Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dit fonds en tot vaststelling van het maximum voor 2027, het jaarlijkse bedrag voor 2026, het bedrag van de eerste tranche voor 2026 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dit fonds en tot vaststelling van het maximum voor 2027, het jaarlijkse bedrag voor 2026, het bedrag van de eerste tranche voor 2026 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029
BESLUIT VAN DE RAAD
Brussel, 2.10.2025 |
COM(2025) 569 final |
2025/0306(NLE) |
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dit fonds en tot vaststelling van het maximum voor 2027, het jaarlijkse bedrag voor 2026, het bedrag van de eerste tranche voor 2026 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029 |
TOELICHTING
Het voorstel heeft betrekking op:
het maximumbedrag van de bijdragen voor 2027;
het jaarlijkse bedrag van de bijdragen voor 2026;
het bedrag van de eerste tranche van de bijdrage voor 2026;
de niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bijdragen voor de jaren 2028 en 2029.
Voor het 11e EOF en de andere EOF-fondsen die nog lopen (het 9e en 10e EOF) geldt de volgende regelgeving:
het Intern Akkoord tussen de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de financiering van de steun van de Europese Unie binnen het meerjarig financieel kader voor de periode 2014-2020, overeenkomstig de ACS-EU-Partnerschapsovereenkomst, en betreffende de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing zijn 1 (1) (hierna “het Intern Akkoord van het 11e EOF” genoemd);
Verordening (EU) 2018/1877 van de Raad inzake het Financieel Reglement van toepassing op het 11e Europees Ontwikkelingsfonds 2 (2) (hierna “Financieel Reglement van het 11e EOF” genoemd);
Besluit (EU) 2020/2233 van de Raad betreffende de vastlegging van de middelen die afkomstig zijn van gelden die terugvloeien in het kader van de ACS-investeringsfaciliteit van operaties uit hoofde van het 9e, 10e en 11e Europees Ontwikkelingsfonds 3 (3);
Besluit (EU) 2022/1223 van de Raad inzake de toewijzing van vrijgemaakte middelen van projecten in het kader van het 10e en 11e Europees Ontwikkelingsfonds teneinde acties te financieren voor het aanpakken van de voedselzekerheidscrisis en de economische schok in landen in Afrika, het Caribisch Gebied en de Stille Oceaan (ACS-landen) ten gevolge van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne 4 (4).
In de in de punten a) tot en met d) vermelde documenten zijn meerjarige verbintenissen van de partijen vervat om de thesaurie van het EOF te financieren. Het Financieel Reglement van het 11e EOF zorgt ervoor dat de partijen op regelmatige basis bijdragen aan de thesaurie van het EOF overeenkomstig vooraf vastgestelde financiële verbintenissen. Regelmatige bijdragen komen er op basis van technische besluiten van de Raad betreffende de uitvoering van eerder besloten financiële vastleggingen.
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Overeenkomstig artikel 19, lid 2, van het Financieel Reglement van het 11e EOF neemt de Raad uiterlijk op 15 november 2025 een besluit over dit voorstel.
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
2025/0306 (NLE) |
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dit fonds en tot vaststelling van het maximum voor 2027, het jaarlijkse bedrag voor 2026, het bedrag van de eerste tranche voor 2026 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029 |
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
BESLUIT VAN DE RAAD
betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dit fonds en tot vaststelling van het maximum voor 2027, het jaarlijkse bedrag voor 2026, het bedrag van de eerste tranche voor 2026 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029
Gezien het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien het Intern Akkoord tussen de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de financiering van de steun van de Europese Unie binnen het meerjarig financieel kader voor de periode 2014-2020, overeenkomstig de ACS-EU-partnerschapsovereenkomst, en betreffende de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing zijn 5(1), en met name artikel 7, lid 2, in samenhang met artikel 14, lid 3,
Gezien Verordening (EU) 2018/1877 van de Raad van 26 november 2018 inzake het financieel reglement van toepassing op het 11e Europees Ontwikkelingsfonds, en tot intrekking van Verordening (EU) 2015/323 6(2), en met name artikel 19, lid 2,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
Overeenkomstig artikel 1 van het Intern Akkoord tussen de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten van de Europese Unie wordt de verdeelsleutel voor elke EOF-partij bij het Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) vastgesteld 7 (3).
Overeenkomstig artikel 46 van Verordening (EU) 2018/1877 van de Raad moet de Europese Investeringsbank (EIB) de Commissie haar geactualiseerde vastleggings- en betalingsramingen betreffende de door haar beheerde instrumenten doen toekomen.
Overeenkomstig artikel 19, lid 2, van Verordening (EU) 2018/1877 van de Raad dient de Commissie uiterlijk op 15 oktober 2025 een voorstel in tot vaststelling van het maximum voor het bedrag van de bijdrage voor 2027, het jaarlijkse bedrag van de bijdrage voor 2026, het bedrag van de eerste tranche van de bijdrage voor 2026, en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029.
Op grond van artikel 20, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1877 van de Raad moeten bij de verzoeken om bijdragen eerst in chronologische volgorde de bedragen voor voorgaande Europese Ontwikkelingsfondsen (hierna “EOF’s” genoemd) worden opgebruikt. Daarom moet een verzoek om bijdragen op grond van Verordening (EU) 2018/1877 voor de EIB en voor de Commissie worden gedaan.
Op grond van artikel 152 van het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (het “terugtrekkingsakkoord”) blijft het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (het “Verenigd Koninkrijk”) partij bij het EOF tot de afsluiting van het 11e EOF en alle voorgaande EOF’s die nog niet zijn afgesloten. Op grond van artikel 153 van het terugtrekkingsakkoord wordt het aandeel van het Verenigd Koninkrijk in vrijgemaakte middelen voor projecten in het kader van het 11e EOF, wanneer deze na 31 december 2020 zijn vrijgemaakt, of van voorgaande EOF’s, echter niet hergebruikt.
Bij Besluit (EU) 2024/2906 van de Raad 8 (4) is het maximum voor het jaarlijkse bedrag van de bijdrage van de partijen aan het EOF voor 2026 vastgesteld op 700 000 000 EUR voor enkel de Commissie, aangezien de EIB haar aandeel voor het 11e EOF in 2025 heeft afgeroepen.
Opdat de maatregelen waarin dit besluit voorziet, snel kunnen worden toegepast, moet dit besluit in werking treden op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het maximum voor het jaarlijkse bedrag van de door de partijen te betalen bijdragen aan het Europees Ontwikkelingsfonds voor 2027 wordt vastgesteld op 460 000 000 EUR voor de Commissie.
Artikel 2
Het jaarlijkse bedrag van de door de partijen te betalen bijdragen aan het Europees Ontwikkelingsfonds voor 2026 wordt vastgesteld op 700 000 000 EUR voor de Commissie.
Artikel 3
Het bedrag van de bijdragen die de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds als eerste tranche voor 2026 moeten betalen, wordt vastgesteld op 300 000 000 EUR.
Artikel 4
Een bedrag van 1 200 000 EUR uit niet-vastgelegde of vrijgemaakte middelen voor projecten in het kader van het 9e EOF wordt in mindering gebracht op de betalingen voor de in artikel 3 vermelde eerste tranche voor 2026.
Artikel 5
De indicatieve niet-bindende prognose voor het verwachte jaarlijkse bedrag van de bijdragen voor 2028 wordt vastgesteld op 400 000 000 EUR voor de Commissie. De indicatieve niet-bindende prognose voor het verwachte jaarlijkse bedrag van de bijdragen voor 2029 wordt vastgesteld op 300 000 000 EUR voor de Commissie.
Artikel 6
Dit besluit treedt in werking op de datum van bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel,
BIJLAGE bij het voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dit fonds en tot vaststelling van het maximum voor 2027, het jaarlijkse bedrag voor 2026, het bedrag van de eerste tranche voor 2026 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2028 en 2029
Brussel, 2.10.2025 |
COM(2025) 569 final |
Bijlage
Eerste tranche van de EOF-bijdragen voor 2026 (EUR) aan de Commissie*
|
LIDSTATEN & VK |
Verdeelsleutel 9e EOF (%) |
Verdeelsleutel 11e EOF (%) |
Bijdrage 11e EOF |
Terugbetaling 9e EOF (%) |
11e EOF minus de terugbetaling uit het 9e EOF |
|
BELGIË |
3,92 |
3,24927 |
9 747 810 |
47 040 |
9 700 770 |
|
BULGARIJE |
|
0,21853 |
655 590 |
|
655 590 |
|
TSJECHIË |
|
0,79745 |
2 392 350 |
|
2 392 350 |
|
DENEMARKEN |
2,14 |
1,98045 |
5 941 350 |
25 680 |
5 915 670 |
|
DUITSLAND |
23,36 |
20,57980 |
61 739 400 |
280 320 |
61 459 080 |
|
ESTLAND |
|
0,08635 |
259 050 |
|
259 050 |
|
IERLAND |
0,62 |
0,94006 |
2 820 180 |
7 440 |
2 812 740 |
|
GRIEKENLAND |
1,25 |
1,50735 |
4 522 050 |
15 000 |
4 507 050 |
|
SPANJE |
5,84 |
7,93248 |
23 797 440 |
70 080 |
23 727 360 |
|
FRANKRIJK |
24,30 |
17,81269 |
53 438 070 |
291 600 |
53 146 470 |
|
KROATIË |
|
0,22518 |
675 540 |
|
675 540 |
|
ITALIË |
12,54 |
12,53009 |
37 590 270 |
150 480 |
37 439 790 |
|
LETLAND |
|
0,11612 |
348 360 |
|
348 360 |
|
LITOUWEN |
|
0,18077 |
542 310 |
|
542 310 |
|
LUXEMBURG |
0,29 |
0,25509 |
765 270 |
3 480 |
761 790 |
|
HONGARIJE |
|
0,61456 |
1 843 680 |
|
1 843 680 |
|
MALTA |
|
0,03801 |
114 030 |
|
114 030 |
|
NEDERLAND |
5,22 |
4,77678 |
14 330 340 |
62 640 |
14 267 700 |
|
OOSTENRIJK |
2,65 |
2,39757 |
7 192 710 |
31 800 |
7 160 910 |
|
POLEN |
|
2,00734 |
6 022 020 |
|
6 022 020 |
|
PORTUGAL |
0,97 |
1,19679 |
3 590 370 |
11 640 |
3 578 730 |
|
ROEMENIË |
|
0,71815 |
2 154 450 |
|
2 154 450 |
|
SLOVENIË |
|
0,22452 |
673 560 |
|
673 560 |
|
SLOWAKIJE |
|
0,37616 |
1 128 480 |
|
1 128 480 |
|
FINLAND |
1,48 |
1,50909 |
4 527 270 |
17 760 |
4 509 510 |
|
ZWEDEN |
2,73 |
2,93911 |
8 817 330 |
32 760 |
8 784 570 |
|
VERENIGD KONINKRIJK |
12,69 |
14,67862 |
44 035 860 |
152 280 |
43 883 580 |
|
TOTAAL EU-27 & VK |
100,00 |
100,00 |
300 000 000 |
1 200 000 |
298 800 000 |
* De EIB heeft in 2025 haar aandeel in het 11e EOF volledig afgeroepen.