Home

Arrest van het Hof (Negende kamer) van 8 mei 2025

Arrest van het Hof (Negende kamer) van 8 mei 2025

Gegevens

Instantie
Hof van Justitie EU
Datum uitspraak
8 mei 2025

Uitspraak

Arrest van het Hof (Negende kamer)

8 mei 2025(*)

"„Prejudiciële verwijzing - Douane-unie - Gemeenschappelijk douanetarief - Gecombineerde nomenclatuur - Tariefindeling - Posten 2106 en 2202 - Vloeibaar voedingssupplement”"

In zaak C‑252/24,

betreffende een verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens artikel 267 VWEU, ingediend door de Curte de Apel București (belastingrechter in eerste aanleg Boekarest, Roemenië) bij beslissing van 28 februari 2024, ingekomen bij het Hof op 9 april 2024, in de procedure

Prisum Healthcare SRL

tegen

Autoritatea Vamală Română,

HET HOF (Negende kamer),

samengesteld als volgt: N. Jääskinen, kamerpresident, M. Condinanzi (rapporteur) en R. Frendo, rechters,

advocaat-generaal: M. Campos Sánchez-Bordona,

griffier: A. Calot Escobar,

gezien de stukken,

gelet op de opmerkingen van:

  • Prisum Healthcare SRL, vertegenwoordigd door I. A. Hrisafi-Josan en M. Petcu, avocați,

  • de Roemeense regering, vertegenwoordigd door E. Gane, L. Ghiță en A. Wellman als gemachtigden,

  • de Poolse regering, vertegenwoordigd door B. Majczyna als gemachtigde,

  • de Europese Commissie, vertegenwoordigd door A. Demeneix en T. Isacu de Groot als gemachtigden,

gelet op de beslissing, de advocaat-generaal gehoord, om de zaak zonder conclusie te berechten,

het navolgende

Arrest

1 Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de uitlegging van de tariefposten 2106 en 2202 van de gecombineerde nomenclatuur die is opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB 1987, L 256, blz. 1), zoals gewijzigd bij uitvoeringsverordening (EU) 2022/1998 van de Commissie van 20 september 2022 (PB 2022, L 282, blz. 1) (hierna: „GN”).

2 Dit verzoek is ingediend in het kader van een geding tussen Prisum Healthcare SRL en de Autoritate Vamală Română (Roemeense douaneautoriteit) over de tariefindeling van een voedingssupplement genaamd „Feroglobin liquid plus”.

Toepasselijke bepalingen

Internationaal recht

3 Het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen (hierna: „GS”) is in het kader van de Werelddouaneorganisatie (hierna: „WDO”) ingevoerd bij het op 14 juni 1983 te Brussel gesloten Internationaal Verdrag betreffende het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen [United Nations Treaty Series, deel 1503, blz. 4, nr. 25910 (1988)], dat met zijn wijzigingsprotocol van 24 juni 1986 namens de Europese Economische Gemeenschap is goedgekeurd bij besluit 87/369/EEG van de Raad van 7 april 1987 (PB 1987, L 198, blz. 1).

4 De WDO keurt de door het comité voor het GS vastgestelde toelichtingen en indelingsadviezen goed onder de in artikel 8 van dat verdrag vastgelegde voorwaarden. Dat comité is opgericht bij artikel 6 van dat verdrag.

5 Hoofdstuk 21 van het GS heeft als opschrift „Diverse producten voor menselijke consumptie” en omvat post 2106, met als opschrift „Producten voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen”.

6 Hoofdstuk 22 van het GS heeft als opschrift „Dranken, alcoholhoudende vloeistoffen en azijn” en omvat post 2202, met als opschrift „Water, mineraalwater en spuitwater daaronder begrepen, met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, dan wel gearomatiseerd, alsmede andere alcoholvrije dranken, andere dan de vruchten- en groentesappen bedoeld bij post 2009”.

7 De GS-toelichting op post 2106 luidt als volgt:

„[…]

Deze post omvat bv.:

[…]

  1. Producten, vaak voedingssupplementen genoemd, samengesteld uit of op basis van een of meer mineralen, vitaminen, aminozuren, concentraten, extracten, isolaten of soortgelijke vormen van stoffen die aanwezig zijn in voedingsmiddelen of synthetische versies van deze stoffen, aangeboden als aanvulling op de normale voeding. Naast deze stoffen kunnen zij zoetstoffen, kleurstoffen, aroma’s, geurstoffen, draagstoffen, vulstoffen, stabilisatoren of andere hulpstoffen bevatten. Deze producten zijn vaak opgemaakt in verpakkingen met de aanduiding dat zij het organisme gezond houden of het algemeen welzijn in stand houden, sportprestaties verbeteren, mogelijke voedingstekorten voorkomen of te lage gehaltes aan voedingsstoffen aanvullen.

    Deze producten bevatten onvoldoende werkzame stoffen voor een therapeutische of profylactische werking tegen ziekten of andere aandoeningen dan de betreffende voedingstekorten. Producten die voldoende werkzame stoffen bevatten voor een therapeutische of profylactische werking tegen bepaalde ziekten of een aandoening zijn uitgesloten (posten 30.03 of 30.04).”

8 De GS-toelichting op post 2202 van dit systeem vermeldt:

  • Water, mineraalwater en spuitwater daaronder begrepen, met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, dan wel gearomatiseerd.

    Met name zijn onder deze groep ingedeeld:

    1. (Natuurlijk of kunstmatig) mineraalwater met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, dan wel gearomatiseerd.

    2. Limonade, cola, orangeade, kwast en dergelijke dranken, al dan niet met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, gearomatiseerd met vruchtensap, met vruchtenessence of met samengestelde extracten en waaraan soms wijnsteenzuur of citroenzuur is toegevoegd. Er wordt vaak kooldioxide onder druk in opgelost, om ze te doen bruisen. Zij komen in de regel voor in flessen of andere luchtdicht gesloten bergingsmiddelen.

[…]

  1. Andere alcoholvrije dranken, andere dan de vruchten- en groentesappen bedoeld bij post 2009.

    Deze groep omvat onder meer:

    1. Tamarindenectar, een gebruiksklare drank verkregen uit gezeefde tamarindepulp, water en suiker of andere zoetstoffen.

    2. Bepaalde alcoholvrije, vloeibare voedingsmiddelen die onmiddellijk drinkbaar zijn, zoals chocolademelk.

    Van deze post zijn uitgezonderd:

    1. Vloeibare yoghurt en andere gegiste of aangezuurde melk en room, met toegevoegde cacao of vruchten, dan wel gearomatiseerd (post 0403).

    2. Suikerstroop bedoeld bij post 1702 en gearomatiseerde suikerstroop bedoeld bij post 2106.

    3. Vruchten- en groentesappen, ook indien zij onmiddellijk drinkbaar zijn (post 2009).

    4. Geneesmiddelen bedoeld bij de posten 3003 of 3004.”

Unierecht

GN

9 Zoals volgt uit artikel 1, lid 1, van verordening nr. 2658/87 regelt de GN de tariefindeling van goederen die worden ingevoerd in de Europese Unie. Krachtens artikel 3, lid 1, van deze verordening neemt deze nomenclatuur de posten en onderverdelingen van het GS tot zes cijfers over, en vormen alleen het zevende en het achtste cijfer eigen onderverdelingen van de GN.

10 Het eerste deel van de GN bevat een aantal inleidende bepalingen. Titel I, met als opschrift „Algemene regels”, bevat een afdeling A, met als opschrift „Algemene regels voor de interpretatie van de [GN]”, dat bepaalt:

„Voor de indeling van goederen in de [GN] gelden de volgende bepalingen:

  1. De tekst van de opschriften van de afdelingen, van de hoofdstukken en van de onderdelen van hoofdstukken wordt geacht slechts als aanwijzing te gelden; voor de indeling zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van de posten en de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken en – voor zover dit niet in strijd is met de bewoordingen van bedoelde posten en aantekeningen – de navolgende regels.

[…]

  1. Voor de indeling van goederen onder de onderverdelingen van een post zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van die onderverdelingen en de aanvullende aantekeningen, alsmede ‚mutatis mutandis’ de vorenstaande regels, met dien verstande dat uitsluitend onderverdelingen van gelijke rangorde met elkaar kunnen worden vergeleken. Voor de toepassing van deze regel en voor zover niet anders is bepaald, zijn de aantekeningen op de afdelingen en op de hoofdstukken eveneens van toepassing.”

11 Het tweede deel van de GN, met als opschrift „Tabel van de rechten”, bevat een afdeling IV, die is gewijd aan „Producten van de voedselindustrie; dranken, alcoholhoudende vloeistoffen en azijn; tabak en tot verbruik bereide tabakssurrogaten; producten, al dan niet nicotine bevattende, bestemd voor inhalatie zonder verbranding; andere nicotine bevattende producten, bestemd voor de opname van nicotine in het menselijk lichaam”. Deze afdeling omvat de hoofdstukken 21 en 22 van de GN, die respectievelijk „Diverse producten voor menselijke consumptie” en „Dranken, alcoholhoudende vloeistoffen en azijn” als opschrift hebben.

12 Aanvullende aantekening 5 op hoofdstuk 21 van de GN luidt als volgt:

„Andere producten voor menselijke consumptie die zijn opgemaakt in afgemeten hoeveelheden zoals capsules, tabletten, pastilles en pillen, en die bestemd zijn om te worden gebruikt als voedingssupplement, worden ingedeeld onder post 2106, tenzij zij elders zijn genoemd of [elders] onder [zijn] begrepen.”

13 Hoofdstuk 21 omvat onder meer de volgende post en onderverdelingen:

GN-code

Omschrijving

Conventioneel douanerecht (%)

Bijzondere maatstaf

1

2

3

4

[…]

2106

Producten voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen:

[…]

2106 90

– andere:

[…]

2106 90 98

– – – andere

9 […]

14 Hoofdstuk 22 van de GN omvat post 2202 van deze nomenclatuur en de bijbehorende onderverdelingen, die als volgt luiden:

GN-code

Omschrijving

Conventioneel douanerecht (%)

Bijzondere maatstaf

1

2

3

4

[…]

2202

Water, mineraalwater en spuitwater daaronder begrepen, met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, dan wel gearomatiseerd, alsmede andere alcoholvrije dranken, andere dan de vruchten- en groentesappen bedoeld bij post 2009:

[…]

2202 99

– – andere:

[…]

[…]

2202 99 19

– – – – andere

[…]

9,6

1

[…]

15 Voor het hoofdgeding zijn de toelichtingen op de GN relevant die de Europese Commissie krachtens artikel 9, lid 1, onder a), tweede streepje, van verordening nr. 2658/87 heeft opgesteld en die zijn bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie van 29 maart 2019 (PB 2019, C 119, blz. 1; hierna: „GN-toelichtingen”).

16 Het inleidende gedeelte van de GN-toelichtingen op hoofdstuk 21 van deze nomenclatuur heeft als titel „Algemene opmerkingen” en luidt als volgt:

„De indeling van ‚voedingssupplementen’ (als bedoeld in punt 16 van de GS-toelichting op post 2106), met name van andere producten voor menselijke consumptie die zijn opgemaakt in afgemeten hoeveelheden zoals capsules, tabletten, pastilles en pillen, en die bestemd zijn om te worden gebruikt als voedingssupplement, moet ook worden getoetst aan de criteria die zijn vastgesteld in het arrest van [ 17 december 2009, Swiss Caps (C‑410/08–C‑412/08, EU:C:2009:794 )].”

17 De algemene opmerkingen in het inleidende gedeelte van de GN‑toelichtingen op hoofdstuk 22 luiden:

„[…]

Onder dit hoofdstuk vallen eveneens, voor zover het geen geneesmiddelen betreft, opwekkende middelen (tonica) die, ook indien zij slechts in kleine hoeveelheden (bijvoorbeeld met een lepel) worden ingenomen, onmiddellijk drinkbaar zijn. Niet-alcoholhoudende opwekkende bereidingen die voor het gebruik als drank dienen te worden verdund, behoren niet tot dit hoofdstuk, maar in het algemeen tot post 2106.”

18 Wat betreft GN-post 2202 volgt uit de GN-toelichtingen:

„[…]

Alcoholvrije dranken van deze post zijn direct voor menselijke consumptie geschikte en bestemde vloeistoffen, ongeacht de ingenomen hoeveelheid of het bijzondere doel waarvoor de verschillende soorten voor consumptie geschikte vloeistoffen kunnen dienen, voor zover zij niet tot een meer specifieke post behoren. Zuiver subjectieve, variabele factoren, zoals de wijze waarop of het doel waarmee de dranken worden ingenomen, bijvoorbeeld om de dorst te lessen of de gezondheid te bevorderen, zijn niet relevant voor de indeling ervan (zie het arrest van [ 26 maart 1981, Dr Ritter (114/80, EU:C:1981:79 )]).

[…]”

19 Wat GN-onderverdeling 2202 99 19 betreft, wordt het volgende verduidelijkt in de GN-toelichtingen:

„Deze onderverdeling omvat de in de tweede alinea van de algemene opmerkingen van de toelichting bij dit hoofdstuk beschreven opwekkende middelen (tonica). Deze alcoholvrije dranken, vaak voedingssupplementen genoemd, kunnen gebaseerd zijn op plantenextracten (zoals kruiden) en bevatten toegevoegde vitamines en/of mineralen. Deze preparaten houden over het algemeen de gezondheid en het welzijn op peil. Daarom verschillen ze van de gearomatiseerde of gezoete waters en andere frisdranken van onderverdeling 2202 10 00, bedoeld bij letter A van de GS-toelichting op post 2202.”

Richtlijn 2002/46/EG

20 Artikel 2 van richtlijn 2002/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 10 juni 2002 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake voedingssupplementen (PB 2002, L 183, blz. 51) bepaalt:

„In deze richtlijn wordt verstaan onder:

  1. ‚voedingssupplementen’: als aanvulling op de normale voeding bedoelde voedingsmiddelen die een geconcentreerde bron van een of meer nutriënten of andere stoffen met een nutritioneel of fysiologisch effect vormen en in voorgedoseerde vorm op de markt worden gebracht, namelijk als capsules, pastilles, tabletten, pillen, en soortgelijke vormen, zakjes poeder, ampullen met vloeistof, druppelflacons, en soortgelijke vormen van vloeistoffen en poeders bedoeld voor inname in afgemeten kleine eenheidshoeveelheden;

[…]”

Hoofdgeding en prejudiciële vraag

21 Prisum Healthcare verkoopt een vloeibaar voedingssupplement onder de naam „Feroglobin liquid plus”, dat wordt verkocht in plastic flacons van 200 ml (ml), en ijzer in de vorm van ijzersulfaat, een vitaminecomplex, minerale zouten, plantenextracten, natuurlijke vruchtenextracten, andere voedingsstoffen, honing, suiker en glucosesiroop bevat (hierna: „betrokken product”). Prisum Healthcare raadt een dagelijkse inname van twee theelepels van het betrokken product aan en vermeldt dat het product bestemd is voor de aanmaak van hemoglobine en rode bloedcellen, en zo bijdraagt tot het behoud van een goede gezondheid, het algemeen welzijn van het organisme en de normale werking van het afweersysteem.

22 In maart 2023 heeft Prisum Healthcare bij de Roemeense douaneautoriteit een bindende tariefinlichting aangevraagd voor de indeling van het betrokken product onder GN-post 2106, in het bijzonder onder onderverdeling 2106 90 98.

23 Op 7 juli 2023 heeft deze autoriteit een bindende tariefinlichting afgegeven waarin zij overwoog dat het betrokken product voor de tariefindeling ervan moest worden beschouwd als een opwekkende drank in een fles in de zin van GN-post 2202.

24 Prisum Healthcare heeft tegen deze beschikking bezwaar gemaakt.

25 Op 6 september 2023 heeft de Roemeense douaneautoriteit dit bezwaar afgewezen en geweigerd om het betrokken product in te delen in GN-post 2106. Deze autoriteit heeft namelijk vastgesteld dat de GN geen specifieke posten bevatte voor producten die worden verkocht als voedingssupplementen, en dat uit deze nomenclatuur ook niet volgde dat voedingssupplementen, ongeacht hun kenmerken, moesten worden ingedeeld onder post 2106 daarvan. Onder verwijzing naar met name algemene regel 1 voor de interpretatie van de GN heeft deze autoriteit overwogen dat in GN-post 2106 uitsluitend producten moesten worden ingedeeld die niet in andere specifieke posten konden worden ingedeeld. Voedingssupplementen zoals het betrokken product kunnen echter worden ingedeeld onder verschillende GN-posten. Op deze gronden was de Roemeense douaneautoriteit van oordeel dat het betrokken product een in zuivere staat drinkbaar, vloeibaar product was, zodat het onder GN-post 2202 moest worden ingedeeld.

26 Prisum Healthcare heeft tegen dat besluit beroep ingesteld bij de Curte de Apel București (belastingrechter in eerste aanleg Boekarest, Roemenië), de verwijzende rechter.

27 Voor de verwijzende rechter twisten partijen in essentie over de vraag of vloeibare producten die worden verkocht als voedingssupplementen, moeten worden ingedeeld onder een andere tariefpost dan post 2106, aangezien de GN geen specifieke posten bevat voor producten die worden verkocht als voedingssupplementen, ongeacht hun vorm (vloeibaar, vast, capsules enz.).

28 Prisum Healthcare voert in essentie aan dat het betrokken product, gelet op zijn specifieke technische kenmerken en ondanks zijn vloeibare vorm, een voedingssupplement is in de zin van richtlijn 2002/46, en dat het dus moet worden ingedeeld onder GN-post 2106 en meer in het bijzonder onder onderverdeling 2106 90 98 daarvan. Bovendien heeft de Roemeense douaneautoriteit met haar motivering op basis van de vloeibare vorm van het product de rechtspraak miskend die voortvloeit uit het arrest van 17 december 2009, Swiss Caps (C‑410/08–C‑412/08, EU:C:2009:794 ).

29 Volgens de Roemeense douaneautoriteit volgt daarentegen uit het arrest van 26 maart 1981, Dr Ritter (114/80, EU:C:1981:79 ), dat alle vloeibare goederen, zoals het betrokken product, ongeacht hun etikettering als voedingssupplement moeten worden ingedeeld onder GN-post 2202, waaronder „alcoholvrije dranken” en „opwekkende dranken of middelen (tonica)” vallen.

30 De verwijzende rechter betwijfelt of de rechtspraak die voortvloeit uit dit arrest van toepassing kan zijn op het bij hem aanhangige geding. Dat arrest is namelijk gewezen voordat verordening nr. 2658/87 in werking trad en betrof een opwekkende drank en geen voedingssupplement. Voorts heeft het comité voor het GS besloten om in GS-post 2106 een product in te delen met eigenschappen die vergelijkbaar zijn met die van het betrokken product, en volgt uit het arrest van 17 december 2009, Swiss Caps (C‑410/08–C‑412/08, EU:C:2009:794 ), dat een voedingssupplement in de vorm van capsules moet worden ingedeeld onder GN-post 2106.

31 Gelet op deze overwegingen heeft de Curte de Apel București de behandeling van de zaak geschorst en het Hof verzocht om een prejudiciële beslissing over de volgende vraag:

„Moet de [GN] aldus worden uitgelegd dat een vloeibaar product voor menselijke consumptie dat ijzer [in de vorm van ijzersulfaat], een vitaminecomplex, minerale zouten, plantenextracten, natuurlijke vruchtenextracten, andere voedingsstoffen, honing, suiker en glucosestroop bevat, dat als zodanig wordt ingenomen in doses van twee theelepels per dag, wordt verkocht in plastic flacons van 200 ml, bestemd is voor specifiek gebruik bij de aanmaak van hemoglobine en rode bloedcellen en als voedingssupplement bijdraagt tot een goede gezondheid, het algemeen welzijn van het organisme en de normale werking van het afweersysteem, valt onder post 2202 van de [GN] aangezien het wegens zijn vloeibare vorm niet kan worden ingedeeld onder post 2106?”

Beantwoording van de prejudiciële vraag

32 Met zijn vraag wenst de verwijzende rechter in wezen te vernemen of de GN aldus moet worden uitgelegd dat een vloeibaar product voor menselijke consumptie dat ijzer in de vorm van ijzersulfaat, een vitaminecomplex, minerale zouten, plantenextracten, natuurlijke vruchtenextracten, andere voedingsstoffen, honing, suiker en glucosestroop bevat, dat als zodanig wordt ingenomen in doses van twee theelepels per dag, wordt verkocht in plastic flacons van 200 ml, bestemd is voor specifiek gebruik bij de aanmaak van hemoglobine en rode bloedcellen en als voedingssupplement bijdraagt tot een goede gezondheid, het algemeen welzijn van het organisme en de normale werking van het afweersysteem, onder post 2106 of onder post 2202 van deze nomenclatuur valt.

33 Vooraf zij eraan herinnerd dat het Hof, wanneer het wordt verzocht om een prejudiciële beslissing over een vraag op het gebied van de tariefindeling, tot taak heeft om de nationale rechter de criteria aan te reiken aan de hand waarvan hij de betrokken producten correct in de GN kan indelen, en niet zozeer om deze producten zelf in te delen. Deze indeling is het resultaat van een louter feitelijke beoordeling en het staat niet aan het Hof om deze beoordeling te verrichten in het kader van een prejudiciële verwijzing (arrest van 20 oktober 2022, Mikrotīkls, C‑542/21, EU:C:2022:814, punt 21 en aldaar aangehaalde rechtspraak).

34 Voorts zij eraan herinnerd dat volgens algemene regel 1 voor de interpretatie van de GN de bewoordingen van de posten en de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken van deze nomenclatuur bepalend zijn voor de tariefindeling van goederen. Het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen moet in het belang van de rechtszekerheid en van een gemakkelijke controle over het algemeen worden gezocht in de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan, zoals deze in de bewoordingen van de GN‑post en in de aantekeningen op de afdelingen of hoofdstukken zijn omschreven. De bestemming van het betrokken product kan een objectief indelingscriterium zijn voor zover zij inherent is aan dit product, wat aan de hand van objectieve kenmerken en eigenschappen ervan moet worden beoordeeld (arrest van 20 oktober 2022, Mikrotīkls, C‑542/21, EU:C:2022:814, punt 22 en aldaar aangehaalde rechtspraak).

35 Bovendien heeft het Hof herhaaldelijk geoordeeld dat de GS‑toelichtingen en de GN-toelichtingen weliswaar niet bindend zijn, maar toch belangrijke instrumenten vormen ter verzekering van de uniforme toepassing van het gemeenschappelijk douanetarief, die als zodanig nuttige gegevens bevatten voor de interpretatie daarvan (arrest van 20 oktober 2022, Mikrotīkls, C‑542/21, EU:C:2022:814, punt 23 en aldaar aangehaalde rechtspraak).

36 In dat opzicht hebben de bewoordingen van GN-post 2106 betrekking op „producten voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen”. Aanvullende aantekening 5 op hoofdstuk 21 van de GN verduidelijkt dat de betreffende post mede andere producten voor menselijke consumptie bevat die zijn opgemaakt in afgemeten hoeveelheden zoals capsules, tabletten, pastilles en pillen, en die bestemd zijn om te worden gebruikt als voedingssupplement, tenzij zij elders zijn genoemd of elders onder zijn begrepen.

37 Indien een product voor menselijke consumptie onder GN-post 2202 valt, is het om die reden dus uitgesloten van GN-post 2106.

38 Er moet dus worden nagegaan of een vloeibaar product voor menselijke consumptie onder post 2202 van deze nomenclatuur kan vallen.

39 Volgens de bewoordingen van deze post bevat deze water, mineraalwater en spuitwater daaronder begrepen, met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, dan wel gearomatiseerd, alsmede andere alcoholvrije dranken, andere dan vruchten- en groentesappen.

40 Wat in de eerste plaats het begrip „drank” betreft, dat niet wordt gedefinieerd in de GN, het GS of in de toelichtingen op de GN en het GS, heeft het Hof reeds in de punten 8 en 9 van het arrest van 26 maart 1981, Dr Ritter (114/80, EU:C:1981:79 ), geoordeeld dat deze term in wezen moest worden opgevat als een generiek begrip, dat alle voor menselijke consumptie bestemde vloeistoffen omvat die niet uitdrukkelijk elders zijn ingedeeld, zodat onder dat begrip alle voor menselijke consumptie geschikte en bestemde vloeistoffen zijn te verstaan, ongeacht de ingenomen hoeveelheid, het bijzondere doel waarvoor de verschillende soorten voor consumptie geschikte vloeistoffen kunnen dienen, of de daarvoor gebruikte grondstoffen.

41 In dat verband blijft dit arrest, ook al is het gewezen vóór de inwerkingtreding van verordening nr. 2658/87 en betreft het de uitlegging van de posten 2106 en 2202 van het oude gemeenschappelijk douanetarief, voor het onderhavige geval volledig relevant, aangezien de relevante bepalingen van de betrokken tariefposten en de bepalingen voor de uitlegging ervan niet zijn gewijzigd.

42 In de tweede plaats blijkt uit de algemene opmerkingen in het inleidende gedeelte van de toelichting op hoofdstuk 22 van de GN dat opwekkende middelen (tonica) die in zuivere staat drinkbaar zijn, onder dit hoofdstuk vallen, „zelfs indien zij slechts in kleine hoeveelheden (bijvoorbeeld met een lepel) worden ingenomen”. Niet‑alcoholhoudende opwekkende bereidingen „die voor het gebruik als drank dienen te worden verdund” behoren daarentegen in het algemeen tot GN-post 2106.

43 De toelichting op GN-post 2202 verduidelijkt, met verwijzing naar het arrest van 26 maart 1981, Dr Ritter (114/80, EU:C:1981:79 ), dat alcoholvrije dranken die onder deze post vallen, voor menselijke consumptie geschikte en bestemde vloeistoffen zijn die in zuivere staat drinkbaar zijn, ongeacht de ingenomen hoeveelheid of het bijzondere doel waarvoor de verschillende soorten voor consumptie geschikte vloeistoffen kunnen dienen, voor zover zij niet tot een meer specifieke GN-post behoren. Ook wordt verduidelijkt dat zuiver subjectieve, variabele factoren, zoals de wijze waarop of het doel waarmee de dranken worden ingenomen, bijvoorbeeld om de dorst te lessen of de gezondheid te bevorderen, niet relevant zijn voor de indeling ervan.

44 Zoals blijkt uit de GN-toelichting op GN-onderverdeling 2202 99 19 moeten deze alcoholvrije dranken, vaak „voedingssupplementen” genoemd, beschreven als producten die de gezondheid en het welzijn op peil houden, die gebaseerd kunnen zijn op plantenextracten (zoals kruiden) en toegevoegde vitamines en/of mineralen kunnen bevatten, bovendien in beginsel worden ingedeeld onder deze onderverdeling.

45 In de derde plaats kan, zoals de Roemeense en de Poolse regering alsmede de Commissie hebben opgemerkt, uit het arrest van 17 december 2009, Swiss Caps (C‑410/08–C‑412/08, EU:C:2009:794 ), niet worden afgeleid dat elk als voedingssupplement aangemerkt product voor menselijke consumptie moet worden ingedeeld onder GN-post 2106. In dat arrest heeft het Hof immers enkel geoordeeld dat voedingssupplementen in de vorm van capsules moesten worden ingedeeld onder GN-post 2106, zonder uit te sluiten dat een vloeibaar voedingssupplement onder post 2202 van deze nomenclatuur kan worden ingedeeld.

46 In de vierde plaats verzet de omstandigheid dat het betrokken product op grond van richtlijn 2002/46 als „voedingssupplement” wordt verkocht zich niet tegen de indeling van dit product onder GN-post 2202, gelet op het feit dat deze richtlijn en de GN fundamenteel verschillende doelstellingen hebben (zie naar analogie arrest van 15 december 2016, LEK, C‑700/15, EU:C:2016:959, punten 34‑37 ).

47 In de vijfde en laatste plaats zij eraan herinnerd dat de Unie, zoals de Roemeense en de Poolse regering en de Commissie hebben aangevoerd, in het licht van het arrest van 26 maart 1981, Dr Ritter (114/80, EU:C:1981:79 ), heeft verzocht om een heroverweging van indelingsadvies 2106.90/43, dat het comité voor het GS heeft vastgesteld tijdens zijn 71e zitting in maart 2023 en dat Prisum Healthcare in haar schriftelijke opmerkingen heeft vermeld, waarbij een product met eigenschappen die vergelijkbaar zijn met die van het betrokken product is ingedeeld onder GN-post 2106. Aangezien het comité voor het GS dit verzoek echter heeft afgewezen, heeft de Commissie bij schriftelijke mededeling van 15 december 2023 de secretaris-generaal van de WDO geïnformeerd dat zij vanwege dit arrest niet in staat was om dat indelingsadvies toe te passen.

48 Het Hof heeft hoe dan ook reeds geoordeeld dat de GS‑indelingsadviezen weliswaar aanwijzingen vormen die een belangrijk hulpmiddel zijn bij de uitlegging van de reikwijdte van de verschillende GN-posten, maar rechtens niet bindend zijn en terzijde moeten worden geschoven indien zij onverenigbaar zijn met de bewoordingen van de betrokken GN-post (zie in die zin beschikking van 19 januari 2005, SmithKline Beecham, C‑206/03, EU:C:2005:31, punten 24‑28 en aldaar aangehaalde rechtspraak).

49 Hieruit volgt dat vloeibare producten voor menselijke consumptie, wanneer zij door deze vorm geschikt zijn voor menselijke consumptie als drank, ongeacht de ingenomen hoeveelheid of het bijzondere doel waarvoor zij kunnen dienen, kunnen worden ingedeeld onder GN‑post 2202 voor zover zij niet tot een specifiekere post behoren. De vloeibare vorm waarin dergelijke producten voor menselijke consumptie worden aangeboden, moet namelijk worden aangemerkt als een objectief kenmerk op grond waarvan zij zijn uitgesloten van indeling onder GN-post 2106.

50 Gelet op het voorgaande dient op de vraag te worden geantwoord dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat een vloeibaar product voor menselijke consumptie dat ijzer in de vorm van ijzersulfaat, een vitaminecomplex, minerale zouten, plantenextracten, natuurlijke vruchtenextracten, andere voedingsstoffen, honing, suiker en glucosestroop bevat, dat als zodanig wordt ingenomen in doses van twee theelepels per dag, in plastic flacons van 200 ml wordt verkocht, bestemd is voor specifiek gebruik bij de aanmaak van hemoglobine en rode bloedcellen en als voedingssupplement bijdraagt tot een goede gezondheid, het algemeen welzijn van het organisme en de normale werking van het afweersysteem, onder post 2202 van deze nomenclatuur valt.

Kosten

51 Ten aanzien van de partijen in het hoofdgeding is de procedure als een aldaar gerezen incident te beschouwen, zodat de verwijzende rechter over de kosten heeft te beslissen. De door anderen wegens indiening van hun opmerkingen bij het Hof gemaakte kosten komen niet voor vergoeding in aanmerking.

Het Hof (Negende kamer) verklaart voor recht:

De gecombineerde nomenclatuur die is opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief‑ en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij uitvoeringsverordening (EU) 2022/1998 van de Commissie van 20 september 2022,

moet aldus worden uitgelegd dat

een vloeibaar product voor menselijke consumptie dat ijzer in de vorm van ijzersulfaat, een vitaminecomplex, minerale zouten, plantenextracten, natuurlijke vruchtenextracten, andere voedingsstoffen, honing, suiker en glucosestroop bevat, dat als zodanig wordt ingenomen in doses van twee theelepels per dag, in plastic flacons van 200 ml wordt verkocht, bestemd is voor specifiek gebruik bij de aanmaak van hemoglobine en rode bloedcellen en als voedingssupplement bijdraagt tot een goede gezondheid, het algemeen welzijn van het organisme en de normale werking van het afweersysteem, onder post 2202 van deze nomenclatuur valt.

ondertekeningen