Arrest van het Gerecht (Eerste kamer) van 14 maart 2017
Arrest van het Gerecht (Eerste kamer) van 14 maart 2017
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof EU
- Datum uitspraak
- 14 maart 2017
Uitspraak
Arrest van het Gerecht (Eerste kamer) van 14 maart 2017 – Bank Tejarat/Raad
(Zaak T‑346/15)
"„Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid - Beperkende maatregelen ten aanzien van Iran met het oog op de voorkoming van nucleaire proliferatie - Bevriezing van tegoeden - Herplaatsing van verzoeksters naam op de lijsten - Motiveringsplicht - Kennelijk onjuiste beoordeling - Gezag van gewijsde - Misbruik van bevoegdheid - Grondrechten”"
1. Beroep tot nietigverklaringArrest houdende nietigverklaringGevolgenGedeeltelijke nietigverklaring van een verordening of besluit waarbij een bepaalde entiteit wordt opgenomen op de lijst van personen en entiteiten die onder de beperkende maatregelen ten aanzien van Iran vallenVerplichting om een nieuw besluit te nemenOmvangGeen vereiste dat het besluit melding maakt van dezelfde gronden als die van de nietig verklaarde handeling
(Art. 266 VWEU)
(zie punten 23‑25)
2. Beroep tot nietigverklaringArrest houdende nietigverklaringGevolgenVerplichting om maatregelen ter uitvoering vast te stellenOmvangInaanmerkingneming van zowel de rechtsoverwegingen als het dictum van het arrest
(Art. 266 VWEU)
(zie punt 35)
3. Recht van de Europese UnieBeginselenRechten van de verdedigingRecht op effectieve rechterlijke beschermingBeperkende maatregelen tegen IranBevriezing van de tegoeden van personen, entiteiten of lichamen die zich bezighouden met of medewerking verlenen aan nucleaire proliferatieVerplichting om de individuele en specifieke redenen voor de genomen besluiten mee te delenOmvang
(Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, art. 47; verordeningen nrs. 267/2012 en 2015/549 van de Raad; besluit 2015/556/GBVB van de Raad)
(zie punt 43)
4. Handelingen van de instellingenMotiveringVerplichtingOmvangBeperkende maatregelen tegen IranBevriezing van de tegoeden van personen, entiteiten of lichamen die zich bezighouden met of medewerking verlenen aan nucleaire proliferatieMinimumvereisten
(Art. 296 VWEU; verordeningen nrs. 267/2012 en 2015/549 van de Raad; besluit 2015/556/GBVB van de Raad)
(zie punten 53‑55)
5. Beroep tot nietigverklaringMiddelenOntbrekende of ontoereikende motiveringAnder middel dan het middel betreffende de materiële wettigheid
(Art. 263 VWEU en 296 VWEU)
(zie punt 56)
6. Europese UnieRechterlijk toezicht op de rechtmatigheid van de handelingen van de instellingenBeperkende maatregelen tegen IranMaatregelen ter bestrijding van nucleaire proliferatieOmvang van het toezicht
(Art. 275, tweede alinea, VWEU; Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, art. 47; besluit 2015/556/GBVB van de Raad)
(zie punten 81, 82)
7. Gerechtelijke procedureBewijsBewijsstukkenBewijswaardeBeoordeling door de UnierechterCriteria
(Reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie, art. 64; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 85)
(zie punt 84)
8. Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleidBeperkende maatregelen tegen IranBevriezing van de tegoeden van personen, entiteiten of lichamen die zich bezighouden met of medewerking verlenen aan nucleaire proliferatieSteun aan de regering van IranBegrip
(Verordening nr. 267/2012 van de Raad; besluiten 2010/413/GBVB en 2015/556/GBVB van de Raad)
(zie punten 122, 123)
9. Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleidBeperkende maatregelen tegen IranBevriezing van de tegoeden van personen, entiteiten of lichamen die zich bezighouden met of medewerking verlenen aan nucleaire proliferatieVerbod van verkrijging van verboden goederen en technologieën teneinde deze in Iran te gebruikenBegripVerkrijging van essentiële uitrusting of technologie voor sleutelsectoren van de aardolie- en aardgasindustrie in Iran
(verordening nr. 267/2012 van de Raad, art. 8, lid 1, en 23, lid 2)
(zie punt 131)
10. Beroep tot nietigverklaringMiddelenMisbruik van bevoegdheidBegrip
(Art. 263 VWEU)
(zie punt 138)
11. Recht van de Europese UnieBeginselenBeginsel van behoorlijk bestuurZorgvuldigheidsplichtOmvang
(Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, art. 41)
(zie punt 139)
12. Europese UnieGemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleidBeperkende maatregelen tegen IranBevriezing van de tegoeden van personen, entiteiten of lichamen die zich bezighouden met of medewerking verlenen aan nucleaire proliferatieAard van deze maatregelenZuiver bewarende maatregelenOntbreken van strafrechtelijk karakter
(Art. 29 VEU; art. 215, lid 2, VWEU; verordening nr. 267/2012 van de Raad)
(zie punten 142, 143)
13. Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleidBeperkende maatregelen tegen IranBevriezing van de tegoeden van personen, entiteiten of lichamen die zich bezighouden met of medewerking verlenen aan nucleaire proliferatieAantasting van het eigendomsrecht en van de goede naamSchending van het evenredigheidsbeginselGeen schending
(Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, art. 17; verordening nr. 267/2012 van de Raad; besluiten 2010/413/GBVB, 2012/35/GBVB en 2015/556/GBVB)
(zie punten 148‑150, 154‑156, 160)
Voorwerp
Verzoek krachtens artikel 263 VWEU, strekkende tot nietigverklaring van besluit (GBVB) 2015/556 van de Raad van 7 april 2015 tot wijziging van besluit 2010/413/GBVB van de Raad betreffende beperkende maatregelen tegen Iran (PB 2015, L 92, blz. 101), en van verordening (EU) nr. 2015/549 van de Raad van 7 april 2015 tot uitvoering van verordening (EU) nr. 267/2012 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van Iran (PB 2015, L 92, blz. 12), voor zover deze verzoekster betreffen
Dictum
1) Het beroep wordt verworpen.
2) De Bank Tejarat wordt verwezen in de kosten.