Home

Wet milieubeheer

Geldig van 20 oktober 2004 tot 1 januari 2005
Geldig van 20 oktober 2004 tot 1 januari 2005

Wet milieubeheer

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 20-10-2004 tot 01-01-2005]

Aanhef

Wij Juliana, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz. Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is, naast de wettelijke regelingen, geldende voor de onderscheidene onderdelen van het gebied van de milieuhygiëne, regelen te stellen met betrekking tot een aantal algemene onderwerpen op dat gebied;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk 1. Algemeen

§ 1.1. Algemeen

Artikel 1.1

1.

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Onze Minister: Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Commissie voor de milieu-effectrapportage: de Commissie voor de milieu-effectrapportage, bedoeld in artikel 2.17;

Commissie genetische modificatie: de Commissie genetische modificatie, bedoeld in artikel 2.26;

provinciale milieucommissie: de provinciale milieucommissie, bedoeld in artikel 2.41;

bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het geven van een beschikking of het nemen van een ander besluit;

inspecteur: de ter plaatse bevoegde inspecteur van het staatstoezicht op de volksgezondheid, die door Onze Minister is aangewezen;

adviseurs: bestuursorganen die krachtens wettelijk voorschrift in de gelegenheid moeten worden gesteld advies uit te brengen met betrekking tot het geven van een beschikking of het nemen van een ander besluit;

betrokken bestuursorganen: adviseurs en andere bestuursorganen die overeenkomstig afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht worden betrokken bij de totstandkoming van de in artikel 13.1, eerste lid, bedoelde beschikkingen.

inrichting: elke door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid die binnen een zekere begrenzing pleegt te worden verricht;

nationaal milieubeleidsplan: het nationale milieubeleidsplan, bedoeld in artikel 4.3;

provinciaal milieubeleidsplan: het provinciale milieubeleidsplan, bedoeld in artikel 4.9;

gemeentelijk milieubeleidsplan: het gemeentelijke milieubeleidsplan, bedoeld in artikel 4.16;

provinciale milieuverordening: de verordening, bedoeld in artikel 1.2;

afvalstoffen: alle stoffen, preparaten of andere producten die behoren tot de categorieën die zijn genoemd in bijlage I bij richtlijn nr. 75/442/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 15 juli 1975 betreffende afvalstoffen, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen;

doelmatig beheer van afvalstoffen: zodanig beheer van afvalstoffen dat daarbij rekening wordt gehouden met het geldende afvalbeheersplan, dan wel de voor de vaststelling van het plan geldende bepalingen, dan wel de voorkeursvolgorde aangegeven in artikel 10.4, en de criteria, genoemd in artikel 10.5, eerste lid;

stoffen: stoffen in de zin van de Wet milieugevaarlijke stoffen;

preparaten: preparaten in de zin van de Wet milieugevaarlijke stoffen;

huishoudelijke afvalstoffen: afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, behoudens voor zover het afgegeven of ingezamelde bestanddelen van die afvalstoffen betreft, die zijn aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen;

bedrijfsafvalstoffen: afvalstoffen, niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen;

gevaarlijke afvalstoffen: bij ministeriële regeling als zodanig aangewezen afvalstoffen, met inachtneming van ter zake voor Nederland verbindende verdragen en van besluiten van volkenrechtelijke organisaties;

afvalbeheersplan: het afvalbeheersplan, bedoeld in artikel 10.3;

afvalstoffenverordening: de verordening, bedoeld in artikel 10.23;

beheer van afvalstoffen: inzameling, vervoer, nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen;

nuttige toepassing: de handelingen die zijn genoemd in bijlage II B bij richtlijn nr. 75/442/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 15 juli 1975 betreffende afvalstoffen;

verwijdering: de handelingen die zijn genoemd in bijlage II A bij richtlijn nr. 75/442/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 15 juli 1975 betreffende afvalstoffen;

storten: op of in de bodem brengen van afvalstoffen om deze daar te laten;

de EEG-verordening overbrenging van afvalstoffen: de verordening (EEG) nr. 259/93 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 1 februari 1993 betreffende toezicht en controle op de overbrenging van afvalstoffen binnen, naar en uit de Europese Gemeenschap (PbEG L 30);

afvalwater: alle water waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen;

huishoudelijk afvalwater: afvalwater afkomstig uit particuliere huishoudens;

bedrijfsafvalwater: afvalwater, niet zijnde huishoudelijk afvalwater;

biochemisch zuurstofverbruik: massaconcentratie aan opgeloste zuurstof die gedurende vijf dagen wordt verbruikt door biochemische oxydatie van organische bestanddelen onder uitsluiting van ammoniumoxydatie onder omstandigheden die zijn gespecificeerd in een door Onze Minister aangewezen norm van het Nederlands Normalisatie Instituut;

inwonerequivalent: biochemisch zuurstofverbruik van 54 gram per etmaal;

de EG-kaderrichtlijn luchtkwaliteit: de richtlijn (EG) nr. 96/62 van de Raad van de Europese Unie van 27 september 1996 inzake de beoordeling en het beheer van de luchtkwaliteit (PbEG L 296), naar de tekst zoals deze bij die richtlijn is vastgesteld;

de EG-verordening milieubeheer- en milieuauditsysteem: de verordening nr. 761/2001 van het Europese Parlement en de Raad van de Europese Unie van 19 maart 2001 inzake de vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieu-auditsysteem (PbEG L 114);

waterkwaliteitsbeheerder: het bestuursorgaan dat bevoegd is tot vergunningverlening ingevolge de Wet verontreiniging oppervlaktewateren;

broeikasgasemissierecht: overeenkomstig het bepaalde bij en krachtens hoofdstuk 16 overdraagbaar recht, uitsluitend teneinde aan het bepaalde bij en krachtens dat hoofdstuk te voldoen, om gedurende een bepaalde periode een emissie van één ton kooldioxide-equivalent in de lucht te veroorzaken;

één ton kooldioxide-equivalent: een metrische ton kooldioxide of een hoeveelheid van een ander broeikasgas met een gelijkwaardig aardopwarmingsvermogen;

broeikasgas: gas, genoemd in bijlage II bij de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten;

de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten: richtlijn nr. 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad (PbEU L 275);

de EG-verordening registratie van handel in broeikasgasemissierechten: verordening inzake een gestandaardiseerd en beveiligd stelsel van registers als bedoeld in artikel 19, derde lid, van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, nadat deze verordening door de Commissie van de Europese Gemeenschappen is vastgesteld en in werking is getreden;

de emissieautoriteit: de Nederlandse emissieautoriteit, genoemd in artikel 2.1.

2.

In deze wet en de daarop berustende bepalingen:

  1. worden onder gevolgen voor het milieu mede verstaan gevolgen die verband houden met een doelmatig beheer van afvalstoffen of een doelmatig beheer van afvalwater, gevolgen die verband houden met het verbruik van energie en grondstoffen, alsmede gevolgen die verband houden met het verkeer van personen of goederen van en naar de inrichting;

  2. worden onder bescherming van het milieu mede verstaan de verbetering van het milieu, de zorg voor een doelmatig beheer van afvalstoffen of een doelmatig beheer van afvalwater, de zorg voor een zuinig gebruik van energie en grondstoffen, alsmede de zorg voor de beperking van de nadelige gevolgen voor het milieu van het verkeer van personen of goederen van en naar de inrichting.

3.

Bij algemene maatregel van bestuur worden categorieën van inrichtingen aangewezen, die nadelige gevolgen voor het milieu kunnen veroorzaken.

4.

Elders in deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder inrichting verstaan een inrichting, behorende tot een categorie die krachtens het derde lid is aangewezen. Daarbij worden als één inrichting beschouwd de tot eenzelfde onderneming of instelling behorende installaties die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen. Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot hetgeen in deze wet en de daarop berustende bepalingen onder inrichting wordt verstaan.

5.

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder het zich ontdoen van afvalstoffen mede verstaan:

  1. het nuttig toepassen of verwijderen van afvalstoffen binnen de inrichting waarin deze zijn ontstaan;

  2. het voor nuttige toepassing of verwijdering brengen van afvalstoffen vanuit een inrichting naar een elders gelegen inrichting die aan dezelfde natuurlijke of rechtspersoon behoort;

  3. het tijdelijk voor nuttige toepassing afgeven van afvalstoffen.

6.

Bij ministeriële regeling wordt aangegeven welke stoffen, preparaten of andere producten in ieder geval worden aangemerkt als afvalstoffen, indien de houder zich daarvan ontdoet, voornemens is zich daarvan te ontdoen of zich daarvan moet ontdoen.

7.

Bij algemene maatregel van bestuur kan in het belang van het bevorderen van nuttige toepassing worden bepaald dat geen sprake is van het zich ontdoen van afvalstoffen, indien bij die maatregel aangewezen stoffen, preparaten of andere producten:

  1. door de houder rechtstreeks worden afgegeven aan een persoon die deze stoffen, preparaten of andere produkten geheel toepast op een bij die maatregel aangegeven wijze;

  2. voldoen aan bij die maatregel te stellen eisen.

Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de aanwijzing van stoffen, preparaten of andere produkten, de wijze van toepassing en de eisen, bedoeld in dit lid.

8.

Een afvalstof wordt in ieder geval aangemerkt als huishoudelijke afvalstof onderscheidenlijk bedrijfsafvalstof, indien die afvalstof bij algemene maatregel van bestuur als zodanig is aangewezen.

9.

Onze Minister kan, indien naar zijn oordeel in het belang van een doelmatig beheer van afvalstoffen een onverwijlde voorziening noodzakelijk is, een regeling vaststellen van de in het zevende of achtste lid bedoelde strekking. Een zodanige regeling vervalt een jaar nadat zij in werking is getreden of, indien binnen die termijn een algemene maatregel van bestuur ter vervanging van die regeling in werking is getreden, op het tijdstip waarop die maatregel in werking treedt. Onze Minister kan de termijn bij ministeriële regeling eenmaal met ten hoogste een jaar verlengen.

10.

Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de aanwijzing van gevaarlijke afvalstoffen, bedoeld in het eerste lid. Tevens kan Onze Minister of een door hem aan te wijzen instantie vaststellen dat een afvalstof, zoals die door de houder ter beoordeling wordt aangeboden:

  1. niet de eigenschappen bezit op grond waarvan deze ingevolge bijlage III bij richtlijn nr. 91/689/EEG van de Raad van de Europese gemeenschappen van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstof dient te worden aangemerkt.

  2. hoewel deze niet als gevaarlijke afvalstof is aangewezen, toch de eigenschappen bezit op grond waarvan deze ingevolge de in onderdeel a genoemde bijlage als gevaarlijke afvalstof dient te worden aangemerkt.

11.

Een wijziging van de bijlagen bij richtlijn nr. 75/442/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 15 juli 1975 betreffende afvalstoffen gaat voor de toepassing van de in het eerste lid gegeven omschrijvingen van «afvalstoffen»,« beheer van afvalstoffen», «nuttige toepassing» en« verwijdering» gelden met ingang van de dag waarop aan de desbetreffende wijziging uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.

12.

Een wijziging van bijlage III bij richtlijn nr. 91/689/EEG van de Raad van de Europese gemeenschappen van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen gaat voor de toepassing van het tiende lid gelden met ingang van de dag waarop aan de desbetreffende wijziging uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.

Artikel 1.1a

§ 1.2. De provinciale milieuverordening

Artikel 1.2

Artikel 1.2a

Artikel 1.3

Artikel 1.4

Hoofdstuk 2. Adviesorganen

§ 2.1. De Nederlandse emissieautoriteit

Artikel 2.1 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.2 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.3 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.4 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.5 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.6 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.7 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.8 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.9 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.10 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.11 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.12 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.13 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.14 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.15 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.16 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.16a [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 2.16b [Nog niet in werking]

Artikel 2.16c [Nog niet in werking]

§ 2.2. De Commissie voor de milieu-effectrapportage

Artikel 2.17

Artikel 2.18

Artikel 2.19

Artikel 2.20

Artikel 2.21

Artikel 2.22

Artikel 2.23

Artikel 2.24

§ 2.3. De Commissie genetische modificatie

Artikel 2.25

Artikel 2.26

Artikel 2.27

Artikel 2.28

Artikel 2.29

Artikel 2.30

Artikel 2.31

Artikel 2.32

Artikel 2.33

Artikel 2.34

Artikel 2.35

Artikel 2.36

Artikel 2.37

Artikel 2.38

Artikel 2.39

Artikel 2.40

§ 2.4. De provinciale milieucommissie

Artikel 2.41

Hoofdstuk 3. Internationale zaken

Artikel 3.1

Hoofdstuk 4. Plannen

§ 4.1. Algemeen

Artikel 4.1

Artikel 4.2

Artikel 4.2a

Artikel 4.2b

§ 4.2. Het nationale milieubeleidsplan

Artikel 4.3

Artikel 4.4

Artikel 4.5

Artikel 4.6

§ 4.3. Het nationale milieuprogramma

Artikel 4.7

Artikel 4.8

§ 4.4. Het provinciale milieubeleidsplan

Artikel 4.9

Artikel 4.10

Artikel 4.11

Artikel 4.12

Artikel 4.13

§ 4.5. Het provinciale milieuprogramma

Artikel 4.14

Artikel 4.15

§ 4.5a. Het regionale milieubeleidsplan

Artikel 4.15a

§ 4.5b. Het regionale milieuprogramma

Artikel 4.15b

§ 4.6. Het gemeentelijke milieubeleidsplan

Artikel 4.16

Artikel 4.17

Artikel 4.18

Artikel 4.19

§ 4.7. Het gemeentelijke milieuprogramma

Artikel 4.20

Artikel 4.21

§ 4.8. Het gemeentelijke rioleringsplan

Artikel 4.22

Artikel 4.23

Artikel 4.24

Hoofdstuk 5. Milieukwaliteitseisen

Artikel 5.1

Artikel 5.2

Artikel 5.2a

Artikel 5.3

Artikel 5.4

Artikel 5.5

Hoofdstuk 6. Milieuzonering

Artikel 6.1

Hoofdstuk 7. Milieu-effectrapportage

§ 7.1. Algemeen

Artikel 7.1

§ 7.2. Activiteiten en besluiten ten aanzien waarvan het maken van een milieu-effectrapport verplicht is

Artikel 7.2

Artikel 7.3

Artikel 7.4

Artikel 7.5

Artikel 7.6

Artikel 7.7

Artikel 7.8

§ 7.3. Procedurevoorschriften bij het ondernemen van activiteiten, aangewezen krachtens artikel 7.4

Artikel 7.8a

Artikel 7.8b

Artikel 7.8c

Artikel 7.8d

Artikel 7.8e

§ 7.4. Het milieu-effectrapport

Artikel 7.9

Artikel 7.10

Artikel 7.11

§ 7.5. De voorbereiding van het milieu-effectrapport

Artikel 7.12

Artikel 7.13

Artikel 7.14

Artikel 7.15

Artikel 7.16

§ 7.6. De beoordeling van het milieu-effectrapport

Artikel 7.17

Artikel 7.18

Artikel 7.19

Artikel 7.20

Artikel 7.21

Artikel 7.22

Artikel 7.23

Artikel 7.24

Artikel 7.25

Artikel 7.26

§ 7.7. Het besluit

Artikel 7.27

Artikel 7.28

Artikel 7.29

Artikel 7.30

Artikel 7.31

Artikel 7.32

Artikel 7.33

Artikel 7.34

Artikel 7.35

Artikel 7.36

Artikel 7.37

Artikel 7.38

§ 7.8. Activiteiten met mogelijke grensoverschrijdende milieugevolgen

Artikel 7.38a

Artikel 7.38b

Artikel 7.38c

Artikel 7.38d

Artikel 7.38e

Artikel 7.38f

Artikel 7.38g

§ 7.9. Evaluatie

Artikel 7.39

Artikel 7.40

Artikel 7.41

Artikel 7.42

Artikel 7.43

Hoofdstuk 8. Inrichtingen

Titel 8.1. Vergunningen

Afdeling 8.1.1. Algemeen

Artikel 8.1
Artikel 8.2
Artikel 8.2a
Artikel 8.2b
Artikel 8.3
Artikel 8.4
Artikel 8.5
Artikel 8.6
Artikel 8.7
Artikel 8.8
Artikel 8.9
Artikel 8.10
Artikel 8.11
Artikel 8.12
Artikel 8.13
Artikel 8.13a
Artikel 8.14
Artikel 8.15
Artikel 8.16
Artikel 8.17
Artikel 8.18
Artikel 8.19
Artikel 8.20
Artikel 8.21

Afdeling 8.1.2. Wijziging of intrekking van vergunningen

Artikel 8.22
Artikel 8.23
Artikel 8.24
Artikel 8.25
Artikel 8.26

Afdeling 8.1.3. Bijzondere gevallen

§ 8.1.3.1. Algemeen
Artikel 8.27
§ 8.1.3.2. Gevallen waarin mede een vergunning krachtens de Wet verontreiniging oppervlaktewateren vereist is
Artikel 8.28
Artikel 8.29
Artikel 8.30
Artikel 8.31
Artikel 8.31a
Artikel 8.32
Artikel 8.33
Artikel 8.34
§ 8.1.3.3. Gevallen waarin afvalstoffen op een bepaalde wijze nuttig worden toegepast of worden verwijderd
Artikel 8.35
Artikel 8.36
Artikel 8.36a
Artikel 8.36b
Artikel 8.36c
Artikel 8.36d
Artikel 8.36e
Artikel 8.36f
Artikel 8.37
Artikel 8.38
Artikel 8.39

Titel 8.2. Algemene regels

§ 8.2.1. Regels voor niet-vergunningplichtige inrichtingen

Artikel 8.40
Artikel 8.41
Artikel 8.42
Artikel 8.43 [Vervallen per 01-01-1994]

§ 8.2.2. Regels voor vergunningplichtige inrichtingen

Artikel 8.44
Artikel 8.45
Artikel 8.46

Titel 8.3. Regels met betrekking tot gesloten stortplaatsen

Artikel 8.47

Artikel 8.48

Artikel 8.49

Artikel 8.50

Artikel 8.51

Hoofdstuk 10. Afvalstoffen

Titel 10.1. Algemeen

Artikel 10.1

Artikel 10.1a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 10.1b [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 10.2

Titel 10.2. Het afvalbeheersplan

Artikel 10.3

Artikel 10.4

Artikel 10.5

Artikel 10.5a [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 10.6

Artikel 10.7

Artikel 10.8

Artikel 10.9

Artikel 10.10

Artikel 10.11

Artikel 10.12

Artikel 10.12a [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 10.12b [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 10.13

Artikel 10.14

Titel 10.3. Preventie en nuttige toepassing

Artikel 10.15

Artikel 10.16

Artikel 10.16a [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 10.16b [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 10.16c [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 10.16d [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 10.17

Artikel 10.18

Artikel 10.19

Artikel 10.20

Titel 10.4. Het beheer van huishoudelijke en andere afvalstoffen

Artikel 10.21

Artikel 10.22

Artikel 10.22a [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 10.23

Artikel 10.24

Artikel 10.25

Artikel 10.26

Artikel 10.27

Artikel 10.28

Artikel 10.29

Titel 10.5. Het zich ontdoen, de inzameling en het transport van afvalwater

Artikel 10.30

Artikel 10.31

Artikel 10.32

Artikel 10.33

Artikel 10.34

Artikel 10.35

Titel 10.6. Het beheer van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen

§ 10.6.1. De afgifte en ontvangst van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen

Artikel 10.36
Artikel 10.36a [Vervallen per 08-05-2002]
Artikel 10.36b [Vervallen per 08-05-2002]
Artikel 10.37
Artikel 10.38
Artikel 10.39
Artikel 10.40
Artikel 10.41
Artikel 10.42
Artikel 10.43
Artikel 10.43a [Vervallen per 08-05-2002]

§ 10.6.2. Het vervoer van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen

Artikel 10.44
Artikel 10.44a [Vervallen per 08-05-2002]
Artikel 10.44b [Vervallen per 08-05-2002]
Artikel 10.44c [Vervallen per 08-05-2002]
Artikel 10.44d [Vervallen per 08-05-2002]
Artikel 10.44e [Vervallen per 08-05-2002]

§ 10.6.3. De inzameling van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen

Artikel 10.45
Artikel 10.46
Artikel 10.47
Artikel 10.48
Artikel 10.49

§ 10.6.4. Verdere bepalingen omtrent het beheer van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen

Artikel 10.50
Artikel 10.51
Artikel 10.52
Artikel 10.53
Artikel 10.54
Artikel 10.55

Titel 10.7. Het overbrengen van afvalstoffen binnen, naar en uit de Europese Gemeenschap

Artikel 10.56

Artikel 10.57

Artikel 10.58

Artikel 10.59

Artikel 10.60

Titel 10.8. Verdere bepalingen

Artikel 10.61

Artikel 10.62

Artikel 10.63

Artikel 10.64

Hoofdstuk 11. Andere handelingen

Artikel 11.1

Hoofdstuk 12. Verslag-, registratie- en meetverplichtingen

Titel 12.1. Milieuverslaglegging

Artikel 12.1

Artikel 12.2

Artikel 12.3

Artikel 12.4

Artikel 12.5

Artikel 12.6

Artikel 12.7

Artikel 12.8

Artikel 12.9

Artikel 12.10 [Nog niet in werking]

Hoofdstuk 13. Procedures voor vergunningen en ontheffingen

Afdeling 13.1. Algemeen

Artikel 13.1

Afdeling 13.2. Bijzondere bepalingen

Artikel 13.2

Artikel 13.3

Artikel 13.4

Artikel 13.5

Artikel 13.6

Artikel 13.7

Artikel 13.8

Artikel 13.9

Artikel 13.10

Artikel 13.11

Artikel 13.12 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.13 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.14 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.15 [Vervallen per 01-01-1994]

§ 13.2.3. Adviezen en bezwaren

Artikel 13.16 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 13.17 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 13.18 [Vervallen per 01-01-1994]

§ 13.2.4. Beschikking op de aanvraag

Artikel 13.19 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 13.20 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 13.21 [Vervallen per 01-01-1994]

§ 13.2.5. Bekendmaking van de beschikking

Artikel 13.22 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 13.23 [Vervallen per 01-01-1994]
Artikel 13.24 [Vervallen per 01-01-1994]

Afdeling 13.3. Beschikkingen inzake wijziging of intrekking van een vergunning of ontheffing

Artikel 13.25 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.26 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.27 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.28 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.29 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.30 [Vervallen per 01-01-1994]

Afdeling 13.4. Bijzondere gevallen

Artikel 13.31 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 13.32 [Vervallen per 01-01-1994]

Hoofdstuk 14. Coördinatie

§ 14.1. Coördinatie bij aanvragen om een beschikking

Artikel 14.1

Artikel 14.2

Artikel 14.3

Artikel 14.4

§ 14.2. Coördinatie bij het maken van een milieu-effectrapport

Artikel 14.5

Artikel 14.6

Artikel 14.7

Artikel 14.8

Artikel 14.9

Artikel 14.10

Artikel 14.11

Artikel 14.12

Artikel 14.13

Artikel 14.14

Artikel 14.15

Artikel 14.16

Hoofdstuk 15. Financiële bepalingen

Titel 15.1

Artikel 15.1 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 15.2 [Vervallen per 01-01-1998]

Titel 15.2. Verbruiksbelastingen van brandstoffen

§ 15.2.1. Grondslag en maatstaf

Artikel 15.3 [Vervallen per 01-01-1995]
Artikel 15.4 [Vervallen per 01-01-1995]

§ 15.2.2. Belastingplichtigen

Artikel 15.5 [Vervallen per 01-01-1995]
Artikel 15.6 [Vervallen per 01-01-1993]

§ 15.2.3. Vrijstelling

Artikel 15.7 [Vervallen per 01-01-1993]

§ 15.2.4. Teruggaafregeling

Artikel 15.8 [Vervallen per 01-01-1995]

§ 15.2.5. Tarief

Artikel 15.9 [Vervallen per 01-01-1995]

§ 15.2.6. Heffing en invordering

Artikel 15.10 [Vervallen per 01-01-1995]
Artikel 15.11 [Vervallen per 01-01-1995]

Titel 15.3. Voorschriften omtrent het verstrekken van subsidies

Artikel 15.12

Artikel 15.13

Artikel 15.14

Artikel 15.15

Artikel 15.16 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 15.17 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 15.18 [Vervallen per 01-12-1998]

Artikel 15.19 [Vervallen per 01-12-1998]

Titel 15.4. Vergoeding van kosten en schade

Artikel 15.20

Artikel 15.21

Artikel 15.22

Artikel 15.23

Titel 15.5. Fonds Luchtverontreiniging

Artikel 15.24

Artikel 15.25

Artikel 15.26

Artikel 15.27

Artikel 15.28

Titel 15.6. Regulerende verbruiksbelastingen

Artikel 15.29 [Vervallen per 01-01-1995]

Artikel 15.30 [Vervallen per 01-01-1995]

Titel 15.7. Keuringen

Artikel 15.31

Titel 15.8. Statiegeld, retourpremies

Artikel 15.32

Titel 15.9. Heffingen op gemeentelijk en provinciaal niveau

Artikel 15.33

Artikel 15.34

Titel 15.9A. Rechten

Artikel 15.34a

Titel 15.10. Afvalbeheersbijdragen

Artikel 15.35

Artikel 15.36

Artikel 15.37

Artikel 15.38

Artikel 15.39

Artikel 15.40

Artikel 15.41

Titel 15.11. Financiering van de zorg voor gesloten stortplaatsen

Artikel 15.42

Artikel 15.43

Artikel 15.44

Artikel 15.45

Artikel 15.46

Artikel 15.47

Artikel 15.48

Artikel 15.49

Hoofdstuk 16. Handel in emissierechten

Titel 16.1. Algemeen

Artikel 16.1

Titel 16.2. Broeikasgassen en broeikasgasemissierechten

Afdeling 16.2.1. Algemeen

Artikel 16.2
Artikel 16.3
Artikel 16.4 [Nog niet in werking]

Afdeling 16.2.2. Vergunning

Artikel 16.5 [Nog niet in werking]
Artikel 16.6 [Nog niet in werking]
Artikel 16.7 [Nog niet in werking]
Artikel 16.8 [Nog niet in werking]
Artikel 16.9 [Nog niet in werking]
Artikel 16.10 [Nog niet in werking]
Artikel 16.11 [Nog niet in werking]
Artikel 16.12 [Nog niet in werking]
Artikel 16.13 [Nog niet in werking]
Artikel 16.14 [Nog niet in werking]
Artikel 16.15 [Nog niet in werking]
Artikel 16.16 [Nog niet in werking]
Artikel 16.17 [Nog niet in werking]
Artikel 16.18 [Nog niet in werking]
Artikel 16.19 [Nog niet in werking]
Artikel 16.20 [Nog niet in werking]
Artikel 16.21 [Nog niet in werking]
Artikel 16.22 [Nog niet in werking]

Afdeling 16.2.3. Het toewijzen en verlenen van broeikasgasemissierechten

§ 16.2.3.1. Het nationale toewijzingsplan
Artikel 16.23
Artikel 16.24
Artikel 16.25
Artikel 16.26
Artikel 16.27
Artikel 16.28
§ 16.2.3.2. Het nationale toewijzingsbesluit, overige toewijzingsbesluiten en de verlening van broeikasgasemissierechten
Artikel 16.29
Artikel 16.30
Artikel 16.31
Artikel 16.32 [Nog niet in werking]
Artikel 16.33 [Nog niet in werking]
Artikel 16.34 [Nog niet in werking]
Artikel 16.35 [Nog niet in werking]

Afdeling 16.2.4. De geldigheid, inlevering en intrekking van broeikasgasemissierechten en het compenseren van emissies in een ander kalenderjaar

Artikel 16.36 [Nog niet in werking]
Artikel 16.37 [Nog niet in werking]
Artikel 16.38 [Nog niet in werking]
Artikel 16.39 [Nog niet in werking]

Afdeling 16.2.5. De overgang van broeikasgasemissierechten

Artikel 16.40 [Nog niet in werking]
Artikel 16.41 [Nog niet in werking]
Artikel 16.42 [Nog niet in werking]

Afdeling 16.2.6. Registratie van broeikasgasemissierechten

Artikel 16.43 [Nog niet in werking]
Artikel 16.44 [Nog niet in werking]
Artikel 16.45 [Nog niet in werking]
Artikel 16.46 [Nog niet in werking]

Hoofdstuk 17. Maatregelen in bijzondere omstandigheden

Artikel 17.1

Artikel 17.2

Artikel 17.3

Artikel 17.4

Artikel 17.5

Hoofdstuk 18. Handhaving

Artikel 18.1

Artikel 18.1a [Nog niet in werking]

Artikel 18.2

Artikel 18.2a

Artikel 18.2b

Artikel 18.2c

Artikel 18.2d

Artikel 18.2e

Artikel 18.2f [Nog niet in werking]

Artikel 18.3

Artikel 18.4

Artikel 18.4a [Nog niet in werking]

Artikel 18.5

Artikel 18.6

Artikel 18.6a [Nog niet in werking]

Artikel 18.7

Artikel 18.7a [Nog niet in werking]

Artikel 18.8

Artikel 18.9

Artikel 18.10

Artikel 18.11

Artikel 18.12

Artikel 18.13

Artikel 18.14

Artikel 18.14a

Artikel 18.15

Artikel 18.16

Artikel 18.16a [Nog niet in werking]

Artikel 18.16b [Nog niet in werking]

Artikel 18.16c [Nog niet in werking]

Artikel 18.16d [Nog niet in werking]

Artikel 18.16e [Nog niet in werking]

Artikel 18.16f [Nog niet in werking]

Artikel 18.16g [Nog niet in werking]

Artikel 18.16h [Nog niet in werking]

Artikel 18.16i [Nog niet in werking]

Artikel 18.16j [Nog niet in werking]

Artikel 18.16k [Nog niet in werking]

Artikel 18.16l [Nog niet in werking]

Artikel 18.16m [Nog niet in werking]

Artikel 18.16n [Nog niet in werking]

Artikel 18.16o [Nog niet in werking]

Artikel 18.16p [Nog niet in werking]

Artikel 18.16q [Nog niet in werking]

Artikel 18.17

Artikel 18.18

Artikel 18.19 [Vervallen per 01-04-1994]

Hoofdstuk 19. Bepalingen in verband met de openbaarheid

Artikel 19.1a [Nog niet in werking]

Artikel 19.1

Artikel 19.1c [Nog niet in werking]

Artikel 19.2

Artikel 19.3

Artikel 19.4

Artikel 19.5

Artikel 19.6

Artikel 19.6a [Nog niet in werking]

Artikel 19.6b [Nog niet in werking]

Artikel 19.7

Hoofdstuk 20. Beroep bij de administratieve rechter

§ 20.1. Algemeen

Artikel 20.1

Artikel 20.2

Artikel 20.3

Artikel 20.4

Artikel 20.5

Artikel 20.5a

§ 20.2. Beroep tegen besluiten die met toepassing van de paragrafen 3.5.2 tot en met 3.5.5 van de Algemene wet bestuursrecht tot stand zijn gekomen

Artikel 20.6

Artikel 20.7

Artikel 20.8

Artikel 20.9

§ 20.3. Beroep tegen besluiten die met toepassing van paragraaf 3.5.6 van de Algemene wet bestuursrecht tot stand zijn gekomen

Artikel 20.10

Artikel 20.11

Artikel 20.12

§ 20.4. Beroep tegen andere besluiten

Artikel 20.13

§ 20.5. Advisering inzake beroepen milieubeheer

Artikel 20.14

Artikel 20.15

Artikel 20.16

Artikel 20.17

Artikel 20.18 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 20.19 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 20.20 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 20.21 [Vervallen per 01-01-1994]

Hoofdstuk 21. Verdere bepalingen

Artikel 21.1

Artikel 21.2

Artikel 21.3

Artikel 21.4 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 21.5

Artikel 21.6

Artikel 21.7

Artikel 21.8

Hoofdstuk 22. Slotbepalingen

Artikel 22.1

Artikel 22.2

Artikel 22.2a [Vervallen per 08-05-2002]

Artikel 22.3

Bijlage bij de Wet milieubeheer