Met inachtneming van de algemene beginselen inzake de bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers, kunnen de lidstaten afwijken van de artikelen 3 tot en met 6, 8 en 16, wanneer de duur van de arbeidstijd wegens de bijzondere kenmerken van de verrichte werkzaamheid niet wordt gemeten en/of vooraf bepaald, of door de werknemers zelf kan worden bepaald, en met name wanneer het gaat om:
-
leidinggevend personeel of andere personen met een autonome beslissingsbevoegdheid;
-
arbeidskrachten in gezins- of familieverband;
-
werknemers die in kerken en religieuze gemeenschappen de eredienst verzorgen.