Verbod om's nachts te bakken en te bezorgen
-
Op werkdagen mag in de voor het bakken van brood en banket dienende vertrekken 's nachts gedurende de volgende uren niet worden gewerkt:
-
van maandag tot vrijdag van 0 tot 4 uur en van 22 tot 24 uur;
-
Op zaterdag van 22 tot 24 uur.
-
-
In afwijking van lid 1, sub 1, kan op een van deze werkdagen van 0 tot 4 uur worden gewerkt, indien in plaats daarvan op zaterdag tussen 0 en 4 uur niet wordt gewerkt en indien dit onder opgave van de werkdag minstens een maand tevoren aan de volgens het recht van het betrokken „land” bevoegde instantie schriftelijk wordt meegedeeld. Deze werkdag kan op zijn vroegst telkens na afloop van een kalenderjaar door een andere worden vervangen; voor de opgave hiervan is eveneens zin 1 van toepassing.
-
Valt een wettelijke feestdag op een werkdag, dan kan in afwijking van lid 1, sub 1, op de werkdag die voorafgaat aan of volgt op de feestdag van 0 tot 4 uur worden gewerkt. Een werkgever die op de werkdag volgend op de feestdag wil werken, moet dit minstens een maand tevoren aan de volgens het recht van het „Land” bevoegde instantie schriftelijk meedelen.
-
In afwijking van lid 1 mogen in bedrijven met 10 of minder werknemers die rechtstreeks in de produktie werkzaam zijn een persoon boven 18 jaar, in bedrijven met 20 of minder werknemers die rechtstreeks in de produktie werkzaam zijn twee personen boven 18 jaar vanaf 3 uur met voorbereidende werkzaamheden beginnen op de dagen waarop vanaf 4 uur mag worden gewerkt. Voorbereidende werkzaamheden zijn werkzaamheden waarvan de hervatting van de volle produktie vanaf 4 uur arbeidstechnisch afhangt. Als voorbereidende werkzaamheid geldt ook de bereiding van deeg.
-
Van 22 uur 's avonds tot 5 uur 45 's morgens mag niemand brood- of banketwaren bij verbruikers of winkels afgeven, bezorgen of rondbrengen. De bepalingen betreffende de verkoop in winkels van de winkelsluitingswet van 28 november 1956 (Bundesgesetzblatt I, biz. 875), laatstelijk gewijzigd bij de wet houdende vaststelling van de wet inzake overtredingen van 24 mei 1968 (Bundesgesetzblatt I, blz. 503), worden hierdoor niet geraakt.