Beschikking van de president van het Gerecht van 13 maart 2020
Beschikking van de president van het Gerecht van 13 maart 2020
Gegevens
- Instantie
- Gerechtshof EU
- Datum uitspraak
- 13 maart 2020
Uitspraak
Beschikking van de president van het Gerecht van 13 maart 2020 –
Helsingin kaupunki/Commissie
(Zaak T‑597/19 R)
"„Kort geding - Staatssteun - Besluit waarbij de steun onverenigbaar met de interne markt wordt verklaard en de terugvordering ervan wordt gelast - Verzoek tot opschorting van de tenuitvoerlegging - Geen spoedeisendheid”"
1. Kort gedingOpschorting van de tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenVoorwaarden voor toekenningFumus boni jurisSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeCumulatieve voorwaardenAfweging van alle betrokken belangenVolgorde van onderzoek en wijze van toetsingBeoordelingsbevoegdheid van de rechter in kort geding
(Art. 256, lid 1, 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 13‑16)
2. Kort gedingOpschorting van de tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenVoorwaarden voor toekenningSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeBewijslastVerplichting om concrete en nauwkeurige aanwijzingen te verstrekken, gestaafd door gedetailleerde documenten
(Art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 19, 23‑27)
Voorwerp
Verzoek krachtens de artikelen 278 en 279 VWEU strekkende tot opschorting van de tenuitvoerlegging van besluit C(2019) 3152 final van de Commissie van 28 juni 2019 betreffende steunmaatregel SA.33846 (2015/C) (ex 2014/NN) (ex 2011/CP) die de Republiek Finland ten uitvoer heeft gelegd met betrekking tot Helsingin Bussiliikenne Oy
Dictum
1) Het verzoek in kort geding wordt afgewezen.
2) De beschikking van 19 september 2019, Helsingin kaupunki/Commissie (T‑597/19 R, niet gepubliceerd), wordt ingetrokken.
3) Op het verzoek tot interventie van Nobina Oy en Nobina AB, en het verzoek tot vertrouwelijke behandeling van Helsingin kaupunki hoeft geen uitspraak te worden gedaan.
4) De beslissing omtrent de kosten wordt aangehouden, met uitzondering van die omtrent de kosten van Nobina Oy en Nobina AB die zelf de kosten van hun verzoek tot interventie in de kortgedingprocedure zullen dragen.