Home

Arrest van het Gerecht (Zesde kamer) van 19 juli 2016.#Alpha Calcit Füllstoffgesellschaft mbh tegen Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie.#Uniemerk – Nietigheidsprocedure – Uniebeeldmerk CALCILITE – Ouder Uniewoordmerk Calcilit – Relatieve weigeringsgrond – Verwarringsgevaar – Soortgelijke waren – Artikel 8, lid 1, onder b), en artikel 53, lid 1, onder a), van verordening (EG) nr. 207/2009 – Relevant publiek – Gemeenschappelijk publiek voor de betrokken waren.#Zaak T-742/14.

Arrest van het Gerecht (Zesde kamer) van 19 juli 2016.#Alpha Calcit Füllstoffgesellschaft mbh tegen Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie.#Uniemerk – Nietigheidsprocedure – Uniebeeldmerk CALCILITE – Ouder Uniewoordmerk Calcilit – Relatieve weigeringsgrond – Verwarringsgevaar – Soortgelijke waren – Artikel 8, lid 1, onder b), en artikel 53, lid 1, onder a), van verordening (EG) nr. 207/2009 – Relevant publiek – Gemeenschappelijk publiek voor de betrokken waren.#Zaak T-742/14.

Zaak T‑742/14

Alpha Calcit Füllstoffgesellschaft mbH

tegen

Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie

„Uniemerk — Nietigheidsprocedure — Uniebeeldmerk CALCILITE — Ouder Uniewoordmerk Calcilit — Relatieve weigeringsgrond — Verwarringsgevaar — Soortgelijke waren — Artikel 8, lid 1, onder b), en artikel 53, lid 1, onder a), van verordening (EG) nr. 207/2009 — Relevant publiek — Gemeenschappelijk publiek voor de betrokken waren”

Samenvatting – Arrest van het Gerecht (Zesde kamer) van 19 juli 2016

  1. Uniemerk – Afstand, verval en nietigheid – Relatieve nietigheidsgronden – Bestaan van een gelijk of overeenstemmend ouder merk dat is ingeschreven voor dezelfde of soortgelijke waren of diensten – Gevaar voor verwarring met het oudere merk – Beoordelingscriteria

    [Verordening nr. 207/2009 van de Raad, art. 8, lid 1, b), en 53, lid 1, a)]

  2. Uniemerk – Afstand, verval en nietigheid – Relatieve nietigheidsgronden – Bestaan van een gelijk of overeenstemmend ouder merk dat is ingeschreven voor dezelfde of soortgelijke waren of diensten – Gevaar voor verwarring met het oudere merk – Beoordeling van het verwarringsgevaar – Bepaling van het relevante publiek – Aandachtsniveau van het publiek

    [Verordening nr. 207/2009 van de Raad, art. 8, lid 1, b), en 53, lid 1, a)]

  3. Uniemerk – Afstand, verval en nietigheid – Relatieve nietigheidsgronden – Bestaan van een gelijk of overeenstemmend ouder merk dat is ingeschreven voor dezelfde of soortgelijke waren of diensten – Soortgelijkheid van de betrokken waren of diensten – Beoordelingscriteria – Eindproduct – Begrip

    [Verordening nr. 207/2009 van de Raad, art. 8, lid 1, b), en 53, lid 1, a)]

  1. Zie de tekst van de beslissing.

    (cf. punten 41, 42)

  2. Zie de tekst van de beslissing.

    (cf. punten 43, 44)

  3. De kwalificatie van een product als eindproduct sluit niet uit dat het in de industrie als ingrediënt, grondstof of bestanddeel bij de vervaardiging van een ander product wordt gebruikt. Het begrip eindproduct verwijst immers naar een product dat in de handel kan worden gebracht. Het kan dus van toepassing zijn op producten die aan de industrie worden verkocht. Bovendien zij vastgesteld, ook al wordt dit begrip in engere zin gebruikt, om een onderscheid te maken tussen fabricaten en niet-verwerkte grondstoffen, dat een fabricaat een ingrediënt, een grondstof of een bestanddeel van een ander fabricaat kan zijn.

    (cf. punt 51)