepen (landspecifieke aanbeveling 2 in 2019).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
F.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
3.1.1 investering: Investeringsprogramma voor lerarenapparatuur
Het doel van deze investering is ervoor te zorgen dat digitaal onderwijzen en digitaal leren op alle scholen in Duitsland haalbaar zijn. Het bestaat uit het uitrusten van leerkrachten met mobiele digitale apparaten op basis van leningen. De maatregel maakt deel uit van een groter kader ter ondersteuning van digitaal onderwijs dat slechts gedeeltelijk wordt ondersteund door het Duitse herstel- en veerkrachtplan. Scholen zorgen voor de levering van digitale apparaten.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 december 2021 zijn voltooid.
Hervorming van 3.1.2: Onderwijsplatform
Het doel van deze maatregel is het ontwikkelen en opzetten van het eerste nationale onderwijsplatform voor een alomvattend onderwijsgebied dat met digitale middelen de ontwikkeling van competenties door lerenden gedurende hun individuele leertrajecten ondersteunt. Het platform verbindt bestaande en nieuwe leeraanbiedingen en leermaterialen en maakt een brede en open toegang mogelijk.
De uitvoering van de maatregel zal naar verwachting uiterlijk op 31 maart 2022 van start gaan en uiterlijk op 31 december 2025 zijn voltooid.
Hervorming van 3.1.3: Centra voor onderwijsexpertise
Het doel van deze maatregel is digitaal onderwijs te verbeteren en te institutionaliseren als onderdeel van het bestaande kader voor lerarenopleiding en vervolgonderwijs. De maatregel ondersteunt door het verstrekken van wetenschappelijke inhoud de ontwikkeling en opzet van kenniscentra voor digitaal onderwijs op basis van een systeem van samenwerking tussen instellingen voor lerarenopleiding en bijscholing, universiteiten en onderzoeksinstellingen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
3.1.4 investering: Modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten
Deze investering is bedoeld om tot 60 verschillende onderwijsinstellingen van de federale strijdkrachten (Bundeswehr) uit te rusten met actuele informatietechnologie. De maatregel omvat een grondige analyse van de stand van zaken en de moderniseringsbehoeften in de verschillende instellingen en een daaropvolgende uitrol van de nodige apparatuur en systemen.
De uitvoering van de investering moet uiterlijk op 31 maart 2026 zijn voltooid.
F.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren (voor mijlpalen)
|
Kwantitatieve indicatoren (voor streefcijfers) |
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
73 |
Investeringsprogramma 3.1.1 voor lerarenapparatuur |
Mijlpaal |
Administratieve overeenkomst |
Sluiting van de administratieve overeenkomst tussen de Duitse Bondsregering en de bestuursorganen op het niveau van de deelstaten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
Bekendmaking in het staatsblad (Bundesanzeiger) van de administratieve overeenkomst tussen de Duitse regering en de bestuursorganen op het niveau van de deelstaten voor de uitvoering van deze investering. |
|
74 |
Investeringsprogramma 3.1.1 voor lerarenapparatuur |
Doel |
Uitbetaling van ten minste 475 000 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
— |
Miljoen EUR |
0 |
475 |
KWARTAAL 1 |
2022 |
Van de 500 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 475 000 000 EUR uitbetaald voor de levering van digitale apparatuur aan leerkrachten. |
|
75 |
Investeringsprogramma 3.1.1 voor lerarenapparatuur |
Mijlpaal |
Evaluatie van veranderingen in de digitale infrastructuur en het gebruik van digitale media op scholen |
Definitief evaluatieverslag |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2025 |
In het evaluatieverslag van het programma wordt bevestigd dat leerkrachten een verbetering van de beschikbare digitale infrastructuur en het gebruik van digitale media op school hebben waargenomen. |
|
76 |
3.1.2 onderwijsplatform |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren voor prototypes van onderwijsplatforms en aanbestedingen |
Publicatie van de financieringsrichtsnoeren en aanbesteding in het Bundesanzeiger |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2022 |
Er zijn financieringsrichtsnoeren in werking getreden voor de ontwikkeling van drie afzonderlijke prototypes van het meta-platform voor onderwijs, alsook voor compatibele onderzoeksprojecten die toegankelijk zijn voor lerenden en leerkrachten. Afhankelijk van het resultaat van deze projecten worden de belangrijkste aspecten van de projectspecificaties verduidelijkt en wordt de aanbestedingsprocedure gestart. |
|
77 |
3.1.2 onderwijsplatform |
Mijlpaal |
Lancering van de bèta-versie van het onderwijsplatform |
Lancering van de bètaversie van het platform op de website van het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek (BMBF) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2023 |
Een bètaversie van het onderwijsplatform is online, met alle diensten en functies die in de functionele beschrijving als hoge prioriteit zijn aangemerkt door het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek (BMBF). Deze functies omvatten toegang voor informatie, gebruikersprofiel, samenwerking, identiteits- en toegangsbeheer, workflows, inbox. De lancering gaat vergezeld van aanvullende veiligheids- en gegevensbeschermingsaudits en succesvolle ladingstests. |
|
78 |
3.1.2 onderwijsplatform |
Mijlpaal |
Eindevaluatieverslag met een besluit over de toekomst van het onderwijsplatform |
Publicatie van het eindevaluatieverslag in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2024 |
Het definitieve evaluatieverslag van het onderwijsplatform is gepubliceerd, met een beoordeling waaruit blijkt dat het project succesvol was volgens de criteria voor projectmonitoring. Het project is succesvol als de voortzetting van het onderwijsplatform wordt aanbevolen of indien is vastgesteld dat de diensten en functies van de prototypes op basis van de resultaten van het project door andere belanghebbenden worden overgenomen en voortgezet. |
|
79 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de eerste financieringsrichtsnoeren en aanbesteding voor een projectuitvoerend agentschap voor het gehele programma |
Publicatie van de eerste financieringsrichtsnoeren in het staatsblad (Bundesanzeiger) en publicatie van een aanbesteding op een gunningsplatform. |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2021 |
Onder leiding van het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek (BMBF) zijn de eerste financieringsrichtsnoeren in werking getreden en gepubliceerd. Een projectuitvoerende instantie is gekozen op basis van aanvragen die zijn ontvangen via een openbare aanbesteding op een gunningsplatform. |
|
80 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Doel |
Goedkeuring van ten minste 45 onderzoeksprojecten |
— |
Aantal goedgekeurde en lopende onderzoeksprojecten |
0 |
45 |
KWARTAAL 3 |
2022 |
Ten minste 45 onderzoeksprojecten zijn goedgekeurd door de projectuitvoerende instantie en lopen nog. De resultaten zijn gepubliceerd via de Förderkatalog (Förderkatalog)ende website van het BMBF. |
|
81 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van drie aanvullende financieringsrichtsnoeren |
Publicatie van de aanvullende financieringsrichtsnoeren in het staatsblad (Bundesanzeiger) |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2022 |
Onder leiding van het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek (BMBF) zijn drie aanvullende financieringsrichtsnoeren, elk met een specifieke thematische oriëntatie, in werking getreden en gepubliceerd. |
|
82 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Doel |
Afronding van onderzoeksprojecten |
— |
Aantal voltooide onderzoeksprojecten |
0 |
45 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Er zijn ten minste 45 onderzoeksprojecten voltooid, zoals blijkt uit een eindevaluatieverslag waarin de resultaten van de ondersteunde onderzoeksprojecten worden gepresenteerd en de toegevoegde waarde voor lerarenopleidingen in digitaal en digitaal ondersteund onderwijs in elk van de deelstaten wordt aangetoond. De resultaten zijn gepresenteerd tijdens een slotevenement en op de website van het BMBF. |
|
83 |
3.1.4 modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten |
Mijlpaal |
Projectcontract ondertekend |
Projectcontract ondertekend met de IT-dienstverlener |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
Het projectcontract voor de initiële fase voor de beoordeling van de IT-systemen van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten (Bundeswehr) is ondertekend door het Federaal Office of Federal Armed Forces Equipment, Information Technology and In-Service Support (BBAAINBw), een civiele hogere federale autoriteit die rechtstreeks ondergeschikt is aan het federale ministerie van Defensie (BMVg) en de IT-aanbieder, waarin de belangrijkste stappen in de toekomstige beoordelingswerkzaamheden zijn vastgelegd. |
|
84 |
3.1.4 modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten |
Doel |
Analyse van onderwijsinstellingen en vaststelling van hun IT-behoeften |
— |
Aantal volledig geanalyseerde onderwijsinstellingen |
0 |
60 |
KWARTAAL 1 |
2022 |
Het federale ministerie van Defensie (BMVg) heeft een beoordelingsverslag goedgekeurd. Uit dit verslag moet blijken dat de IT-omgevingen en -behoeften van de 60 aanvankelijk aangewezen onderwijsinstellingen zijn geanalyseerd en dat de behoeften en uitvoeringsmogelijkheden in kaart zijn gebracht. |
|
85 |
3.1.4 modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten |
Doel |
Voltooiing van de modernisering van de 60 onderwijsinstellingen |
— |
Aantal onderwijsinstellingen waarvoor de modernisering is voltooid |
0 |
60 |
KWARTAAL 1 |
2026 |
Het ministerie van Defensie (BMVg) heeft een definitief beoordelingsverslag goedgekeurd. In dit verslag wordt bevestigd dat op basis van de resultaten van de analyses die bij de 60 instellingen zijn uitgevoerd, de nodige uitvoeringsmaatregelen binnen de beschikbare tijd en binnen de beschikbare budgetten zijn voltooid. Het resultaat van het proces, de reeds geboekte vooruitgang op het gebied van opleiding en onderwijs worden aangetoond en de te volgen koers voor de volgende jaren wordt in kaart gebracht. |
G. COMPONENT 4.1: Versterking van de sociale inclusie
Dit onderdeel van het Duitse herstel- en veerkrachtplan mobiliseert middelen om verschillende aspecten van sociale inclusie te verbeteren: I) inclusie van vrouwen en ouders in het algemeen op de arbeidsmarkt, ii) verbetering van de onderwijsresultaten en vaardigheden van studenten met een leerachterstand, vaak uit kansarme milieus, iii) het waarborgen van leerlingplaatsen, waardoor de toegang van jongeren tot de arbeidsmarkt wordt ondersteund, iv) bescherming van het nettoloon en banen door een toename van de belastingwig te voorkomen, en v) verbetering van de transparantie in alle drie de pijlers van het pensioenstelsel en daarmee de toegang tot sociale bescherming.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling inzake het richten van investeringsgerelateerd economisch beleid op onderwijs en het verschuiven van belastingen op arbeid (landspecifieke aanbeveling 1 in 2019), het verminderen van negatieve prikkels om meer uren te werken, het nemen van maatregelen om de houdbaarheid van het pensioenstelsel op lange termijn te waarborgen en tegelijkertijd de toereikendheid van het pensioenniveau te handhaven, en het verbeteren van de onderwijsresultaten en het vaardigheidsniveau van kansarme groepen (landspecifieke aanbeveling 2 in 2019) en het richten van investeringen op onderwijs (landspecifieke aanbeveling 1 in 2019 en 2 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
G.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
4.1.1 investering: Investeringsprogramma “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang”
Het doel van de maatregel is de oprichting van nieuwe kinderopvangfaciliteiten en de renovatie van bestaande voorzieningen te bevorderen, waarbij 45 000 extra plaatsen worden gecreëerd.
Daartoe verleent de federale regering steun aan deelstaten en lokale overheden om te investeren in nieuwe gebouwen, uitbreidingen, verbouwingen, renovaties, renovaties en uitrusting.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 december 2022 voltooid zijn.
Hervorming van 4.1.2: Sociale garantie 2021
Het doel van de maatregel is te voorkomen dat de financiële gevolgen van COVID-19 leiden tot aanzienlijke stijgingen van de socialezekerheidsbijdragen, waardoor het nettoloon wordt genegeerd en de arbeidskosten stijgen.
Daartoe voorziet de federale regering in fiscale overdrachten voor de socialezekerheidsfondsen om hun financieringstekort te dichten, waarbij wordt voorkomen dat het bijdragepercentage van de socialezekerheidsbijdragen in 2021 hoger is dan 40 %.
De uitvoering van de hervorming wordt uiterlijk op 31 december 2021 voltooid.
4.1.3 investering: Ondersteuning van leerlingplaatsen
Het doel van de maatregel is de vermindering van het aantal leerlingplaatsen in verband met COVID-19 tegen te gaan.
Daartoe verleent de regering financiële steun aan kmo’s die leerlingen overnemen en die hun huidige opleidingsniveau op peil houden, extra leerlingplaatsen creëren, werktijdverkorting (Kurzarbeit) voor leerlingen vermijden of leerlingen van insolvente bedrijven overnemen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 december 2022 voltooid zijn.
Hervorming van 4.1.4: Onderwijsondersteuning voor leerlingen met een leerachterstand
Het doel van de maatregel is te voorkomen dat een tijdelijke leerachterstand als gevolg van COVID-19-gerelateerde verstoringen stevig wordt verankerd.
Daartoe verleent de federale regering financiële steun aan de deelstaten, zodat deze aanvullende cursussen en mentorschap aan leerlingen aanbieden, met bijzondere aandacht voor kernvakken en kerncompetenties, zoals de Duitse taal, wiskunde en wetenschappen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 september 2022 voltooid zijn.
Hervorming van 4.1.5: Overzicht van digitale pensioenen
Het doel van deze maatregel is een digitaal pensioenoverzicht op te stellen, een portaal om burgers te informeren over hun individuele pensioenvoorziening uit alle drie de pensioenpijlers (wettelijke, bedrijfs- en particuliere pensioenen).
Daartoe zet het Duitse pensioenfonds (Deutsche Rentenversicherung Bund) een pensioeninformatieportaal op, waarbij de verschillende belanghebbenden worden betrokken om ervoor te zorgen dat het relevante pensioeninformatie verzamelt, en zorgt het er door middel van tests en ontwikkeling voor dat het portaal gebruiksvriendelijk is.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
G.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
86 |
Investeringsprogramma 4.1.1 “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang” |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de wet op de financiering van kinderopvang en de federale wet inzake financiële bijstand en van de uitvoeringsverordeningen op het niveau van de deelstaten |
Bepaling in de wet tot vaststelling van de inwerkingtreding van de wet op de financiering van kinderopvang en de federale wet inzake financiële bijstand, alsmede de specifieke uitvoeringsverordeningen van de deelstaten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2020 |
Wijzigingen van de Wet op de financiering van kinderopvang en de federale wet op de financiële bijstand (KitaFinHG) voor de verlenging van de dagopvang voor kinderen zijn in werking getreden. De deelstaten hebben de federale regels vastgesteld en in hun deelstaatverordeningen specifieker gemaakt. |
|
87 |
Investeringsprogramma 4.1.1 “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang” |
Mijlpaal |
Publicatie van het tussentijds verslag in overeenstemming met KitaFinHG |
Publicatie van tussentijdse verslagen met het bedrag van de financiering, het aantal plaatsen voor kinderopvang, het type en het respectieve aantal investeringen in uitrusting overeenkomstig de wettelijke bepalingen en de desbetreffende coördinatiebesprekingen tussen de federale regering en de deelstaten. |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2023 |
Er is een tussentijds verslag gepubliceerd over goedgekeurde en gecreëerde kinderopvangplaatsen en investeringen in uitrusting (§ 30 (2) en (3) KitaFinHG). De betrokken deelstaten hebben aan de federale regering verslag uitgebracht over de stand van de uitvoering, met inbegrip van de financiering, het aantal plaatsen voor kinderopvang, het type en het respectieve aantal investeringen in uitrusting, overeenkomstig de monitoring- en begeleidingsverplichtingen. |
|
88 |
Investeringsprogramma 4.1.1 “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang” |
Doel |
Eindverslag over het totale aantal nieuw gefinancierde kinderopvangplaatsen in overeenstemming met de KitaFinHG |
— |
Extra kinderopvangplaatsen voor kinderen |
0 |
45 000 |
KWARTAAL 4 |
2025 |
De deelstaten hebben hun eindverslag over de uitvoering ingediend na afloop van de controles op het gebruik van de middelen. In het verslag wordt bevestigd dat in heel Duitsland 45 000 nieuw gefinancierde kinderopvangplaatsen voor kinderen zijn gecreëerd in kinderdagverblijven (Kindertageseinrichtungen) en kinderdagverblijven (Kindertagespflege). |
|
89 |
4.1.2 sociale garantie 2021 |
Mijlpaal |
Verificatie van het gemiddelde percentage socialezekerheidsbijdragen voor het jaar 2021 |
Totaal percentage socialezekerheidsbijdragen berekend en vastgesteld dat het niet meer dan 40 % bedraagt |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2021 |
Het totale percentage socialezekerheidsbijdragen wordt berekend voor het jaar 2021 en vastgesteld wordt dat dit percentage niet hoger is dan 40 %. Het totale bijdragepercentage voor de sociale zekerheid wordt berekend als de som van de premietarieven voor pensioenen, werkloosheid, langdurige zorg (zonder kinderbijslag) en zorgverzekering, met inbegrip van het gemiddelde aanvullende bijdragepercentage als bedoeld in § 242a van het Sociaal Wetboek V (SGB V). |
|
90 |
4.1.3 ondersteuning van leerlingplaatsen |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de herziene financieringsrichtsnoeren voor het federale programma Ausbildungsplätze sichern |
Publicatie van herziene financieringsrichtsnoeren |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2021 |
De herziene financieringsrichtsnoeren voor het gehele federale programma Ausbildungsplätze sichern zijn gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger), als gevolg van het besluit van het kabinet van 17 maart 2021. |
|
91 |
4.1.3 ondersteuning van leerlingplaatsen |
Doel |
Uitstroom van steun voor het federale programma Ausbildungsplätze sichern |
— |
Miljoen EUR |
0 |
282 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
In het kader van het programma is ten minste 282 000 000 EUR aan begunstigden uitbetaald. |
|
92 |
4.1.3 ondersteuning van leerlingplaatsen |
Doel |
Toekenningsbesluiten op aanvragen voor het federale programma Ausbildungsplätze sichern |
— |
Aantal subsidiabele aanvragen waaraan financiering is toegekend |
0 |
70 000 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
In het kader van het programma is financiering toegekend aan ten minste 70 000 subsidiabele aanvragen. |
|
93 |
4.1.4 onderwijsondersteuning voor leerlingen met een leerachterstand |
Mijlpaal |
Overeenkomst tussen de federale regering en de deelstaten om leerondersteuning te bieden aan lerenden met een achterstand op het gebied van leren tijdens de pandemie. |
De deelstaten en de federale regering keuren de financieringsovereenkomst goed |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2021 |
De federale regering en de deelstaten hebben de financieringsovereenkomst goedgekeurd waarin de voorwaarden voor de financiering van leersteun zijn vastgelegd. |
|
94 |
4.1.4 onderwijsondersteuning voor leerlingen met een leerachterstand |
Doel |
1 000 000 leerlingen hebben leerondersteuning gekregen |
— |
Aantal leerlingen dat steun ontvangt in het kader van het programma |
0 |
1 000 000 |
KWARTAAL 3 |
2022 |
Ten minste 1 000 000 leerlingen hebben in het kader van het programma leerondersteuning gekregen, zoals blijkt uit het monitoringverslag. |
|
95 |
Digitaal pensioenoverzicht 4.1.5 |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de wet inzake digitaal pensioenoverzicht |
Bepaling in de wet betreffende de inwerkingtreding van de wet inzake het digitale pensioenoverzicht |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2021 |
De wet inzake het digitale pensioenoverzicht (RentÜG) is gepubliceerd in het staatsblad (Bundesanzeiger) en is in werking getreden. |
|
96 |
Digitaal pensioenoverzicht 4.1.5 |
Mijlpaal |
Voltooiing van de ontwikkelingsfase en de eerste operationele fase. |
Het portaal is beschikbaar en is in een eerste operationele fase getest. Het evaluatieverslag over de eerste operationele fase is door ZfDR ter verdere bespreking voorgelegd aan de stuurgroep. |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2023 |
De coördinerende instantie die verantwoordelijk is voor het digitale pensioenoverzicht (ZfDR, Zentrale Stelle für die DigitaleRentenübersicht) heeft een evaluatieverslag ingediend overeenkomstig § 6 (3) RentÜG van de eerste operationele fase, waarin de bereikte mate van bruikbaarheid en uitvoerbaarheid voor pensioenverstrekkers wordt beoordeeld. In het verslag wordt duidelijk aangegeven welke acties kunnen worden ondernomen voor verbeteringen en nieuwe functies die verder moeten worden besproken in de stuurgroep. |
|
97 |
Digitaal pensioenoverzicht 4.1.5 |
Mijlpaal |
Voltooiing van de uitvoering van verbeteringen die zijn afgeleid uit de praktische ervaring tijdens de eerste operationele fase |
Naar aanleiding van het evaluatieverslag en het overleg met de stuurgroep zijn verbeteringen en, in voorkomend geval, nieuwe functionaliteiten ingevoerd. Het digitale pensioenoverzicht bestrijkt het merendeel van de bestaande pensioenrechten met betrekking tot pensioenaanbieders die over het algemeen wettelijk verplicht zijn om deel te nemen. |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2026 |
Na de indiening van het evaluatieverslag worden concrete doelstellingen vastgesteld met betrekking tot de gebruiksfrequentie en de dekking van pensioenrechten. De doelstelling inzake de gebruiksfrequentie en de doelstelling inzake de dekking van pensioenrechten wordt tegen het eerste kwartaal van 1 2026 gehaald of er worden verdere maatregelen genomen om de acceptatie door gebruikers te verbeteren, bijvoorbeeld door een verordening vast te stellen om de referentiedatum vast te stellen voor de verplichting voor pensioenaanbieders om deel te nemen aan het digitale pensioenoverzicht, met inbegrip van pensioenaanbieders die hun klanten jaarlijks een uitkeringsoverzicht moeten verstrekken. |
H. COMPONENT 5.1: Versterking van een pandemiebestendig gezondheidszorgsysteem
Deze component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan heeft tot doel de veerkracht van de gezondheidszorg te vergroten, onder meer tegen schokken als gevolg van pandemieën. De specifieke doelstellingen van de maatregelen in het kader van deze component zijn de digitalisering van de volksgezondheidsbureaus, die een belangrijke rol spelen bij het beheer van pandemieën in Duitsland, de digitalisering van ziekenhuizen om hun efficiëntie en veerkracht te vergroten, en het onderzoek naar en de ontwikkeling van vaccins tegen SARS-CoV-2.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling om voldoende middelen vrij te maken en de veerkracht van het gezondheidszorgstelsel te versterken, onder meer door e-gezondheidsdiensten in te zetten (landspecifieke aanbeveling 1 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
H.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
Hervorming van 5.1.1: Versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst
Het doel van de maatregel is de volksgezondheidsbureaus te moderniseren, met name door het niveau van digitalisering en interoperabiliteit van IT-systemen te verhogen om de volksgezondheidsbureaus te verbinden met andere actoren in het openbare gezondheidszorgstelsel. De maatregel bestaat uit een landelijke uitrol van een IT-systeem om de ontwikkelingen in de pandemie te volgen en het algemene niveau van digitale maturiteit in de volksgezondheidsbureaus in de komende jaren te verhogen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
5.1.2 investering: Programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen
Het doel van de maatregel is ziekenhuizen in staat te stellen op korte termijn te investeren in hun modernisering, onder meer door middel van digitalisering. De maatregel bestaat uit de oprichting van een fonds waaruit ziekenhuizen financiële steun kunnen ontvangen voor een aantal moderniseringsprojecten, bijvoorbeeld om hun digitale infrastructuur, noodcapaciteit, telegeneeskunde, robotica of IT- en cyberveiligheid te verbeteren.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
5.1.3 investering: Speciaal programma ter bespoediging van onderzoek naar en ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2
De doelstellingen van de maatregel zijn het ondersteunen van het onderzoek naar en de ontwikkeling van vaccins tegen SARS-CoV-2 om de ernst en de duur van de pandemie te beperken. De investering bestaat uit financiële steun aan Duitse vaccinproducenten om hun ontwikkelings- en productiecapaciteit te vergroten en het aantal patiënten voor klinische proeven te verhogen. Dit heeft tot doel de farmaceutische en biotechnologische sector in Duitsland op lange termijn te versterken en een bredere basis en flexibiliteit te bieden om te reageren op de huidige en toekomstige pandemieën.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 december 2022 voltooid zijn.
H.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
98 |
5.1.1 versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst |
Doel |
Uitgebreid nationaal gebruik van het Duitse elektronische meldings- en informatiesysteem voor infectiebescherming (Deutsches Elektronisches Melde- und Informationssystem für den Infektionsschutz, DEMIS) |
— |
Percentage bureaus voor volksgezondheid dat DEMIS gebruikt |
0 |
100 |
KWARTAAL 1 |
2021 |
De bevoegde autoriteiten van de deelstaten gebruiken DEMIS om personen te registreren in het kader van SARS-CoV-2 en om te voldoen aan de rapportagevereisten van § 8 (1) (2) van de wet inzake infectiebescherming 8 . |
|
99 |
5.1.1 versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst |
Doel |
Vooruitgang van de volksgezondheidsbureaus op weg naar digitale maturiteit |
— |
Percentage |
0 |
35 |
KWARTAAL 1 |
2024 |
Ten minste 35 % van de volksgezondheidsbureaus heeft hun digitale maturiteit tegen het einde van het vierde kwartaal van 4 2023 met ten minste twee niveaus verbeterd in ten minste twee categorieën van het gebruikte digitale maturiteitssysteem, in vergelijking met het digitale maturiteitsniveau van 2021. |
|
100 |
5.1.1 versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst |
Doel |
Vooruitgang van de volksgezondheidsbureaus op weg naar digitale maturiteit |
— |
Percentage |
35 |
70 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 70 % van de volksgezondheidsbureaus heeft hun digitale maturiteit uiterlijk in het vierde kwartaal van 3 2026 met ten minste twee niveaus verbeterd in ten minste drie categorieën van het gebruikte digitale maturiteitssysteem, in vergelijking met het digitale maturiteitsniveau van 2021. |
|
101 |
5.1.2 programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen |
Doel |
Bij de federale dienst voor sociale zekerheid ingediende aanvragen voor ten minste 2 700 000 000 EUR |
— |
Financieringsvolume (in miljoen euro) voor aanvragen ingediend bij het Federaal Bureau voor Sociale Zekerheid |
0 |
2 700 |
KWARTAAL 2 |
2022 |
Van de 3 000 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, zijn aanvragen voor een volume van ten minste 2 700 000 000 EUR ingediend bij het Federaal Bureau voor Sociale Zekerheid voor projecten van ziekenhuizen in het kader van het programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen tegen de uiterste datum voor de indiening van aanvragen op 31 december 2021. Uiterlijk op 31 maart 2022 maakt de federale dienst voor sociale zekerheid de gevraagde financieringsbedragen bekend. |
|
102 |
5.1.2 programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen |
Doel |
Verhoging van de digitale maturiteit van ten minste 35 % van de ziekenhuizen |
— |
Percentage ziekenhuizen met toegenomen digitale maturiteit |
0 |
35 |
KWARTAAL 2 |
2025 |
Ten minste 35 % van de ziekenhuizen waarvan de aanvraag voor financiering in het kader van het programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen is goedgekeurd, heeft hun digitale maturiteit in ten minste twee categorieën in verband met het programma tot toekomstbestendige ziekenhuizen verhoogd met ten minste twee digitale maturiteitsniveaus in het gebruikte digitale maturiteitssysteem ten opzichte van de evaluatie van 30 juni 2021. |
|
103 |
5.1.2 programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen |
Doel |
Verhoging van de digitale maturiteit met ten minste twee niveaus i) in ten minste twee categorieën van ten minste 80 % van de betrokken ziekenhuizen en ii) in ten minste drie categorieën van ten minste 60 % van de betrokken ziekenhuizen |
— |
Percentage ziekenhuizen met verhoogde digitale maturiteit i) in ten minste twee categorieën en ii) in ten minste drie categorieën |
I) 0 II) 0 |
I) 80 II) 60 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 80 % van de ziekenhuizen waarvan de aanvraag voor financiering in het kader van het programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen is goedgekeurd, heeft hun digitale maturiteit in ten minste twee categorieën met betrekking tot het programma tot toekomstbestendige ziekenhuizen verhoogd met ten minste twee digitale-maturiteitsniveaus in het gebruikte digitale maturiteitssysteem ten opzichte van de evaluatie van 30 juni 2021, en ten minste 60 % van de ziekenhuizen waarvan de aanvraag voor financiering in het kader van het programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen is goedgekeurd, heeft hun digitale maturiteit in ten minste drie met het programma verband houdende categorieën in verband met het programma met ten minste twee digitaliseringsniveaus in het gebruikte systeem voor digitale maturiteit verhoogd ten opzichte van de evaluatie van 30 juni 2021. |
|
104 |
Speciaal programma 5.1.3 om het onderzoek naar en de ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2 te versnellen |
Mijlpaal |
Goedkeuring van een eerste vaccin tegen SARS-CoV-2 door de regelgevende autoriteit |
Aanbeveling van het Europees Geneesmiddelenbureau voor een door een van de drie ondersteunde bedrijven ontwikkeld vaccin tegen SARS-CoV-2 |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2020 |
Goedkeuring aanbevolen door het Europees Geneesmiddelenbureau voor een vaccin tegen SARS-CoV-2 dat is ontwikkeld door een van de drie door middel van maatregel 5.1.3 ondersteunde bedrijven. |
|
106 |
Speciaal programma 5.1.3 om het onderzoek naar en de ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2 te versnellen |
Doel |
Uitbetaling van ten minste 561 450 000 EUR voor vaccinonderzoek dat door dit speciale programma wordt ondersteund |
— |
Miljoen EUR |
0 |
561.45 |
KWARTAAL 3 |
2022 |
Van de 591 000 000 EUR die aan de maatregel is toegewezen, is ten minste 561 450 000 EUR (95 % van de totale financiering) uitbetaald aan de ontvangers voor vaccinonderzoek. |
|
107 |
Speciaal programma 5.1.3 om het onderzoek naar en de ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2 te versnellen |
Mijlpaal |
Einde van programma |
Voltooiing en sluitende controle van de gebruiksverslagen en van alle eindverslagen |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Alle eindverslagen over de besteding van de middelen zijn ingediend en gecontroleerd. |
I. COMPONENT 6.1: Modern openbaar bestuur
De component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan gaat in op de uitdagingen van de modernisering van het Duitse openbaar bestuur. Het doel van deze component is de digitalisering van het openbaar bestuur resoluut te bevorderen en de administratieve lasten voor bedrijven en burgers bij de interactie met de overheid te verminderen.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbeveling inzake de verbetering van digitale overheidsdiensten op alle niveaus (landspecifieke aanbeveling 2 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
I.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
Hervorming van 6.1.1: Europees identiteitsecosysteem
Het doel van de maatregel is een digitaal, open en veilig ecosysteem tot stand te brengen dat identiteiten en persoonlijke documenten online vaststelt en verifieert, zonder gebruik te maken van grote particuliere platforms, met inbegrip van persoonlijke ID’s en documenten zoals diploma’s. Daarnaast heeft de maatregel tot doel een systeem tot stand te brengen dat ook openstaat voor andere soorten toepassingen en de identiteit van bedrijven en apparaten binnen het internet der dingen te controleren. Ten slotte is het doel van de maatregel ervoor te zorgen dat het ecosysteem open staat voor gebruik door overheden en de particuliere sector in de EU en daarbuiten.
De maatregel bestaat uit het ontwikkelen van technische componenten en normen, het ondersteunen van inspanningen op het gebied van interoperabiliteit van andere initiatieven, het verschaffen van een soevereine ID en het katalyseren van het ecosysteem door het ontwikkelen van initiële gebruiksgevallen. De eerste te ontwikkelen toepassingen worden gesubsidieerd en gestuurd door de overheid, maar naarmate het ecosysteem vordert, is het de bedoeling dat de particuliere sector onafhankelijk toepassingen ontwikkelt.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
Hervorming van 6.1.2: Digitalisering van de administratie — uitvoering van de wet inzake onlinetoegang
Het doel van de maatregel is openbare diensten tegen 2022 digitaal beschikbaar te stellen, in overeenstemming met de wet inzake onlinetoegang 9 . Gezien het Duitse federale stelsel worden openbare diensten aangeboden door zowel het federale niveau als de deelstaat- en lokale overheden, waardoor de vereiste coördinatie aanzienlijk toeneemt.
De maatregel bestaat uit het digitaliseren van 100 dienstenbundels die onder de uitvoeringsbevoegdheid van de deelstaten vallen, en 115 dienstenbundels die onder de bevoegdheid van de federale overheid vallen. De maatregel bestaat ook uit de ontwikkeling van normen voor IT-componenten van de diensten van de deelstaten en de inwerkingtreding van het besluit inzake normen voor onlinetoegang tot administratieve diensten.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 juni 2026 voltooid zijn.
Hervorming van 6.1.3: Digitalisering van de administratie — modernisering van registers
Het doel van de maatregel is een eenvoudige, veilige en digitale uitwisseling van in verschillende Duitse registers opgeslagen gegevens mogelijk te maken. Dit stelt burgers en bedrijven in staat hun gegevens slechts eenmaal in te dienen, in plaats van meerdere keren dezelfde gegevens te hoeven indienen bij verschillende autoriteiten.
De maatregel bestaat uit de ontwikkeling van de noodzakelijke technische architectuur en de koppeling van ten minste 6 van de belangrijkste registers en nog eens 12 registers, die behoren tot de belangrijkste registers, zijn klaar om via de invoering van het nationale technische systeem voor één enkel technisch systeem (NOOTS) op de enige infrastructuur te worden aangesloten. Om deze doelstellingen te bereiken en het project te sturen,wordt een Registermodernisierungsbehörde(Registermodernisierungs behörde) opgericht.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 juni 2026 voltooid zijn.
I.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren (voor mijlpalen)
|
Kwantitatieve indicatoren (voor streefcijfers) |
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
108 |
6.1.1 Europees identiteitsecosysteem |
Doel |
Start van een proefproject voor digitale hotelcheck-in |
— |
Aantal hotels met digitaal inchecken |
0 |
100 |
KWARTAAL 3 |
2021 |
Er is een proefproject opgezet waardoor werknemers van vier grote Duitse bedrijven digitaal kunnen inchecken bij drie grote Duitse hotelketens, waaraan ten minste 100 hotels deelnemen. Het proefproject biedt de eerste technische componenten en inzichten voor de verdere ontwikkeling van het ecosysteem. |
|
109 |
6.1.1 Europees identiteitsecosysteem |
Doel |
Voltooiing van aanvullende door de overheid ondersteunde aanvraagdossiers naast de check-in van het proefhotel. |
— |
Aantal aanvraagzaken |
1 |
5 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
Na de eerste proefaanvraagzaak is de uitvoering van ten minste vier extra aanvraaggevallen voltooid (bijvoorbeeld het online openen van bankrekeningen, toegangsbeheer, het online sluiten van telefoonovereenkomsten of het openen van klantenrekeningen in het kader van e-commerce), elk met ten minste 10 000 gebruikers. De eID-functie voor identificatie en authenticatie is geïntegreerd in toepassingszaken en waar nodig zijn nieuwe interfaces ingevoerd. |
|
110 |
6.1.1 Europees identiteitsecosysteem |
Doel |
Verstrekking van aanvullende toepassingsgevallen naast de proefprojecten met weinig of geen overheidssteun voor de uitvoering ervan |
— |
Aantal aanvraagzaken |
5 |
10 |
KWARTAAL 4 |
2025 |
Het systeem is verder opgeschaald door de uitvoering van steeds minder door de overheid ondersteunde aanvraagzaken, en er bestaan ten minste tien aanvraagzaken met elk ten minste 10 000 gebruikers. Ten minste twee initiatieven of eigen gedecentraliseerde identiteitsoplossingen (bijvoorbeeld een vaccinatiebewijs) zijn interoperabel met het systeem. |
|
111 |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Voltooiing van individuele overeenkomsten tussen de leidende dienst en de leidende deelstaat |
— |
Aantal individuele overeenkomsten |
0 |
14 |
KWARTAAL 3 |
2021 |
Er zijn ten minste 14 individuele overeenkomsten tot uitvoering van de Wet Onlinetoegang gesloten tussen de leidende afdeling en de leidende federale staat, waarin de operationele regelingen zijn vastgelegd. De uitvoering geschiedt in overeenstemming met het “one for all” -beginsel. De afzonderlijke overeenkomsten vormen de rechtsgrondslag voor samenwerking en werkgerelateerde uitvoering. |
|
112 |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Go-Lives of Online Access Act Service bundles (Onlinezugangsgesetz-Leistungen) |
— |
Aantal “live” -dienstenbundels |
0 |
70 |
KWARTAAL 4 |
2021 |
Er zijn ten minste 70 bundels van openbare diensten live (online beschikbaar voor het grote publiek). |
|
113 |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Grootschalige digitalisering van administratieve diensten |
— |
Aantal uitgevoerde dienstenbundels |
0 |
215 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Ten minste 100 van de belangrijkste administratieve diensten van de deelstaten worden uitgevoerd als “one for all” -diensten en nog eens 115 federale overheidsdiensten. |
|
113A |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Uitrol van de diensten van de deelstaten tot landelijke dekking |
— |
Aantal beschikbare dienstenbundels in het hele land |
0 |
40 |
KWARTAAL 2 |
2025 |
Ten minste 40 van de belangrijkste administratieve diensten van de deelstaten worden in het hele land (in ten minste 50 % van de deelstaten) uitgevoerd als één dienst voor iedereen. |
|
113B |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Mijlpaal |
Ontwikkeling van normen voor IT-componenten van de diensten van de deelstaten |
Er zijn kwaliteitseisen ontwikkeld en architectuurspecificaties bijgewerkt |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2025 |
Ontwikkeling van kwaliteitseisen (DIN SPEC 663366) en vaststelling van architectuurspecificaties (IT-architectuurrichtlijn V1.9) die betrekking hebben op de standaardisering van IT-componenten van de diensten van de deelstaten. |
|
113C |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de verordening inzake normen voor onlinetoegang tot administratieve diensten |
Bepaling in de wet betreffende de inwerkingtreding van de verordening inzake normen voor onlinetoegang tot administratieve diensten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Inwerkingtreding van de verordening inzake normen voor onlinetoegang tot administratieve diensten op grond van § 6 I nr. 1, 2 OZG. |
|
114 |
6.1.3 digitalisering van de administratie/modernisering van registers |
Mijlpaal |
Voltooiing van proefprojecten voor het testen van proefregisters |
Einde van het proef- en beoordelingsdocument samengesteld |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2023 |
Voltooiing van een proefproject voor het testen van proefregisters, in overeenstemming met de tenuitvoerlegging van de wet inzake identificatienummers (Identifikationsnummerngesetz 10 )en de wet inzake de modernisering van het register (Registermodernisierungsgesetz 11 ). |
|
115 |
6.1.3 digitalisering van de administratie — modernisering van registers |
Mijlpaal |
Voltooiing van de uitvoering van de uniforme architectuur voor de bevordering van het eenmaligheidsbeginsel |
Centrale architectuurcomponenten zijn klaar om te worden aangesloten op eigen registers |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2025 |
De gestandaardiseerde technische architectuur is klaar om te worden gekoppeld aan prioritaire registers voor de toepassing van het eenmaligheidsbeginsel. De rechtsgrondslagen voor de koppeling van prioriteitsregisters zijn aanwezig. Er moet worden gezorgd voor governance (meerprojectbeheer) om de koppeling tussen registers te controleren. |
|
116 |
6.1.3 digitalisering van de administratie — modernisering van registers |
Doel |
Prioritaire verbinding van gebruikersregisters met de eenmaligheidsdoelarchitectuur |
— |
Aantal prioritaire registers |
0 |
18 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
Ten minste 6 van de geprioriteerde registers zijn verbonden met één enkele infrastructuur (NOOT’s) om het eenmaligheidsbeginsel toe te passen en nog eens 12 prioritaire registers zijn klaar om te worden aangesloten op de gevestigde afzonderlijke infrastructuur, die elk in staat zijn het identificatienummer op te slaan en te verwerken. |
J. COMPONENT 6.2: Vermindering van belemmeringen voor investeringen
Met deze component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan worden belemmeringen voor investeringen aangepakt, die de publieke en particuliere investeringen in Duitsland hebben vertraagd. Het wegnemen van belemmeringen voor investeringen maakt de tijdige besteding van middelen mogelijk en vergemakkelijkt investeringen in de groene en de digitale transitie. Bovendien vergroot het de weerbaarheid van Duitsland tegen economische schokken en draagt het bij tot het stimuleren van de binnenlandse vraag, waardoor het overschot op de lopende rekening, dat herhaaldelijk is aangemerkt als een macro-economische onevenwichtigheid voor Duitsland, kan worden teruggedrongen.
De component ondersteunt de uitvoering van de landspecifieke aanbevelingen voor het bereiken van een aanhoudende opwaartse trend van particuliere en overheidsinvesteringen, en voor het verhogen van de investeringen (landspecifieke aanbeveling 1 in 2019 en landspecifieke aanbeveling 1 in 2020).
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstig afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen aan” (2021/C58/01).
J.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
Hervorming van 6.2.1: Gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt
De maatregel heeft tot doel de administratie efficiënter, toekomstgerichter en innovatiever te maken. Het heeft onder meer tot doel de plannings- en goedkeuringsprocedures te versnellen, de vereisten voor lagere overheidsniveaus voor het aanvragen van financiële subsidies verder te standaardiseren om te zorgen voor een snellere uitstroom van middelen, de woningbouw te versnellen en het aantal succesvolle overdrachten van bedrijfseigendom aan de volgende generatie te verhogen.
De maatregel bestaat uit de oprichting van een werkgroep bestaande uit het federale niveau en de deelstaten, die voorstellen zal ontwikkelen ter verbetering van de efficiëntie van het openbaar bestuur op 11 gebieden (zoals beschreven in de mijlpalen), die uiterlijk in 2025 ten uitvoer moet worden gelegd.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 maart 2025 voltooid zijn.
Hervorming van 6.2.2: Uitbreiding van de adviesdiensten van PD — Berater der öffentlichen Hand GmbH
Het doel van de maatregel is de overheidsinvesteringen te vergroten, met name op gemeentelijk niveau, door gemeenten en andere overheidsinstanties in staat te stellen publieke financieringsprogramma’s beter te integreren in hun investeringsprojecten, en door de uitvoering van IT-investeringen in scholen te verbeteren.
De maatregel bestaat uit twee submaatregelen, die moeten worden uitgevoerd door PD — Berater der öffentlichen Hand GmbH (PD), een adviesbureau voor de overheidssector dat grotendeels in handen is van de deelstaten en de deelstaten. De eerste submaatregel is bedoeld om gemeenten en andere overheidsinstanties te ondersteunen bij het navigeren in het landschap van financieringsprogramma’s en om de afstemming van publieke financieringsprogramma’s op de behoeften van gemeenten en andere overheidsinstanties te verbeteren. De tweede submaatregel betreft de digitalisering van scholen, waarvoor de PD adviesconcepten ontwikkelt en schoolautoriteiten adviseert.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
Hervorming van 6.2.3: Versnelling van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector
Het doel van de maatregel is de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector aanzienlijk te versnellen. Dit heeft tot doel de capaciteit van vervoersroutes te vergroten en de uitbreiding van klimaatvriendelijke vervoerswijzen te vergemakkelijken om de klimaatdoelstellingen van Duitsland te halen.
De maatregel bestaat uit de uitvoering en evaluatie van drie wetten, namelijk het Investitionsbeschleunigungsgesetz (Investitionsbeschleunigungsgesetz 12 ), de Planning Acceleration Act III (PlanungsbeschleunigungsgesetzIII 13 ) en het Gesetz zur Beschleunigung von Genehmigungsverfahren im Verkehrsbereich (Gesetz zur Beschleunigung von Genehmigungsverfahren im Verkehrsbereich 14 ). Dit laatste vervangt het Maßnahmengesetzvorbereitungsgesetz 15 ,dat niet meer van kracht is.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 augustus 2026 voltooid zijn.
J.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren (voor mijlpalen)
|
Kwantitatieve indicatoren (voor streefcijfers) |
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
117 |
6.2.1 Gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt |
Mijlpaal |
Eerste voortgangsverslag voor de Conferentie van minister-voorzitters (MPK) |
Eerste voortgangsverslag gepubliceerd |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2021 |
Het eerste verslag aan de staatshoofden en regeringsleiders van de federale regering
en de deelstaten is gepubliceerd en bevat een lijst van de maatregelen van het maatregelenprogramma
van de deelstaten die verder zullen worden onderzocht en verwerkt. Het uitgangspunt
van het verslag zijn de volgende elf actiegebieden:
Verbetering van de financiële steun van gemeenten;
|
|
118 |
6.2.1 gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt |
Mijlpaal |
Tweede voortgangsverslag voor de Conferentie van minister-voorzitters |
Tweede voortgangsverslag gepubliceerd |
— |
— |
— |
KWARTAAL 2 |
2022 |
In het gepubliceerde voortgangsverslag wordt aangegeven welke maatregelen onder leiding van de federale regering en/of de deelstaten moeten worden uitgevoerd. Het voortgangsverslag bevat de volgende elementen: De naam van de maatregel; status (gestart, voltooid, nog niet gestart); volgende mijlpaal; verwachte einddatum. |
|
119 |
6.2.1 gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt |
Doel |
Voltooiing van de maatregelen in het voortgangsverslag |
— |
Percentage voltooide maatregelen |
0 |
80 |
KWARTAAL 1 |
2025 |
Voltooiing van de uitvoering van ten minste 80 % van de in het tweede voortgangsverslag genoemde maatregelen. |
|
120 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Mijlpaal |
Start van PD-adviesdiensten voor geselecteerde financieringsprogramma’s |
Overeenkomst met de federale ministeries over de selectie van financieringsprogramma’s |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2022 |
De PD heeft samen met de betrokken federale ministeries geschikte financieringsprogramma’s vastgesteld en het consultatieproject om de afstemming van deze financieringsprogramma’s op de behoeften van de ontvangers te verbeteren, is van start gegaan. |
|
121 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Doel |
Uitgevoerde raadplegingen |
— |
Aantal uitgevoerde raadplegingen |
0 |
100 |
KWARTAAL 3 |
2024 |
100 raadplegingen met begunstigden van financieringsprogramma’s, die ook deel kunnen uitmaken van een meer omvattende beleggingsadviesdienst, zijn afgerond of worden momenteel uitgevoerd. |
|
122 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Doel |
Concepten voor de herziening van financieringsprogramma’s ontwikkeld |
— |
Aantal herzieningsconcepten |
0 |
4 |
KWARTAAL 3 |
2024 |
Er zijn herzieningsconcepten ontwikkeld voor vier financieringsprogramma’s die ook inzicht bieden in het ontwerp van andere programma’s. |
|
123 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Mijlpaal |
Verspreiding van informatie over geleerde lessen |
Financieringsgids van het Bondsministerie van Financiën gepubliceerd |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Publicatie van een gids van het federaal ministerie van Financiën over het opzetten van publieke financieringsprogramma’s voor maatregelen op het gebied van openbare infrastructuur, om een betere uitstroom van middelen mogelijk te maken. |
|
124 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Doel |
Uitgevoerde raadplegingen |
— |
Aantal uitgevoerde raadplegingen |
100 |
400 |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Ten minste 400 raadplegingen met begunstigden van financieringsprogramma’s, die ook deel kunnen uitmaken van een meer omvattend investeringsadviesproject, zijn afgerond of worden momenteel uitgevoerd (het streefdoel omvat raadplegingen die zijn afgerond overeenkomstig streefdoel 121). |
|
125 |
6.2.2.2 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: IT-adviesverlening op school |
Doel |
Uitrol en proefprojecten op het gebied van IT op school |
— |
Aantal uitgevoerde consultatieprojecten |
0 |
5 |
KWARTAAL 4 |
2022 |
Er zijn ten minste vijf consultatieprojecten voor schoolautoriteiten op het gebied van IT op school van start gegaan. |
|
126 |
6.2.2.2 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: IT-adviesverlening op school |
Mijlpaal |
Ontwikkeling van modelconcepten |
Model IT-concept |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2024 |
Er is een model van IT-concept en -uitvoeringsprogramma ontwikkeld, zoals blijkt uit de overeenkomstige resultaten van het PD-project. |
|
127 |
6.2.2.2 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: IT-adviesverlening op school |
Doel |
IT-adviesprojecten voor scholen |
— |
Aantal uitgevoerde consultatieprojecten |
5 |
50 |
KWARTAAL 3 |
2024 |
In totaal zijn 50 raadplegingen van de schoolautoriteiten over IT op school, die deel kunnen uitmaken van een meer omvattend investeringsadviesproject, afgerond of in uitvoering zijn (streefdoel omvat het vorige streefdoel). |
|
128 |
6.2.3.1 versnelling van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Wet Versnelling van investeringen, de Planning Acceleration Act III en de maatregel-act-preparator-wet |
Bepaling in de wet tot vaststelling van de inwerkingtreding van de Wet op de versnelling van investeringen, de Planning Acceleration Act III en de maatregel-act-preparator-wet. |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2020 |
De wet op de versnelling van investeringen, de wet inzake de versnelling van de planning III en de wet inzake de voorbereiding van maatregelen (Investitionsbeschleunigungsgesetz), Planungsbeschleunigungsgesetz III, Maßnahmengesetzvorbereitungsgesetz) in werking getreden. |
|
129 |
6.2.3.1 versnelling van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector |
Mijlpaal |
Evaluatie van wetswijzigingen |
Evaluatie van de drie wetten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2026 |
Er is een aanvang gemaakt met een uitgebreide evaluatie van de aangenomen wetgevingsmaatregelen (de wet inzake investeringsacceleratie, de Planning Acceleration Act III en de Goedkeuringsacceleratiewet), op basis van een evaluatieconcept dat is ontwikkeld, en er is begonnen met het verzamelen van gegevens. De evaluatie omvat onder meer een vergelijking van de duur van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector vóór en na de vaststelling van de maatregelen en houdt rekening met andere kwalitatieve en kwantitatieve indicatoren. |
K. COMPONENT 7.1: REPowerEU
De REPowerEU-component van het Duitse herstel- en veerkrachtplan heeft tot doel de energietransitie te ondersteunen door voorzieningszekerheid, betaalbaarheid, behoud van hulpbronnen en milieuverenigbaarheid te integreren met innovatieve en intelligente klimaatbescherming. De component heeft tot doel de bijdrage van de verwarmings- en koelingssector aan de broeikasgasemissies aan te pakken door het koolstofvrij maken van gebouwen te bevorderen door middel van energie-efficiëntiemaatregelen. . De component heeft ook tot doel klimaatvriendelijk goederenvervoer te bevorderen, gericht op een aanzienlijke emissiereductie door het gebruik van elektrisch aangedreven voertuigen te stimuleren en de noodzakelijke ontwikkeling van infrastructuur te ondersteunen. Daarnaast wordt het faciliteren van geplande waterstofinfrastructuurprojecten cruciaal geacht voor het verwezenlijken van de decarbonisatiedoelstellingen. De uitbreiding van windenergie, zowel offshore als op het land, wordt verder ingevoerd om de afhankelijkheid van de invoer van fossiele brandstoffen te verminderen en de vooruitgang op weg naar klimaatneutraliteit te versnellen. Er worden wetgevingshervormingen voorgesteld om de vergunningsprocedures te stroomlijnen en een duurzaam en verantwoord gebruik van hernieuwbare energiebronnen te waarborgen.
De REPowerEU-component draagt bij tot de uitvoering van landspecifieke aanbevelingen, met name LSA 2022.4 en LSA 2023.4.
Verschillende maatregelen zullen naar verwachting een indirect grensoverschrijdend effect hebben, waaronder de opschaling van de federale financiering voor energie-efficiënte obligaties, die tot doel heeft de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen. Daarnaast zou een digitaal platform om de aanvraag- en goedkeuringsprocedures te versnellen uiteindelijk de toegang van andere EU-bedrijven tot de Duitse markt kunnen vergemakkelijken door administratieve processen te vereenvoudigen en zo de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen, aangezien het platform bedoeld is om de totstandbrenging van een kernwaterstofnet te versnellen. Directe grensoverschrijdende effecten worden ook verwacht met de hervorming van de windenergie op land Act en de offshorewindenergiewet, aangezien de extra elektriciteit uit windenergie gevolgen kan hebben voor de balans tussen vraag en aanbod in Duitsland en in verschillende landen en van invloed kan zijn op grensoverschrijdende stromen.
Verwacht wordt dat geen enkele maatregel in deze component ernstige afbreuk doet aan milieudoelstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EU) 2020/852, rekening houdend met de beschrijving van de maatregelen en de risicobeperkende stappen in het herstel- en veerkrachtplan overeenkomstig de technische richtsnoeren “geen ernstige afbreuk doen” (2021/C58/01).
K.1. Beschrijving van de hervormingen en investeringen voor niet-terugbetaalbare financiële steun
7.1.1 opgeschaalde investeringen: Renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen
Het doel van deze maatregel is het opschalen van investering 1.3.3 “renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen” in het kader van component 1.3. Het opgeschaalde deel van de maatregel ondersteunt 190 000 individuele renovatiemaatregelen, naast de maatregelen die worden gefinancierd uit de niet-terugbetaalbare steun in het kader van investering 1.3.3.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 augustus 2026 voltooid zijn.
7.1.2 investering: Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen
Het doel van deze maatregel is de penetratie van emissievrij wegvervoer te versnellen. De maatregel bestaat uit steun voor de aankoop van emissievrije bedrijfsvoertuigen van de EG-voertuigklassen N1, N2 en N3 met elektrische aandrijvingen overeenkomstig artikel 2, nummers 2 en 4, van de Elektromobilitätsgesetz (Elektromobilitätsgesetz,EmoG), d.w.z. uitsluitend elektrische voertuigen op batterijen en brandstofcellen. Hybride elektrische voertuigen (plug-ins) worden niet ondersteund in het kader van de maatregel. De maatregel ondersteunt ook de oplaadinfrastructuur die nodig is voor de exploitatie van de categorie ondersteunde voertuigen, voor maximaal 80 % van de subsidiabele kosten.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 30 augustus 2026 voltooid zijn.
7.1.3 investering: Digitaal eind-tot-eindplatform om de planning en goedkeuring te versnellen
Het doel van deze maatregel is de planning en goedkeuring van energie-infrastructuurprojecten te versnellen via een digitaal eind-tot-eindplatform. De maatregel is met name bedoeld om de bouw van het Duitse kernwaterstofnet te versnellen door het gebruik van dit platform, aangezien het voor het eerst bedrijven in staat stelt vergunningen voor het waterstofkernnetwerk digitaal in te dienen. Het platform centraliseert, standaardiseert en versnelt het proces voor aanvragers en de goedkeuringsinstantie. Bovendien moet de maatregel back-officeknelpunten aanpakken door middel van een workflowsysteem voor de verwerking van aanvragen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 december 2025 voltooid zijn.
Hervorming van 7.1.4: Wet inzake windenergie op land
Het doel van deze maatregel is de uitrol van onshore-windenergiecentrales te versnellen.
In de wet wordt het landgebruik van elke deelstaat voor windenergie vastgesteld. De wet bevat ook bepalingen om het bouwwetboek zodanig te wijzigen dat deelstaten (Länder) extra gebieden kunnen aanwijzen die geschikt zijn voor de opwekking van windenergie aan land. Op de uitvoering van de hervorming wordt toezicht gehouden door een paritair comité van het federale niveau en de deelstaten (EEG-Bund-Länder K-sausschuss).
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 maart 2023 voltooid zijn.
Hervorming van 7.1.5: Wet op de windenergie op zee
Het doel van deze maatregel is de uitrol van offshore-windenergiecentrales te versnellen.
De hervorming zal de uitbreidingsdoelstellingen voor offshore-windenergie in Duitsland verhogen van 20 GW tot ten minste 30 GW tegen 2030, en tot 40 GW tegen 2035 en 70 GW tegen 2045 (voorheen: 40 GW tegen 2040). Het bevat ook bepalingen om de plannings- en goedkeuringsprocedures te stroomlijnen en de beoordeling van aanvragen te bundelen.
De uitvoering van de maatregel moet uiterlijk 31 maart 2023 voltooid zijn.
K.2. Mijlpalen, streefdoelen, indicatoren en tijdschema voor de monitoring en uitvoering voor niet-terugbetaalbare financiële steun
|
Volgnummer |
Gerelateerde maatregel (hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
IV. Kwalitatieve indicatoren
|
Kwantitatieve indicatoren
|
Indicatieve termijn voor voltooiing |
Beschrijving van elke mijlpaal en doelstelling |
|||
|
Meeteenheid |
Basislijn |
Doelpunt |
Kwartaal |
Jaar |
||||||
|
130 |
Investering 7.1.1 (opschaling): Renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Opgeschaald eindstreefcijfer voor voltooide individuele renovatiemaatregelen voor energie-efficiënte gebouwen |
— |
Voltooide individuele renovatiemaatregelen |
145 000 |
335 000 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
In totaal zijn ten minste 335 000 individuele renovatiemaatregelen voltooid. |
|
131 |
Investering 7.1.2: Wetenschap op topniveau. Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen |
Doel |
Tussentijdse doelstelling voor de registratie van emissievrije voertuigen |
— |
Emissievrije bedrijfsvoertuigen |
0 |
670 |
KWARTAAL 4 |
2024 |
670 emissievrije bedrijfsvoertuigen, waaronder ten minste 190 voertuigen van klasse N3, zijn geregistreerd. |
|
132 |
Investering 7.1.2: Wetenschap op topniveau. Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen |
Doel |
Einddoelstelling voor geregistreerde emissievrije voertuigen |
— |
Emissievrije bedrijfsvoertuigen |
670 |
1139 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
1 139 emissievrije voertuigen, waaronder ten minste 529 voertuigen van klasse N3, zijn geregistreerd. |
|
133 |
Investering 7.1.2: Wetenschap op topniveau. Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen |
Doel |
Ingebruikneming van laadstations |
— |
Laadstations |
0 |
1352 |
KWARTAAL 2 |
2026 |
Er zijn 1 352 elektrische laadstations in gebruik genomen. |
|
134 |
Investering 7.1.3: Wetenschap op topniveau. Digitaal eind-tot-eindplatform om de planning en goedkeuring te versnellen |
Mijlpaal |
Ondertekening van contracten |
Vastlegging van middelen door ondertekening van projectcontracten |
— |
— |
— |
KWARTAAL 3 |
2025 |
Er zijn contracten voor de ontwikkeling van het platform ondertekend en in werking getreden, waarbij ten minste 95 % van de totale middelen voor deze maatregel (94 500 000 EUR) is vastgelegd, met inbegrip van 95 % van de kosten voor AI-ontwikkelingen. (38 285 000 EUR). |
|
135 |
Investering 7.1.3: Wetenschap op topniveau. Digitaal eind-tot-eindplatform om de planning en goedkeuring te versnellen |
Mijlpaal |
Lancering van een eenmaligheidsplatform voor vergunningen |
Lancering van een website met een workflowsysteem die volgens de eenmaligheidsnorm werkt |
— |
— |
— |
KWARTAAL 4 |
2025 |
Het platform stelt bedrijven in staat om aanvragen voor vergunningen voor het waterstofkernnetwerk digitaal in te dienen. Voor deze dienst voldoet het platform aan de eenmaligheidsnorm (nationaal maturiteitsniveau 4 overeenkomstig Besluit 2020/20 van de IT-planningsraad). Bovendien is er een workflowsysteem voor de verwerking van aanvragen en worden er geautomatiseerde volledigheidscontroles van aanvragen en ontwerpmotiveringen voor het goedkeuringsbesluit uitgevoerd aan de hand van een of meer grote taalmodellen. |
|
136 |
Hervorming 7.1.4: Wet inzake windenergie op land |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Wind Energy on Land Act (Wind-an-Land -Gesetz) |
Bepaling in de rechtshandeling betreffende de inwerkingtreding van de rechtshandeling |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2023 |
De Wind Energy on Land Act (Wind-an-Land -Gesetz) is in werking getreden. |
|
137 |
Hervorming 7.1.5: Wet op de windenergie op zee |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Wet inzake windenergie op zee (Wind-auf-See-Gesetz) |
Bepaling in de rechtshandeling betreffende de inwerkingtreding van de rechtshandeling |
— |
— |
— |
KWARTAAL 1 |
2023 |
De windenergiewet (Wind-auf-See-Gesetz)is in werking getreden. |
Geraamde totale kosten van het herstel- en veerkrachtplan
De totale kosten van het herstel- en veerkrachtplan van Duitsland, met inbegrip van het REPowerEU-hoofdstuk, worden geraamd op 31 081 926 119 EUR. De totale kosten van het REPowerEU-hoofdstuk van Duitsland worden geraamd op 2 444 838 528 EUR.
DEEL 2: FINANCIËLE ONDERSTEUNING
Financiële tegenprestatie
De in artikel 2, lid 2, bedoelde tranches worden als volgt georganiseerd:
Eerste tranche (niet-terugbetaalbare steun):
|
Volgnummer |
Begeleidende maatregel (Hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
|
1 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Mijlpaal |
Voltooiing van de procedure voor het indienen van blijken van belangstelling |
|
7 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van het financieringsrichtsnoer (Förderrichtlinie)voor decarbonisatie in de industrie |
|
11 |
1.1.3 proefregeling voor klimaatactiecontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen |
Mijlpaal |
Voltooiing van de procedure voor blijken van belangstelling voor klimaatveranderingscontracten |
|
14 |
1.1.4 projectgerelateerd onderzoek naar klimaatbescherming |
Doel |
Goedkeuring van steunaanvragen voor klimaatgerelateerde onderzoeksprojecten |
|
17 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Mijlpaal |
Publicatie van de wedstrijd “Idea Competition“Hydrogen Republic Germany” (Förderaufruf zum Ideenwettbewerb “Wasserstoffrepublik Deutschland”) |
|
22 |
1.2.1 steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
|
25 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
|
29 |
1.2.3 steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark |
Doel |
Steun voor de aankoop van 240 000 elektrische voertuigen |
|
31 |
1.2.4 verlenging van de initiële registratieperiode voor de toekenning van de tienjarige belastingvrijstelling voor zuiver elektrische voertuigen |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Zevende Wijzigingswet op de motorrijtuigenbelasting |
|
33 |
1.2.5 steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving |
Mijlpaal |
Publicatie van financieringsrichtsnoeren |
|
36 |
1.2.6 steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren |
|
39 |
1.2.7 bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de wijziging tot uitbreiding van de bestaande ondersteunende richtsnoeren(Förderrichtlinien) van het nationale programma voor innovatie op het gebied van technologie op het gebied van waterstof en brandstofcellen (of, indien niet voldoende gedekt door bestaande ondersteunende richtsnoeren, inwerkingtreding van nieuwe ondersteunende richtsnoeren) |
|
42 |
1.3.1 steunprogramma voor de ontwikkeling van een klimaatvriendelijke houtbouwsector |
Mijlpaal |
Financieringsrichtsnoeren voor de bevordering van klimaatvriendelijke houtbouw |
|
46 |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Mijlpaal |
Financieringsrichtsnoeren ter ondersteuning van energie-efficiënte renovatie van gebouwen |
|
52 |
2.1.2 IPCEI Microelektronica en connectiviteit |
Mijlpaal |
Ontwerp van de inhoud van het geplande IPCEI |
|
59 |
2.2.1 investeringsprogramma voertuigfabrikanten/leveranciers |
Mijlpaal |
Publicatie van alle financieringsrichtsnoeren |
|
62 |
2.2.2 federaal programma “Bouwen aan verdere CET-netwerken” |
Mijlpaal |
Publicatie van de financieringsrichtsnoeren |
|
65 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Doel |
Start van onderzoeksprojecten |
|
70 |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van “Digital Rail Germany” te versnellen |
Mijlpaal |
Ondertekening van de financieringsovereenkomst voor het “fast track” -programma tussen de federale regering en Deutsche Bahn |
|
71 |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van “Digital Rail Germany” te versnellen |
Mijlpaal |
Tussentijds verslag over de uitvoering |
|
72 |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van “Digital Rail Germany” te versnellen |
Doel |
Succesvolle afronding van proefprojecten |
|
73 |
Investeringsprogramma 3.1.1 voor lerarenapparatuur |
Mijlpaal |
Administratieve overeenkomst |
|
79 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de eerste financieringsrichtsnoeren en aanbesteding voor een projectuitvoerend agentschap voor het gehele programma |
|
83 |
3.1.4 modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten |
Mijlpaal |
Projectcontract ondertekend |
|
86 |
Investeringsprogramma 4.1.1 “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang” |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de wet op de financiering van kinderopvang en de federale wet inzake financiële bijstand en van de uitvoeringsverordeningen op het niveau van de deelstaten |
|
89 |
4.1.2 sociale garantie 2021 |
Mijlpaal |
Verificatie van het gemiddelde percentage socialezekerheidsbijdragen voor het jaar 2021 |
|
90 |
4.1.3 ondersteuning van leerlingplaatsen |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de herziene financieringsrichtsnoeren voor het federale programma Ausbildungsplätze sichern |
|
93 |
4.1.4 onderwijsondersteuning voor leerlingen met een leerachterstand |
Mijlpaal |
Overeenkomst tussen de federale regering en de deelstaten om leerondersteuning te bieden aan lerenden met een achterstand op het gebied van leren tijdens de pandemie. |
|
95 |
Digitaal pensioenoverzicht 4.1.5 |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de wet inzake digitaal pensioenoverzicht |
|
98 |
5.1.1 versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst |
Doel |
Uitgebreid nationaal gebruik van het Duitse elektronische meldings- en informatiesysteem voor infectiebescherming (Deutsches Elektronisches Melde- und Informationssystem für den Infektionsschutz, DEMIS) |
|
104 |
Speciaal programma 5.1.3 om het onderzoek naar en de ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2 te versnellen |
Mijlpaal |
Goedkeuring van een eerste vaccin tegen SARS-CoV-2 door de regelgevende autoriteit |
|
108 |
6.1.1 Europees identiteitsecosysteem |
Doel |
Start van een proefproject voor digitale hotelcheck-in |
|
111 |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Voltooiing van individuele overeenkomsten tussen het hoofdbestuur en de leidende federale staat (Bundesland) |
|
112 |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Go-Lives of Online Access Act Service bundles (Onlinezugangsgesetz-Leistungen) |
|
117 |
6.2.1 gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt |
Mijlpaal |
Eerste voortgangsverslag voor de Conferentie van minister-voorzitters (MPK) |
|
128 |
6.2.3.1 versnelling van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Wet Versnelling van investeringen, de Planning Acceleration Act III en de maatregel-act-preparator-wet |
|
Termijnbedrag |
EUR 4 344 763 676 |
||
Tweede tranche (niet-terugbetaalbare steun):
|
Volgnummer |
Begeleidende maatregel (Hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
|
2 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Mijlpaal |
Uitvaardiging van eerste subsidiebesluiten |
|
12 |
1.1.3 proefregeling voor klimaatactiecontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen |
Mijlpaal |
Financieringsrichtsnoer (Förderrichtlinie)voor een proefprogramma inzake klimaatveranderingscontracten op basis van het beginsel van koolstofcontracten ter verrekening van verschillen |
|
18 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Uitvaardiging van subsidiebesluiten |
|
26 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Doel |
Vastlegging van middelen |
|
30 |
1.2.3 steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark |
Doel |
Steun voor de aankoop van nog eens 320 000 elektrische voertuigen |
|
43 |
1.3.1 steunprogramma voor de ontwikkeling van een klimaatvriendelijke houtbouwsector |
Doel |
Goedkeuring van projecten in verband met de ontwikkeling van klimaatvriendelijke houtbouw |
|
49 |
2.1.1 innovatief gegevensbeleid voor Duitsland |
Mijlpaal |
Begin van het project: |
|
53 |
2.1.2 IPCEI Microelektronica en connectiviteit |
Doel |
Start van de eerste projecten |
|
55 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Mijlpaal |
Start van projecten op het gebied van onderzoek, ontwikkeling en innovatie |
|
63 |
2.2.2 federaal programma “Bouwen aan verdere CET-netwerken” |
Doel |
Actieve deelname van extra ondernemingen aan CET-netwerken |
|
72A |
2.2.4 bevordering van de digitalisering van de spoorwegen door conventionele interlock-/versnelde programma’s te vervangen om de uitrol van “Digital Rail Germany” te versnellen |
Doel |
Succesvolle afronding van proefprojecten |
|
74 |
Investeringsprogramma 3.1.1 voor lerarenapparatuur |
Doel |
Uitbetaling van ten minste 475 000 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
|
76 |
3.1.2 onderwijsplatform |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de financieringsrichtsnoeren voor prototypes van onderwijsplatforms en aanbestedingen |
|
80 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Doel |
Goedkeuring van ten minste 45 onderzoeksprojecten |
|
81 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van drie aanvullende financieringsrichtsnoeren |
|
84 |
3.1.4 modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten |
Doel |
Analyse van onderwijsinstellingen en vaststelling van hun IT-behoeften |
|
91 |
4.1.3 ondersteuning van leerlingplaatsen |
Doel |
Uitstroom van steun voor het federale programma Ausbildungsplätze sichern |
|
92 |
4.1.3 ondersteuning van leerlingplaatsen |
Doel |
Toekenningsbesluiten op aanvragen voor het federale programma Ausbildungsplätze sichern |
|
94 |
4.1.4 onderwijsondersteuning voor leerlingen met een leerachterstand |
Doel |
1 000 000 leerlingen hebben leerondersteuning gekregen |
|
101 |
5.1.2 programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen |
Doel |
Bij de federale dienst voor sociale zekerheid ingediende aanvragen voor ten minste 2 700 000 000 EUR |
|
106 |
Speciaal programma 5.1.3 om het onderzoek naar en de ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2 te versnellen |
Doel |
Uitbetaling van ten minste 561 450 000 EUR voor vaccinonderzoek dat door dit speciale programma wordt ondersteund |
|
107 |
Speciaal programma 5.1.3 om het onderzoek naar en de ontwikkeling van dringend noodzakelijke vaccins tegen SARS-CoV-2 te versnellen |
Mijlpaal |
Einde van programma |
|
113 |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Grootschalige digitalisering van administratieve diensten |
|
118 |
6.2.1 gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt |
Mijlpaal |
Tweede voortgangsverslag voor de Conferentie van minister-voorzitters |
|
120 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Mijlpaal |
Start van PD-adviesdiensten voor geselecteerde financieringsprogramma’s |
|
125 |
6.2.2.2 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: IT-adviesverlening op school |
Doel |
Uitrol en proefprojecten op het gebied van IT op school |
|
Termijnbedrag |
EUR 7 522 077 413 |
||
Derde tranche (niet-terugbetaalbare steun):
|
Volgnummer |
Begeleidende maatregel (Hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
|
3 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Doel |
Vastlegging van ten minste 500 000 000 EUR |
|
21A |
1.1.6 federale steun voor efficiënte warmtenetten |
Doel |
Ondertekening van subsidiebesluiten |
|
24 |
1.2.1 steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur |
Doel |
Uitbreiding van oplaadpunten in woongebouwen |
|
27 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Doel |
Uitbreiding van gemeentelijke en commerciële e-mobiliteitsvloten |
|
28 |
1.2.2 financiering voor de ontwikkeling van elektromobiliteit |
Doel |
Voltooiing van voorlopige ontwerpen voor elektromobiliteit |
|
44 |
1.3.2 gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie |
Doel |
Goedkeuring van “levende laboratoria” -projecten |
|
60 |
2.2.1 investeringsprogramma voertuigfabrikanten/leveranciers |
Doel |
Goedkeuring van projecten |
|
66 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Mijlpaal |
Verslag over de resultaten van onderzoek en overdracht |
|
67 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Doel |
Voortzetting van projecten |
|
77 |
3.1.2 onderwijsplatform |
Mijlpaal |
Lancering van de bèta-versie van het onderwijsplatform |
|
87 |
Investeringsprogramma 4.1.1 “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang” |
Mijlpaal |
Publicatie van het tussentijds verslag in overeenstemming met KitaFinHG |
|
96 |
Digitaal pensioenoverzicht 4.1.5 |
Mijlpaal |
Voltooiing van de ontwikkelings- en eerste operationele fase |
|
99 |
5.1.1 versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst |
Doel |
Vooruitgang van de volksgezondheidsbureaus op weg naar digitale maturiteit |
|
114 |
6.1.3 digitalisering van de administratie/modernisering van registers |
Mijlpaal |
Voltooiing van proefprojecten voor het testen van proefregisters |
|
136 |
WAARDE 7.1.4: Wet inzake windenergie op land |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Wind Energy on Land Act |
|
137 |
WAARDE 7.1.5: Wet op de windenergie op zee |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de Wet op de windenergie op zee |
|
Termijnbedrag |
EUR 7 059 109 790 |
||
Vierde tranche (niet-terugbetaalbare steun):
|
Volgnummer |
Begeleidende maatregel (Hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
|
8 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Doel |
Uitvaardiging van subsidiebesluiten |
|
21 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Inzet voor vlaggenschipprojecten op het gebied van onderzoek en innovatie |
|
21B |
1.1.6 federale steun voor efficiënte warmtenetten |
Doel |
Voltooiing van haalbaarheidsstudies en transformatieplannen |
|
30A |
1.2.3 steun voor de vervanging van het particuliere wagenpark |
Doel |
Steun voor de aankoop en leasing van 399 450 elektrische voertuigen |
|
37 |
1.2.6 steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving |
Doel |
Goedkeuring van aanvragen |
|
47 |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Voltooiing van energie-efficiënte renovaties van 10 000 wooneenheden |
|
48B |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Voltooiing van individuele renovatiemaatregelen |
|
56 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Mijlpaal |
Voltooiing van projecten op het gebied van onderzoek en ontwikkeling en lancering van grootschalige proefprojecten voor gebruiksgevallen |
|
64 |
2.2.2 federaal programma “Bouwen aan verdere CET-netwerken” |
Doel |
Herziening of herontwerp van opleidingsmaatregelen of ondermodules naar aanleiding van de werkzaamheden van de CET-netwerken |
|
78 |
3.1.2 onderwijsplatform |
Mijlpaal |
Eindevaluatieverslag met een besluit over de toekomst van het onderwijsplatform |
|
102 |
5.1.2 programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen |
Doel |
Verhoging van de digitale maturiteit van ten minste 35 % van de ziekenhuizen |
|
109 |
6.1.1 Europees identiteitsecosysteem |
Doel |
Voltooiing van aanvullende door de overheid ondersteunde aanvraagdossiers naast de check-in van het proefhotel |
|
113A |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Doel |
Uitrol van de diensten van de deelstaten tot landelijke dekking |
|
113B |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Mijlpaal |
Ontwikkeling van normen voor IT-componenten van de diensten van de deelstaten |
|
119 |
6.2.1 gezamenlijk programma van de federale regering en de deelstaten voor een efficiënt bestuur dat burgers en bedrijven ten goede komt |
Doel |
Voltooiing van de maatregelen in het voortgangsverslag |
|
121 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Doel |
Uitgevoerde raadplegingen |
|
122 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Doel |
Concepten voor de herziening van financieringsprogramma’s ontwikkeld |
|
126 |
6.2.2.2 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: IT-adviesverlening op school |
Mijlpaal |
Ontwikkeling van modelconcepten |
|
127 |
6.2.2.2 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: IT-adviesverlening op school |
Doel |
IT-adviesprojecten voor scholen |
|
131 |
WAARDE 7.1.2: Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen |
Doel |
Tussentijdse doelstelling voor de registratie van emissievrije voertuigen |
|
Termijnbedrag |
EUR 4 953 033 425 |
||
Vijfde tranche (niet-terugbetaalbare steun):
|
Volgnummer |
Begeleidende maatregel (Hervorming of investering) |
Mijlpaal/Doelstelling |
Naam |
|
5 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Doel |
Vastlegging van 1 500 000 000 EUR |
|
6 |
1.1.1 waterstofprojecten in het kader van IPCEI’s |
Doel |
Totstandbrenging van een elektrolysecapaciteit van ten minste 300 MW |
|
9 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
|
10 |
1.1.2 steunprogramma voor decarbonisatie in de industrie |
Doel |
Verslagen over de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in de industrie |
|
15 |
1.1.4 projectgerelateerd onderzoek naar klimaatbescherming |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
|
16 |
1.1.4 projectgerelateerd onderzoek naar klimaatbescherming |
Doel |
Voltooiing van ondersteunde klimaatgerelateerde onderzoeksprojecten |
|
19 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Voltooiing van de ondersteunde projecten |
|
20 |
1.1.5 vlaggenschipprojecten voor onderzoek en innovatie in het kader van de nationale waterstofstrategie |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
|
21C |
1.1.6 federale steun voor efficiënte warmtenetten |
Doel |
Uitbetaling aan de ondersteunde projecten |
|
23 |
1.2.1 steun voor de aanleg van oplaadinfrastructuur |
Doel |
Uitbreiding van het openbaar oplaadnetwerk voor elektrische voertuigen |
|
32 |
1.2.4 verlenging van de initiële registratieperiode voor de toekenning van de tienjarige belastingvrijstelling voor zuiver elektrische voertuigen |
Mijlpaal |
Evaluatie van de maatregel |
|
34 |
1.2.5 steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving |
Doel |
Goedkeuring van aanvragen |
|
35 |
1.2.5 steun voor de aankoop van bussen met alternatieve aandrijving |
Doel |
Bestellingen van bussen met alternatieve aandrijving |
|
38 |
1.2.6 steun ter bevordering van alternatieve spoorwegaandrijving |
Doel |
Volgorde van spoorvoertuigen met alternatieve aandrijving |
|
40 |
1.2.7 bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer |
Doel |
Goedkeuring van projecten voor de voertuig- en leveranciersindustrie voor waterstof- en brandstofceltoepassingen in het vervoer |
|
41 |
1.2.7 bevordering van de sectoren die betrokken zijn bij toepassingen op het gebied van waterstof en brandstofcellen in het vervoer |
Mijlpaal |
Oprichting van een technologie- en innovatiecentrum voor waterstoftechnologie |
|
45 |
1.3.2 gemeentelijke levende laboratoria voor de energietransitie |
Doel |
Voltooiing van stadswijkprojecten |
|
48 |
1.3.3 renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Voltooiing van energie-efficiënte renovaties van nog eens 30 000 wooneenheden |
|
50 |
2.1.1 innovatief gegevensbeleid voor Duitsland |
Doel |
Ontwikkeling van personele middelen en capaciteiten in federale ministeries |
|
51 |
2.1.1 innovatief gegevensbeleid voor Duitsland |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van ten minste 464 400 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
|
54 |
2.1.2 IPCEI Microelektronica en connectiviteit |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van ten minste 1 275 000 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
|
57 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Doel |
Eerste industriële toepassing van oplossingen die in het kader van de maatregel zijn ontwikkeld. |
|
58 |
2.1.3 IPCEI cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI CIS) |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van ten minste 330 500 000 EUR aan de ondersteunde projecten |
|
61 |
2.2.1 investeringsprogramma voertuigfabrikanten/leveranciers |
Doel |
Succesvolle afronding van projecten |
|
68 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Doel |
Uitvoering van de begroting — uitbetaling van 700 000 000 EUR aan de ondersteunde |
|
69 |
2.2.3 Centrum voor onderzoek op het gebied van digitalisering en technologie van de Bundeswehr |
Mijlpaal |
Verslag over de resultaten van onderzoek en overdracht |
|
75 |
Investeringsprogramma 3.1.1 voor lerarenapparatuur |
Mijlpaal |
Evaluatie van veranderingen in de digitale infrastructuur en het gebruik van digitale media op scholen |
|
82 |
3.1.3 onderwijscentra voor uitmuntendheid |
Doel |
Afronding van onderzoeksprojecten |
|
85 |
3.1.4 modernisering van de onderwijs- en opleidingsfaciliteiten van de federale strijdkrachten |
Doel |
Voltooiing van de modernisering van de 60 onderwijsinstellingen |
|
88 |
Investeringsprogramma 4.1.1 “Childcare-financing” 2020/21: speciaal fonds “Uitbreiding kinderdagopvang” |
Doel |
Eindverslag over het totale aantal nieuw gefinancierde kinderopvangplaatsen in overeenstemming met de KitaFinHG |
|
97 |
Digitaal pensioenoverzicht 4.1.5 |
Mijlpaal |
Voltooiing van de uitvoering van verbeteringen die zijn afgeleid uit de praktische ervaring tijdens de eerste operationele fase |
|
100 |
5.1.1 versterking van de digitale en technische middelen van de openbare gezondheidsdienst |
Doel |
Vooruitgang van de volksgezondheidsbureaus op weg naar digitale maturiteit |
|
103 |
5.1.2 programma voor toekomstbestendige ziekenhuizen |
Doel |
Verhoging van de digitale maturiteit met ten minste twee niveaus in i) ten minste twee categorieën van ten minste 80 % en ii) in ten minste drie categorieën van ten minste 60 % van de ziekenhuizen |
|
110 |
6.1.1 Europees identiteitsecosysteem |
Doel |
Verstrekking van aanvullende toepassingsgevallen naast de proefprojecten met weinig of geen overheidssteun voor de uitvoering ervan |
|
113C |
6.1.2 digitalisering van het bestuur — Uitvoering van de wet inzake onlinetoegang (OZG) |
Mijlpaal |
Inwerkingtreding van de verordening inzake normen voor onlinetoegang tot administratieve diensten |
|
115 |
6.1.3 digitalisering van de administratie — modernisering van registers |
Mijlpaal |
Voltooiing van de uitvoering van de uniforme architectuur voor de bevordering van het eenmaligheidsbeginsel |
|
116 |
6.1.3 digitalisering van de administratie — modernisering van registers |
Doel |
Prioritaire verbinding van gebruikersregisters met de eenmaligheidsdoelarchitectuur |
|
123 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Mijlpaal |
Verspreiding van informatie over geleerde lessen |
|
124 |
6.2.2.1 uitbreiding van de adviesdiensten van PD: Doeltreffend beheer van de financieringssteun |
Doel |
Uitgevoerde raadplegingen |
|
129 |
6.2.3.1 versnelling van de plannings- en goedkeuringsprocedures in de vervoerssector |
Mijlpaal |
Evaluatie van wetswijzigingen |
|
130 |
7.1.1 (opschaling): Renovatie van gebouwen: federale financiering voor energie-efficiënte gebouwen |
Doel |
Opgeschaald eindstreefcijfer voor voltooide individuele renovatiemaatregelen |
|
132 |
WAARDE 7.1.2: Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen |
Doel |
Einddoelstelling voor de registratie van emissievrije voertuigen |
|
133 |
WAARDE 7.1.2: Steunprogramma voor emissievrij vervoer met lichte en zware bedrijfsvoertuigen |
Doel |
Ingebruikneming van laadstations |
|
134 |
WAARDE 7.1.3: Digitaal eind-tot-eindplatform om de planning en goedkeuring te versnellen |
Mijlpaal |
Start van het project |
|
135 |
WAARDE 7.1.3: Digitaal eind-tot-eindplatform om de planning en goedkeuring te versnellen |
Mijlpaal |
Lancering van een eenmaligheidsplatform voor vergunningen |
|
Termijnbedrag |
EUR 6 445 680 778 |
||
DEEL 3: AANVULLENDE REGELINGEN
Regelingen voor monitoring en uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan
Het toezicht op en de uitvoering van het herstel- en veerkrachtplan van Duitsland vinden plaats overeenkomstig de volgende regelingen:
Een coördinatie-eenheid binnen het Bondsministerie van Financiën houdt toezicht op de uitvoering van het Duitse herstel- en veerkrachtplan. De eenheid coördineert de monitoring van en verslaglegging over de vooruitgang met betrekking tot mijlpalen en streefdoelen en relevante indicatoren, voert kwalitatieve controles uit op alle financiële gegevens en dient betalingsverzoeken in. De coördinatie-eenheid is voorts verantwoordelijk voor het vroegtijdig opsporen en corrigeren van eventuele ongewenste ontwikkelingen. Het fungeert ook als coördinerende instantie voor het toezicht op en de uitvoering van de audit- en controlemaatregelen.
De coördinerende functie van de eenheid is gebaseerd op bestaande nationale mechanismen en regelingen. De relevante nationale wettelijke bepalingen en het nationale mechanisme voor toezicht en controle worden toegepast, met inbegrip van de bijbehorende rapportageverplichtingen. De uitbetaling van middelen voor de maatregelen in het plan voor herstel en veerkracht aan de eindontvangers geschiedt overeenkomstig de rechtsgrondslag van de algemene financieringsrichtsnoeren (Förderrichtlinie)voor de respectieve maatregel overeenkomstig de algemene administratieve voorschriften, en op basis van individuele financieringsbesluiten (administratieve besluiten) ten gunste van de eindontvangers.
De coördinatie-eenheid bestaat uit een team van economen en budgettaire en controlerende deskundigen met relevante ervaring en specialistische kennis. Indien nodig wordt een beroep gedaan op specialistische expertise van andere eenheden van het federale ministerie van Financiën of van andere vakministeries. Het mandaat van de coördinerende eenheid is vastgelegd in het bedrijfsplan van het federale ministerie van Financiën.
Regelingen voor volledige toegang door de Commissie tot de onderliggende gegevens
Het Bondsministerie van Financiën is als centraal coördinerend orgaan voor het Duitse herstel- en veerkrachtplan en de uitvoering ervan verantwoordelijk voor de algemene coördinatie en monitoring van het plan. Het fungeert met name als coördinerend orgaan voor het monitoren van de vooruitgang met betrekking tot mijlpalen en streefdoelen, voor monitoring en, in voorkomend geval, voor de uitvoering van controle- en auditactiviteiten, en voor het verstrekken van verslaglegging en betalingsverzoeken. Het coördineert de rapportage van mijlpalen en streefdoelen, relevante indicatoren, maar ook kwalitatieve financiële informatie en andere gegevens, zoals over eindontvangers. De gegevenscodering vindt plaats in gedecentraliseerde IT-systemen in verschillende ministeries, die verplicht zijn de vereiste gegevens te rapporteren aan het federale ministerie van Financiën.
Overeenkomstig artikel 24, lid 2, van Verordening (EU) 2021/241 dient Duitsland, na voltooiing van de desbetreffende overeengekomen mijlpalen en streefdoelen in afdeling 2.1 van deze bijlage, bij de Commissie een naar behoren gemotiveerd verzoek tot betaling van de financiële bijdrage in. Duitsland zorgt ervoor dat de Commissie op verzoek volledige toegang heeft tot de relevante onderliggende gegevens die de deugdelijke motivering van het betalingsverzoek staven, zowel voor de beoordeling van het betalingsverzoek overeenkomstig artikel 24, lid 3, van Verordening (EU) 2021/241 als voor audit- en controledoeleinden.