Hof van Justitie EU 24-11-1955 ECLI:EU:C:1955:13
Hof van Justitie EU 24-11-1955 ECLI:EU:C:1955:13
Gegevens
- Instantie
- Hof van Justitie EU
- Datum uitspraak
- 24 november 1955
Uitspraak
VERZOEK TOT VOEGING
VAN DE REGERING
VAN HET GROOT-HERTOGDOM LUXEMBURG
IN DE GEVOEGDE ZAKEN Nos 8-54 en 10-54
Beschikking van het Hof
van 24 november 1955
Procestaal: Frans
BESCHIKKING VAN HET HOF VAN JUSTITIE
Gezien het op 30 september 1955 door de Luxemburgse Regeling ingediende verzoekschrift tot voeging in de bij het Hof van Justitie hangende gedingen tussen
HOGE AUTORITEIT VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAP VOOR KOLEN EX STAAL
enASSOCIATION DES UTILISATEURS DE CHARBON DU GRAND-DUCHE DE LUXEMBOURG
Gezien de op 24 oktober 1955 door de Hoge Autoriteit — verwerende partij in het hoofdgeding — ingediende schriftelijke opmerkingen en conclusies:
Gezien de op gelijke datum door de „Association des Utilisateurs de Charbon du Grand-Duché de Luxembourg” — eisende partij in het hoofdgeding — ingediende schriftelijke opmerkingen en conclusies:
Partijen gehoord in haar pleidooien;
De Advocaat-Generaal gehoord in zijn conclusies tot toewijzing van het verzoek tot voeging:
Aangezien de eerste alinea van artikel 34 van het Statuut van het Hof van Justitie bepaalt, dat natuurlijke of rechtspersonen, die aantonen, dat zij belang hebben bij de uitspraak in een geschil dat aan het Hof is voorgelegd, in dat geding als gevoegde partij kunnen worden toegelaten;
Aangezien de tweede alinea van bedoeld artikel nader bepaalt, dat de conclusies van het verzoekschrift tot voeging slechts kunnen strekken tot ondersteuning of verwerping van de conclusies van één der partijen;
Aangezien het belang van de Luxemburgse Regering bij de onderhavige voeging niet kan worden betwist noch ook wordt betwist;
Aangezien de conclusies van het verzoekschrift tot voeging slechts strekken tot verwerping van het beroep, ingesteld door de „Association des Utilisateurs de Charbon du Grand-Duché de Luxembourg” en mitsdien voldoen aan de voorschriften van de tweede alinea van artikel 34 van het Statuut;
HET HOF VAN JUSTITIE
samengesteld als volgt:
-
M. Pilotti, Voorzitter
-
L. Delvaux en A. van Kleffens, Voorzitters van respectievelijk de Eerste en de Tweede Kamer
-
P. J. S. Serrarens, O. Riese, J. Rueff en Ch. L. Hammes, Rechters
-
Advocaat-Generaal: K. Roemer
-
Griffier: A. Van Houtte
BESLIST:
Het verzoek van de Luxemburgse Regering tot voeging wordt toegewezen.
Het onderzoek van de in het verzoek tot voeging voorgedragen middelen en uiteenzettingen, alsmede dat van hun ontvankelijkheid wordt tot een deel der behandeling der zaak ten principale gemaakt.
De beslissing ten aanzien van de kosten wordt aangehouden.
Luxemburg, 24 november 1955.
De Griffier,
A. Van houtte
De Voorzitter,
M. Pilotti