Beschikking van de vicepresident van het Hof van 2 februari 2024
Beschikking van de vicepresident van het Hof van 2 februari 2024
Gegevens
- Instantie
- Hof van Justitie EU
- Datum uitspraak
- 2 februari 2024
Uitspraak
Beschikking van de vicepresident van het Hof van 2 februari 2024 –
Mylan Ireland / Commissie
[zaak C‑604/23 P(R)]
"„Hogere voorziening - Kort geding - Geneesmiddel voor menselijk gebruik - Vergunning voor het in de handel brengen - Verlenging van de beschermingsperiode voor het in de handel brengen - Spoedeisendheid - Geen”"
1. Hogere voorzieningMiddelenOntoereikende motiveringImpliciete motivering door het GerechtToelaatbaarheidVoorwaarden
(Art. 256 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 36 en art. 53, eerste alinea; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 117)
(zie punten 28, 29)
2. Hogere voorzieningMiddelenOntbrekende of ontoereikende motiveringBeschikking van het Gerecht waarbij een verzoek in kort geding wordt afgewezenOntoereikende motivering met betrekking tot de afwijzing van het betoog van de verzoekende partij aangaande de naleving van de voorwaarde inzake spoedeisendheidVernietiging van de bestreden beschikking
(Art. 256 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 36 en art. 53, eerste alinea; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 117)
(zie punten 30‑37)
3. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenFumus boni jurisSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeCumulatieve voorwaardenAfweging van alle betrokken belangenVolgorde van onderzoek en wijze van toetsingBeoordelingsbevoegdheid van de rechter in kort geding
(Art. 256, lid 1, art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 40, 41)
4. Kort gedingBevoegdheid van de rechter in kort gedingGrenzenVerzoek strekkende tot het gelasten van een instelling van de Unie om een procedure op te schorten die niet van de bestreden handeling afhangtDaarvan uitgesloten
(Art. 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, leden 1 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, leden 1 en 2)
(zie punt 54)
5. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenFumus boni jurisSpoedeisendheidCumulatieve voorwaardenBijzonder ernstige fumus boni jurisGeen invloed op de verplichting tot afzonderlijk onderzoek van de spoedeisendheid
(Art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 56, 57)
6. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeBewijslast rustend op de partij die om de voorlopige maatregel verzoektNoodzaak tot aanvoering van het risico om die schade persoonlijk te lijden
(Art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 64, 65, 89)
7. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeBewijslastFinanciële schadeVerplichting tot het bewijzen van het bestaan van structurele of juridische hindernissen die de verzoekende vennootschap beletten een aanzienlijk aandeel van de marktaandelen terug te winnen
(Art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 84, 85)
8. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenErnstige en onherstelbare schadeRisico van schending van de grondrechtenRisico dat op zich geen ernstige schade vormt
(Art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punt 90)
9. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeBewijslastFinanciële schade die later financieel kan worden vergoedGeen spoedeisendheid
(Art. 278 en 279 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 156, lid 4)
(zie punten 91‑93, 99‑104)
10. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenSpoedeisendheidErnstige en onherstelbare schadeFinanciële schadeErnst van de schadeSituatie waarin het voortbestaan van de verzoekende vennootschap in gevaar komtBeoordeling met inachtneming van haar omvang en haar omzet alsook van de situatie van de groep waartoe zij behoort
(Art. 278 en 279 VWEU)
(zie punt 94)
11. Kort gedingOpschorting van tenuitvoerleggingVoorlopige maatregelenToekenningsvoorwaardenErnstige en onherstelbare schadeOnherstelbaarheid van de schadeBegripFinanciële schade die later niet volledig kan worden hersteldDaaronder begrepenVoorwaarden
(Art. 278 en 279 VWEU)
(zie punten 96‑98)
Dictum
1) De beschikking van de president van het Gerecht van de Europese Unie van 24 juli 2023, Illumina/Commissie (T‑256/23, EU:T:2023:421 ), wordt vernietigd.
2) Er behoeft niet meer te worden beslist op het verzoek tot interventie in de hogere voorziening van Biogen Netherlands BV.
3) Het verzoek in kort geding wordt afgewezen.
4) Mylan Ireland Ltd en de Europese Commissie dragen hun eigen kosten in verband met de hogere voorziening.
5) Mylan Ireland Ltd, de Europese Commissie en Biogen Netherlands BV dragen hun eigen kosten in verband met het verzoek tot interventie in de hogere voorziening van laatstgenoemde.
6) De beslissing omtrent de kosten van Mylan Ireland Ltd en de Europese Commissie in verband met de kortgedingprocedure in eerste aanleg wordt aangehouden